Voor Azelis was 2023 opnieuw een jaar waarin we veel hebben bereikt, kansen hebben benut en uitdagingen zijn aangegaan. We hebben uitstekende resultaten geboekt in een uitdagende markt en we hebben onze groeistrategie voortgezet om onze aanwezigheid in zowel nieuwe als bestaande markten te versterken. De aankondiging van een nieuwe CEO van de Groep was een belangrijke mijlpaal voor ons management, waarmee we tegelijkertijd het succes van ons interne programma voor talentontwikkeling bevestigen.
Onze prestaties tijdens het moeilijke afgelopen jaar zijn volledig te danken aan de inzet van collega’s binnen de gehele groep. Dankzij die inzet voor onze gezamenlijke visie hebben we onze doelstellingen voor de middellange termijn weten te overtreffen. De afgelopen drie jaar1 is onze omzet gemiddeld met 23% per jaar gegroeid, waarvan gemiddeld 10% organisch was. In diezelfde periode hebben we onze aangepaste EBITA-marge met gemiddeld 90 bps per jaar verbeterd.
Onze resultaten over 2023 zijn een goede illustratie van die inzet en geven ook de veerkracht aan die inherent is aan ons bedrijfsmodel. Onze omzet is gestegen naar € 4,2 miljard, ondanks de verminderde vraag als gevolg van macro-economische druk. We hebben een aangepaste EBITA van € 466 miljoen gerealiseerd en een vrije kasstroom van € 601 miljoen gegenereerd, wat neerkomt op een vrije kasstroomconversie van 127,4% – een record. Deze resultaten onderstrepen de voordelen van onze schaalgrootte en het defensieve, kasstroom-genererende karakter van onze bedrijfsactiviteiten.
Gedurende het jaar hebben we vastgehouden aan onze strategieën om ons doel te kunnen verwezenlijken: de belangrijkste leverancier van innovatieve oplossingen binnen onze sector zijn. We hebben tien overnames aangekondigd, waarvan we er zeven voor het einde van het jaar hebben afgerond. Door de overname van Gillco Ingredients in de VS en Vogler Ingredients in Brazilië zijn we nu actief in de Food-markt in Noord- en Zuid-Amerika. Dankzij deze zet en het bestaande Flavors & Fragrances-aanbod van de Groep hebben we nu een prachtige portfolio voor de Food & Nutrition-markt in die regio. Verder vergroten de afgeronde overnames in Asia Pacific en EMEA onze aanwezigheid in de eindmarkten die we bedienen.
We hebben ook het aantal laboratoria verder uitgebreid. In Spanje en Zuid-Afrika hebben we een nieuw Personal Care-lab geopend, in India is er een nieuw Agricultural & Environmental Solutions-lab bijgekomen en in Italië staat ons nieuwe Lubricants & Metal Working Fluids-lab. Daardoor hebben we meer capaciteit om innovatieve formuleringen voor onze klanten en principalen te ontwikkelen.
Onze investeringen in de uitbreiding van onze laterale waardeketen en de versterking van onze technische capaciteiten weerspiegelen onze toewijding aan het ondersteunen van onze principalen door toepassingen voor hun producten te blijven ontwikkelen, evenals onze wens om de meest innovatieve formuleringen aan onze klanten te leveren. Deze strategie heeft een groter marktaandeel en meer mandaten van onze huidige en nieuwe principalen opgeleverd.
Onze focus op innovatie blijft in onze branche niet onopgemerkt. Afgelopen jaar hebben we voor een van onze haarverzorgingsformuleringen goud gewonnen op de In-cosmetics Asia. Verder heeft Azelis in 2023 de Ringier Technology Innovation Award voor personal care gewonnen, en ook de Cosmébio Ingredient Trophy vanwege onze enorme technische kennis. Deze vakprijzen onderstrepen dat onze klanten en principalen onze technische innovaties waarderen: daarmee kunnen ze hun eigen producten ontwikkelen en hun aandeel in de betreffende eindmarkt vergroten.
Ook op digitaal gebied hebben we onze voortrekkersrol behouden. Eind 2023 stond de teller op ruim 140 klantportalen en meer dan 30 e-Labs, en we maken goede vorderingen met de uitrol van onze principaalportalen. Voor de verdere optimalisatie van onze bedrijfsvoering benutten we onze toonaangevende oplossingen op digitaal en IT-gebied. Mede dankzij ons krachtige ERP-cloudsysteem hebben we in 2023 meerdere integratieprojecten afgerond, waarbij een recordaantal van 28 entiteiten betrokken was.
We liggen goed op schema met onze duurzaamheidsagenda Action 2025. De Groep neemt ESG heel serieus en heeft de verantwoordelijkheid daarvoor nu bij het Audit- en Risicocomité gelegd. Het Corporate Governance Charter van Azelis is hier inmiddels op aangepast. Verder is dit de eerste editie van ons jaarverslag waarin zowel onze financiële resultaten als onze voortgang op duurzaamheidsgebied zijn opgenomen. Hiermee lopen we vooruit op de richtlijn duurzaamheidsrapportage door ondernemingen (CSRD) van de EU, die vanaf volgend jaar van kracht is en bepaalt dat we onze duurzaamheidsgegevens in ons financiële jaarverslag moeten opnemen. Dat we duurzaamheid hoog in het vaandel hebben staan, blijkt verder uit de hoge ranking die we in 2023 van Sustainalytics hebben gekregen en uit het feit dat we in december 2023 in de BEL®ESG-index van Euronext zijn opgenomen.
Begin 2023 hebben we 400 miljoen euro opgehaald met de uitgifte van onze eerste obligatie, en de uitgifte van nieuwe aandelen heeft 200 miljoen euro opgeleverd. We hebben voor deze vorm van financiering gekozen om te garanderen dat Azelis via overnames gelijke tred kan houden met de huidige consolidatietrend binnen onze bedrijfstak en we tegelijkertijd binnen de richtwaarde van de schuldgraad van 2,5x - 3,0x blijven.
Bij Azelis zien we Enterprise Risk Management (ERM) als een doorlopend proces dat zich vertaalt in een cultuur waarin iedereen zich bewust is van de risico’s en gefundeerde beslissingen kan nemen die nauwer aansluiten bij onze activiteiten en onze bedrijfsvoering. Als deel van ons continue risicobeheersingsprogramma hebben we in 2023 uit een lijst met 138 risico’s de elf risico’s met topprioriteit geselecteerd en het risicoregister van de Groep daarop aangepast. Het Uitvoerend Comité heeft deze elf grootste risico’s aan risico-eigenaars toegewezen, en heeft in het laatste kwartaal van 2023 ook een aantal risicobeperkende maatregelen genomen. Indien nodig worden de risico-eigenaars uitgenodigd voor een vergadering van het Uitvoerend Comité om de risico’s uitvoerig te bespreken en de desbetreffende risicobeperkende maatregelen te analyseren. De drie grootste risico’s die we in 2023 hebben vastgesteld, zijn cyberbeveiliging, concentratie binnen de toeleveringsketen en wisselkoersrisico’s. Zie voor meer informatie over het ERM-systeem van Azelis de sectie Risicobeheer in dit verslag.
Het CEO-opvolgingstraject dat in augustus 2023 werd aangekondigd, was het resultaat van een twee jaar durend proces dat geheel is gedragen door onze Groep-governance. De selectieprocedure was gebaseerd op de opvolgingsplanning die in 2021 is geïnitieerd en door het Remuneratie- en Benoemingscomité van de Raad van Bestuur van Azelis werd aangestuurd. Voor de eerste stappen van de procedure is een externe partij in de arm genomen, die de Raad een afgewogen shortlist met interne en externe kandidaten heeft aangeleverd. Het Comité is verheugd met de uitkomst van de procedure, omdat hiermee is voldaan aan een belangrijke doelstelling voor de opvolgingsplanning: de continuïteit binnen de directie van Azelis waarborgen en tegelijkertijd opvolgers kiezen met een frisse blik en de capaciteit om Azelis verder te helpen ontwikkelen. De Raad van Bestuur heeft er alle vertrouwen in dat de nieuwe directie Azelis verder kan laten groeien.
De wereldeconomie blijft onzeker, maar dankzij de enorme inzet van al onze Azelis-collega’s en het enthousiasme en de frisse blik van het nieuwe directieteam denken we dat we onze doelstelling kunnen waarmaken om de belangrijkste leverancier van innovatieve oplossingen binnen onze sector te worden en voor al onze stakeholders waarde te blijven creëren.
Nu we ons voobereiden voor deze spannende nieuwe fase in onze ontwikkeling, willen we graag van de gelegenheid gebruik maken om onze werknemers, onze klanten en principalen en onze investeerders te bedanken voor hun niet-aflatende steun. In het bijzonder willen we dr. Hans Joachim Müller bedanken voor zijn visie en inspiratie die hebben geresulteerd in onze huidige sterke positie. Het nieuwe directieteam kijkt ernaar uit om samen met de gehele Azelis Groep voort te bouwen op het stevige fundament en een nieuwe stap te zetten in de ontwikkeling van ons bedrijf.
Met vriendelijke groet,
Anna Bertona, Chief Executive Officer
Dr. Antonio Trius, Voorzitter van de Raad van Bestuur
Het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie hebben in november 2022 de richtlijn duurzaamheidsrapportage door ondernemingen (CSRD) aangenomen. De CSRD bevat, net als de EU-richtlijn niet-financiële informatie (NFRD), verslaggevingsvoorschriften op het gebied van milieu, maatschappij en governance (ESG) voor ondernemingen. In de CSRD zijn de verslaggevingsvereisten ten opzichte van de NFRD verder uitgebreid. In de CSRD is een certificerings-
verplichting voor de duurzhaamheidsverslaggeving opgenomen, evenals een verbeterde toegang tot de betreffende informatie, die in een afzonderlijke paragraaf van het jaarverslag moet worden vermeld. De CSRD zal in 2025, over boekjaar 2024, van toepassing zijn voor ondernemingen die reeds aan de NRFD zijn onderworpen.
Hierop vooruitlopend heeft Azelis een roadmap opgesteld om naleving van de CSRD te garanderen. Dit plan omvat onder meer de aanpassing van de verslaggevingsprocessen tot een geïntegreerde verslaggeving, externe certificering door de commissaris, het bijwerken van onze materialiteitsbeoordeling om daarin het concept ‘dubbele materialiteit’ te verwerken (d.w.z. financiële en impactmaterialiteit), het invoeren van de verplichte Europese standaarden voor duurzaamheidsrapportage (ESRS)
en het uitvoeren van een analyse van de risico’s en toelichtingen op het gebied van klimaatverandering. De matrix, gebaseerd op de resultaten van onze ‘dubbele materialiteit’, zal worden toegelicht in 2025, als onderdeel van het geïntegreerde jaarverslag over het boekjaar 2024.
In 2023 hebben we een multidisciplinair team samengesteld waarin interne vertegenwoordigers van Legal, HR, SHEQ & Sustainability en Finance zitten. Hun doel is om de verschillende CSRD verplichtingen af te stemmen en te implementeren vóór de deadline van 2025. Er werd geanalyseerd aan welke CSRD en ESRS eisen momenteel nog niet werd voldaan. Dit resulteerde in een plan van aanpak, dat diende tot basis voor discussie tijdens de frequente vergaderingen in 2023.
We hebben de geïntegreerde verslaggeving over de gehele organisatie ingevoerd, zodat we onze voortgang in onze Action 2025 doelen en de toekomstige regelgevingsvereisten kunnen opvolgen. Met de maandelijkse- en kwartaal-
verslaggeving inzake KPI’s over Mensen, Producten en Innovatie, Deugdelijk bestuur en Milieu krijgen we waardevolle inzichten op de gebieden waar we beter worden en die waar we ons moeten verbeteren.
Onze Chief Financial Officer sponsort de invoering van geïntegreerde verslaggeving en, we stellen alle middelen beschikbaar die nodig zijn om een robuust kader op te zetten om tijdige, betrouwbare en nauwkeurige gegevens aan te leveren.
We hebben extra controles in onze interne processen en interne organisatie gebouwd, die bijdragen aan de nauwkeurigheid van alle gerapporteerde gegevens.
Met de gegevens die voortkomen uit onze geïntegreerde verslaggeving krijgen stakeholders zoals ESG-beleggers een duidelijk beeld van hoe Action 2025 wordt uitgerold.
Om onze duurzaamheidsverslaggeving concreter te maken, en vooruitlopend op de CSRD-vereisten, hebben we beperkte zekerheid verkregen voor 11 Action 2025 KPI’s. Door onze duurzaamheid-KPI’s te laten certificeren door onze externe commissaris, hebben we een goede basis voor een robuust geïntegreerd verslaggevingsproces.
Als proces- en resultaatgerichte organisatie hanteren we dezelfde zorgvuldige, transparante aanpak bij het meten van onze duurzaamheids-
prestaties als bij onze financiële prestaties.
Vanaf 2023 worden onze ESG-toelichtingen, in overeenstemming met de vereisten van de Belgische wetgeving inzake de bekendmaking van niet-financiële informatie (omzetting van de Europese Richtlijn Niet-financiële informatie (NFRD) 2014/95/EU), opgenomen in ons Geïntegreerd Verslag. Bijgevolg wordt er vanaf 2023 geen afzonderlijk duurzaamheidsverslag meer gepubliceerd.
De EU-taxonomie is een classificatiesysteem waarbij een lijst van ecologisch duurzame economische activiteiten wordt vastgesteld.
Voor de stempel ‘duurzaam’ moet een economische activiteit substantieel bijdragen aan minstens één van de zes milieudoelstellingen van de EU-taxonomie. Eerder waren alleen activiteiten die bijdroegen aan de eerste twee milieudoelstellingen (adaptatie en mitigatie van klimaatverandering) formeel goedgekeurd. In 2023 zijn deze twee milieudoelstellingen gewijzigd en werden ook activiteiten opgenomen die bijdragen aan de overige vier klimaat- en milieudoelstellingen (het duurzaam gebruik en de bescherming van water en mariene hulpbronnen, de transitie naar een circulaire economie, de preventie en bestrijding van verontreiniging, en de bescherming en het herstel van de biodiversiteit en ecosystemen).
Voor de afstemming op de taxonomie moet de betreffende activiteit voldoen aan alle drie criteria:
Substantieel bijdragen aan één van de zes economische activiteiten conform de technische screeningcriteria (TSC).
Wat betreft de overige milieudoelstellingen stroken met het beginsel ‘geen ernstige afbreuk doen’.
Voldoen aan minimale maatschappelijke garanties die zijn omschreven in de Taxonomieverordening.
Op basis van onze activiteiten als wereldwijde distributeur van chemicaliën hebben we alle voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten onderzocht die worden genoemd in de gedelegeerde EU-verordening Klimaat. Deze verordening is gericht op de economische activiteiten en sectoren met het grootste potentiële vermogen om de mitigatie van klimaatverandering als doel te behalen, d.w.z. de noodzaak om de broeikasgasemissies te verminderen of voor meer broeikasgasverwijdering en koolstofopslag te zorgen op lange termijn.
Na een diepgaande analyse met betrokkenheid van alle relevante afdelingen en functies zijn we tot de conclusie gekomen dat onze economische kernactiviteiten niet vallen onder de gewijzigde gedelegeerde EU- verordening Klimaat (Gedelegeerde Verordening (EU) 2021/2178 zoals gewijzigd bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2485 en Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/2486) en derhalve niet voor taxonomie in aanmerking komen, en daarom niet zijn afgestemd op de taxonomie. Noch hebben onze activiteiten betrekking op kernenergie of fossiele gasvormige brandstoffen, zoals vermeld in artikel 2 van de Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2022/1214 van de Commissie van 9 maart 2022 (de ‘aanvullende gedelegeerde klimaatverordening’) tot wijziging van de Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2021/2178 (de ‘Gedelegeerde klimaatverordening’). Het aandeel van voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in onze totale omzet is dan ook 0%. Bijgevolg zijn de desbetreffende kapitaaluitgaven en operationele uitgaven (CapEx/OpEx) ook 0%. De te rapporteren kapitaal- en operationele uitgaven moeten tevens de uitgaven omvatten met betrekking tot de aankoop van output van op taxonomie afgestemde economische activiteiten en bepaalde individuele maatregelen waardoor de doelactiviteiten koolstofarm worden of leiden tot broeikasgasreductie. Aangezien deze uitgaven beperkt zijn vanwege het asset-light-bedrijfsmodel van Azelis, bedraagt het aandeel van voor taxonomie in aanmerking komende kapitaaluitgaven 0%, evenals het aandeel van voor taxonomie in aanmerking komende operationele uitgaven.
Zie Bijlage I bij dit Geïntegreerd verslag voor informatie over de methodiek, in overeenstemming met de gedelegeerde verordening Klimaat, die is toegepast om de voor de taxonomie in aanmerking komende KPI’s voor Azelis te bepalen.
Zie Bijlage II bij dit Geïntegreerd verslag voor informatie over de KPI’s van niet-financiële ondernemingen, zoals vereist door Bijlagen I en II van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2023/2486 van de Commissie.
Azelis is een toonaangevende wereldwijde leverancier van innovatiediensten in de sector van speciale chemicaliën en voedingsingrediënten. Met onze brede technische expertise en sterke laterale waardeketen creëren we waarde voor onze principalen en klanten. We hebben onze one-stop shop voor chemische producten naar het digitale tijdperk gebracht en richten ons vooral op duurzame oplossingen en diensten.
Azelis is in 2001 ontstaan door de fusie van het Novorchem (IT) en Arnaud (FR). De oprichter, de heer Hans Udo Wenzel, had daarbij een distributieplatform voor speciale chemicaliën voor ogen. Onze geschiedenis gaat echter terug tot 1898, het jaar waarin Chance & Hunt (VK), werd opgericht. Dit bedrijf is in 2002 onderdeel van Azelis geworden. Onze nadruk op 'Innovation through formulation' maakt deel uit van ons erfgoed, en waarden als ondernemerschap, bekwaamheid, focus en respect worden bij ons hoog in het vaandel gedragen. Onze 4.206 werknemers bedienen klanten in 65 landen verspreid over EMEA, Asia Pacific en de Americas, met het hoofdkantoor van de Groep in Antwerpen. In 2023 hebben we een totale omzet van € 4,2 miljard gegenereerd.
Innovatie, digitalisering en duurzaamheid zijn de pijlers van ons bedrijfsmodel en onze strategie. Wereldwijd beschikken we over meer dan 70 laboratoria, waar we bestaande formuleringen verbeteren, nieuwe formuleringen voor onze klanten ontwikkelen, waaronder producten die voldoen aan de toenemende duurzaamheidseisen, en we productprestaties benchmarken.
Azelis (AZE) staat sinds 2021 genoteerd op Euronext Brussel.
Ons doel is wat ons inspireert. Onze groeifactoren zijn wat ons motiveert. Maar het zijn onze waarden die bepalen wie we zijn en waar we voor staan.
Op onze weg naar een duurzamere en innovatievere toekomst zijn onze waarden bepalend bij alles wat we doen en elke stap die we zetten.
Als internationale leverancier van innovatiediensten genereren we omzet door de verkoop en marketing voor onze principalen te verzorgen. We combineren hoogwaardige oplossingen van meerdere principalen en verkopen die aan onze klanten. Bij ons kunnen klanten terecht voor een compleet aanbod aan diensten, iets wat reguliere distributeurs niet bieden. Wij leveren hoogwaardige oplossingen en hebben een diepgaande technische kennis en expertise in formulering. Dit geeft de producten van onze klanten een concurrentievoordeel en zorgt dat onze klanten ze sneller en eenvoudiger op de markt kunnen brengen.
We voorzien meer dan 63.000 klanten van innovatieve en duurzame formuleringen. Ook leveren we relevante marktinformatie en kanalen om de markt te vergroten voor producten van circa. 2.800 principalen .
Voor onze bedrijfsactiviteiten vertrouwen we op toonaangevende digitale capaciteiten die draaien op een robuuste IT-infrastructuur. Ons streven om bij te dragen aan een duurzame en betere wereld staat centraal in onze missie.
We onderscheiden ons van de concurrentie door onze uitgebreide portfolio van chemische producten en onze expertise in formuleringen voor een breed scala aan toepassingen voor allerlei marktsegmenten (onze laterale waardeketen). De afgelopen jaren hebben we onze laterale waardeketen en technische dienstverlening steeds verder uitgebreid, onder meer door samen met onze principalen markten in nieuwe landen te betreden en nieuwe principalen en producten binnen te halen. Naast deze organische groeistrategie, behoren wij, binnen onze sector, ook tot de belangrijkste spelers die via strategische overnames in zowel ontwikkelde als opkomende markten willen groeien.
We blijven onze toekomstige waardecreatie ondersteunen door onverminderd te investeren in hoogwaardige commerciële en operationele activiteiten en de pijlers van onze groeistrategie:
Innovatie: Uitbreiding en versterking van ons netwerk van applicatielaboratoria en innovatiecentra
Digitalisering: Investeringen in digitale platformen, online contact en digitale marketing
Duurzaamheid: Onze duurzaamheidsagenda, Action 2025, inclusief investeringen in het CO₂-neutraal maken van onze activiteiten
Wij, als industriële dienstverlener, leveren diensten die van meerwaarde zijn zowel voor onze principalen als onze klanten, zoals hieronder weergegeven:
De markt voor de distributie van chemicaliën van derden bedroeg eind 2022 naar schatting € 446 miljard. Circa 49% daarvan (ongeveer € 218 miljard) betreft speciale chemicaliën1. Deze markt telt meerdere sectoren en marktsegmenten en is sterk gefragmenteerd. Een klein aantal regionale en internationale spelers profiteert in deze markt van ruime consolidatiemogelijkheden.
Over het algemeen wordt verwacht dat de mate van uitbesteding aan externe distributeurs zal toenemen. Principalen schroeven hun activiteiten in groeimarkten op en maken daarvoor gebruik van distributeurs die al in de lokale markt actief zijn. Ook de toenemende vraag van klanten naar diensten die waarde toevoegen speelt een belangrijke rol, waarbij digitale capaciteiten efficiëntie en differentiatie mogelijk maken.
Andere belangrijke marktkenmerken en -trends zijn onder meer strengere wet- en regelgeving en de toenemende aandacht voor duurzaamheid. Azelis heeft een uitstekende uitgangspositie om hierop in te spelen, door onze krachtige naleving bij en capaciteiten in het ontwikkelen van duurzame alternatieven.
We hebben een divers klantenbestand dat producten maakt voor miljoenen consumenten of bedrijven in allerlei verschillende sectoren. Onze formuleringen vormen de basis voor tal van toepassingen, variërend van de voedselproductie tot de autofabricage. We hebben onze activiteiten opgezet rond de eindmarktsegmenten die we bedienen. Dewelke beschreven staan in de overzichten op de volgende bladzijden.
| Markt | Categorieën | Marktkenmerken | ||
|---|---|---|---|---|
| Food & Nutrition |
|
|
| |
| Personal Care |
|
|
| |
| Agricultural & Environmental Solutions |
|
|
| |
| Pharmaceuticals & Healthcare |
|
|
| |
| Home Care & Industrial Cleaning |
|
|
| |
| Animal Nutrition |
|
|
| |
| Markt | Toepassingscategorieën | Marktkenmerken | ||
| CASE |
|
|
| |
| Advanced Materials & Additives |
|
|
| |
| Lubricants & Metalworking Fluids |
|
|
| |
| Electronics |
|
|
| |
| Essential and Fine Chemicals |
|
|
| |
| Textiles, Leather & Paper |
|
|
| |
Onze duurzaamheidsstrategie is gebaseerd op een nauwe en regelmatige dialoog met onze stakeholders, waaronder werknemers, principalen, klanten, beleggers, overheden en sectororganisaties. Alleen met hun hulp kunnen we onze Action 2025-doelstellingen behalen.
Elke twee jaar houden we een wereldwijde werknemerstevredenheidsenquête naar de opvattingen van werknemers over onderwerpen als arbeidsomstandigheden, opleiding en ontwikkeling, en diversiteit en inclusie. De meest recente enquête is gehouden in 2022 en de volgende zal in 2024 worden gehouden. Zie voor meer informatie over de resultaten van 2022 de sectie Ons team .
We werken geregeld nauw samen met onze principalen aan de uitbreiding van hun assortiment
duurzame producten door te onderzoeken hoe ingrediënten kunnen worden gebruikt in formuleringen. Tweejaarlijks houden we een enquête voor een formelere peiling naar de opvattingen van onze principalen. Onze meest recente enquête, gehouden in 2022, liet aanzienlijke verbeteringen zien die aangeven dat onze principalen steeds meer vertrouwen hebben in ons bedrijfsmodel. De eerstvolgende enquête zal in 2024 worden gehouden.
We peilen regelmatig op een formele manier naar de noden en percepties van onze klanten.
De eerstvolgende enquête staat gepland voor het vierde kwartaal van 2024. Onze verkopers, scheikundigen en ingenieurs gaan ook geregeld op een informelere manier met onze klanten in gesprek. Dit vindt onder meer plaats in onze laboratoria, bij de klant en via onze digitale tools. Deze informelere gesprekken zijn van groot belang voor onze duurzaamheidsstrategie en de activiteiten die we daarvoor ondernemen.
Na de beursgang in 2021, hebben we een Investor Relations-afdeling opgericht, die als schakel tussen Azelis en de financiële markten fungeert. Deze afdeling buigt zich ondermeer over vragen van beleggers over duurzaamheidskwesties, die een steeds grotere rol spelen in de beleggingssector.
Azelis is lid van verschillende nationale en internationale instanties die zich richten op duurzaamheid in de chemiesector, waaronder de veilige omgang met en het veilige gebruik van chemicaliën binnen onze branche.
In veel van deze instanties nemen we actief deel aan belangrijke commissies en staan we volledig achter hun Responsible Care®- (RC) en Responsible Distribution®-programma (RD). Responsible Care® is een initiatief van de chemiesector gericht op de voortdurende verbetering van gezondheids- en veiligheidsnormen, biedt een ethisch kader voor het veilig beheer van chemicaliën en uitmuntende prestaties. Het merendeel van onze entiteiten is RC of RD gecertificeerd.
Sinds 2020 zijn we lid van Together for Sustainability® (TfS), een samenwerkingsverband van bedrijven in de chemiesector die de duurzaamheidscriteria in de internationale toeleveringsketen wil aanscherpen. Tot op heden zijn we nog steeds actief binnen TfS.
Via ons lidmaatschap van de International Chemical Trade Association (ICTA) zijn we betrokken bij een unieke samenwerking met andere chemische distributieverenigingen en -bedrijven om een wereldwijd programma voor verantwoorde distributie te ontwikkelen gericht op het verbeteren van de veiligheid, gezondheid, milieu, beveiliging en duurzaamheid van de chemische toeleverings-
ketens.
Daarom zijn we ook lid van de werkgroep van het ICTA-programma, die bestaat uit de Alliance for Chemical Distribution in de VS (ACD) (voorheen de Amerikaanse National Association of Chemical Distributors (NACD)), de Britse Chemical Business Association (CBA), de Duitse Distributors Association (VCH) en het Nederlandse Verbond van Handelaren in Chemische Producten (VHCP).
Action 2025 is gebaseerd op onze materialiteitsmatrix. Deze matrix brengt de duurzaamheidskwesties in kaart die onze stakeholders het belangrijkst vinden en die voor ons bedrijf de grootste potentiële risico’s – en kansen – vormen.
Bij onze eerste materialiteitsbeoordeling in 2019 heeft ons Duurzaamheidscomité 127 potentiële onderwerpen vastgesteld die door interne en externe stakeholders werden beoordeeld. Vervolgens werden 21 onderwerpen aangewezen als van materiële betekenis voor het bedrijf en deze kregen speciale aandacht in onze Action 2025-strategie.
In 2023 hebben we onze dubbele materialiteitsbeoordeling uitgevoerd om te voldoen aan de verplichten van de nieuwe Europese richtlijn duurzaamheidsverslaggeving (CSRD). De nieuwe matrix zal toegelicht worden in het geïntegreerd verslag over boekjaar 2024, gepubliceerd in 2025. Ons Duurzaamheidscomité evalueert jaarlijks de matrix om te voorkomen dat er actuele kwesties worden gemist. Ook brengt het jaarlijks de materialiteitsbeoordeling in kaart, afgezet tegen meer algemene bedrijfsrisico’s en -kansen zoals omschreven door ons ERM-team.
Bij Azelis streven we ernaar om de wereld te verbeteren. We combineren producten en ingrediënten met goede ideeën en beschikken over expertise die in deze veranderende wereld altijd van waarde zal zijn. Onze ambitie is om wereldwijd de toonaangevende leverancier van innovatiediensten op het gebied van speciale chemicaliën en voedingsingrediënten te zijn en waardevol te zijn voor onze werknemers, klanten, principalen en investeerders.
De strategie die Azelis hanteert om onze langetermijndoelen te halen, is inspelen op de behoeften van onze verschillende stakeholders.
Voor zijn werknemers voorziet Azelis in een moderne, internationaal georiënteerde en diverse werkplek. Verder hebben we geïnvesteerd in digitalisering, professionele shared service centers en sterke corporate diensten, want alleen als dat allemaal op orde is kunnen onze mensen innoveren en kan de technische verkoopafdeling goede resultaten neerzetten. Azelis wil binnen de sector uitgroeien tot een internationale werkgever waar iedereen wil werken, en wil daarnaast op drie manieren duurzame groei realiseren voor onze investeerders.
Azelis biedt klanten op maat gemaakte technische diensten en een robuuste en effectieve laterale waardeketen waarmee ze hun marktaandeel kunnen vergroten in markten waarin de concurrentie alleen maar toeneemt. Dankzij onze laterale waardeketen kunnen we onze eigen technische expertise combineren met allerlei producten van verschillende principalen en op die manier innovatieve en duurzame oplossingen voor onze klanten ontwikkelen. We streven ernaar om waarde te creëren voor onze klanten door een one-stop shop voor speciale chemicaliën en ingrediënten aan te bieden.
Klanten kunnen profiteren van toegang tot een lokale technische verkoopsafdeling, een productportfolio met een groeiend aantal duurzame alternatieven, en maatwerkoplossingen die berusten op een grondig inzicht in de behoeften en uitdagingen van de klant. We lopen momenteel voorop met het genereren van die inzichten via onze kanalen. Verder vergroten we de customer intimacy door in al onze klant- en marktsegmenten versneld gegevensgestuurde value-selling door te voeren. Ons gedegen serviceaanbod op het gebied van Safety, Health, Environment and Quality (SHEQ) en onze geavanceerde oplossingen voor de inkoop en toeleveringsketen voegt aanvullende meerwaarde toe voor onze klanten.
Azelis verzorgt de verkoop en marketing voor onze principalen, met als belangrijkste doel het vergroten van het marktaandeel van hun producten. We creëren waarde voor onze principalen door het betreden van markten in nieuwe regio’s, we benaderen andere klantsegmenten en zoeken naar nieuwe toepassingen, zodat ze kunnen groeien zonder dat het voor hen complexer wordt. Hiervoor zetten we onze IT-tools in, waarmee we nieuwe klanten kunnen benaderen en klantgegevens kunnen analyseren. Dit maakt een snellere groei mogelijk.
Ons technisch sterk verkoopteam doet er alles om meer producten van onze principalen te verkopen. Andere factoren die ons bedrijf verder laten groeien en ons productaanbod naar een hoger plan tillen zijn de nieuwe mandaten die we krijgen en onze langdurige samenwerkingsverbanden met blue chip principalen.
Azelis groeit niet alleen organisch, maar ook door overnames. Doordat we in de belangrijkste landen en marktsegmenten consolideren, versterken we onze laterale waardeketen en onze aanwezigheid in de betreffende regio’s. En omdat we op het gebied van innovatie, digitalisering en duurzaamheid het referentiepunt voor de sector willen zijn, zoeken we bedrijven uit die dezelfde waarden en een complementaire product- en principalenportfolio hebben. Zo versterken we onze waardepropositie.
We streven ernaar wereldwijd dé leverancier van innovatiediensten voor de markten van speciale chemicaliën en voedingsingrediënten te zijn. Dat proberen we te bereiken door vooral via onze laterale waardeketen te groeien, en daarvoor vertrouwen we op onze drie pijlers: innovatie, duurzaamheid en digitalisering.
Alles wat we bij Azelis doen draait om innovatie. We zijn ervan overtuigd dat formuleringen een oneindig aantal mogelijkheden herbergen, en streven altijd naar nog betere praktische toepassingen van chemie. En dat onze innovatiedrang niet onopgemerkt is gebleven binnen onze sector, blijkt uit de vele prijzen en onderscheidingen die we de afgelopen jaren in ontvangst hebben mogen nemen.
Die voortdurende zoektocht naar de verbetering van ons productaanbod zit in het DNA van ons bedrijfsmodel. Uitstekende praktische toepassingen, een verbeterd kostenconcurrentievermogen en duurzame oplossingen leiden in alle marktsegmenten die we bedienen tot groei.
We willen een toonaangevende aanbieder van oplossingen voor de distributie en toepassing van betrouwbare en duurzame ingrediënten zijn. Inmiddels beschikken we wereldwijd over ruim 70 applicatielabs plus een aantal innovatiecentra. Daar ontwikkelen we samen met onze klanten nieuwe, duurzame en beter presterende formuleringen voor hun producten of processen. Ook helpen we onze klanten met het verbeteren van hun concurrentiepositie en de verduurzaming van hun activiteiten door in te spelen op trends en potentiële groeimogelijkheden. Daarbij maken we gebruik van onze kennis van de lokale situatie, die afkomstig is uit ons wereldwijde knowledge management-tool en onze formuletool die binnen het gehele bedrijf beschikbaar is. Beide systemen zijn volledig geïntegreerd in onze Customer Relationship Management-tool (CRM).
Onze inzet om de innovatiecapaciteit van onze klanten te bevorderen blijkt ook uit ons uitgebreide aanbod aan maatwerkoplossingen. Bij al die oplossingen staan duurzaamheid, de nieuwste trends en rentabiliteit centraal.
De motor achter de waardepropositie van Azelis is een uitgebreid productportfolio – de laterale waardeketen. We benutten onze laterale waardeketen door een veelheid aan producten van verschillende principalen te combineren om innovatieve en duurzame formuleringen te ontwikkelen voor onze klanten en nieuwe markten te creëren voor onze principalen.
De combinatie van onze laterale waardeketen, onze technische expertise en uitgebreid aanbod van formuleringen, maakt het ons team mogelijk om producten strategisch te bundelen en innovatieve formuleringen en oplossingen te ontwikkelen, zodat we onze klanten een ongeëvenaarde one-stop shop ervaring kunnen aanbieden. Onze sterke laterale waardeketen komt ook ten goede aan onze opdrachtgevers, omdat we meer toepassingen voor hun producten kunnen ontwerpen, waardoor de markt wordt verbreed en een hogere groei kan worden gerealiseerd. Deze expertise in het combineren van producten uit onze laterale waardeketen leidt ook tot een betere band met onze principalen en klanten. Daardoor kunnen we inmiddels bogen op langdurige samenwerkingsverbanden.
We hebben ruim 70 applicatielabs en een aantal test- en servicelocaties, die samen een technisch netwerk van wereldklasse vormen.
Daar ontwikkelen onze mensen nieuwe formuleringen, verfijnen ze bestaande formuleringen en benchmarken ze de productprestaties. Uit de erkenning die onze mensen de laatste tijd hebben gekregen, blijkt dat ze inmiddels tot de top binnen hun vakgebied horen. Ze zijn dan ook uiterst bedreven in het testen, beoordelen en onderzoeken van de producten in onze laterale waardeketen.
Naast de reguliere labs hebben we ook digitale tools, zoals onze klantportalen. Daar kunnen klanten onze formuleringen en laterale waardeketen bekijken, en via onze API kunnen onze leveranciers onze actuele inzichten opvragen. Zie voor meer informatie over onze digitale tools de sectie over digitalisering.
Overnames vormen een belangrijk onderdeel van onze groeistrategie. We breiden onze laboratoriumcapciteiten dan ook steeds verder uit in nieuwe regio’s en marktsegmenten. Zo hebben we in 2023 onze aanwezigheid in Latijns-Amerika vergroot door in Brazilië Vogler over te nemen, een bedrijf dat actief is in de food & nutrition- en animal nutrition-markt. Via deze strategische overname hebben we nu drie nieuwe labs: een bakkerijlabo, een drankenlabo en een labo voor zuivel, ijs en vlees.
Ons Home Care & Industrial Cleaning-team heeft onlangs laten zien wat duurzaam innoveren en het benutten van de laterale waardeketen kan opleveren. Op verzoek van een klant is ons team op zoek gegaan naar een andere formule voor een wasmiddel, zodat het minder oppervlakte-actieve stoffen zou bevatten en dus duurzamer zou zijn. De uitdaging was om een oplossing te vinden waarbij het wasmiddel niet aan efficiëntie zou inboeten. Via onze uitgebreide laterale waardeketen is ons labteam uitgekomen op een combinatie van zes enzymen, waardoor het aandeel oppervlakte-actieve stoffen met 20% kon worden verminderd.
Het eindproduct had uitmuntende waseigenschappen, schuimde niet significant meer en bleek ook nog eens kosten te besparen.
Azelis werkt met één ERP-systeem, bestaande uit allerlei, voor de gehele groep, gestandaardiseerde functionaliteiten, zoals een CRM in de cloud. In 2023 is daar de functionaliteit voor het beheer van technische projecten en een tool voor het documenteren van formuleringen bijgekomen. Wereldwijd hebben we nu één systeem voor het beheer van technische projecten dat volledig aan de wetgeving rond intellectuele eigendom voldoet. Daardoor kunnen we onze technische portfolio en pijplijn beter beheren.
Conform onze duurzaamheidsstrategie, Action 2025, willen we de toonaangevende distributeur van duurzame oplossingen en diensten worden, met een duurzame productportfolio en een op duurzame toepassingen gericht dienstenpakket. Ons innovatievermogen voldoet aan de behoeften van onze klanten, vergroot de afzetmarkt voor onze principalen en helpt ons ook verder met onze eigen duurzaamheidsagenda. Dankzij onze technische expertise kunnen we nieuwe duurzame formuleringen ontwikkelen, wat tot meer milieuvriendelijke materialen in de eindmarkten leidt.
Bij Azelis geloven we dat we via innovatie de wereld kunnen verbeteren. Ons streven naar duurzaamheid is een van de drijfveren achter onze innovatieactiviteiten en zorgt ervoor dat we een duurzamere toekomst voor onze sector en onze stakeholders creëren.
Dipti van het Food & Nutrition-team in India
In het hedendaagse dynamische bedrijfslandschap is digitale aanwezigheid een strategische must. Een robuuste IT-infrastructuur faciliteert naadloze interacties, wat nieuwe groeimogelijkheden en indirect ook meer innovatie en efficiëntie oplevert. Daarom zien we digitalisering als een van de strategische pijlers voor de verdere ontwikkeling van ons bedrijf en onze bedrijfsactiviteiten.
Digitale tools spelen een cruciale rol om dingen voor elkaar te krijgen en ons te onderscheiden. De nieuwe generatie formuleerders en inkopers zoeken bij voorkeur online naar de leveranciers, innovaties en producten die ze nodig hebben. Onze marketing- en verkoopteams kunnen actuele gegevens analyseren om inzicht in de behoeften van klanten en de markttrends te krijgen. Op basis daarvan kunnen ze vervolgens diensten ontwikkelen die een duidelijke meerwaarde hebben. Dankzij onze inzichten kunnen onze principalen zien welke nieuwe commerciële kansen en praktische toepassingen er zijn.
De recente technologische ontwikkelingen, zoals de opkomst van kunstmatige intelligentie (AI), leiden tot nog meer mogelijkheden om realtime inzicht in onze eindmarkten te krijgen, nieuwe oplossingen te ontwikkelen en de efficiëntie in onze gehele waardeketen efficiënter te verhogen. Deze nieuwe ontwikkelingen stellen ons in staat onze klanten op het juiste moment van gepersonaliseerde informatie te voorzien. Ook leidt de nieuwe technologie tot een hoger serviceniveau door de verbeterde mogelijkheden voor planning en prognose.
Bij Azelis werken we verder aan end-to-end-automatisering en de onderlinge afstemming van processen, zodat we onze klanten en principalen nog beter kunnen bedienen.
Het toekomstbestendige en schaalbare IT-fundament van Azelis rust op drie pijlers: Azure, Microsoft 365 en Dynamics 365. We werken volledig in de cloud, wat de operationele efficiëntie ten goede komt. Daardoor kunnen we onder andere onze backoffice opschalen, zodat die gelijke tred houdt met onze groei.
Een paar van de voordelen die we hebben gezien, zijn een verbeterde bruikbaarheid, een hogere productiviteit en een strakkere cyberbeveiliging. Via ons IT-fundament kunnen we nieuwe diensten ontwikkelen en tegelijkertijd onze CO₂-voetafdruk tot een minimum beperken. Ook past dit naadloos in onze strategie om sneller nieuwe bedrijven te integreren, een veiligere IT-omgeving te hebben, meer waarde voor onze stakeholders te generen en meer energie-efficiënt te zijn.
Momenteel beschikken we naast een geïntegreerd ERP- en CRM-systeem, ook over een systeem voor het beheer van productinformatie (PIM) en een wereldwijde hub voor masterdata en analytics. Daarnaast blijft Azelis investeren in opkomende technologieën waarmee we ons kunnen onderscheiden, zoals AI. Door AI in te zetten voor ondermeer het voorspellen van de kasstroom en voorraad-, grondstoffen- en prognosebeheer hebben we eindeloze mogelijkheden om meer uit onze IT-investeringen te halen. In onze dagelijkse werkzaamheden kunnen we alle geïntegreerde mogelijkheden van onze digitale tools en diensten ten volle benutten. Daardoor kunnen we de werkstromen in onze hele waardeketen optimaliseren en vereenvoudigen, zodat alles efficiënter verloopt, en tegelijkertijd profiteren van geavanceerde inzichten.
Een recent voorbeeld van deze nieuwe mogelijkheden is onze geautomatiseerde tool voor gegevensextractie. Met behulp van kunstmatige intelligentie verwerken we technische gegevensbladen (TDS) en veiligheidsinformatiebladen (SDS). De gegevens worden automatisch geëxtraheerd, en het systeem leert van elk verwerkt gegevensblad. Met dit soort geautomatiseerde en geoptimaliseerde processen verloopt het beheer van een catalogus met meer dan 100.000 basisproducten nu een stuk efficiënter: in de helft van de tijd krijgen we twee keer zoveel informatie, en de kwaliteit van de geëxtraheerde gegevens is ook verhoogd.
We besteden niet alleen aandacht aan de beveiliging van onze systemen, maar ook aan die van alle andere onderdelen. Voor de beveiliging van onze gegevens zijn we bijvoorbeeld ISO 27001-gecertificeerd.
De betrouwbaarheid, flexibiliteit en nauwkeurigheid van ons volledig geïntegreerde end-to-end-platform zal toenemen naarmate we groeien, ter ondersteuning van ons continue streven naar innovatie en samenwerking. Dankzij ons stevig IT-fundament kunnen we ook efficiënt inspelen op de voortdurend veranderende wet- en regelgeving in de markten waarin we actief zijn, en zo waarde creëren voor al onze stakeholders.
Ook het klantcontact verloopt tegenwoordig digitaal. Daarom hebben we een aantal diensten opgezet waarmee we een zinvolle en persoonlijke vorm van contact kunnen onderhouden met onze klanten (via het klantportaal en onze e-Labs) en principalen (via het principaalportaal). Ons IT-fundament maakt het ook mogelijk om op schaal persoonlijke content af te leveren bij onze klanten en principalen.
We hebben dan ook niet gekozen voor losstaande apps en websites, maar juist end-to-end-diensten ontwikkeld. Als leverancier van innovatieve oplossingen met geavanceerde digitale mogelijkheden kan Azelis een enorme hoeveelheid datapunten uit meerdere bronnen verzamelen en aan elkaar koppelen. Voor onze principalen hebben we perfect op elkaar aansluitende diensten ontwikkeld die de realtime informatiestroom automatiseren. Daardoor is het nu een stuk eenvoudiger om alle relevante technische, commerciële en wettelijk verplichte informatie over hun producten up-to-date en toegankelijk te houden. Het resultaat is een vliegwieleffect: onze klanten profiteren van hoogwaardige technische informatie en gepersonaliseerde digitale betrokkenheid, en onze principalen krijgen verbeterde marktinformatie en inzichten.
Als deel van onze digitale end-to-end dienstverlening stellen we klantportalen en e-Labs ter beschikking aan onze klanten. Via het klantportaal kunnen klanten de laatste trends opzoeken, evenals hoogwaardige informatie over producten en formuleringen, documentatie over de geldende regelgeving en contactgegevens van de relevante Azelis-teams. Doordat we de e-commercefunctionaliteit hebben geïntegreerd, verlopen zaken als het aanvragen van een lab-sample en het plaatsen van een order nu veel efficiënter. Onze klanten kunnen zelf alle relevante documentatie downloaden, zoals veiligheidsinformatiebladen, analysecertificaten en de leveringsbonnen van hun recente orders. Dat werkt niet alleen efficiënt voor hen, maar ook voor onze interne verkoopafdeling. Momenteel beschikken we wereldwijd over meer dan 140 klantportalen.
In het e-Lab van Azelis is een digitale service waarmee klanten formuleringen kunnen creëren, verbeteren of wanneer het hen uitkomt. De ruim 30 e-Labs zijn voorzien van alle tools om een gedetailleerde briefing van hun project op te stellen, inclusief directe aanbevelingen voor formuleringen en producten. Via het e-Lab kunnen klanten rechtstreeks contact opnemen met een van de technische experts uit ons wereldwijde netwerk. Daardoor verloopt het hele traject van het ontwikkelen van innovatieve formuleringen tot aan het verbeteren van het uiteindelijke product sneller én eenvoudiger.
Via ons digitale serviceaanbod en onze laterale waardeketen kunnen onze klanten hun ideeën eenvoudiger omzetten in een commercieel product en dat product sneller in de markt zetten, zodat ze consistent kunnen groeien.
Via onze principaalportalen kunnen onze principalen belangrijke statistische gegevens en analyses van relevante markten opvragen. Het gaat hierbij onder meer om een realtime overzicht van de verkoopresultaten en -kansen, concrete cijfers over de toepassing van hun producten en informatie over nieuwe markttrends waarop ze hun R&D kunnen afstemmen. Principalen kunnen via een API/EDI verbinding inloggen op ons digitaal portaal en zo realtime inzichten raadplegen.
Onze digitale strategie is volledig gericht op de factoren die ons bedrijf, onze klanten en onze principalen waarde oplevert. Daarom is ons bedrijf op alle vlakken verbonden. Dankzij digitale technologie kunnen we onze bedrijfsactiviteiten opschalen en ook onze recente overnames sneller in ons bedrijf integreren. Verder maakt ons digitale systeem het een stuk eenvoudiger om onze bedrijfsactiviteiten in allerlei verschillende landen, talen, culturen en marktsegmenten in goede banen te leiden.
Martina van het team in Kroatië
Wij denken dat de verschuiving naar duurzamere producten de komende jaren voor extra groei voor de sector zorgt. Doordat Azelis een innovatiepartner is die duurzaamheid hoog in het vaandel draagt, kunnen we onze principalen ondersteunen met hun duurzaamheidsdoelen door milieuvriendelijke en gezonde producten op de markt te brengen. Wij helpen onze klanten de samenleving en het milieu positief te beïnvloeden, wat ons tot hun geprefereerde partner maakt.
Onze duurzaamheidsstrategie, Action 2025, toont onze inzet om wereldwijd de toonaangevende leverancier van duurzame oplossingen en diensten te worden in de distributiemarkt voor speciale chemicaliën en voedingsingrediënten. Azelis speelt een belangrijke rol bij het realiseren van de duurzaamheidsdoelen van onze leveranciers en klanten. Uitgaande van onze brede productportfolio identificeren we met welke producten duurzame oplossingen mogelijk zijn en ontwikkelen we formuleringen waarmee onze klanten milieuvriendelijkere producten op de markt kunnen brengen. Ook in de toekomst zullen we geregeld de duurzaamheidsprotocollen van onze leveranciers evalueren en zullen we ze ondersteunen hun eigen duurzame praktijken met te ontwikkelen. Verder blijven we werken aan een betere duurzaamheidsstandaard in de gehele waardeketen, en aan het verbeteren van de reputatie van de chemiesector.
Action 2025 is ontwikkeld op basis van inzichten die we hebben verkregen uit diepte-interviews met onze principalen en klanten, de resultaten van onze EcoVadis®-assessment, input van vertegenwoordigers van Azelis en de materialiteitsbeoordeling die we in 2019 hebben uitgevoerd. Via deze assessments wilden we in kaart brengen hoe belangrijk een aantal specifieke ESG- en duurzaamheidspunten voor onze organisatie zijn.
Voor ons Action 2025-programma hanteren we internationale benchmarks om onze voortgang op duurzaamheidsgebied te volgen, waaronder de duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties (SDG’s), de ISO 26000-norm, de programma’s Responsible Care® / Responsible Distribution® en de richtlijnen van het Global Reporting Initiative (GRI) die als referentie worden gebruikt.
Hoe Azelis op duurzaamheidsgebied presteert, wordt elk jaar door Sustainalytics onderzocht. Voor de ESG-score beoordeelt Sustainalytics in hoeverre een bedrijf is blootgesteld aan materiële sectorspecifieke ESG-risico’s en hoe goed het bedrijf deze risico’s beheerst. Gezien onze score, acht Sustainalytics het risico laag dat de Groep materiële financiële impact van de ESG-factoren zal ondervinden.
Vorig jaar behaalde Azelis, met een ESG-score van 12,4 (laagste risico), de eerste plaats op een lijst van 178 internationale handelaren en distributeurs, opgesteld door Sustainalytics. Daarmee behoort Azelis tot het bovenste vijfde percentiel van meer dan 15.500 bedrijven die wereldwijd zijn beoordeeld. In 2023 heeft Azelis zijn ESG-risicoscore met 0,5 punten weten te verbeteren. Hierdoor blijft Azelis tot de bedrijven met beste ESG-ranking in de sector behoren, deze keer op een lijst van 205 bedrijven. We hebben toen een ESG-score van 11,9 gekregen, wat onze uitstekende prestaties bevestigt voor een breed scala aan ESG-cijfers.
Sinds december 2023 staat Azelis in de BEL®ESG-index van Euronext, wat betekent dat we tot de twintig beursgenoteerde vennootschappen behoren die er de beste ESG-praktijken op na houden. Voor de BEL®ESG-index wordt gekeken welke twintig bedrijven in België de laagste risico’s op ESG-gebied (milieu, sociaal en governance) vertonen. Aan de hand van deze index kunnen beleggers beter beoordelen welke bedrijven zich inzetten voor een duurzamere toekomst door hun economische resultaten aan duurzaamheidsdoelen te koppelen. Azelis is er trots op dat we twee jaar na onze beursgang al in deze index zijn opgenomen.
In 2023 nam Azelis ook voor het eerst deel aan het klimaatbeoordelingsprogramma van CDP en behaalde het een 'B'-score (Management). CDP is een internationale organisatie die klimaatgerelateerde gegevens van duizenden bedrijven wereldwijd verzamelt en analyseert. Azelis was een van de 23.000+ bedrijven die milieugegevens bekendmaakten en onze score getuigt van onze voortdurende inzet voor het milieu en de beperking van onze milieu-impact.
Via Action 2025 zorgen we dat duurzaamheid een integraal deel uit maakt van onze bedrijfsprocessen is en een van de pijlers van onze strategie vormt. Onze duurzaamheidsstrategie rust op vier pijlers: Mensen, Producten en Innovatie, Deugdelijk Bestuur en Milieu. Met Action 2025 hebben we onszelf op al deze gebieden een aantal ambitieuze doelen voor 2025 gesteld.
Voor elk van de vier pijlers geven we prioriteit aan de duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s) van de Verenigde Naties waarvoor we via Action 2025 het beste resultaat kunnen boeken.
| Pijler | Doelen | SDG’s | |
|---|---|---|---|
| Mensen | Aantrekken, ontwikkelen en behouden van werknemers:
| ||
| Producten en innovatie | Duurzame producten:
| ||
| Governance | Naleving:
| ||
| Milieu | Energiebeheer en mitigatie van klimaatverandering:
| ||
| MVO en duurzaamheidsverbintenissen | MVO en duurzaamheiderkenningen | ||
Duurzaamheid is verankerd in de corporate governance-structuur van Azelis.
Binnen de Raad van Bestuur begeleidt dr. Alexandra Brand alles wat met duurzaamheid te maken heeft. Tegelijkertijd zorgt ons Uitvoerend Comité ervoor dat onze duurzaamheidsstrategie wordt doorgevoerd. Hans Joachim Müller (tot aan zijn aftreden op 31 december 2023) en Anna Bertona richten zich als lid van het Uitvoerend Comité specifiek op duurzaamheidsinitiatieven.
Ons Duurzaamheidscomité is verantwoordelijk is voor het coördineren van de implementatie van de strategie en het opstellen van duurzaamheidsbeleid en -richtlijnen.
Aangezien we zowel onze duurzaamheidsagenda als de integriteit van ons duurzaamheidsverslag uitermate belangrijk vinden, hebben we besloten om de rol van Sustainability & Safety, Health, Environment & Quality-functie (SHEQ) op te splitsen in twee rollen: één voor SHEQ en één voor Sustainability. Rahul Khanvilkar was voorheen de SSC SHEQ Manager van de Groep en is nu benoemd tot SHEQ en Regulatory Affairs Director van de Groep. De nieuwe Sustainability Director van de Groep is Dr. Michael Heite, die hiervoor Head of Sustainability and Compliance bij Bayer AG was.
In 2023 zijn de leden van onze multidisciplinaire duurzaamheidstaskforce, die afkomstig zijn uit alle regio’s waarin we actief zijn, geregeld bij elkaar gekomen om onze voortgang voor Action 2025 te evalueren. Ze hebben daarbij ook gekeken of onze duurzaamheidsstrategie en -doelstellingen aansluiten bij de uitdagingen en kansen van onze onderneming.
Onze mensen zijn onze belangrijkste troef en de drijvende kracht achter ons succes.
We willen niet alleen toptalenten aantrekken, maar ook hun verdere ontwikkeling stimuleren zodat ze bij ons blijven werken.
We vinden het belangrijk dat ons personeelsbestand de rijkdom aan mensen met verschillende achtergronden, ervaringen en gezichtspunten weerspiegelt. Betrokkenheid, welzijn, gezondheid en veiligheid, bijscholing, doorgroeimogelijkheden en inclusie zijn geen papieren doelen, maar onderdeel van ons ethos. Zo bevorderen we een werkomgeving waarin iedereen zich gewaardeerd en gesteund voelt en ieders talent kan gedijen.
Dit onderstreept onze toewijding om een voorkeurswerkgever in onze sector te worden. Dat streven heeft er niet alleen mee te maken dat we concurrerend willen zijn, maar ook met het creëren van een dynamische en betrouwbare werkcultuur.
| GRI | Kernprestatie-indicator (KPI) | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 | Doel 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Betrokkenheidscore (werknemertevredenheidsonderzoek)1 | 75 (β)2 | 75 | 74 | 74 | 773 | |
| Loyaliteitscore (werknemertevredenheidsonderzoek)1 | 83 (β)2 | 83 | 82 | 82 | 854 | |
| % werknemers in de talentenpools | 8.0% (β)2 | 10.0% | 11.4% | 7.1% | >10% | |
| 405-1 | % lijnmanagers getraind in diversiteit en inclusief leiderschap | 99.6% (β)2 | 99.3% | 98.9% | Niet gerapporteerd | 100% |
| 405-1 | % hogere managementfuncties bekleed door vrouwen | 29.5% (β)2 | 31.8% | 23.5% | 21.9% | 30% |
| Score arbeidsomstandigheden (werknemertevredenheidsonderzoek)1 | 75 (β)2 | 75 | 74 | 74 | 765 | |
| 403-9 | Arbeidsongevallen met verloren werktijd | 6 | 6 | 6 | 2 | 0 |
| Gemiddeld aantal trainingsuren per werknemer6 | 16.8 | 15.9 | 13.5 | 12.2 | 24 |
Risico: We willen er zeker van zijn dat we onze werknemers voldoende doorstromingskansen en een aantrekkelijke loopbaanmogelijkheden bieden, zodat er een interne talentenpool ontstaat. We streven ernaar dat al onze werknemers Azelis beschouwen als de beste plek om hun professionele ambities waar te maken.
Genomen maatregelen: We hebben onze procedures voor de functionerings- en talentbeoordeling verder uitgebreid en vastgelegd in Workday®, ons Human Capital Management-systeem (HCM). Verder hebben we de jaarlijkse beoordeling van onze talentenpool verbeterd en investeren we aanzienlijk in het bijscholen van individuele personen in onze talentenpools en ons algehele personeelsbestand. In 2023 hebben we ons eerste HR Center of Excellence opgezet, dat volledig gericht is op opleiding en ontwikkeling. Hun taak is om een strategie voor onze ontwikkelings- en doorgroei-initiatieven voor leidinggevenden, talenten en werknemers op te zetten, deze uit te voeren en indien nodig bij te sturen. Het uiteindelijke doel is een bedrijfscultuur waarin iedereen binnen de organisatie een leven lang kan leren.
Risico: Onze resultaten zijn sterk afhankelijk van ons vermogen om het beste talent aan te trekken en ons personeel verder op te leiden en te behouden. Het is essentieel dat we een robuust traject opzetten voor het aantrekken en behouden van extern en intern talent, zodat de time-to-hire en het vrijwillige verloop worden teruggebracht.
Genomen maatregelen: Ons streven om arbeidsomstandigheden te verbeteren en te investeren in de ontwikkeling van onze werknemers helpt dit risico te beheersen en te beperken. Als snel groeiende organisatie bieden we een breed spectrum aan carrièremogelijkheden en geven we consequent voorrang aan interne promotie. In 2023 werd 41,7% van de vacatures intern ingevuld. Daarnaast gebruiken we externe benchmarks om het salaris van het grootste deel van onze werknemers te bepalen, zodoende we zeker een concurrerend salaris aanbieden. Omdat we een robuuste doorstroom van talent belangrijk vinden, hebben we in 2023 voor EMEA een specialist talentacquisitie aangesteld, zodat we meer toptalenten kunnen aantrekken. Bovendien brengen we in 2024 een wereldwijde employer branding video uit waarin we ons als internationale werkgever presenteren. Het doel is om de rijke diversiteit van onze werkplek samen te vatten en de talloze mogelijkheden die Azelis biedt te laten zien, met als doel om niet alleen toptalent aan te trekken, maar ook om onze reputatie te versterken als een bedrijf dat diversiteit waardeert, kansen omarmt en voorop loopt in innovatie.
Risico: Naarmate Azelis blijft groeien en zich blijft ontwikkelen, wordt het voor ons steeds belangrijker om een prestatiegerichte cultuur te cultiveren. Een cultuur waarin alle werknemers hun verantwoordelijkheid nemen en zelfstandig werken en waarin ondernemerschap niet alleen wordt gewaardeerd, maar ook actief wordt gestimuleerd. In deze sfeer kunnen mensen het beste in zichzelf naar boven halen. En wij als organisatie profiteren van de initiatieven en innovaties die deze aanpak oplevert.
Genomen maatregelen: We hebben in Workday®, ons geavanceerde HCM-systeem, de jaarlijkse functioneringsgesprekken gekoppeld aan de beoordeling van de talenten en salariëring van onze werknemers. Daardoor kunnen we nu de verwachte prestaties opvolgen en nagaan in hoeverre daaraan wordt voldaan. Onze prestatiegebaseerde beloningspraktijken vullen deze ontwikkeling aan om de prestatiecultuur binnen Azelis verder te versterken.
Risico: Bij Azelis vinden we het cruciaal dat de werkomgeving voor onze werknemers te allen tijde veilig en gezond is. Daar doen we dan alles aan, want de gezondheid en veiligheid van onze werknemers staan voorop.
Genomen maatregelen: De implementatie van een robuust SHEQ-beleid en -procedures heeft geresulteerd in een veiligheidscultuur. Onze prioriteit ligt bij het beschermen van de gezondheid van onze mensen en het voorkomen van veiligheidsrisico’s, ongevallen en andere schade voor het bedrijf die voortkomt uit het niet naleven van de regelgeving voor gezondheid en veiligheid.
Anthony, Grace en Daniel van het team in China
Bij Azelis zijn betrokken werknemers onontbeerlijk voor een productieve werkomgeving waarin iedereen floreert.
Voor onze onderneming zijn betrokken werknemers essentieel, want zij hebben hart voor de zaak en zetten zich voor de volle 100% in. Bovendien ontstaat er zo een werkomgeving waarin mensen niet alleen tevreden zijn over hun werk, maar zich ook echt verbonden voelen met de missie en waarden van Azelis.
Wij zijn ervan overtuigd dat betrokken werknemers net dat stapje verder willen gaan, met innovatieve ideeën komen en voor een positieve sfeer op de werkvloer zorgen.
In 2023 hebben we zeven bedrijven overgenomen, en in het vierde kwartaal hebben we nog eens drie overnames aangekondigd. Het is belangrijk dat al deze nieuwe werknemers zo snel mogelijk weten waar ons bedrijf voor staat, zodat we zo min mogelijk risico lopen. Normaal gesproken nemen we de werknemers van de overgenomen bedrijven binnen één jaar na de overname op in onze HR-processen en -procedures. Als het een joint venture betreft, kan dit iets langer duren.
Bij Azelis vinden we het heel belangrijk dat we onze nieuwe werknemers warm onthalen en ze zich meteen thuis voelen. Dat maakt het voor hen ook gemakkelijker zich de waarden en bedrijfscultuur van Azelis eigen te maken. Hiervoor hebben we een veelzijdig traject opgezet: 1-op-1-gesprekken, een introductieweek, een eigen buddy, teamevenementen en gestructureerde formele bijeenkomsten.
Binnenkort komen daar op dag 30, 60 en 90 van de inwerkperiode nog gesprekken tussen de nieuwe werknemer en de lijnmanager bij om een goede onderlinge verstandhouding te bevorderen.
Ook dit traject loopt via Workday®. In aansluiting op onze ontwikkelings- en doorgroeistrategie gaan we voor al onze nieuwe werknemers ook een online training over onze Gedragscode en ander belangrijk bedrijfsbeleid opzetten. Ze moeten deze training, die in de vorm van e-learningmodules in Workday® beschikbaar zal zijn, binnen drie maanden na aanwerving afronden. Hierdoor weten we zeker dat alle nieuwe mensen dezelfde introductie krijgen.
Dat we in de professionele ontwikkeling van onze managers investeren, is niet alleen een strategische beslissing. Op deze manier willen we ook een bedrijfscultuur bevorderen die draait om expertise, innovatie en uitmuntendheid. Bij Azelis streven we naar een cultuur waarin managers optimaal functioneren en zo bijdragen aan het blijvende succes van onze organisatie.
In 2023 hebben we onze nieuwe Managers’ Resources-website gelanceerd. Deze is zorgvuldig samengesteld door ons HR-team in de Americas en is bedoeld om de managementvaardigheden en leiderschapscapaciteiten van onze managers te versterken.
De website voorziet in allerlei nuttige informatie, plus een apart gedeelte met trainingsmodules. Onze nieuwe managers moeten hiervan een aantal verplichte modules afronden, zodat ze over alle benodigde kennis en tools beschikken om uit te kunnen blinken in hun rol. Voor ervaren managers staan er ook diverse aanbevolen trainingsprogramma’s klaar die dieper ingaan op de grondbeginselen van management en goed leiderschap, zodoende ze zichzelf kunnen blijven ontwikkelen.
Het aanbod omvat onder meer trainingen op het gebied van empathie, omgaan met conflicten, interpersoonlijke communicatie, onbewuste vooroordelen en het leiden van een divers team.
Door in de professionele ontwikkeling van onze managers te investeren, versterken we onze leiderschapsfuncties en bevorderen we een bedrijfscultuur die draait om expertise, innovatie en uitmuntendheid.
Bij Azelis hebben we deze gezamenlijke doelen voor ogen: innovatie stimuleren, beter samenwerken en altijd kijken wat er beter kan. We stellen alles in het werk om ons personeel én ons bedrijf voortreffelijk te laten presteren. Dit sluit perfect aan bij onze missie om de ondersteuning en het welzijn van onze werknemers te bevorderen en als bedrijf nog meer succes te realiseren.
In EMEA heeft de actieve HR-afdeling een initiatief gelanceerd en daarvoor zes speciale werkgroepen opgericht. Deze werkgroepen willen de EMEA HR-processen verder optimaliseren door middel van de kennis en vaardigheden van onze lokale HR-professionals. De belangrijkste aandachtsgebieden zijn ‘Werknemerswe aantrekken en behouden’, 'Bedrijfscultuur en welzijn van werknemers’ en ‘Onboarding en offboarding van werknemers’.
Het overkoepelende idee is de verdere optimalisatie van HR-processen, en daarvoor willen ze gebruik maken van de uitgebreide talentenpool binnen onze lokale HR-teams. Verder speelde de wens om de interne processen te standaardiseren en te kijken hoe de HR-afdeling onze bedrijfsactiviteiten en werknemers zo goed mogelijk kan ondersteunen.
Elke werkgroep wordt begeleid door een teamleider en bestaat uit maximaal vier mensen. Aan deze teams werd de cruciale verantwoordelijkheid toevertrouwd om essentiële Key Performance Indicators (KPI's) vast te stellen en ervoor te zorgen dat er consequent updates worden gegeven.
Bij Azelis is de professionele ontwikkeling van onze mensen een van de strategische pijlers om competitief te blijven en meer succes te boeken. Daarom investeren we in de loopbaanontwikkeling van onze mensen en promoten we een cultuur waarin continue verbetering vooropstaat. Dankzij deze cultuur kunnen we innoveren en met ingenieuze oplossingen komen waar we om bekendstaan.
De inzet op loopbaanontwikkeling is verankerd in onze cultuur van prestaties en verantwoording, aangestuurd door onze naadloos geïntegreerde mensgerichte processen.
Bij Azelis worden ambitie, innovatie en prestaties aangemoedigd en beloond. Dat we onze mensen alle kansen bieden, zelfstandig laten werken en verantwoording laten afleggen, zit ingebakken in onze bedrijfscultuur.
In 2023 hebben 2.940 werknemers een jaarlijkse functionerings- en talentbeoordeling voltooid om hun prestaties, vaardigheden en competenties te verbeteren en hun loopbaanontwikkeling te ondersteunen.
We houden bij welke prestaties we verwachten, controleren in hoeverre onze werknemers daaraan voldoen en hebben de toetsing en validatie van de prestatiescores inmiddels op diverse punten gekalibreerd, zodat dezelfde criteria gelden voor iedereen.
Ons functionerings- en talentbeoordelingsproces vindt plaats van november van het vorige kalenderjaar tot en met februari van het huidige kalenderjaar, hierdoor komen alle werknemers in aanmerking om deel te nemen.
Voor een uitgebreid overzicht van de uitzonderingen, zie Bijlage III – Methodiek van dit verslag. De werknemers die voor aanvang van de beoordelingsperiode bij het bedrijf zijn gekomen vanwege een overname, worden meestal niet meegenomen.
In 2022 zijn er in Workday®, ons HCM-systeem, twee nieuwe features bijgekomen: de mogelijkheid om iemand aan een talentenpool toe te wijzen en een feature voor opvolgingsplanningen naar leidinggevende functies. Dankzij de eerste nieuwe feature kunnen we de resultaten van de functionerings- en talentbeoordeling nu samenvoegen, zodat we kunnen zien welke werknemers over een tijdspanne van minimaal twee jaar het best hebben gescoord op prestaties en potentieel. Die mensen worden toegewezen aan een van de vier talentenpools. De nieuwe feature voor opvolgingsplanning sluit daar naadloos op aan: hiermee kunnen we in kaart brengen wie in aanmerking komen voor een leidinggevende functie, hen zo nodig bijscholen en vervolgens laten doorstromen naar een managementfunctie of andere belangrijke rol zodra deze vacant zijn.
In 2023 hebben we een nieuwe talentenpool gecreëerd, zodat we er nu in totaal vier hebben. Hierdoor slagen we er in onze talenten nog beter te identificeren en kunnen we nauwkeurig vastleggen in hoeverre een kandidaat klaar is voor meer verantwoordelijkheid en een verdere ontwikkeling.
Door de processen voor onze functionerings- en talentbeoordeling aan elkaar te koppelen, ontstaat er een robuuste en duurzame pijplijn van talenten die overal binnen Azelis kunnen doorgroeien. Dit heeft bovendien het voordeel dat onze werknemers een beter beeld krijgen van de doorgroeimogelijkheden en zich verder te ontwikkelen. Dat vertaalt zich in meer betrokken en gemotiveerdere werknemers.
Dankzij deze geïntegreerde functionings- en talentbeoordeling van onze werknemers hebben we in 2023 41,7% van de vacatures intern kunnen opvullen, wat een toename is van 7,7% ten opzichte van 2022. In 2023 is 8,0% van onze werknemers aan een van onze talentenpools toegewezen. In Action 2025 hebben we als doel opgenomen dat minimaal 10% van onze mensen in een talentenpool zit.
Voor Azelis blijft het van groot strategisch belang om nog meer in te zetten op de opleiding en ontwikkeling van onze mensen. Alleen zo kunnen we onze doelen voor Action 2025 halen en ervoor zorgen dat we binnen onze sector de werkgever worden waar iedereen wil werken.
In 2023 hebben we grote stappen gezet om ons personeel waardevolle vaardigheden en competenties te laten opdoen. We hebben een bedrijfscultuur van voortdurend leren voor ogen, en daar handelen we ook naar.
We hebben dit alles concreet en transparant gemaakt door een nieuwe KPI toe te voegen aan onze doelen voor Action 2025 . Voor deze KPI hebben we onszelf een ambitieus doel gesteld: jaarlijks 24 uur training per werknemer in 2025. Eind 2023 werden reeds grote vorderingen gemaakt, want gemiddeld hebben onze werknemers gemiddeld 16,8 uur aan opleidingen gevolgd.
Verder hebben we ons eerste HR Center of Excellence opgezet, dat volledig gericht is op opleiding en ontwikkeling. Hun taak is het opzetten van een strategie voor onze ontwikkelings- en doorgroei-initiatieven voor leidinggevenden, talenten en werknemers, deze strategie uit te voeren en zo nodig bij te sturen. Het uiteindelijke doel is een bedrijfscultuur van voortdurend leren.
Alle stappen voor de ontwikkeling van onze werknemers lopen via Workday®. Dankzij onze innovatieve Learning-module kunnen we nu beter zien welke opleidingen onze werknemers nodig hebben. We bekijken momenteel ook of we hier een extern e-learningplatform bij kunnen betrekken, zodat we onze werknemers een uitgebreide catalogus met online opleidingen kunnen aanbieden, zowel van onszelf als van derden. Het is de bedoeling dat alle opleidingen rechtstreeks via Workday® te volgen zijn. En dat betekent dat onze mensen zich heel simpel verder kunnen ontwikkelen.
Bij Azelis geloven we in de kracht van delen. Zo zijn de trainingen in Asia Pacific niet alleen theoretisch, maar wisselen de deelnemers ook eigen ervaringen uit om van elkaar te leren en krijgen ze opdrachten van het plaatselijke management team.
Bij Azelis India stimuleren we continu leren en ontwikkeling, multidisciplinaire samenwerking en meer teamwerk, zodat dit vaste elementen van de bedrijfscultuur worden. Daarvoor organiseren we elke derde maandag van de maand een interne sessie van twee uur. Dit is niet zomaar een opleiding, maar een middel om op operationeel gebied uitmuntende resultaten neer te zetten. De opleiding wordt gegeven door de beste mensen op hun vakgebied, en de Managing Director van Azelis India en onze Head of HR zien hierop toe.
Wat deze opleiding zo bijzonder maakt, is dat er veel aandacht wordt besteed aan scenario’s die rechtstreeks uit de praktijk van Azelis komen. Het opleidingsmateriaal is gebaseerd op casestudy’s en rollenspellen gebaseerd zijn op praktijkvoorbeelden. Alle kennis die onze werknemers opdoen, is dus direct relevant voor de uitdagingen die zich elke dag voordoen.
Bij een nieuwe vacature, kijken we altijd eerst intern. Doordat we voortdurend groeien, zijn er tal van doorgroeimogelijkheden voor onze eigen mensen. In 2023 zijn 41,7% van onze vacatures intern ingevuld.
Binnen Azelis is het gebruikelijk en wordt het aangemoedigd dat onze eigen mensen doorstromen naar een andere functie in het buitenland. Dit bevordert de internationale samenwerking en heeft als bijkomend voordeel dat onze mensen ontdekken hoe het er in andere landen aan toe gaat en meteen ook nieuwe managementvaardigheden opdoen.
Verder sturen we mensen die volgens ons geschikt zijn voor een senior managementfunctie naar een assessment center. In deze centra worden de sterke - en verbeterpunten van de desbetreffende werknemer geëvalueerd. Zo krijgen we een grondig inzicht in zijn of haar capaciteiten.
Bij Azelis zien we de zorg voor de gezondheid, veiligheid en goede arbeidsomstandigheden van onze mensen niet alleen als een wettelijke verplichting, maar vooral ook als een van onze kernwaarden.
Door gezondheid, veiligheid en goede arbeidsomstandigheden op de eerste plaats te zetten, zorgen we goed voor onze allerbelangrijkste troef: onze mensen. Bovendien ontstaat zo een werkomgeving waarin mensen op zich zowel professioneel als persoonlijk kunnen cultiveren.
Onze aanpak op het gebied van veiligheid en gezondheid is proactief en leidt tot veerkrachtige, betrokken en productieve werknemers.
We vinden het onze ethische verantwoordelijkheid om te zorgen voor een veilige en gezonde werkomgeving en zijn ons er ook van bewust dat een onveilige werksituatie tot bedrijfsonderbrekingen, reputatieschade en extra kosten kan leiden.
In de Gedragscode van Azelis staat dat we er altijd alles aan doen om voor een veilige werkomgeving te zorgen. En we gaan nog een stapje verder: we garanderen de veiligheid en gezondheid van al onze werknemers en alle stakeholders die op de een of andere manier bij onze bedrijfsactiviteiten betrokken zijn.
In onze magazijnen en fabrieken bekijken we geregeld wat de gezondheids- en veiligheidsrisico’s zijn. Daarnaast organiseren we uitgebreide opleidingen op het gebied van gezondheid en veiligheid. Deze training geven we niet alleen aan onze eigen werknemers en contractanten, maar ook aan onderaannemers en bezoekers. In alle regio’s waarin we actief zijn hebben we inmiddels het Responsible Care®- of Responsible Distribution®-managementsysteem geïmplementeerd.
Daarmee kunnen we de veiligheids- en gezondheidsrisico’s op een effectieve manier beheren.
In 2022 hebben we nieuw beleid op het gebied van Safety, Health and Environment (SHE) doorgevoerd. Hierin zijn de basisbeginselen vastgelegd die voor ons gehele bedrijf gelden.
Dit beleid gaat uit van de 14 gouden veiligheidsregels van de International Chemical Trade Association en bevat een overzicht van alle aspecten waaraan op al onze productielocaties en kantoren aandacht moet worden besteed. Ons SHE-beleid bestrijkt een heel scala aan onderwerpen, die uiteenlopen van het belang van een cultuur waarin veiligheid op de eerste plaats staat en de verplichting om elk ongeval en elk bijna-ongeval te melden tot de noodzaak van grondige risicobeoordelingen, risicobeheerprocessen en individuele beheermaatregelen. Verder bevat het beleid een aantal richtlijnen voor het gebruik van apparatuur en machines, het gebruik en de opslag van chemische stoffen, ergonomie, het besturen van voertuigen en het voorkomen van vallen, struikelen en uitglijden.
Ons SHE-beleid schrijft ook voor dat op al onze locaties een rampenplan verplicht is en dat overal ordelijk moet worden gewerkt. Daarnaast moet het gebruikelijk worden dat mensen elkaar op gevaarlijke situaties wijzen, en zijn onze locaties verplicht om constructieve aanbevelingen voor het verbeteren van de veiligheid en gezondheid over te nemen.
We hebben ook een managementsysteem voor schadepreventie voor de gehele Groep, waarin veiligheidsregels, implementatierichtlijnen en trainingen zijn opgenomen. Die gelden zonder uitzondering voor alle regio’s waarin we actief zijn.
Op elke locatie voeren we voor alle processen een risicobeoordeling uit. Elk proces krijgt een classificatie voor de risicoblootstelling en de gevolgen daarvan. De combinatie risico en gevolgen bepaalt hoe gevaarlijk het proces is en of er preventieve en/of corrigerende maatregelen moeten worden genomen.
In 2023 zijn er zes ongevallen met verlet gemeld. In Action 2025 hebben we als doel gesteld om dat tot nul terug te brengen. In 2022 hadden we al nieuw SHE-beleid doorgevoerd. Hierin zijn de basisbeginselen vastgelegd die voor ons gehele bedrijf gelden. In 2023 is daar tool, beschikbaar voor de hele groep, voor het melden van ongevallen bijgekomen. Azelis vindt het essentieel dat alle ongevallen en bijna-ongevallen worden gemeld, enkel zo kunnen we de werkomgeving veilig en gezond houden. Aan de hand van de meldingen kunnen we potentiële gevaren in kaart brengen en maatregelen nemen om het risico op nieuwe ongevallen zo laag mogelijk te houden, zoals ongevallen in een lab of op een kantoor, letsel dat onder werktijd is opgelopen of ongevallen waarbij sprake is van milieuverontreiniging. De nieuwe Health, Safety, and Environment-app (HSE) van Azelis voor het melden van ongevallen is beschikbaar voor al onze werknemers, omdat we erop rekenen dat iedereen een ongeval of bijna-ongeval meldt en aangeeft waar onze werkomgeving nog veiliger kan. Het beheer van deze HSE-app en de coördinatie van alle maatregelen die daaruit voortvloeien hebben we toevertrouwd aan onze SHEQ-afdeling. Met de komst van deze app heeft Azelis nu voor het eerst een centrale tool voor het melden en onderzoeken van ongevallen. Deze app is intern ontwikkeld en volledig in onze IT-infrastructuur geïntegreerd.
Met het oog op ons doel van nul arbeidsongevallen blijven we onze mensen bewustmaken van de gevaren en opleiden in het voorkomen van ongevallen. In 2024 moet op al onze locaties volkomen duidelijk zijn wat de definitie van een bedrijfsongeval met verlet is. Hiervoor gaan we onze huidige regionale procedures aanpassen, zodat iedereen met dezelfde database werkt. Het is de bedoeling dat alle ongevallen en bijna-ongevallen in deze database terechtkomen, zodat we die kunnen analyseren.
Diversiteit omarmen en inclusie bevorderen zijn essentiële pijlers in het cultiveren van een werkplek die gedijt op innovatie, creativiteit en collectief succes.
Bij Azelis zijn we ons ervan bewust dat onze kracht schuilt in de grote variatie in de standpunten, achtergronden en talenten van de mensen in onze diverse teams. Wij streven naar een inclusieve werkomgeving waarin alle werknemers zich gewaardeerd en gerespecteerd voelen en het gevoel hebben dat ze zich volledig kunnen ontplooien.
Doordat we op diversiteit sturen, ontstaat er niet alleen een rijkere bedrijfscultuur, maar zijn we ook beter in staat ons aan te passen, te leren en uit te blinken in een voortdurend veranderend wereldwijd concurrentielandschap.
Bij Azelis houden we ons aan het principe van gelijke behandeling en keuren we elke vorm van onrechtmatige of oneerlijke discriminatie op grond van ras, huidskleur, nationaliteit, etnische afkomst, geslacht, seksuele gerichtheid, burgerlijke staat, arbeidsduur, leeftijd, niet-relevante veroordelingen, godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid en beperking af. We zijn ons ervan bewust dat de diversiteit van onze werknemers een grote meerwaarde biedt en onze onderneming een extra concurrentievoordeel oplevert.
Wij zijn ervan overtuigd dat ondernemingen met een divers personeelsbestand meer talent aantrekken, klantgerichter zijn, meer tevreden werknemers hebben en een betere besluitvorming kennen. Een diverse onderneming zal uiteindelijk ook financieel beter presteren, zoals ook uit onderzoek blijkt1.
Eind 2023 bedroeg het percentage vrouwen in ons senior management team 29,5%, waarmee we dicht in de buurt komen van ons Action 2025-doel van 30%.
Het personeelsbestand van Azelis bestaat voor 54% uit vrouwen en voor 46% uit mannen. De afgelopen zes jaar bedroeg het percentage vrouwen in ons personeelsbestand meer dan 50%, iets wat we in het kader van onze Action 2025-strategie graag zo willen houden.
Ons senior management team bestond op 31 december 2023 uit 88 mensen met een grote variëteit qua cultuur, etnische afkomst en leeftijd. In totaal is dit team vertegenwoordigd door 31 nationaliteiten. Het aandeel vrouwen in het senior management team, inclusief het Uitvoerend Comité, bedraagt 29,5%. In onze Raad van Bestuur zijn twee van de acht bestuursleden vrouw, en per 1 januari 2024 zijn dat er drie van de acht.
Bij Azelis heeft diversiteit niet alleen betrekking op geslacht en nationaliteit, maar ook op leeftijd. We investeren actief in jong talent: 14,6% van ons personeel is onder de dertig. Tegelijkertijd vinden we kennis en ervaring ook belangrijk: 20,1% van onze werknemers is 50 jaar of ouder, en 7,2% is ouder dan 60 jaar. Diversiteit en inclusie zijn nauw verbonden met onze duurzaamheidsstrategie, Action 2025, die in 2021 is gelanceerd. Van de doelen gelinkt aan de pijler Mensen, een van de vier pijlers van onze duurzaamheidsstrategie, heeft 29% betrekking op diversiteit en inclusie.
We meten onze voortgang op diversiteitsgebied met behulp van een aantal KPI’s, onder meer voor nationaliteit, gender en leeftijd.
In de jaarlijkse kennistoets over ethiek en compliance die onze werknemers moeten maken, zitten standaard ook vragen over diversiteit en inclusie. Dit sluit aan bij ons Action 2025-doel om 100% van de lijnmanagers een training over diversiteit en inclusief leiderschap te geven, om elke vorm van vooringenomenheid te minimaliseren.
Ter ondersteuning van ons diversiteits- en inclusiebeleid hebben we in 2023 bedrijfsbreed beleid inzake ongewenste omgangsvormen ingevoerd. Het doel is een werkomgeving zonder onrechtmatige intimidatie en pesterijen, zodat al onze werknemers waardig en met respect worden behandeld. Dit aanvullende beleid omvat specifieke richtlijnen voor werknemers die een evenement bijwonen en benadrukt zaken als inclusiviteit, respect en cultureel bewustzijn.
We zijn toegewijd aan het naleven van de acht fundamentele verdragen van de Internationale Arbeidsorganisatie inzake kinderarbeid, gedwongen arbeid, vrijheid van vereniging, minimumloon, werkuren, rusttijd, diversiteit en discriminatie.
In onze Gedragscode staan de basisbeginselen die aangeven ‘hoe we ons bij Azelis gedragen’. Een van deze beginselen verklaart dat we tegen elke vorm van uitbuiting en kinderarbeid zijn, en hier wijden we in onze Gedragscode een apart gedeelte aan. Via de jaarlijkse kennistest zorgen we dat onze werknemers zich bewust zijn van het beleid en de procedures die we hebben doorgevoerd om ethisch gedrag te waarborgen en aan alle wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsrechten en mensenrechten te voldoen.
In onze verklaring over slavernij en mensenhandel, die ook op onze website staat, staan de maatregelen waarmee we slavernij en mensenhandel proberen te voorkomen, zowel binnen ons eigen bedrijf als in onze toeleveringsketens. In alle landen waarin we actief zijn voldoen we nauwgezet aan de eisen voor de minimumleeftijd waarop mensen mogen werken. Ook staan we in voor de arbeidsrechten van al onze werknemers. Onze werknemers kunnen veilig en zonder nadelige gevolgen melding maken van een vermoeden dat er mensenrechten of arbeidsrechten worden geschonden. Hiervoor hebben we een speciaal klokkenluidersbeleid, SpeakUp! genaamd, en een aparte SpeakUp!-lijn opgezet. Zie voor meer informatie de sectie over de Campagne om ongewenste omgangsvormen tegen te gaan.
In ons beleid voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is opgenomen dat we de MVO-richtlijnen van het Global Compact-initiatief van de VN volgen, die onder meer over de rechten van de mens gaan.
Dino en Senija van het team in Kroatië
| Wat we tot nu toe gedaan hebben | ||||
| In 86,7% van onze landen en juridische entiteiten bieden we sociale bescherming tegen inkomensverlies als gevolg van ingrijpende gebeurtenissen in het leven, zoals gedefinieerd in de EU-richtlijn duurzaamheidsverslaggeving voor ondernemingen.We hebben overal in de Groep regelingen ingevoerd voor structureel hybride werken, waarbij we onze werknemers de mogelijkheid bieden 50% van de tijd op afstand te werken. | In 2023 hebben we een Learning & Development Director aangesteld voor het plannen, uitvoeren en bevorderen van de L&D-strategie gericht op leiders, talenten en werknemers, en voor het promoten van een cultuur van een leven lang leren in de hele organisatie.Om ons betrokkenheid concreet en zichtbaar te maken, hebben we in 2022 een kernprestatie-indicator opgenomen in onze Action 2025-doelstellingen. Deze KPI stelt als ambitieus doel dat we tegen 2025 24 uur training geven aan elke werknemer. Aan het einde van 2023 was er al aanzienlijke vooruitgang geboekt: onze werknemers hebben gemiddeld 16,6 uur training gekregen, ten opzichte van 8,2 uur in 2018. |
|
| In 2023 zijn we begonnen met het opzetten van een gestructureerd kader voor onze wereldwijd charitatieve activiteiten. Als onderdeel daarvan hebben we een liefdadigheidsfonds opgericht dat gebaseerd is op ons bestaande charitatieve programma XCEL in de Verenigde Staten. |
| Wat we van plan zijn te doen | ||||
| Naar aanleiding van het werknemerstevredenheids-onderzoek in 2022, hebben we organisatiebreed 155 verbeteringsinitiatieven en actieplannen ingevoerd in respons op de feedback van de werknemers. 46 van deze intitiatieven focussen op arbeidsvoorwaarden, hetgeen de inzet op deze KPI uit onze Action 2025-strategie onderstreept. | In 2024 voorziet onze strategische routekaart in de implementatie van geavanceerde, interactieve virtuele trainingssessies om de fijne kneepjes van onze interne processen en procedures te verhelderen. Dit initiatief zal naadloos worden geïntegreerd in ons geavanceerde human capital management system, Workday®, via een nieuw geïntroduceerde leermodule. Door gebruik te maken van dit platform willen we de leerervaring voor onze werknemers verbeteren en de betrokkenheid en effectiviteit bevorderen via dynamische en interactieve trainingsmethoden. |
| In 2025 zal 80% van onze omzet afkomstig zijn van leveranciers die op basis van het TfS®-kader zijn beoordeeld, wat bijdraagt tot het voorkomen van mogelijke schendingen van mensenrechten. | |
Via ons internationale netwerk van applicatielabs – dat ook een aantal technische, uiterst klantgerichte centra omvat – en onze marktspecifieke klantportalen helpen we klanten concurrerende en duurzame producten te ontwikkelen.
Daarbij houden we rekening met de trends en marktbehoeften, en alle kennis die we opdoen komt in ons wereldwijde kennisbeheersysteem terecht. Op die manier stimuleren we waardecreatie bij Azelis.
| GRI | Kernprestatie-indicator (KPI) | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 | Doel 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Baseline voor duurzame producten, d.w.z. # duurzame producten in het productenportfolio | Lopende | Lopende | Lopende | Niet gemeten | In 2024 te bepalen | |
| % van de omzet afkomstig van op ESG beoordeelde leveranciers1 | 84.4% (β)2 | 75.2% | 55.8% | 52.0% | 80% |
Probleem: In de verschillende rechtsgebieden waarin we actief zijn is ons bedrijf gebonden aan allerlei snel veranderende wetten en regels.
Genomen maatregelen: We hebben een aantal stringente maatregelen voor product stewardship doorgevoerd, zodat we zo min mogelijk risico lopen dat we niet aan de wet- en regelgeving voldoen. Ook hebben we standaarden voor veiligheid, gezondheid, milieu en kwaliteit vastgelegd. Verder hebben we een netwerk van regionale functionarissen en lokale managers opgezet die er samen voor zorgen dat we aan alle productregelgeving voldoen en alle benodigde certificeringen hebben. Iedereen in dit netwerk heeft toegang tot ons centrale IT-systeem met actuele informatie over de geldende regelgeving. Ons SHEQ-team houdt ook op mondiaal niveau de veranderende regelgeving bij en controleert geregeld of we aan alle wet- en regelgeving voldoen. Hiervoor benut het team de gegevens die ons SHEQ-ondersteuningscentrum in Mumbai verzamelt. Daar houden ze alle productinformatie en documentatie over het veilige gebruik van producten op orde. In 2023 is er aan ons ERP-systeem extra functionaliteit toegevoegd waarmee rekening wordt gehouden met regionale verschillen in wet- en regelgeving. Daardoor kunnen we nu per land instellen wat de regels zijn, met name voor de etikettering en het transport.
Doreen van het Care-team in de VS
Probleem: We moeten zeker weten dat we aan de allerhoogste internationale kwaliteitsnormen voldoen. Daarom hebben we een kwaliteitsmanagementsysteem (QMS) nodig waarin alle processen, procedures en verantwoordelijkheden voor het halen van deze doelen zijn vastgelegd.
Genomen maatregelen: In EMEA werken Azelis en zijn entiteiten volgens de ISO 9001:2015-norm, waarin de eisen aan een kwaliteitsmanagementsysteem (QMS) zijn vastgelegd. Aan de hand van deze norm kunnen organisaties zorgen dat ze aan de eisen van klanten en andere stakeholders voldoen binnen de geldende wet- en regelgeving voor een product of dienst. In de hele EMEA-regio hebben we een aantal auditrondes gehouden, zodat we van elkaar kunnen leren en best practices kunnen uitwisselen. Bovendien heeft de organisatie zich beziggehouden met de verdere regionale afstemming van de belangrijkste procedures in EMEA. In 2023 hebben we in APAC nog eens zeven landelijke organisaties in ons regionale QMS opgenomen. Dat betekent dat er nu in totaal 12 landen in één gecertificeerd QMS voor APAC zitten. In de Americas zijn onze activiteiten in Canada, Mexico, Colombia en Vigon in de VS ook gecertificeerd voor ISO 9001:2015. In het vierde kwartaal van 2023 hebben we voor onze andere entiteiten in de VS een externe ISO9001-audit in gang gezet, die in het tweede kwartaal van 2024 moet zijn afgerond. Alle regionale kwaliteitsmanagementsystemen worden extern geverifieerd en gecontroleerd door gerenommeerde certificeringsinstanties. De entiteiten van Azelis die producten uit bepaalde categorieën distribueren, hebben ook een aantal andere verplichte certificeringen, zoals ISO 22000, ISO 45001, Organic, Bio, Cosmos, FCA, GDP en GMP.
Probleem: De sector speciale chemicaliën is altijd in beweging. Daarom is het belangrijk om de concurrentie voor te blijven door potentiële veranderingen in de markt vroegtijdig op te merken. Het gaat hierbij onder meer om veranderingen als stroomlijning van de distributie door klanten en principalen, een toenemende vraag naar diensten met toegevoegde waarde, veranderende regelgeving, trends in de richting van duurzame formules en ontwikkelingen op IT-gebied.
Genomen maatregelen: We hebben toeleveringsketens opgebouwd die tegen een stootje kunnen. Gezien de recente marktomstandigheden was dat een goede zet, met name toen COVID-19 de kop opstak en de internationale toelevering ontwrichtte. Wereldwijd hebben we meer dan 70 labs waar we onze technische expertise kunnen aanwenden om nieuwe toepassingen te ontwikkelen. Verder zorgt ons internationale team met specialisten ervoor dat we aan alle wet- en regelgeving voldoen. Deze specialisten kunnen terugvallen op onze digitale en regelgevende governance-structuren die we hiervoor hebben opgezet, zoals ons internationale team dat verantwoordelijk is voor het materiaalbeheer. Ook hebben we wereldwijd een digitaliseringsprogramma ingevoerd, zodat we onze marketing- en verkoopteams van geavanceerde analyses en dashboards kunnen voorzien en we onze klanten en principalen online beter kunnen bedienen. Op grond van deze inzichten in klanten en markttrends bepalen we welke waardetoevoegende diensten we ontwikkelen en leveren, zodat onze principalen nieuwe kansen kunnen benutten om hun omzet te vergroten en nieuwe toepassingen te ontwikkelen. Tot slot voeren we om de twee jaar een tevredenheidsonderzoek uit onder onze principalen en klanten om mogelijke tekortkomingen in ons serviceaanbod tijdig op te sporen en eventueel corrigerende maatregelen te kunnen nemen.
Probleem: We hebben een complexe toeleveringsketen, wat betekent dat we in een groot aantal landen producten inkopen. Daardoor staan we bloot aan ESG-risico’s als uitputting van natuurlijke hulpbronnen, schendingen van de mensenrechten en corruptie. Andere risico’s zijn pandemieën en ontwrichtingen van de internationale toeleveringsketen, zoals COVID-19 en de geopolitieke situatie na de Russische invasie in Oekraïne hebben laten zien. Al deze problemen kunnen nadelige gevolgen hebben voor onze reputatie, bedrijfsactiviteiten en financiële resultaten.
Genomen maatregelen: Voor het beheersen van de ESG-risico’s in onze toeleveringsketen hebben we een Duurzaamheidsbeleid en een Beleid voor Duurzame inkoop, die beide in 2022 zijn geëvalueerd. Verder beschikken we dankzij ons lidmaatschap van Together for Sustainability® over sterke due diligence-procedures en -tools waarmee we deze risico’s tot een minimum kunnen beperken. Zie Beoordeling van onze principalen voor meer informatie over ons Beleid voor duurzame inkoop.
Onze ambitie is en blijft een duurzamer productaanbod. Hieraan wordt gewerkt door een multidisciplinair team, dat in nauw contact staat met ons senior management. De strategische verduurzaming van onze productportfolio is naadloos geïntegreerd in onze sales- en marketingactiviteiten, met nadruk op de promotie van duurzame producten.
In 2021 zijn we begonnen met het classificeren van onze producten als duurzaam, mits onze zakenpartners daarvoor relevante documentatie kunnen voorleggen. Relevante documentatie is onder andere een RSPO-, Cosmos-, Bio- of Organic-certificering of een officiële verklaring van het bedrijf over de index van natuurlijke en/of biologische oorsprong voor de verschillende grondstoffen volgens de richtlijnen van ISO 16218 of een andere relevante richtlijn. Het SHEQ-ondersteuningscentrum van onze Groep controleert vervolgens aan de hand van de meegeleverde documentatie of aan de due diligence-eisen wordt voldaan.
Hoewel onze methodiek voor het bepalen van operationele doelstellingen op basis van de productdocumentatie ongewijzigd is gebleven, vergt de procedure nu meer tijd. Dat komt onder meer doordat de meegeleverde documentatie zorgvuldig moet worden gecontroleerd op juistheid en geldigheid. Een andere reden vormen de aanvullende maatregelen die we willen nemen op grond van het Europese SSbD-kader voor veiligheid en duurzaamheid. Deze maatregelen om de duurzaamheid van onze producten op grond van dit Europese kader te beoordelen onderstreept onze inzet om voor ons productaanbod aan de allerhoogste standaarden van duurzaamheid en verantwoording te willen voldoen.
Een team met deskundigen heeft een methodiek ontwikkeld om onze volledige productportfolio te beoordelen op basis van de inherente producteigenschappen van elk product. Hierbij wordt onder meer gekeken naar de toxiciteit voor mens en milieu, de veilige toepasbaarheid en de circulaire mogelijkheden. De verdere verfijning en beoordeling van deze aanpak worden naar verwachting in 2024 afgerond. Het eindresultaat moet een brede beoordeling zijn waarin milieucriteria, sociale criteria en marktgerelateerde criteria zijn verwerkt. Deze beoordeling gaat bovendien uit van ontwikkelingen in de regelgeving en wereldwijd beleid, waardoor we de duurzaamheid van ons productaanbod nog beter kunnen inschatten en verbeteren.
Bij de selectie van principalen en leveranciers speelt duurzaamheid een belangrijke rol. Als lid van Together for Sustainability® (TfS) evalueren we met behulp van EcoVadis®-assessments en TfS®-audits hoe onze toeleveringsketen het doet op gebieden als milieu, arbeidsomstandigheden en mensenrechten.
Deze assessments en audits zijn onderdeel van onze due diligence-procedure, zodat we eventuele mensenrechtenschendingen bij onze leveranciers tijdig kunnen identificeren en voorkomen. Het gaat hierbij onder meer om gezondheid en veiligheid, werktijd, vrijheid van vereniging, kinderarbeid en gedwongen arbeid. Verder beoordeelt EcoVadis® de milieucertificeringen van onze leveranciers, zoals ISO 14001 en Responsible Care®. Daardoor kunnen we eventuele milieukwesties en -risico’s in onze toeleveringsketen aanpakken.
In 2023 hebben we een lijst opgesteld met leveranciers die we als eerste aan een EcoVadis®-assessment willen onderwerpen. Hierbij hebben we ons laten leiden door hun plan van aanpak en budget voor de risicobeoordeling. We hebben gebruik gemaakt van een externe tool om zeker te zijn dat er voor elke leverancier een uitgebreid risicoprofiel aanwezig is. De leveranciers die we hebben uitgenodigd voor een TfS®-audit op hun locatie zijn geselecteerd op basis van de EcoVadis®-assessments van 2022 met de laagste scores.
Als uit de EcoVadis®-assessment en TfS®-audit blijkt dat corrigerende maatregelen nodig zijn bij bepaalde leveranciers, dan werken we samen met de principaal/leverancier om verbeteringen te realiseren en houden we daarna hun voortgang bij. In het zeldzame geval dat de maatregelen in onze ogen niet afdoende zijn, kunnen we het contract met de principaal/ leverancier beëindigen.
84,4% van onze totale omzet in 2023 hebben we behaald via leveranciers die we in 2023 aan een duurzaamheidsbeoordeling hebben onderworpen (vergeleken met 75,2% in 2022). Hierbij is de omzet die door nieuwe overnames is gegenereerd buiten beschouwing gelaten. Dat betekent dat we onze eigen doelstelling voor 2025, 80% van onze omzet via ESG-beoordeelde leveranciers, al twee jaar eerder hebben bereikt. De stijging ten opzichte van het jaar ervoor komt deels doordat we in elke regio en op Groepsniveau een duurzaamheidscoördinator hebben aangesteld, zodat we onze leveranciers in 2023 beter hebben kunnen opvolgen. Andere redenen voor het gestegen percentage zijn de training die we via EcoVadis® en TfS® aan onze leveranciers hebben aangeboden en de extra informatie we hebben verstrekt over de voordelen van een assessment en hoe die in z’n werk gaat.
Een op ESG-beoordeelde leverancier is volgens onze definitie een leverancier die met een geldige audit in de TfS®-auditpool is opgenomen of die een EcoVadis®-assessment heeft doorlopen, voor het einde van 2023 de vragenlijst heeft ingevuld en een scorekaart heeft die ofwel gepubliceerd is ofwel ter controle bij EcoVadis® ligt. Leveranciers met een EcoVadis®-score die op een verhoogd ESG-risico duidt, worden elk jaar beoordeeld. Leveranciers met een laag risico worden eens in de drie jaar beoordeeld. Zie voor meer informatie de paragraaf ‘Methodiek’ van dit geïntegreerd verslag.
Bruce van het A&ES-team in China
TfS stelt de feitelijke internationale norm vast voor de prestaties van chemische toeleveringsketens op het gebied van milieu-, samenleving en governance. TfS heeft sterke en onafhankelijke due diligence-procedures opgesteld waarbij gebruik wordt gemaakt van ESG-beoordelingen en -audits in de toeleveringsketen, en waarbij leveranciers worden beoordeeld aan de hand van MVO-beginselen, zoals sociale kwesties en milieu- en governancepraktijken. TfS stelt de benodigde gedeelde infrastructuur beschikbaar om beoordelingen en audits te kunnen uitvoeren, wat leidt tot leveringszekerheid, veerkracht en een proactief beheer van reputatie- en regelgevingsrisico’s. Het ledenbestand van TfS bestaat uit chemische bedrijven die samen goed zijn voor een jaaromzet van ruim € 800 miljard (per april 2023).
Azelis heeft een wereldwijd netwerk van applicatielabs, zodat we onze klanten overal met onze technische expertise kunnen ondersteunen. In 2023 is het aantal volledig uitgeruste en bemande laboratoria verder gegroeid tot meer dan 70. Hiertoe rekenen we ook een aantal locaties met geavanceerde technische apparatuur. Deze uitbreiding omvat onder meer directe investeringen in een aantal nieuwe labs, zoals voor Personal Care in Zuid-Afrika, Spanje en Guatemala, Pharmaceuticals & Health in het Verenigd Koninkrijk en Food & Nutrition in Singapore.
Azelis heeft een aantal vestigingen verplaatst om de bedrijfsvoering te stroomlijnen of nieuwe groeimogelijkheden te faciliteren. Een voorbeeld hiervan is het nieuwe Europese Lubricants and Metalworking Fluids-lab (LMWF) in Italië. Daarnaast hebben we een nieuwe locatie geopend in Princeton, New Jersey, waarin de labs voor Personal Care, Home Care & Industrial Cleaning en LMWF zijn ondergebracht. Het aantal technische faciliteiten groeit ook door overnames, zoals recentelijk Vogler in Brazilië. Hierdoor hebben we nu een nog robuuster netwerk van technische laboratoria.
De afgelopen 12 maanden is het aantal applicatielabs van Azelis Turkije gegroeid naar vier. Deze bedienen de markten Food & Nutrition, Personal Care, Pharmaceuticals & Healthcare en CASE. Al deze labs willen de allerbeste oplossingen voor onze klanten, die hoge eisen stellen, ontwikkelen en innovaties in hun eigen sector introduceren. Onlangs hebben we, omwille van strategische overwegingen, ons Food & Nutrition-applicatielab van de allernieuwste apparatuur voorzien en naar een groter pand verhuisd, aangezien we ons serviceaanbod willen verbeteren. Deze investering laat zien dat we altijd bezig zijn met het vergroten van onze capaciteit en het nodige doen om te kunnen inspelen op de veranderende vraag van onze klanten. Het vernieuwde laboratorium is klaar om een nog hogere productie en onderscheidende oplossingen te leveren. Daardoor zijn we nog beter uitgerust om onze klanten goede resultaten te laten behalen in de dynamische voedingsmiddelenindustrie.
Hakan van het CASE-team in Turkije
Azelis India heeft naast kantoren ook voor alle grote marktsegmenten een applicatielab: Agricultural & Environmental Solutions, CASE, Food & Nutrition, Personal Care, Home Care & Industrial Cleaning en Pharmaceuticals & Healthcare. Dit is in lijn met de strategische visie van Azelis om onze expertise en innovatieve oplossingen naar een breder publiek te brengen, ten voordele van onze klanten en principalen en tegelijkertijd lokale en regionale bedrijfsgroei te ondersteunen.
Doordat we voortdurend hebben geïnvesteerd, zijn de Pharma-afdeling en alle labs in India voorzien van alle benodigde apparatuur om nieuwe formuleringen voor orale doseringsvormen (vast en vloeibaar) en lokale toediening te ontwikkelen, technische uitdagingen op te lossen en klantdemonstraties te geven. In combinatie met een efficiënt team stelt dit ons beter in staat om allerlei verschillende toepassingen aan te bieden, zoals doseringsvormen, smaak- en geurmaskering en verbeteringen in de oplosbaarheid en stabiliteit., en ook duurzame oplossingen zoals een verbeterd productieproces.
De Agricultural & Environmental Solutions-labs kunnen met alle soorten formuleringen overweg, van emulgeerbare concentraten op oplosmiddelbasis en suspensieconcentraten op waterbasis tot poeders en korrels, en van klassieke formules tot de allernieuwste milieuvriendelijke oplossingen. Dit verkort de ontwikkelingstijd voor onze klanten, zodat ze hun product sneller op de markt kunnen brengen.
De Food & Nutrition-, Home Care & Industrial Cleaning- en CASE-labs zijn sterk toepassingsgericht. Ze helpen principalen met de promotie van hun producten en ontwikkelen unieke oplossingen voor klanten, allemaal dankzij onze technische expertise en uitrusting en onze laterale waardeketen. Doordat het team zo veel weet van chemische stoffen en processen, kunnen ze klanten ook helpen met het opschalen van hun activiteiten in hun eigen fabriek.
Kiran en Pranjali van het CASE-team in India
Bij Azelis vinden we dat innovatie meer is dan alleen een technische prestatie. Innovatie is ook sterk afhankelijk van de mate waarin een organisatie ook daadwerkelijk op innovatie gericht is. Omdat we innovatie belangrijk vinden, hebben we besloten om de beste interne innovaties een prijs te geven. Op die manier belonen we afgeronde projecten die zich op technisch vlak onderscheiden én een commercieel succes zijn geworden – de twee belangrijkste aspecten van een innovatie. Conform de duurzame ambities van Azelis is er nog een derde criterium: projecten komen alleen in aanmerking voor een prijs als ze ook een voordeel op duurzaamheidsgebied opleveren, zoals een energie- of waterbesparing voor onze klanten.
Tot slot zijn deze prijzen ook bedoeld om iedereen binnen Azelis aan te zetten tot meer brainstormsessies en meer onderlinge samenwerking. Elke inzending moet daarom vergezeld gaan van een toelichting op hoe het team zijn innovatieve idee heeft omgezet in een commercieel product. De winnaars van het eerste jaarlijkse programma worden begin 2024 bekendgemaakt.
Amanda van het Personal Care-team in de VS
| Wat we tot nu toe gedaan hebben | ||||
In samenwerking met onze principalen inventariseren we de producten die bijdragen aan duurzaamheid, bijvoorbeeld door reductie van hun CO2-voetafdruk. Daarnaast bevorderen we veiligere chemicaliën.
|
| Via ons netwerk van deskundigen inzake Safety, Health, Environment en Quality (SHEQ) bewaken we de voor productbeheer relevante internationale verdragen en beleidsinitiatieven en het milieu-effect van onze producten.
|
|
|
| Wat we van plan zijn te doen | ||||
|
|
|
|
|
Bij Azelis willen we de invloed van onze bedrijfsactiviteiten op het milieu tot een minimum beperken, met name op het gebied van klimaatverandering en afval. Daar werken we dan ook voortdurend aan.
Om klimaatverandering tegen te gaan, focussen we op een efficiënter energiegebruik en een verhoogd gebruik van hernieuwbare energie. Verder helpen we principalen en leveranciers met het verminderen van hun uitstoot, zodat ze hun eigen targets kunnen halen.
Sinds 2022 richten we ons op onze belangrijkste bedrijfsafvalstromen: magazijnen, laboratoria, productielocaties en producten die als afval worden afgevoerd. In 2023 hebben we onze afvalverslaggeving nog nauwkeuriger gemaakt. Dewelke vanaf nu gebaseerd is op actuele informatie of onderbouwde inschattingen voor de gehele Groep.
We zetten sterk in op het behalen van onze doelstelling van nul milieu-incidenten, en voor elk bedrijf dat we overnemen controleren we of het aan onze milieunormen voldoet.
| GRI | Kernprestatie-indicator (KPI) | 2023 | 20221 | 2021 | 2020 | Doel 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 305-4 | CO2 emissie-intensiteit, Scope 1 & 2 (tCO2e/omzet in miljoen €)2 | 3.62 LB / 3.40 MB (β)3 | 3.34 LB / 3.12 MB | 3.58 | 3.75 | 3.57 |
| 306-2 | Totaal geproduceerd afval (t) | 4,013.6 | 3,342.5 | 2,289.0 | 2,721.2 | In 2024 te bepalen |
| Totaal gevaarlijk (t) | 1,559.2 | 825.2 | 730.3 | 955.0 | In 2024 te bepalen | |
| Totaal ongevaarlijk (t) | 2,454.4 | 2,517.3 | 1,558.7 | 1,766.2 | In 2024 te bepalen | |
| # Milieu-incidenten | 1 | 2 | 0 | 0 | 0 |
Probleem: Extreme weersomstandigheden en natuurrampen die het gevolg zijn van klimaatverandering zouden onze bedrijfsvoering kunnen ontwrichten en kunnen wereldwijd ook negatieve sociale gevolgen voor samenlevingen hebben. Bovendien moeten we onze CO₂-uitstoot vanwege de wereldwijde consensus over de opwarming van de aarde verlagen om reputatieschade te voorkomen. Nu er striktere milieuvoorschriften gaan gelden, zoals de nieuwe EU-richtlijn voor duurzaamheidsverslaggeving (CSRD) en de verplichting in tal van rechtsgebieden om klimaatgerelateerde financiële informatie te publiceren, moeten we zorgen dat we aan alle regels voldoen om boetes te vermijden.
Genomen maatregelen: We werken samen met onze principalen en klanten aan de ontwikkeling van nieuwe, innovatieve oplossingen waardoor de hele sector kan bijdragen tot het afremmen van klimaatverandering (bijv. formuleringen die tot minder energie- of waterverbruik leiden).
Mede vanwege de eisen van de CSRD en de EU-taxonomie zijn we in 2023 begonnen met onze eigen klimaatrisico’s te beoordelen om de materialiteit van klimaatgerelateerde risico’s en -kansen in kaart te brengen, inclusief fysieke risico’s en transitierisico’s, en de mate waarin Azelis bestand is tegen deze risico’s.
Probleem: We werken met chemische stoffen, dus elk verontreinigingsincident kan serieuze gevolgen hebben. Als we er niet voor zorgen dat iedereen veilig omgaat met de materialen waar we mee werken en die we als afval moeten afvoeren, lopen we de kans om juridisch vervolgd te worden, een boete opgelegd te krijgen, klanten te verliezen en schade aan onze reputatie op te lopen.
Genomen maatregelen: In Action 2025 is een stappenplan opgenomen voor het nemen van preventieve maatregelen en het invoeren van waterdichte procedures en een streng verslaggevingsproces. We hebben ons verbonden aan het Responsible Care®- en Responsible Distribution®-programma van de chemiesector. Deze programma’s zijn ontworpen voortdurende verbetering te garanderen op gebied van gezondheid, veiligheid en milieu bij het gebruik van chemicaliën. We stemmen onze strategie voor milieubeheer af op deze programma’s, en de meeste entiteiten van Azelis zijn voor een of beide programma’s gecertificeerd.
De grootste bijdrage die we kunnen leveren aan de strijd tegen klimaatverandering is minder broeikasgassen uitstoten. We controleren maandelijks onze scope 1- en scope 2-uitstoot (waar we grotendeels zelf invloed op hebben) en onze scope 3-uitstoot (indirecte uitstoot die afkomstig is van onze upstream- en downstreamactiviteiten).
De afgelopen jaren hebben we een specifieke maatregelen genomen om onze scope 1- en scope 2-uitstoot te verlagen, waaronder de installatie van zonnepanelen, de inkoop van schone energie en het instellen van een mobiliteitsbudget als alternatief voor een leaseauto. In 2023 was er sprake van een kleine toename van onze CO2 emissie-intensiteit. De stijging werd veroorzaakt door de toevoeging van de uitstoot van de overgenomen bedrijven, terwijl onze organische omzet niet in dezelfde mate is gestegen. Desalniettemin gaan we verder met onze inspanningen om onze CO₂-beperkte maatregelen te implementeren. Tegelijkertijd zijn we ook met onze principalen en leveranciers aan de slag gegaan om onze scope 3-uitstoot te verkleinen.
Dat we onze target hebben gehaald, komt hoofdzakelijk door twee factoren. Ten eerste hebben we een aantal maatregelen genomen om onze uitstoot te verlagen en sinds 2021 hebben we onze methode om de CO2 emissie-intensiteit te berekenen verbeterd. Verder is onze CO₂-uitstoot minder sterk gestegen in vergelijking tot de omzet. In 2022 hebben we de eerste target voor onze scope 1- en scope 2-uitstoot al drie jaar voor de deadline gehaald. Ten opzichte van het referentiejaar 2019 hebben we onze intensiteit met 33,2% weten te verlagen, en overtreffen daarmee de target van 25% die in Action 2025 is vastgelegd. Sinds de publicatie van het Azelis-duurzaamheidsverslag van 2022 zijn de berekeningen van de intensiteit van onze CO₂-uitstoot bijgewerkt en aangepast op grond van onze continue kwaliteitsbeoordeling, terwijl de targets hetzelfde zijn gebleven. De KPI voor 2022 is aangepast vanwege gewijzigde omrekeningsfactoren, en ook om er bijgewerkte, nauwkeurigere gegevens in te verwerken.
Hierdoor wijkt de gerapporteerde waarde in het geïntegreerd verslag van 2023 (3,34 LB/3,12 MB) enigszins af van de waarde die in het duurzaamheidsverslag van 2022 (3,48 LB/3,36 MB) vermeld staat.
In 2023 (3,35 tCO2e per mln € omzet) hebben we een afname van 29,6 % gerealiseerd ten opzichte van het referentiepunt van 2019, 4,76 tCO2e per mln € omzet. Per einde 2023 hadden we een CO2-intensiteit van 3,62 LB/3,40 MB tCO2e per mln € omzet. Daarmee zijn we goed op weg om onze target voor 2030 te halen: een verlaging van onze intensiteit met 50% tot 2,38 tCO2e per mln € omzet. De toename van de CO₂-uitstoot ten opzichte van de toename van de omzet heeft in 2023 tot een kleine toename van de emissie-intensiteit ten opzichte van 2022 geleid.
We willen graag een beter resultaat halen voor de KPI voor de CO2-intensiteit. Daarom hebben we in 2023 aan een decarbonisatiestrategie gewerkt na de beslissing van ons Uitvoerend Comité om conform het Science Based Targets initiative (SBTi) voor alle toepassingsgebieden absolute CO₂-reductiedoelen te stellen. Ons Duurzaamheidscomité heeft ingestemd met de herziening van deze doelstelling en de aanpak. Voor ons is een nieuwe ambitieuze doelstelling een uitdaging omdat ons bedrijf vanwege de vele overnames elk jaar groter wordt – en onze CO₂-uitstoot bijgevolg ook. In 2023 hebben we een externe adviseur aangesteld om ons te helpen met een doelstelling te bepalen die rekening houdt met onze jaarlijkse groei via overnames. Nadere informatie over de nieuwe aanpak wordt in ons verslag over boekjaar 2024 gepubliceerd.
| In tCO2e | 2023 | 20221 | 2021 | 2020 | 2019 |
|---|---|---|---|---|---|
| Scope 1 | 9,283 | 8,113 | 6,661 | 6,681 | 6,466 |
| Scope 22 | 3,083 | 3,122 | 2,490 | 2,943 | 3,497 |
| Scopes 1 + 2 | 12,366 | 11,235 | 9,152 | 9,624 | 9,963 |
| GRI | Kernprestatie-indicator (KPI) | Unit | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 | 2019 | Doel 2025 (25% 2019) | Doel 2030 (50% 2019) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 305-4 | Ratio CO2-emissies per miljoen € omzet (Scope 1 & Scope 2) | tCO2e/ miljoen € | 3.62 LB / 3.40 MB | 3.34 LB / 3.12 MB | 3.58 | 3.75 | 4.76 | 3.57 | 2.38 |
In 2022 hebben we onszelf opgelegd om vanaf 2023 elk jaar € 1,5 miljoen in een fonds te storten voor de financiering van projecten die klimaatverandering tegengaan. Zo verlagen we de scope 1- en scope 2-uitstoot van onze laboratoria, kantoren en andere gebouwen door dit geld bijvoorbeeld te gebruiken voor de installatie van meer zonnepanelen, de verdere isolatie van onze gebouwen en de aanschaf van apparatuur en verlichting die minder energie verbruiken.
Naar aanleiding van onze decarbonisatiestrategie hebben we in 2023 voor een geselecteerd aantal locaties onderzocht of er mogelijkheden waren om efficiënter met energie om te gaan. Daarbij hebben we met name gekeken naar het terugdringen van ons gasgebruik van gas, stookolie en diesel. Onze externe partner heeft ons hierbij geholpen. De uitkomst van dit onderzoek in het kader van onze decarbonisatiestrategie wordt in het verslag over boekjaar 2024 bekendgemaakt, dat in 2025 wordt gepubliceerd.
Dankzij onze digitaliseringsinvesteringen hebben we de CO₂-voetafdruk van onze IT-activiteiten aanzienlijk kunnen verkleinen.
In 2022 hebben we al onze IT-systemen naar de cloud gemigreerd. Sindsdien maken we geen gebruik meer van reguliere datacenters. Doordat onze gegevens nu door cloudproviders als Microsoft Azure en Google Cloud worden opgeslagen, valt onze CO₂-intensiteit 97% lager uit dan bij traditionele methoden. In absolute cijfers is de uitstoot van deze bron echter wel gegroeid, doordat ons bedrijf verder is gegroeid.
Overgenomen bedrijven die nog met oudere applicaties werken in traditionelere datacenters, zetten we altijd over naar onze energie-efficiënte cloudomgeving. In 2023 heeft het PMI-team van Azelis 17 overgenomen bedrijven in onze omgeving geïntegreerd.
We hebben aan de inkoop van hernieuwbare energie geen target gekoppeld, maar raden al onze relevante afdelingen aan om hernieuwbare energie in te kopen als die voorhanden is. In 2021 en 2022 werd alleen in de EMEA-regio het totale verbruik van groene stroom gerapporteerd.
In 2023 hebben we er nog meer werk van gemaakt om in onze drie regio’s groene stroom in te kopen of zelf op te wekken. Uitgaande van de eerste drie kwartalen van 2022 en 2023 is het percentage groene stroom in ons totale stroomverbruik wereldwijd gegroeid van 21% in 2022 naar 30% in 2023. Onze drie regio's hebben hier allemaal aan bijgedragen. De grootste bijdrage werd geleverd door:
Americas: In the Verenigde Staten is Vigon overgestapt op een contract voor groene stroom (toename van 107% van regionaal verbruik van groene stroom in de eerste drie kwartalen van 2023 ten opzichte van de eerste drie kwartalen van 2022).
APAC: In Australië zijn in 2023 zonnepanelen geïnstalleerd en in gebruik genomen.
EMEA: In Denemarken is Smoke Ingredients overgestapt op een contract voor groene stroom. Regionaal hebben we dankzij verschillende lokale initiatieven in de eerste drie kwartalen van 2023 39% meer ingekochte groene stroom verbruikt ten opzichte van de eerste drie kwartalen van 2022.
Meer dan 99% van onze uitstoot van broeikasgassen is indirect. Dat wil zeggen dat deze uitstoot niet afkomstig is van onze eigen bedrijfsactiviteiten, maar elders binnen onze waardeketen wordt gegenereerd (scope 3). In 2023 hebben we onze berekeningsmethode met ondersteuning van Schneider Electric bijgewerkt en de nauwkeurigheid van onze scope 3-berekeningen verder verbeterd door waar mogelijk gegevens te gebruiken die specifiek zijn voor Azelis. De scope 3-uitstoot wordt gemeten in lijn met het wereldwijd erkende Greenhouse Gas Protocol. Meer dan 90% van onze scope 3-uitstoot is afkomstig van de goederen en diensten die we inkopen (66,1%) en van de verwerking van goederen die wij mede hebben geproduceerd en die aan het einde van hun levenscyclus zijn gekomen (27,8%).
Ook zijn we met onze werknemers in gesprek over manieren om het woon-werkverkeer terug te brengen. Naar verwachting dragen onze richtlijnen voor een hybride werkomgeving bij tot minder verkeer.
Als lid van Together for Sustainability® (TfS) dragen we eraan bij dat de chemische industrie een geharmoniseerde aanpak ontwikkelt voor de berekening van de CO₂-voetafdruk van chemische producten. De TfS®-richtlijnen leiden ook tot meer transparantie in de gehele toeleveringsketen. In 2024 werkt TfS® verder aan de ontwikkeling van een tool waarmee chemische bedrijven de CO₂-voetafdruk van hun producten bekend kunnen maken.
| Categorie | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|
| 1. Aangekochte goederen en diensten | 2,673,996 | 2,841,605 | 2,648,421 | 2,026,513 |
| 2. Kapitaalgoederen | 21,728 | Niet gerapporteerd | Niet gerapporteerd | Niet gerapporteerd |
| 3. Brandstof- en energiegerelateerde activiteiten | 3,760 | 74,827 | 68,714 | 5,946 |
| 4. Upstream transport | 71,952 | 60,436 | 51,136 | 55,424 |
| 5. Afval dat op operationele locaties wordt geproduceerd1 | 1,320 | 9,131 | 8,385 | 7,590 |
| 6. Zakenreizen | 2,748 | 1,654 | 439 | 6,501 |
| 7. Woon-werkverkeer werknemers1 | 1,207 | 3,579 | 3,287 | 2,975 |
| 8. Upstream geleasede activa | N/A | N/A | N/A | N/A |
| 9. Downstream transport1 | 24,396 | 22,607 | 20,760 | 18,792 |
| 10. Verwerking van verkochte producten | 118,712 | 110,963 | 101,898 | 276,202 |
| 11. Gebruik van verkochte producten | N/A | 520,505 | 477,982 | not reported |
| 12. Einde levensduur verkochte producten | 1,123,918 | 746,414 | 651,914 | 634,239 |
| 13. Downstream geleasede activa | N/A | N/A | N/A | N/A |
| 14. Franchises | N/A | N/A | N/A | N/A |
| 15. Investeringen | N/A | N/A | N/A | N/A |
| Totale CO2 -emissie in Scope 3 | 4,043,737 | 4,391,721 | 4,032,935 | 3,034,183 |
De berekening van de exacte hoeveelheid afval die we produceren en het vaststellen van een referentiepunt voor de verslaggeving zijn een van de meest uitdagende taken. Als eerste stap hebben we een methode ontwikkeld om nauwkeurigere cijfers te verzamelen. Daarna hebben we in 2023 een referentiepunt voor de verslaggeving van gevaarlijke en niet-gevaarlijke afvalstoffen vastgesteld.
Ons team in India heeft in het kader van ons
‘Because giving back matters’-programma een stuk strand schoongemaakt
In Europa verstrekken afvalverwerkende bedrijven doorgaans nauwkeurige informatie over het tonnage en de classificatie van het afval dat ze bij ons ophalen en hoeveel daarvan wordt gerecycled.
In andere delen van de wereld krijgen we deze informatie veel minder vaak. Hierdoor is de hoeveelheid buiten Europa gegenereerde afval vaak gebaseerd op inschattingen.
In 2022 hebben we besloten de gegevens van onze kantoren niet meer mee te tellen, omdat die niet materieel zijn. We nemen nu enkel het afval mee dat door onze laboratoria, magazijnen, operationele centra en menglocaties wordt geproduceerd, waardoor de berekeningen voor 2023 een stuk nauwkeuriger zijn. Dat betekent dat we nu een goed referentiepunt hebben voor het vaststellen van een target voor de vermindering van onze gevaarlijke versus niet-gevaarlijke afvalstoffen en de hoeveelheid afval die niet op een vuilstort terechtkomt.
De hoeveelheid afval die tijdens onze bedrijfsactiviteiten is gegenereerd, is in 2023 gestegen van 3.342,5 ton in 2022 naar 4.013,6 ton. Deze stijging komt hoofdzakelijk door de volledige integratie van onze overname in Zuid-Korea (aandelentransactie in juli 2021). Vanwege de 12-maandenregel voor nieuwe overnames waren de cijfers voor deze overname maar voor een deel opgenomen in de totale hoeveelheid afval die we in 2022 hebben gegenereerd. Verder is het afvalcijfer voor 2022 ook aangepast ten opzichte van het cijfer in het duurzaamheidsverslag voor 2022, omdat we inmiddels over nauwkeurigere informatie beschikken.
Dat het lastig is om gegevens over ons afval te verzamelen, weerhoudt ons er echter niet van om minder afval te produceren of de hoeveelheid onbehandeld afval die op een vuilstort terechtkomt te verminderen.
Mede dankzij de verzamelde gegevens kunnen we vaststellen welke locaties aanzienlijke hoeveelheden afval produceren en voor die locaties afvalbeperkende maatregelen afspreken.
We zijn van plan om voor al onze bedrijfsactiviteiten over de hele wereld strenge criteria voor afvalbeheer te hanteren. Verder houden we ons al jaren aan het Responsible Care®- (RC) en Responsible Distribution®-programma (RD), twee vrijwillige initiatieven die gericht zijn op continue verbetering van de prestaties op het gebied van Health, Safety and Environment (HSE) binnen de wereldwijde chemische industrie. We stemmen onze strategie voor milieubeheer af op het RC- en RD-programma dat door de desbetreffende nationale organisaties wordt gesteund, zodat we zeker weten dat we op een duurzame manier met onze grondstoffen omgaan.
Het merendeel van onze entiteiten is voor RC of RD gecertificeerd. De enige uitzonderingen bevinden zich in landen zonder nationale vereniging van chemische distributeurs of zonder RC- of RD-programma voor distributeurs van chemische stoffen.
Zodra we bedrijven hebben overgenomen, zoeken we uit hoe we hun milieugedrag kunnen verbeteren. Dit onderzoek maakt standaard deel uit van ons post merger-programma.
Wanneer de milieu- of duurzaamheidsnormen van het desbetreffende land minder streng zijn dan die van de Azelis Groep, gaan we aan de slag om de overgenomen bedrijven aan onze normen te laten voldoen.
Als eerste stap integreren we elk overgenomen bedrijf in ons interne milieuverslaggevingssysteem. Meestal wordt dan al snel duidelijk wat er direct moet worden aangepakt en wat er verder nog kan worden verbeterd. Daarna houden we de milieu-impacten van onze overnames net zo nauw in de gaten als hun financiële prestaties, en zorgen we dat al hun milieugegevens na 12 maanden worden meegenomen in onze milieuverslaggeving.
Onze operationele locaties bevinden zich niet in gebieden met veel biodiversiteit en vormen geen materieel risico voor de biodiversiteit. Volgens onze meest recente materialiteitsbeoordeling hebben we qua verontreiniging een matig effect op de biodiversiteit. Toch voeren we op basis van de richtlijnen van de CSRD een dubbele materialiteitsbeoordeling uit, waarbij we de materialiteit van de biodiversiteit opnieuw evalueren.
We vinden het belangrijk de biodiversiteit te beschermen en een bijdrage te leveren aan het behoud van de verscheidenheid van het leven op aarde. We stimuleren onze stakeholders in de waardeketen, zoals onze principalen, klanten en werknemers, om de biodiversiteit te allen tijde te beschermen door producten met een duurzame herkomst in te kopen.
We zijn geen grootverbruiker van water, en voor onze bedrijfsactiviteiten vormt waterschaarste geen groot risico. Toch meten we ons waterverbruik en houden we de trends op dit gebied bij. Volgens onze eigen beoordeling hebben we geen significant effect op de lokale ecosystemen. Ons waterverbruik is opgenomen in Bijlage – ESG-indicatoren en andere tabellen. Dat ons waterverbruik ten opzichte van 2022 is toegenomen, kan worden verklaard door een ondergrondse waterlekkage op onze locatie in Italië in het derde kwartaal van 2023 en door de volledige opname van Coseal (Zuid-Korea) in de duurzaamheidsverslaggeving.
Bij Azelis definiëren we een milieu-incident als een gebeurtenis die schadelijke gevolgen heeft – of kan hebben – voor de lucht, het water, de bodem, de fauna of de plaatselijke leefomgeving. Dit kan van alles zijn: lekkage van een chemische stof, luchtverontreiniging, illegale afvaldumping of een brand die wordt veroorzaakt door chemische stoffen op een van onze locaties. Onder milieu-incidenten vallen alle incidenten die niet tot onze eigen locatie beperkt blijven en/of moeten worden gemeld bij de plaatselijke autoriteiten.
Het nieuwe SHE-beleid voor de Groep is in 2021 opgesteld en begin 2022 goedgekeurd door ons Uitvoerend Comité. Daarna is het binnen heel Azelis doorgevoerd. Dit beleid onderstreept dat onze werknemers zorgvuldig met het milieu moeten omgaan, het gebruik van natuurlijke hulpbronnen moeten terugdringen, zo min mogelijk afval moeten produceren en zich aan alle eisen op het gebied van afvalbeheer moeten houden.
Het afgelopen jaar hebben we een online HSE-app ontwikkeld. Daarin kunnen onze werknemers ongevallen en bijna-ongevallen op een gestandaardiseerde manier melden. Eventueel genomen maatregelen worden in het gehele bedrijf bekendgemaakt, zodat we daar allemaal lering uit kunnen trekken. Dankzij deze nieuwe, gebruiksvriendelijke app kan het SHEQ-team grondig analyseren wat er mis is gegaan en waardevolle informatie verzamelen waarmee ze trends en verbeterpunten voor onze toekomstige locaties en voor onze eigen milieu-impacten in kaart kunnen brengen. Verder vonden we het belangrijk dat de gegevens van deze app in ons CRM-systeem terechtkomen en wilden we een geautomatiseerd meldingssysteem voor status-updates, zodat we geregeld worden geïnformeerd over de voortgang van het oplossen van incidenten.
In onze HSE-tool worden milieu-incidenten vastgelegd die zich in onze eigen magazijnen, in magazijnen van derden en tijdens transport voordoen. Helaas is in Zuid-Korea een milieu-incident gemeld waarbij 110 kg zoutzuur (35%) is weggelekt uit een verouderde opslagtank. De lekkage is gestopt en had geen gevolgen voor de omgeving van de locatie. Het gelekte product is op de juiste wijze afgevoerd, en het incident is bij de lokale instanties gemeld.
Azelis heeft het National Chemical Emergency Centre (NCEC) in het Verenigd Koninkrijk gekozen als wereldwijde alarmcentrale. Via het Carechem 24-programma staat het NCEC 24/7 klaar om hulp te verlenen bij incidenten met producten van Azelis die zich buiten onze bedrijfslocaties voordoen (bijvoorbeeld tijdens het transport of in een magazijn van een andere partij). In 2023 hebben we een systeem geïmplementeerd waardoor de NCEC rechtstreeks toegang heeft tot onze veiligheidsbladen. Daardoor kunnen ze onze klanten goed informeren over wat die moeten doen als zich een incident heeft voorgedaan. Tot nu toe hebben we het NCEC nog geen enkele keer hoeven inschakelen vanwege een ernstig incident.
| Wat we tot nu toe gedaan hebben | |||
|
|
|
|
| Wat we van plan zijn te doen | |||
| We zullen:
| Vanuit onze inzet voor de vermindering van onze emissies verkleinen we het effect van CO2 op het ‘leven onder water’.
|
|
Toen Azelis in 2010 aan de slag ging met het opzetten van een breed nalevingskader, lag de focus allereerst op het formuleren van een norm voor ethisch verantwoord ondernemen.
| GRI | Kernprestatie-indicator (KPI) | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 | Doel 2025 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 419-1 | Aantal materiële overtredingen van wet- en regelgeving in de landen waar we actief zijn1 | 0 (β)2 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 205-2 | Aantal materiële schendingen van het integriteitsbeleid3 | 6 (β)4 | 5 | 0 | 1 | 0 |
| 205-3 | % werknemers opgeleid in ethische en eerlijke bedrijfspraktijken5 | 99.6% (β)4 | 98.6% | 98.9% | 99.4% | 100% |
| 205-4 | % werknemers geslaagd voor jaarlijkse opleiding integer gedrag6 | 98.9% (β)4 | 98.5% | 98.8% | 99.3% | 100% |
| 413-1 | % locaties met een crisisbeheer- en bedrijfscontinuïteitsplan | 31% | Niet gerapporteerd | Niet gerapporteerd | Niet gerapporteerd | 100% |
Deze norm is opgenomen in onze Gedragscode, die ook nu nog de hoeksteen van het compliance-programma van Azelis vormt. Sindsdien zijn er allerlei beleidsregels en protocollen bijgekomen, onder meer op het gebied van omkopings- en fraudepreventie, concurrentie, gegevensprivacy en exportbeperkingen.
In 2023 hebben we nieuw beleid doorgevoerd dat ongewenste gedrag tijdens evenementen moet voorkomen, ongeacht of deze evenementen door ons of door een externe partij zijn georganiseerd.
We vinden het belangrijk dat iedereen binnen onze organisatie te allen tijde ethisch verantwoord handelt, dus daar trainen we al onze mensen in. In november 2023 heeft Azelis voor de achtste achtereenvolgende keer de jaarlijkse kennistest op het gebied van ethisch verantwoord ondernemen online gezet. Daar heeft 99,6% van alle werknemers aan meegedaan. De werknemers die niet hebben meegedaan of die voor deze test zijn gezakt (score van minder dan 80%) moeten verplicht een compliance-training over ethische bedrijfspraktijken volgen.
In onze Action 2025-duurzaamheidsstrategie hebben we ook een aantal deugdelijk bestuur-doelen vastgelegd. We zijn trots dat we in 2023 opnieuw geen enkele materiële schending van de wet- en regelgeving hebben hoeven noteren. Voor de beoordeling van onze prestaties voor deze KPI gingen we voorheen alleen uit van inbreuken die hebben geresulteerd in een totale aansprakelijkheid, schade, verlies, kosten of uitgaven van € 500.000 of meer. Inmiddels wegen we ook een strafrechtelijke aansprakelijkheid van Azelis, haar bestuurders, functionarissen of werknemers mee.
We blijven onze werknemers aanmoedigen om hun zorgen over ethische kwesties te uiten als integraal onderdeel van een veilige werkomgeving, en de laatste tijd is het aantal meldingen via onze extern gerunde SpeakUp!-lijn toegenomen. Daardoor kunnen we eventuele ethische kwesties binnen onze organisatie beter opsporen en ook meteen aanvullende maatregelen nemen om die in het vervolg te voorkomen.
Tot slot hebben we voor onze productielocaties, magazijnen, applicatielaboratoria en kantoren een template voor een crisisbeheer- en bedrijfscontinuïteitsplan opgesteld. In 2023 beschikte reeds 31% van onze locaties een functioneel plan voor crisisbeheersing en bedrijfscontinuïteit. Conform de Action 2025-duurzaamheidsstrategie gaan we onze huidige plannen aanpassen aan de eerder genoemde groepsnorm en ook nieuwe plannen ontwikkelen, zodat eind 2025 al onze locaties een uitgebreid crisisbeheer- en bedrijfscontinuïteitsplan hebben.
Azelis wil zich te allen tijde aan alle toepasselijke wet- en regelgeving houden en altijd op een eerlijke manier zakendoen. Hiervoor hebben we de volgende risico’s in kaart gebracht.
Probleem: Azelis is een snelgroeiende beursgenoteerde vennootschap. Dat betekent dat we ook aan steeds meer regelgeving moeten voldoen, onder meer op het gebied van openbare kennisgeving, marktmisbruik, mededinging, gegevensbescherming, exportbeperkingen, gezondheid, veiligheid en milieu.
Genomen maatregelen: We houden alle veranderende wet- en regelgeving voor de belangrijkste aspecten van onze bedrijfsvoering nauwlettend in de gaten, zodat we daar altijd volledig aan voldoen. Daarvoor investeren we in de nodige mensen en hulpmiddelen. Een panel met nationale en internationale adviseurs helpt ons alle nodige maatregelen te nemen om aan de veranderingen in de regelgeving te voldoen.
Probleem: We groeien voortdurend door andere bedrijven over te nemen. Sommige daarvan bevinden zich in landen die bijzonder kwetsbaar zijn voor malafide praktijken. Daardoor lopen we het risico dat onze mensen zich onethisch gedragen en zich niet aan ons beleid houden.
Genomen maatregelen: We hebben inmiddels een goed getest controle- en nalevingskader waar allerlei verschillende rollen van Azelis bij betrokken zijn. Onze eigen juridische en compliance-afdeling, onze interne auditafdeling en de regionale juridische en HR- afdelingen streven naar een volledige naleving van ons ethisch beleid.
Probleem: Doordat Azelis ook bedrijven in nieuwe rechtsgebieden overneemt, lopen we - in vergelijking met meer ontwikkelde markten - een verhoogde risico op omkoping en fraude.
Genomen maatregelen: Ter voorkoming van malafide praktijken hebben we een aantal maatregelen genomen, waaronder een anti-omkopings- en fraudepreventiebeleid en regelmatige grondige opleiding voor alle werknemers. Wanneer we een overnamekandidaat op het oog hebben, schrijven onze due diligence-procedures voor dat deze kandidaat aan de hoge ethische normen van Azelis en al het toepasselijke beleid moet voldoen. Als de overname eenmaal rond is en we het bedrijf in onze eigen onderneming integreren, besteden we veel aandacht aan onze ethische waarden en protocollen en scholen we de nieuwe werknemers bij zodat ze weten wat ons beleid is.
Probleem: De afgelopen jaren is de dreiging van cyberaanvallen alleen maar toegenomen. Criminele bendes maken steeds meer gebruik van ransomware, en activisten en ontevreden groepen zetten malware in. Aanvallen van buitenaf op onze IT-infrastructuur kunnen leiden tot uitval van onze systemen en ontwrichting van onze bedrijfsvoering, verlies van data en ongeoorloofde toegang tot vertrouwelijke en gevoelige informatie.
Genomen maatregelen: Voor de gehele Groep hebben we een cyberbeveiligingsprogramma dat gerund wordt door een speciale afdeling onder leiding van onze Group Information Security & Compliance Officer. Verder hebben we systemen en speciale infrastructuur geïnstalleerd die ons tegen cyberrisico’s moeten beschermen. Alles wordt geregeld bijgewerkt, omdat er steeds nieuwe technologie uitkomt. De Group Information Security & Compliance Officer is altijd als gast aanwezig bij de vergaderingen van ons Audit- en Risicocomité. Tijdens elke vergadering van dit comité worden de IT- en cyberbeveiligingsprogramma’s en de voortgang daarvan besproken.
Probleem: Als multinational heeft Azelis een grote toeleveringsketen en een groot aantal bedrijfslocaties verspreid over de hele wereld. Daardoor staat het bedrijf bloot aan allerlei externe risicofactoren waar we zelf geen invloed op hebben (zoals natuurrampen, pandemieën en gewapende conflicten), maar die wel onze bedrijfsvoering kunnen ontwrichten.
Genomen maatregelen: Crisisbeheersing en bedrijfscontinuïteit behoren tot de belangrijkste targets van onze Action 2025-duurzaamheidsstrategie. In 2022 hebben we afgesproken dat we voor eind 2025 voor verschillende soorten bedrijfslocaties crisisbeheer- en bedrijfscontinuïteitsplannen moeten ontwikkelen.
Ali en Linda van het team in België
In december 2023 heeft Azelis nieuw beleid ingesteld ter voorkoming van ongewenste gedrag, zoals pesten en intimidatie.
Azelis vindt het belangrijk dat alle werknemers zich veilig voelen, zich thuis voelen en respectvol met elkaar omgaan. Dit geldt niet alleen op de werkvloer, maar ook tijdens evenementen, zoals sociale gelegenheden, ongeacht of die door het bedrijf of een externe partij worden georganiseerd. We verwachten van alle aanwezigen dat ze zich ethisch verantwoord gedragen en elkaar met respect behandelen. Met het nieuwe beleid willen we een sfeer creëren waarin niemand zich op enige wijze geïntimideerd voelt. Bij Azelis is elke vorm van intimidatie of pesten streng verboden, en dergelijke praktijken worden niet getolereerd.
Het beleid geldt voor alle werknemers die een evenement van ons bedrijf bijwonen, ongeacht om wat voor evenement het gaat (werk of sociaal), waar het gehouden wordt of welke vorm het heeft. Het beleid geldt ook voor werknemers die een evenement bijwonen dat namens Azelis door derden wordt georganiseerd, zoals distributiemeetings voor principalen, seminars voor klanten, en beurzen.
De lancering van ons beleid inzake ongewenste gedrag was onderdeel van een grotere campagne om een veilige en respectvolle bedrijfscultuur te bewerkstelligen, zowel op de werkvloer als tijdens (al dan niet sociale) evenementen. Met deze campagne willen we de veiligheid van onze werknemers garanderen, potentiële risico’s tot een minimum beperken en ons bedrijf een nog betere reputatie bezorgen. Speciaal voor het nieuwe beleid hebben de HR- en compliance-afdeling van de Groep een opleidingsprogramma opgezet. Verder is dit beleid in oktober 2023 aan bod gekomen tijdens de maandelijkse video-update van de CEO, waaraan ook de HR Director en Chief Compliance Officer van de Groep hebben deelgenomen.
Door de jaren heen hebben we een aanzienlijk aantal beleidsmaatregelen en -procedures ingevoerd om in te spelen op de verschillende ethische kwesties waarmee een bedrijf als Azelis geconfronteerd kan worden. Een gestructureerde aanpak om onze werknemers op te leiden is cruciaal in de succesvolle uitrol van een compliance-beleid.
Voor elke beleidsmaatregel hebben we een aparte training. Daarnaast hebben we afgelopen jaar voor de achtste achtereenvolgende keer onze verplichte jaarlijkse kennistest gehouden, om het begrip van onze ethische beginselen onder onze werknemers te testen en op te frissen. Tijdens de kennistest moeten de werknemers reageren op tien compliance-scenario’s over allerlei verschillende kwesties die in onze Gedragscode en aanvullende beleidsmaatregelen zijn opgenomen. Afgelopen jaar hebben we extra aandacht besteed aan het tegengaan van ongewenste gedrag en belangenconflicten.
In 2023 heeft 99,6 % van onze 4.107 werknemers (d.w.z. 4.091 werknemers) de kennistest gedaan. Hierbij zijn ook de werknemers van recentelijk overgenomen bedrijven meegeteld die al in ons HCM-systeem (Workday®) zijn opgenomen. Voor de kennistest van 2023 hebben we de lat hoger gelegd: om daarvoor te slagen moesten de werknemers niet 70% maar 80% van de vragen goed beantwoorden. 98.9% van onze werknemers zijn voor de test geslaagd, in vergelijking met 98,5% in 2022 (berekend op basis van totale aantal werknemers).
Elk jaar controleert onze compliance-afdeling of bepaalde ethische beleidsmaatregelen nog steeds geschikt zijn voor het beoogde doel.
In 2023 werd ons exportcontrole-beleid herzien, mede vanwege de gewapende conflicten in diverse delen van de wereld. Die hebben tot ingrijpende wijzigingen geleid in de regelgeving in een aantal landen waarin Azelis actief is.
Zo hebben diverse overheidsinstanties exportbepalingen uitgevaardigd en verder aangescherpt, een trend die zich naar verwachting in 2024 voortzet. Naar aanleiding van de interne controle hebben we ons eigen exportcontrolebeleid aangepast. We hebben onder meer de interne verantwoordelijkheden gewijzigd, richtlijnen opgesteld voor de handelsbeperkingen voor landen die onder embargo staan, de timing en scoping van batch screening door derden van nieuw verworven bedrijven aangepast en de volledig geautomatiseerde screening van onze partners in de ERP-omgeving van Azelis bijgewerkt.
Bovendien heeft Azelis een aanzienlijk bedrag geïnvesteerd in de verdere verbetering van onze geautomatiseerde screening van derden. Zo is onze huidige software bijgewerkt (wat al op het programma stond) en hebben we de regelgeving uitgebreid waaraan onze partners worden getoetst.
| Wat we tot nu toe gedaan hebben | |
| In 2023 zijn we begonnen met het opzetten van een meer gestructureerd kader voor onze liefdadigheidsactiviteiten wereldwijd. Als onderdeel daarvan hebben we een liefdadigheidsfonds opgericht dat gebaseerd is op ons bestaande liefdadigheidsprogramma XCEL in de Verenigde Staten. | |
| Wat we van plan zijn te doen | |
| In 2023 hebben we ons Dawn Raid-beleid, om het compliance programma van Azelis nog robuuster te maken, verder geïmplementeerd.In 2023 werd een omvangrijk bedrijfsbreed anti-intimidatiebeleid ingevoerd, met een aanvullende online training. Dit beleid is ontworpen om een cultuur van veiligheid en respect te creëren, niet alleen op de werkplek maar ook tijdens (sociale) evenementen, met als belangrijkste doel onze werknemers te beschermen, potentiële risico's te beperken en de algehele reputatie van ons bedrijf te verbeteren. | In 2024 zullen we ons beleid tegen omkoping en fraude uitgebreid evalueren om ervoor te zorgen dat het adequaat blijft.Eind 2023 werd een substantiële geschiktheidscontrole van het exportcontrolebeleid van Azelis afgerond, die begin 2024 zal worden vrijgegeven. Er wordt speciale aandacht besteed aan een versnelde integratie van nieuw overgenomen bedrijven in ons screeningsproces door derden. Tegelijkertijd zal een upgrade van ons huidige exportcontrolesysteem met uitgebreidere mogelijkheden in gebruik worden genomen. |
| (in miljoenen €) | 2023 | 2022 | F/X Omrekening | M&A Groei Contributie | Organische Groei | Totale Groei |
|---|---|---|---|---|---|---|
| EMEA | 1,793.9 | 1,811.6 | -4.9% | 6.5% | -2.7% | -1.0% |
| Americas | 1,454.3 | 1,549.9 | -2.6% | 8.9% | -12.4% | -6.2% |
| Asia Pacific | 904.0 | 747.5 | -5.9% | 27.3% | -0.5% | 20.9% |
| Groepsomzet | 4,152.2 | 4,109.1 | -4.2% | 11.2% | -5.9% | 1.0% |
| EMEA | 468.1 | 432.9 | -4.7% | 8.2% | 4.5% | 8.1% |
| Americas | 344.3 | 385.2 | -2.7% | 7.8% | -15.7% | -10.6% |
| Asia Pacific | 171.7 | 142.6 | -5.8% | 25.5% | 0.7% | 20.4% |
| Groep Brutowinst | 984.1 | 960.7 | -4.1% | 10.6% | -4.1% | 2.4% |
| EMEA | 237.6 | 215.4 | -5.1% | 7.3% | 8.1% | 10.3% |
| Americas | 184.6 | 211.9 | -3.0% | 7.1% | -17.0% | -12.9% |
| Asia Pacific | 78.4 | 58.1 | -6.1% | 31.1% | 9.9% | 34.9% |
| Aangepaste EBITA1 | 466.3 | 456.9 | -4.6% | 10.7% | -4.1% | 2.1% |
Azelis heeft een omzet behaald van € 4,2 miljard, een toename met 1,0% ten opzichte van het voorgaande jaar (toename van 5,3% bij constante wisselkoersen). De bijdrage van overnames aan de omzetgroei bedroeg 11,2% en compenseerde de impact van het uitdagende handelsklimaat dat leidde tot een organische omzetdaling van 5,9%, en een tegenwind van 4,2% door wisselkoersverschillen.
De Groep boekte een omzetgroei van 3,7% ten opzichte van een jaar eerder in Life Sciences (+7,7% bij constante wisselkoersen), ondersteund door sterke prestaties in Pharma in alle regio's en omzetbijdragen uit recente overnames. De omzet in Industrial Chemicals daalde met 2,9% (+1,6% bij constante wisselkoersen) in vergelijking met het voorgaande jaar, doordat de vraag in de meeste eindmarkten zwak bleef, vooral in CASE in de VS.
| (in miljoenen €) | Q4 2023 | Q4 2022 | Gerapporteerde Verandering | 2023 | 2022 | Gerapporteerde Verandering | Constante Wisselkoers |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 415.2 | 440.6 | -5.8% | 1,793.9 | 1,811.6 | -1.0% | 3.9% |
| Brutowinst | 100.8 | 102.2 | -1.4% | 468.1 | 432.9 | 8.1% | 12.8% |
| Brutowinstmarge | 24.3% | 23.2% | 108 bp | 26.1% | 23.9% | 220 bp | 215 bp |
| Aangepaste EBITDA | 46.3 | 48.0 | -3.5% | 251.7 | 226.8 | 11.0% | 16.2% |
| Aangepaste EBITDA-marge | 11.2% | 10.9% | 27 bp | 14.0% | 12.5% | 152 bp | 155 bp |
| Aangepaste EBITA | 42.4 | 44.4 | -4.7% | 237.6 | 215.4 | 10.3% | 15.4% |
| Aangepaste EBITA-marge | 10.2% | 10.1% | 12 bp | 13.2% | 11.9% | 136 bp | 139 bp |
| Conversiemarge | 42.0% | 43.5% | -146 bp | 50.8% | 49.8% | 101 bp | 125 bp |
De omzet in EMEA bleef over het gehele jaar grotendeels stabiel op € 1,8 miljard, ondanks het mindere vierde kwartaal waarin de omzet met 5,8% daalde ten opzichte van het Q4 van 2022 wegens de verminderde vraag in de bredere markt doordat klanten vanwege de macro-economische onzekerheid orders uitstelden.
De organische omzet over het gehele jaar kromp met 2,7%, vergeleken met de ongekende organische omzetgroei van 27% in het voorgaande jaar. De prestaties verschilden per regio, waarbij het Midden-Oosten en Afrika een robuuste groei lieten zien die de iets lagere vraag in Europa compenseerde. De bijdrage van overnames aan de omzetgroei bedroeg 6,5% en verzachtte de organische omzetdaling en de negatieve impact van 4,9% door wisselkoersverschillen.
In de loop van het jaar hebben we in EMEA vier overnames afgerond. In januari hebben we de overname afgerond van Smoky Light, een distributeur van bijzondere rookingrediënten in Benelux. In april voltooiden we de overname van Lidorr Elements, een toonaangevende Israëlische distributeur van speciale chemicaliën op het gebied van gewasbescherming, industriële materialen en verzorging en voeding. In mei hebben we de overname afgerond van Sirius International, een distributeur van speciale chemicaliën die actief is in duurzame schoonmaakproducten op de Benelux-markt. In november voltooiden we de overname van BLH, waarmee we ons aanbod op het gebied van geur- en smaakstoffen in de regio hebben uitgebreid met de expertise van BLH op de Franse markt voor fijne parfums. Deze bedrijven genereerden een gezamenlijke jaaromzet van meer dan € 90 miljoen in 2022.
De brutowinst in EMEA bedroeg € 468,1 miljoen, wat neerkomt op een groei van 8,1% ten opzichte van een jaar eerder, waarvan 4,5% organisch was. De stijging van de brutowinstmarge met 220 basispunten naar 26,1% weerspiegelt de positieve impact van de verschuiving in de mix van bedrijfsactiviteiten naar Life Sciences. De aangepaste EBITA steeg met 10,3% naar € 237,6 miljoen, waardoor de marge met 136 basispunten toenam tot 13,2% en de conversiemarge met 101 basispunten steeg naar 50,8% voor het gehele jaar. Dit is inclusief een negatief effect van EUR 4,1 miljoen op de aangepaste EBITA door de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie en het portfolio-optimalisatieprogramma in het laatste kwartaal, wat leidde tot een krimp van de conversiemarge. Gecorrigeerd voor deze items bedroeg de conversiemarge in EMEA in het vierde kwartaal 44,3%, een stijging van 40 basispunten op vergelijkbare basis.
| (in miljoenen €) | Q4 2023 | Q4 2022 | Gerapporteerde Verandering | 2023 | 2022 | Gerapporteerde Verandering | Constante Wisselkoers |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 338.8 | 351.0 | -3.5% | 1,454.3 | 1,549.9 | -6.2% | -3.5% |
| Brutowinst | 82.1 | 84.5 | -2.8% | 344.3 | 385.2 | -10.6% | -7.9% |
| Brutowinstmarge | 24.2% | 24.1% | 17 bp | 23.7% | 24.9% | -118 bp | -116 bp |
| Aangepaste EBITDA | 41.3 | 46.0 | -10.1% | 196.1 | 221.1 | -11.3% | -8.4% |
| Aangepaste EBITDA-marge | 12.2% | 13.1% | -90 bp | 13.5% | 14.3% | -78 bp | -74 bp |
| Aangepaste EBITA | 38.0 | 43.4 | -12.4% | 184.6 | 211.9 | -12.9% | -9.9% |
| Aangepaste EBITA-marge | 11.2% | 12.4% | -114 bp | 12.7% | 13.7% | -98 bp | -93 bp |
| Conversiemarge | 46.3% | 51.3% | -504 bp | 53.6% | 55.0% | -139 bp | -124 bp |
De omzet in de Americas bedroeg in het vierde kwartaal € 338,8 miljoen, waarmee de totale omzet over het hele jaar uitkwam op € 1,5 miljard, een daling van 6,2% ten opzichte van een jaar eerder. Het zwakke handelsklimaat in de meeste eindmarkten in de regio, met name in CASE in de VS en de bredere markt in Zuid-Amerika, is terug te zien in de organische omzetdaling van 12,4% gedurende het jaar. De bijdrage van overnames aan de omzetgroei bedroeg 8,9% en verzachtte de organische omzetdaling en de negatieve impact van 2,6% door wisselkoersverschillen.
Gedurende het jaar hebben we twee strategische overnames in de regio afgerond die in 2022 een gezamenlijke jaaromzet van meer dan € 150 miljoen genereerden. In juni voltooide Azelis de overname van Vogler Ingredients. Dit was een belangrijke ontwikkeling in de uitbreidingsstrategie van de groep in Latijns-Amerika. Daarnaast hebben we ook de overname van Gillco Ingredients afgerond, waarmee de Groep een platform heeft gekregen om de lokale food & nutrition-markt en de bredere Life Sciences markt in Noord-Amerika te betreden.
De brutowinst in de regio daalde met 10,6% naar € 344,3 miljoen, wat resulteert in een brutowinstmarge van 23,7%, als gevolg van het uitdagende handelsklimaat en verwatering door recente overnames in Zuid-Amerika. De aangepaste EBITA daalde met 12,9% naar € 184,6 miljoen, waardoor de conversiemarge met 139 basispunten afnam tot 53,6%.
| (in miljoenen €) | Q4 2023 | Q4 2022 | Gerapporteerde Verandering | 2023 | 2022 | Gerapporteerde Verandering | Constante Wisselkoers |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 218.8 | 209.7 | 4.3% | 904.0 | 747.5 | 20.9% | 26.8% |
| Brutowinst | 41.1 | 38.0 | 8.3% | 171.7 | 142.6 | 20.4% | 26.2% |
| Brutowinstmarge | 18.8% | 18.1% | 70 bp | 19.0% | 19.1% | -8 bp | -10 bp |
| Aangepaste EBITDA | 20.7 | 16.8 | 22.9% | 86.3 | 64.5 | 33.9% | 39.9% |
| Aangepaste EBITDA-marge | 9.5% | 8.0% | 143 bp | 9.5% | 8.6% | 92 bp | 94 bp |
| Aangepaste EBITA | 18.6 | 15.1 | 23.2% | 78.4 | 58.1 | 34.9% | 41.0% |
| Aangepaste EBITA-marge | 8.5% | 7.2% | 130 bp | 8.7% | 7.8% | 90 bp | 92 bp |
| Conversiemarge | 45.2% | 39.8% | 546 bp | 45.7% | 40.8% | 490 bp | 503 bp |
De omzet in APAC bedroeg in het vierde kwartaal € 218,8 miljoen, waarmee de omzet over het gehele jaar uitkwam op € 904,0 miljoen, een stijging van 20,9% ten opzichte van het voorgaande jaar. De organische omzet over het gehele jaar bleef grotendeels stabiel ondanks de aanhoudende zwakte in China en de vertraging van de vraag in de bredere regio in het laatste kwartaal. De regio rapporteerde een negatieve impact van 5,9% op de omzet door wisselkoersverschillen.
In 2023 was de omzetgroei in de regio te danken aan een bijdrage van 27,3% uit overnames. In de loop van het jaar hebben we de overname van Chemiplas Agencies afgerond, waarmee we onze aanwezigheid in Australië en Nieuw-Zeeland aanzienlijk hebben uitgebreid. Chemiplas had in 2022 een omzet van meer dan € 160 miljoen.
De brutowinst in APAC steeg met 20,4% naar € 171,7 miljoen, met een brutowinstmarge van 19,0% die grotendeels stabiel is gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar, mede dankzij een positief mixeffect in onze APAC-activiteiten nu we overnames uit het verleden integreren. De aangepaste EBITA bedroeg € 78,4 miljoen, een stijging van 34,9%, waarvan 9,9% organisch was. De toename van de aangepaste EBITA-marge met 90 basispunten leidde in de regio tot een stijging van de conversiemarge met 490 basispunten tot 45,7%.
| Q4 2023 | Q4 2022 | Gerapporteerde Verandering | 2023 | 2022 | Gerapporteerde Verandering | Constante Wisselkoers | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aangepaste EBITA (in miljoen EUR) | -7.9 | -6.1 | 30.4% | -34.3 | -28.5 | 20.6% | 20.6% |
| Als % van Groepsomzet | -0.8% | -0.6% | -21 bp | -0.8% | -0.7% | -13 bp | -10 bp |
De bedrijfskosten van de holdingmaatschappijen van de Groep, die betrekking hebben op de niet-operationele entiteiten van de Groep en het hoofdkantoor in België, bedroegen in 2023 € 34,3 miljoen, vergeleken met € 28,5 miljoen in 2022. In verhouding tot de omzet stegen de bedrijfskosten van de holdingmaatschappijen van de Groep met 13 basispunten tot 0,8%, voornamelijk als gevolg van de voortdurende investeringen van de Groep ter ondersteuning van de digitaliseringsstrategie.
De op groei gerichte strategie van Azelis wordt geschraagd door een steeds sterker wordende laterale waardeketen en constante investeringen in innovatiepotentieel en digitalisering, en door onze inzet op duurzaamheid om langetermijnwaarde te creëren.
Ondanks de politieke en economische onzekerheid die wereldwijd aanhoudt, blijven we ons richten op kostenbeheersing, kasstroomconversie en groei. We verwachten in de loop van 2024 weer organische groei te realiseren, hoewel de timing van het herstel onzeker blijft.
Ondanks de huidige marktvolatiliteit blijven we onze strategische programma's uitvoeren, en zullen we een update geven over de strategie tijdens ons jaarlijkse laboratorium-evenement voor investeerders in september.
| (in miljoenen €) | 2023 | 2022 | F/X Omrekening | M&A Groei Contributie | Organische Groei | Totale Groei |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 4,152.2 | 4,109.1 | -4.2% | 11.2% | -5.9% | 1.0% |
| Brutowinst | 984.1 | 960.7 | -4.1% | 10.6% | -4.1% | 2.4% |
| Aangepaste EBITA | 466.3 | 456.9 | -4.6% | 10.7% | -4.1% | 2.1% |
| (in miljoenen €) | Q4 2023 | Q4 2022 | Gerapporteerde Verandering | 2023 | 2022 | Gerapporteerde Verandering | Constante Wisselkoers |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Life Sciences | 600.1 | 613.8 | -2.2% | 2,565.5 | 2,474.6 | 3.7% | 7.7% |
| Industrial Chemicals | 372.6 | 387.5 | -3.9% | 1,586.7 | 1,634.5 | -2.9% | 1.6% |
| Groepsomzet | 972.7 | 1,001.4 | -2.9% | 4,152.2 | 4,109.1 | 1.0% | 5.3% |
| Brutowinst | 224.0 | 224.7 | -0.3% | 984.1 | 960.7 | 2.4% | 6.5% |
| Brutowinstmarge | 23.0% | 22.4% | 60 bp | 23.7% | 23.4% | 32 bp | 28 bp |
| Aangepaste EBITDA | 100.6 | 105.0 | -4.1% | 500.6 | 484.7 | 3.3% | 7.8% |
| Aangepaste EBITDA-marge | 10.3% | 10.5% | -14 bp | 12.1% | 11.8% | 26 bp | 30 bp |
| Aangepaste EBITA | 91.0 | 96.8 | -6.0% | 466.3 | 456.9 | 2.1% | 6.6% |
| Aangepaste EBITA-marge | 9.4% | 9.7% | -31 bp | 11.2% | 11.1% | 11 bp | 15 bp |
| Conversiemarge | 40.6% | 43.1% | -246 bp | 47.4% | 47.6% | -18 bp | 7 bp |
| Nettowinst | 33.4 | 8.2 | 305.8% | 189.3 | 218.9 | -13.5% | -10.9% |
De omzet van de Groep is licht gestegen naar € 4,2 miljard, doordat de impact van de verminderde vraag in de meeste van onze markten en de negatieve impact van wisselkoersverschillen wordt gecompenseerd door de bijdrage van overnames aan de omzetgroei. Zoals eerder gemeld, is in onze organische omzetresultaten ook de impact van ons voortdurende portfolio-optimalisatieprogramma verwerkt, dat 0,9% van de Groepsomzet voor het gehele jaar 2023 uitmaakte.
De omzet in Life Sciences steeg met 3,7% (+7,7 bij constante wisselkoersen) naar € 2,6 miljard, ondersteund door sterke prestaties in Pharma in alle regio's en de toevoeging van grotere overnames aan het segment gedurende het jaar. In Industrial Chemicals daalde de omzet met 2,9% (+1,6% bij constante wisselkoersen) naar € 1,6 miljard als gevolg van de tegenvallende vraag in de meeste eindmarkten.
De verminderde vraag in al onze regio's kwam tot uiting in een daling van de organische omzet van de Groep met 5,9% in 2023, na een organische groei van respectievelijk 15,7% en 20,1% in 2021 en 2022. De organische omzetdaling en de tegenwind van 4,2% door wisselkoersverschillen werden gecompenseerd door een bijdrage van overnames van 11,2% aan de omzetgroei.
In het vierde kwartaal bleef de brutowinst met een bedrag van € 224,0 miljoen stabiel in vergelijking met het voorgaande jaar, waardoor de brutowinst over het hele jaar uitkwam op € 984,1 miljoen, een stijging van 2,4% ten opzichte van het voorgaande jaar. De stijging van de brutowinstmarge met 32 basispunten naar 23,7% weerspiegelt het mixeffect, door de hogere contributie van Life Sciences.
De aangepaste EBITA bedroeg € 91,0 miljoen, waardoor de aangepaste EBITA over het gehele jaar met 2,1% steeg naar € 466,3 miljoen en de marge met 11 basispunten toenam. De daling van de aangepaste EBITA in het vierde kwartaal weerspiegelt het effect over het gehele jaar van inflatie van de loonkosten, naast een tragere omzetontwikkeling. Ondanks de uitdagende handelsomstandigheden bleef de vrije kasstroom conversie robuust met 47,4%, wat de veerkracht van onze bedrijfsactiviteiten weerspiegelt.
De netto financiële lasten voor het jaar bedroegen € 139,8 miljoen, door een aanzienlijke stijging van de rentelasten als gevolg van een hogere brutoschuld en de volledige impact van de effectieve rentevoeten, die in vergelijking met 2022 meer dan verdubbelden, en wordt gedeeltelijk getemperd door de rentecap die in 2022 werd afgesloten. Daarnaast omvatten onze financiële lasten € 21 miljoen aan niet-kaskosten als gevolg van de impact van de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie (€ 21 miljoen) en de reële-waardeaanpassing van derivaten. De belastinglasten kwamen in 2023 uit op € 57,9 miljoen, wat overeenkomt met een effectief belastingtarief van 23,4%. Dit is inclusief het belastingeffect van de niet-kaskosten in verband met de boekhoudkundige verwerking van hyperinflatie en de reële-waardeaanpassing van putopties, die fiscaal niet aftrekbaar zijn.
De gerapporteerde nettowinst voor 2023 bedroeg € 189,3 miljoen, een daling van 13,5% (-10,9% bij constante wisselkoersen) ten opzichte van het voorgaande jaar, als gevolg van hogere rentelasten en financiële niet-kaskosten. De gerapporteerde winst per aandeel (WPA) bedroeg € 0,74, terwijl de cash winst per aandeel € 1,07 bedroeg.
| (in miljoenen €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Bedrijfswinst | 386.9 | 388.4 |
| Netto Financiële Kosten | -139.8 | -73.8 |
| Financiële Opbrengsten | 17.7 | 6.0 |
| Financiële Kosten | -157.4 | -79.8 |
| Rentekosten Bankleningen | -92.8 | -34.8 |
| Rentekosten Leaseverplichtingen | -4.6 | -3.4 |
| Andere Financiële Kosten | -60.1 | -41.6 |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen | 0.1 | 0.1 |
| Winst Voor Belastingen | 247.2 | 314.7 |
| Belastingkost | -57.9 | -95.8 |
| Nettowinst | 189.3 | 218.9 |
| Winst per aandeel | 0.74 | 0.91 |
| Cash winst per aandeel | 1.07 | 1.18 |
| (in miljoenen €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Operationele Kasstroom | 617.6 | 458.9 |
| Vrije Kasstroom | 601.2 | 438.0 |
| Vrije Kasstroomconversie | 127.4% | 94.8% |
| Netto Werkkapitaal / Omzet genormaliseerd voor overnames | 13.4% | 13.8% |
| Netto Schuld | 1,275.4 | 1,161.9 |
| Schuldgraad | 2.5x | 2.2x |
De verhouding tussen netto werkkapitaal en omzet, genormaliseerd voor overnames, bedroeg eind 2023 13,4%. Dit is een verdere verbetering ten opzichte van de 13,8% die aan het eind van het voorgaande jaar werd behaald. De verlaging van het werkkapitaal weerspiegelt deels de verminderde vraag in de sector, maar laat ook zien dat onze focus ligt bij het voortdurend verbeteren van het werkkapitaalbeheer en het genereren van kasstroom, zoals blijkt uit de verlaging van de DIO van 52 naar 48 dagen en van het totale werkkapitaal van 50 naar 49 dagen genormaliseerde omzet.
De verbetering in het werkkapitaal weerspiegelt eveneens de vorderingen die we maken met de integratie van overgenomen bedrijven, waarbij de financiële praktijken binnen de Groep op elkaar worden afgestemd. De verhouding tussen netto werkkapitaal en omzet van 2023 overnames is verbeterd van 34,2% aan het eind van 2022 naar 23,1% per einde 2023, maar ligt nog steeds ruim boven het groepsniveau.
De operationele kasstroom steeg met 34,6% naar € 617,6 miljoen, ondanks de lagere omzet- en rendementsgroei, en was grotendeels te danken aan de aanzienlijke verbetering in de werkkapitaalefficiëntie. De kapitaaluitgaven daalden met 16,0% tot € 15,5 miljoen, deels door de verschuiving in de boekhoudkundige verwerking van bepaalde IT-investeringen van kapitaal- naar operationele uitgaven en deels omdat sommige van onze geplande investeringen in reeds in 2021 en 2022 plaatsvonden, waaronder ons geüpgradede en cloudgebaseerde wereldwijde ERP-systeem.
De vrije kasstroom steeg in 2023 met 37,3% naar € 601,2 miljoen, wat resulteert in een vrije kasstroom conversie van 127,4%. De recordstijging van de kasstroomconversie weerspiegelt de aanhoudende inspanningen van de Groep om het werkkapitaal te beheren en kasstroom te genereren.
Per einde december 2023 bedroeg de nettoschuld € 1,3 miljard en was de schuldgraad 2,5x, tegen 2,6x per einde juni 2023 en 2,2x per einde december 2022. Aan het eind van de jaar beschikte de Groep over € 834,9 miljoen aan kasmiddelen en ongebruikte kredietfaciliteiten.
Azelis Group NV (de ‘Vennootschap’) – met hoofdkantoor in Antwerpen – heeft zich ertoe verplicht sterke Belgische bestuursbeginselen na te leven en streeft naar voortdurende verbetering van haar informatieverstrekking en praktijken op het gebied van deugdelijk bestuur. Zij legt daarbij de nadruk op transparantie en het bevorderen van een cultuur van duurzame waardecreatie op lange termijn.
Deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur is een samenvatting van de regels en beginselen die ten grondslag liggen aan de organisatie van het deugdelijk bestuur overeenkomstig het Belgische wetboek van vennootschappen en verenigingen (‘WVV’), de Belgische Corporate Governance Code van 2020 (‘Corporate Governance Code’), het charter van deugdelijk bestuur van de Vennootschap (‘Charter’) en de statuten van de Vennootschap (‘Statuten’).
Krachtens het WVV hanteert de Vennootschap de Corporate Governance Code als uitgangspunt. Deze is beschikbaar op de website van de Commissie Corporate Governance van België.
De Raad van Bestuur heeft in overeenstemming met het WVV en de Corporate Governance Code op 4 september 2021 het Charter goedgekeurd, dat op 21 september 2021 in werking is getreden. De Raad van Bestuur controleert periodiek of het Charter nog aan alle wet- en regelgeving voldoet, in overeenstemming is met de internationale normen en aansluit bij de groei van Azelis. Het Charter is op 1 augustus 2023 gewijzigd in verband met de nieuwe verantwoordelijkheden van het Auditcomité inzake de ESG-gerelateerde niet-financiële rapportage. In 2023 zijn geen andere materiële wijzigingen in het Charter aangebracht.
De Statuten zijn op 19 mei 2023 gewijzigd in verband met de kapitaalverhoging die de Raad van Bestuur in het kader van het toegestane kapitaal heeft doorgevoerd. Op 1 augustus 2023 zijn de Statuten gewijzigd in verband met de bovengenoemde gewijzigde interne regels van de Raad van Bestuur.
De Statuten en het Charter zijn beschikbaar op de website van de Vennootschap.
De Corporate Governance Code is gebaseerd op een systeem van ‘pas toe of leg uit’. Op grond van het WVV moeten beursgenoteerde vennootschappen afwijkingen van de Corporate Governance Code verantwoorden in de jaarlijkse Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur, die deel uitmaakt van het jaarverslag.
Deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur bevat alle wettelijk vereiste informatie en beschrijft hoe de Corporate Governance Code in 2023 is toegepast. Met uitzondering van de beginselen zoals uiteengezet in artikel 7 lid 6 van de Corporate Governance Code (zie de sectie Remuneratieverslag in het verslag van de Raad van Bestuur) voldoen de Vennootschap en deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur volledig aan alle aanbevelingen van de Corporate Governance Code.
De Vennootschap kent een monistische (‘one-tier’) bestuursstructuur waarbij de Raad van Bestuur het hoogste besluitvormingsorgaan is en de algehele verantwoordelijkheid heeft voor de leiding en het management van de Vennootschap.
Op grond van de Statuten moet de Raad van Bestuur uit minimaal vijf en maximaal elf bestuurders bestaan. Op 31 december 2023 bestond de Raad van Bestuur uit acht bestuurders, van wie zes niet-uitvoerende bestuurders en twee uitvoerende bestuurders (de Chief Executive Officer en de Chief Financial Officer).
Op 31 december 2023 was de Raad van Bestuur als volgt samengesteld:
| Naam | Leeftijd | Functie | Bestuurder sinds | Mandaat verstrijkt |
|---|---|---|---|---|
| Antonio Trius | 68 | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder (voorzitter) | 2021 | AV 2025 |
| Alexandra Brand | 52 | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder | 2021 | AV 2025 |
| Tom Hallam | 57 | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder | 2022 | AV 2025 |
| Ipek Özsüer | 46 | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder | 2021 | AV 2025 |
| Bert Janssens | 47 | Niet-uitvoerende bestuurder | 2021 | AV 2025 |
| Kristiaan Nieuwenburg | 53 | Niet-uitvoerende bestuurder | 2021 | AV 2025 |
| Hans Joachim Müller1 | 64 | Uitvoerende bestuurder | 2021 | 31/12/2023 |
| Thijs Bakker2 | 49 | Uitvoerende bestuurder | 2021 | AV 2025 |
Bestuurders worden door de algemene vergadering van aandeelhouders benoemd, herbenoemd of ontslagen op voorstel van de Raad van Bestuur, na voorafgaand advies van het Remuneratie- en Benoemingscomité. Als het mandaat van een bestuurder vacant wordt door zijn of haar overlijden of vrijwillig ontslag, hebben de overige bestuurders het recht om tijdelijk een nieuwe bestuurder aan te stellen die de werkzaamheden overneemt tot aan de eerstvolgende algemene vergadering van aandeelhouders na het moment waarop het mandaat vacant is geworden. De nieuwe bestuurder dient de termijn uit van de overleden of afgetreden bestuurder.
Na de aankondiging dat de heer Hans Joachim Müller op 31 december 2023 aftreedt als uitvoerend bestuurder, heeft de Raad van Bestuur op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité mevrouw Anna Bertona per 1 januari 2024 via coöptatie in overeenstemming met artikel 17, lid 1 van de Statuten benoemd tot bestuurder en uitvoerend bestuurder. Mevrouw Bertona vervult de vacante positie tot de eerstvolgende gewone algemene vergadering van de Vennootschap, waar haar aanstelling ter bevestiging aan de aandeelhouders zal worden voorgelegd.
De Statuten geven de oprichter van de Vennootschap, EQT, het recht om kandidaten voor te dragen voor de benoeming van ten minste één bestuurder voor elke 10% van de aandelen die rechtstreeks of onrechtstreeks worden aangehouden door EQT en/of een of meer daaraan verbonden ondernemingen die individueel of gezamenlijk handelen, tot een deelneming van 50%.
Op 31 december 2023 bezat EQT meer dan 40% van het totale aantal door de Vennootschap uitgegeven aandelen, wat betekent dat EQT het recht heeft kandidaten voor te dragen voor de benoeming van ten hoogste vier bestuurders.
Momenteel is EQT in de Raad van Bestuur vertegenwoordigd door twee bestuurders: de heer Bert Janssens en de heer Kristiaan Nieuwenburg.
Overeenkomstig de Corporate Governance Code moet een meerderheid van de bestuurders niet-uitvoerend zijn en moeten ten minste drie bestuurders onafhankelijk zijn in overeenstemming met de onafhankelijkheidscriteria in het WVV en de Corporate Governance Code.
Momenteel hebben vier onafhankelijke bestuurders zitting in de Raad van Bestuur: mevrouw Alexandra Brand, de heer Tom Hallam, mevrouw Ipek Özsüer en de heer Antonio Trius.
De Statuten kennen de Raad van Bestuur het recht toe een of meer waarnemers te benoemen (en te ontslaan).
Op 24 januari 2023 heeft mevrouw Magdalena Siembab ontslag genomen als waarnemer van de Raad van Bestuur. Op 31 december 2023 had de Raad van Bestuur twee waarnemers: de heer Floris van Halder en de heer Will Boardman.
De waarnemers worden uitgenodigd voor elke vergadering van de Raad van Bestuur en zijn gerechtigd om dezelfde informatie te ontvangen die een bestuurder krijgt (ook de informatie waar bestuurders krachtens het WVV wettelijk recht op hebben). Zij hebben dezelfde fiduciaire en geheimhoudingsplichten als de bestuurders en zijn derhalve gebonden aan de beleidslijnen en procedures die voor de bestuurders gelden (inclusief de Gedragscode). Zij nemen niet deel aan de besprekingen en ook niet aan de stemprocedure.
De Raad van Bestuur heeft de heer Gerrit De Vos, Group General Counsel & Chief Compliance Officer, benoemd tot secretaris van de Vennootschap.
Hoewel de duur van het mandaat van bestuurders krachtens het WVV beperkt is tot zes jaar (hernieuwbaar), adviseert de Corporate Governance Code om de duur te beperken tot vier jaar. De Statuten beperken het mandaat van bestuurders tot een (hernieuwbare) periode van maximaal vier jaar.
Op grond van het beleid van de Groep inzake de leeftijd van in functie zijnde bestuurders geldt als leeftijdsgrens voor het lidmaatschap van de Raad van Bestuur de eerstvolgende gewone algemene vergadering van aandeelhouders na de 70ste verjaardag van het (kandidaat-)lid.
| Antonio Trius Voorzitter van de Raad van BestuurIs in 2014 als niet-uitvoerende bestuurder bij Azelis gekomen en is tevens voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité.De heer Trius is momenteel niet-uitvoerende bestuurder bij verschillende ondernemingen, waaronder Arxada AG in de chemische sector en Cuantum Medical & Cosmetics S.L. in een andere sector.Voordat hij bij Azelis kwam, was hij CEO van Cognis, een leverancier van speciale chemicaliën. De heer Trius heeft aan de Universitat Autònoma de Barcelona een doctoraat in de scheikunde behaald en een Executive Development-opleiding (Programa de Desarrollo Directivo (PDD)) in bedrijfskunde aan de IESE Business School voltooid. | Alexandra Brand Niet-uitvoerende bestuurderTrad in 2019 als niet-uitvoerende bestuurder toe tot Azelis.Mevrouw Brand is Executive Vice President for Sustainability & Corporate Affairs van Syngenta, een onderneming in landbouwwetenschappen en -technologie. Voorheen was ze regionaal directeur voor de regio Europa, Afrika en het Midden-Oosten en Chief Sustainability Officer van Syngenta.Voordat mevrouw Brand bij Syngenta startte, heeft ze verschillende management- en bestuursfuncties bij BASF in Duitsland en India vervuld en was ze betrokken bij internationaal onderzoek. Daarnaast is ze momenteel niet-uitvoerende bestuurder bij Siegfried, een in Zwitserland gevestigde internationale fabrikant van farmaceutische producten. Mevrouw Brand heeft een doctoraat in de scheikunde behaald aan de Technische Universität Darmstadt. |
| Ipek Özsüer Niet-uitvoerende bestuurderTrad in 2021 als niet-uitvoerende bestuurder toe tot Azelis.Mevrouw Özsüer is sinds mei 2023 Chief Digital and Information Officer bij dsm-firmenich. Ze beschikt over meer dan 20 jaar internationale bedrijfservaring in technologische en digitale functies.Mevrouw Özsüer begon haar carrière in 1999 bij Procter & Gamble en heeft sindsdien tal van vooraanstaande functies bekleed, waaronder hogere managementfuncties in digitale transformatie, data en analytics, en zakelijke dienstverlening bij DSM, Bayer en Hewlett Packard. Ze heeft een bachelor in computertechniek van de Boğaziçi Universiteit in Istanbul. | Bert Janssens Niet-uitvoerende bestuurderTrad in 2018 als niet-uitvoerende bestuurder toe tot Azelis, nadat hij daarvoor de investering van EQT in Azelis had geleid.De heer Janssens is partner bij EQT, waar hij Head of Western Europe Equity en lid van het Private Equity Investment Committee en de Management Group is. Hij is in 2015 in dienst getreden bij de EQT Group.Als Private Equity Principal vervult of vervulde hij eerder bij verschillende ondernemingen de functie van niet-uitvoerende bestuurder, onder meer bij idealista in Spanje en Sitecore in Denemarken. De heer Janssens heeft een MBA van Harvard Business School en heeft zowel een bachelor als een master in de ingenieurswetenschappen (werktuigkunde) van de KU Leuven. |
| Kristiaan Nieuwenburg Niet-uitvoerende bestuurderTrad in 2018 als niet-uitvoerende bestuurder toe tot Azelis.De heer Nieuwenburg is sinds 2013 partner bij EQT, waar hij leiding heeft gegeven aan de uitbreiding naar de regio West-Europa. Verder is hij voorzitter geweest van EQT Partners Inc. en Head of Private Capital North America. De heer Nieuwenburg is lid van het Private Capital Investment Committee en het Portfolio Committee van EQT, en voorzitter van het Investment Committee van de EQT Foundation.Als Private Equity Principal vervult of vervulde hij eerder bij verschillende ondernemingen de functie van niet-uitvoerende bestuurder, waaronder leverancier van actieve kooltechnologie Desotec, expert in bedrijfsinformatie Bureau van Dijk, en de Belgische leverancier van slijtvaste verpulveringsoplossingen Magotteaux. De heer Nieuwenburg heeft een MBA van Harvard Business School en een master in Chemical Engineering van de Technische Universiteit Delft. | Hans Joachim Müller Chief Executive OfficerTrad in 2012 als CEO toe tot Azelis.Voordat de heer Müller in dienst trad bij Azelis, was hij lid van de directie van Clariant en Chief Operating Officer en lid van de directie van Süd-Chemie.De heer Müller is zijn carrière begonnen bij BASF, waar hij eerst als directeur technologie en katalysatoren voor Azië in Hongkong heeft gewerkt en daarna als wereldwijd directeur speciale chemicaliën. De heer Müller heeft een doctoraat in de scheikunde behaald aan de Ludwig Maximilians-Universiteit in München. Daarnaast heeft hij met een beurs wetenschappelijk onderzoek verricht aan de Universiteit van Californië in Los Angeles. |
| Thijs Bakker Chief Financial OfficerTrad in 2016 als CFO toe tot Azelis.De heer Bakker heeft meer dan 20 jaar internationale ervaring in financiën en de chemische sector. Hij heeft verschillende financiële functies vervuld in Nederland, de Verenigde Staten en meerdere locaties in Asia Pacific voor een toonaangevend internationaal bedrijf in verven en coatings en een grote producent van speciale chemicaliën.Voordat de heer Bakker bij Azelis startte, werkte hij bij Nuplex Resins, producent van speciale chemicaliën, en was hij financieel directeur beschermende coatings voor de zeevaartsector bij Akzo Nobel N.V. In 2023 is de heer Bakker benoemd tot onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder van Oterra, een in Denemarken gevestigde internationale marktleider die natuurlijke kleurstoffen voor voedsel en dranken ontwikkelt en produceert. De heer Bakker heeft een master Bedrijfskunde en Economie van de Erasmus Universiteit Rotterdam en een postdoctorale master Finance & Control (RC) van de Rotterdam School of Management. | Tom Hallam Niet-uitvoerende en onafhankelijke bestuurderTrad in 2022 toe tot Azelis als niet-uitvoerende en onafhankelijke bestuurder en is tevens voorzitter van het Audit- en Risicocomité.De heer Hallam heeft inmiddels ruim 30 jaar ervaring in financieel leiderschap. Momenteel is hij Chief Financial Officer bij Givaudan, een wereldleider in Fragrance & Beauty en Taste & Wellbeing. In 2008 trad hij bij Givaudan in dienst als Group Controller, waarbij hij verantwoordelijk was voor de financiële verslaggeving en compliance, de strategische planning en het beheer van de bedrijfsontwikkeling van Givaudan. Per 1 januari 2017 werd hij daar benoemd tot Chief Financial Officer.De heer Hallam is zijn loopbaan begonnen in het Verenigd Koninkrijk, waar hij in diverse sectoren en functies heeft gewerkt. In 1996 is hij naar Zwitserland verhuisd om in dienst te treden bij Serono in Genève. Daar heeft hij een aantal functies met steeds meer verantwoordelijkheid bekleed, waaronder die van Financial Director for Manufacturing Operations. In 2001 is hij benoemd tot Vice President Corporate Finance. De heer Hallam heeft zowel de Britse als de Zwitserse nationaliteit, is afgestudeerd in Accounting en Finance aan de Universiteit van Manchester en is lid van het Chartered Institute of Management Accountants (CIMA). |
| Anna Bertona Chief Executive OfficerTrad in 2013 toe tot Azelis als Group Vice President Strategic Planning & Implementation en werd in 2014 benoemd tot Chief Strategy & Principal Officer.In 2016 is mevrouw Bertona benoemd tot CEO van Azelis EMEA. Sindsdien houdt zij zich binnen het Uitvoerend Comité bezig met duurzaamheid.Per 1 januari 2024 heeft ze Hans Joachim Müller opgevolgd als Chief Executive Officer en is ze als uitvoerend bestuurder toegetreden tot de Raad van Bestuur.Mevrouw Bertona heeft meer dan 30 jaar ervaring in uiteenlopende managementfuncties in verschillende sectoren waaronder consumptiegoederen en de auto-industrie. Voordat mevrouw Bertona bij Azelis begon, heeft ze als strategisch adviseur gewerkt. In haar laatste functie was ze partner bij het internationale managementadviesbureau A.T. Kearney. Ze was daar betrokken bij opdrachten binnen de chemische industrie, waarbij de focus lag op strategie, omzet, groei, prestaties, en integratie na fusies.Mevrouw Bertona heeft een master in Industrial Design Engineering van de Technische Universiteit Delft en een MBA van de Rotterdam School of Management.Daarnaast is zij een niet-uitvoerend bestuurslid bij Solabia. |
De Vennootschap streeft naar diversiteit binnen de Raad van Bestuur, zodat die uit een mengeling van uitvoerende, niet-uitvoerende en onafhankelijke bestuurders bestaat. In overeenstemming met de Corporate Governance Code en het Charter moet de Raad van Bestuur dan ook zo samengesteld zijn dat een breed scala aan competenties en expertise op alle werkterreinen van de Vennootschap vertegenwoordigd is en dat er ook voldoende diversiteit qua vaardigheden, achtergrond, nationaliteit, leeftijd en geslacht aanwezig is.
Meer bepaald voert Azelis een specifiek genderdiversiteitsbeleid met betrekking tot het Uitvoerend Comité en het hogere management. Azelis heeft in 2021 zijn duurzaamheidsstrategie Action 2025 ingevoerd. Het doel van deze strategie is duurzame waarde op de lange termijn genereren voor onze stakeholders en zorgen dat onze activiteiten een positieve invloed hebben op het milieu en de samenleving.
De duurzaamheidsstrategie steunt op vier pijlers: Mensen, Producten en innovatie, Governance en Milieu.
De specifieke competenties en expertise die Azelis zoekt in zijn bestuurders zijn: ervaring in de sector (speciale chemicaliën en voedingsingrediënten) in combinatie met voor de sector relevante hogeronderwijsdiploma’s (bijv. een afgeronde master in scheikunde, chemische technologie, voedingsmiddelentechnologie enz.) of diepgaande functionele expertise op de gebieden die voor de vennootschap van strategisch belang zijn (bijv. IT of duurzaamheid).
In totaal beschikten zes van de elf leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité op 31 december 2023 over relevante ervaring in de sector voordat zij bij Azelis in dienst traden als lid van het Uitvoerend Comité of de Raad van Bestuur, met werkervaring bij bedrijven als Akzo Nobel, BASF, Bayer, Clariant, Cognis, DSM, Givaudan, Huntsman, Syngenta en Süd-Chemie. Drie zijn doctor in de scheikunde en zes hebben een MBA.
Vanaf 1 januari 2027 bepaalt het WVV dat ten minste een derde van de bestuurders van het andere geslacht moet zijn dan het geslacht van de meerderheid van de bestuursleden. Per 1 januari 2024 telt de Raad van Bestuur drie vrouwelijke leden: mevrouw Alexandra Brand, mevrouw Ipek Özsüer en mevrouw Anna Bertona. Daardoor voldoet de Raad van Bestuur nu al aan het verplichte streefcijfer voor genderdiversiteit van het WVV.
Zie voor het diversiteitsbeleid van de Azelis Groep de paragraaf ‘Diversiteit en inclusie’.
De Raad van Bestuur komt in beginsel ten minste vijf keer per jaar samen. Er kan altijd een extra vergadering worden belegd, met passende kennisgeving vooraf, om specifieke zaken van de Vennootschap te behandelen. De niet-uitvoerende bestuurders komen ten minste één keer per jaar bijeen in afwezigheid van de CEO en de andere uitvoerende bestuurders. Deze bijeenkomst heeft plaatsgevonden op 8 november 2023, waarbij het algemeen functioneren van de uitvoerende bestuurders in 2023 is besproken. Het functioneren van de Raad van Bestuur wordt geregeld door de Statuten en het Charter, die beide op de website van de Vennootschap staan.
In 2023 is de Raad van Bestuur twaalf keer samengekomen. Verder heeft de Raad van Bestuur bepaalde aangelegenheden afgehandeld via een schriftelijk besluit.
De Raad van Bestuur heeft in 2023 de volgende belangrijke kwesties beoordeeld en besproken:
strategisch bedrijfsplan voor 2023-2028;
financiële resultaten, algehele resultaten en strategie van de Groep en van de regio’s Americas, EMEA en Asia Pacific in het bijzonder;
kapitaaltransacties en financieringen van de Groep;
financiële begroting van de Groep voor boekjaar 2024;
fusies en overnames;
corporate governance- en verloningskwesties, waaronder de opvolging van de CEO van de Groep en wijzigingen in het Uitvoerend Comité;
verslagen van de vergaderingen van het Remuneratie- en Benoemingscomité en het Audit- en Risicocomité, onder meer over aanbevelingen en belangrijke bevindingen; en
het terugkopen van aandelen in verband met het langetermijnbonusplan (LTIP).
De Raad van Bestuur wil zo effectief mogelijk zijn. Daarom evalueert de Raad van Bestuur onder leiding van zijn voorzitter en de voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité ten minste iedere twee à drie jaar zijn samenstelling, werking, informatie en interacties met het management, en ook de samenstelling en de werking van de door de Raad van Bestuur opgerichte comités.
De meest recente evaluatie van de Raad van Bestuur heeft in 2022 plaatsgevonden, en de resultaten daarvan zijn op 24 januari 2023 tijdens de vergadering van de Raad van Bestuur besproken.
In de volgende situaties zijn artikel 7:96 en 7:97 WVV inzake belangenconflict toegepast:
Op de vergadering van 1 maart 2023 moest de Raad van Bestuur goedkeuring verlenen aan de lijst met deelnemers en de criteria voor het langetermijnstimulusplan 2023-2025 (het ‘LTIP 2023-2025’), de betaling van een variabele vergoeding op grond van de regeling variabele vergoeding 2022, en een verhoging van het salaris en de vergoeding van Bestuursleden met een strijdig belang die ook lid zijn van het Uitvoerend Comité, waarbij de CEO van de Groep en de CFO van de Groep (als permanente vertegenwoordiger van Cloudworks BV) beiden verklaarden dat zij een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard hebben dat mogelijk in strijd is met de beslissing van de Raad van Bestuur en met het belang van de Vennootschap als bedoeld in artikel 7:96 WVV.
In de notulen van de vergadering wordt in dit verband het volgende vermeld:
“Opgemerkt wordt dat het Remuneratie- en Benoemingscomité de aanbeveling doet aan de Raad van Bestuur om de lijst van deelnemers en de prestatiecriteria in het kader van het langetermijnstimulusplan 2023-2025 (het ‘LTIP 2023-2025’) goed te keuren, waarbij de CEO van de Groep en de CFO van de Groep (als permanente vertegenwoordiger van Cloudworks BV) beiden verklaarden dat zij een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard hadden dat mogelijk in strijd was met de beslissing van de Raad van Bestuur en met het belang van de Vennootschap als bedoeld in artikel 7:96 WVV.
De CEO van de Groep en de CFO van de Groep (als permanente vertegenwoordiger van Cloudworks BV) (de ‘Bestuurders met een strijdig belang’) staan beiden vermeld op de lijst van deelnemers aan het LTIP 2023-2025, waardoor hun belangen en de belangen van de Vennootschap mogelijk niet geheel met elkaar overeenstemmen.
De financiële gevolgen van de goedkeuring van het LTIP 2023-2025 zijn dat de Vennootschap aan deze Bestuurders met een strijdig belang het overeenkomstige bedrag aan beloningen zoals vastgelegd in het LTIP moet uitkeren wanneer de LTIP-doelen zijn behaald.
Daarnaast doet het Remuneratie- en Benoemingscomité de aanbeveling aan de Raad van Bestuur om de uitkering van de variabele vergoeding in het kader van het systeem van variabele vergoedingen (‘VCS’) – ook wel aangeduid als het kortetermijnstimulusplan (‘STIP’) voor de leden van het algemene management team (het ‘VCS/STIP 2022’) – voor 2022 goed te keuren, waarbij beide Bestuurders met een strijdig belang verklaarden dat ze een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard hebben dat mogelijk in strijd is met de beslissing van de Raad van Bestuur en met het belang van de Vennootschap als bedoeld in artikel 7:96 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De financiële gevolgen van de goedkeuring van de uitkering van de variabele vergoeding onder het VCS/STIP 2022 zijn dat de Vennootschap aan de Bestuurders met het strijdige belang de variabele vergoeding onder het VCS/STIP 2022 moet uitkeren, waarvoor zij op basis van hun prestaties in 2022 in aanmerking komen.
Verder doet het Remuneratie- en Benoemingscomité de aanbeveling om het salaris en de vergoeding van de Bestuurders met een strijdig belang als leden van het Uitvoerend Comité te verhogen, waarbij beide Bestuurders met een strijdig belang verklaarden dat zij een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard hebben dat mogelijk in strijd is met de beslissing van de Raad van Bestuur en met het belang van de Vennootschap als bedoeld in artikel 7:96 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De financiële gevolgen van de goedkeuring van de bovengenoemde verhoging van het salaris en de vergoeding zijn dat de Vennootschap aan de Bestuurders met het strijdige belang met ingang van april 2023 een hoger salaris en een hogere vergoeding dient te betalen.
De deelname van de Bestuurders met een strijdig belang aan het LTIP 2023-2025 overeenkomstig de voorschriften ervan, de uitkering van hun variabele vergoeding op grond van het VCS/STIP 2022 en de verhoging van het salaris en de vergoeding zijn echter belangrijk voor het strategisch en financieel management en voor de verdere ontwikkeling van de Vennootschap en de Azelis Groep in het algemeen. De voorwaarden van het LTIP 2023-2025, het VCS/STIP 2022 en de verhoging van het salaris en de vergoeding zijn marktconform.
Op grond daarvan meent de Raad van Bestuur dat de voorgestelde goedkeuring van het LTIP 2023-2025, de uitkering van de variabele vergoeding onder het VCS/STIP 2022 en de verhoging van het salaris en de vergoeding in het belang zijn van de Vennootschap en derhalve gerechtvaardigd zijn.”
Op de vergadering van 7 juni 2023 moest de Raad van Bestuur goedkeuring verlenen aan de verhoging van het aantal prestatie-aandelen van Thijs Bakker als CFO van de Groep in het kader van het LTIP 2023-2025, waarbij de CFO van de Groep verklaarde dat hij een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat mogelijk in strijd is met de beslissing van de Raad van Bestuur en met het belang van de Vennootschap als bedoeld in artikel 7:96 van het WVV.
In de notulen van de vergadering wordt in dit verband het volgende vermeld:
“Opgemerkt wordt dat het Remuneratie- en Benoemingscomité de aanbeveling doet aan de Raad van Bestuur om de verhoging van het aantal prestatie-aandelen van Thijs Bakker als CFO van de Groep in het kader van het LTIP 2023-2025 goed te keuren, waarbij de CFO van de Groep (als permanente vertegenwoordiger van Cloudworks BV) verklaarde dat hij een rechtstreeks of onrechtstreeks belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat mogelijk in strijd is met de beslissing van de Raad van Bestuur en met het belang van de Vennootschap als bedoeld in artikel 7:96 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
De CFO van de Groep (als permanente vertegenwoordiger van Cloudworks BV) (de ‘Bestuurder met een strijdig belang’) komt in aanmerking voor een verhoging van het aantal prestatie-aandelen in het kader van het LTIP 2023-2025, waardoor zijn belangen en de belangen van de Vennootschap mogelijk niet geheel met elkaar overeenstemmen.
De financiële gevolgen van de goedkeuring van het grotere aantal prestatie-aandelen in het kader van het LTIP 2023-2025 zijn dat de Vennootschap aan deze Bestuurder met een strijdig belang een hogere bonus, zoals vastgelegd in het LTIP 2023-2025, moet uitkeren wanneer de LTIP-doelen zijn behaald.
De verhoging van het aantal prestatie-aandelen dat in het kader van het LTIP 2023-2025 aan de CFO van de Groep wordt toegekend is echter belangrijk voor het strategisch en financieel management en voor de verdere ontwikkeling van de Vennootschap en de Azelis Groep in het algemeen. Met de verhoging van het aantal prestatie-aandelen dat in het kader van het LTIP 2023-2025 aan de CFO van de Groep wordt toegekend, wordt de algehele verloning van de CFO van de Groep, en met name zijn aandeel in het LTIP, opgetrokken naar wat gangbaar is in zijn beroepsgroep, zodat deze marktconform is.
De Raad van Bestuur is daarom van mening dat de voorgestelde goedkeuring van de verhoging van het aantal prestatie-aandelen voor de CFO van de Groep in het kader van het LTIP het belang van de Vennootschap dient en daarom gerechtvaardigd is.”
In het jaar 2023 was de aanwezigheid van de bestuurders op de vergaderingen van de Raad van Bestuur als volgt:
| Naam | Aanwezigheid |
|---|---|
| Antonio Trius | 12/12 |
| Alexandra Brand | 9/12 |
| Tom Hallam | 12/12 |
| Ipek Özsüer | 10/12 |
| Bert Janssens | 11/12 |
| Kristiaan Nieuwenburg | 11/12 |
| Hans Joachim Müller | 12/12 |
| Thijs Bakker1 | 10/12 |
De bestuursleden hebben verder unanieme schriftelijke besluiten goedgekeurd op respectievelijk 6 maart, 20 maart en 20 april 2023.
De Raad van Bestuur heeft twee adviescomités ingesteld die de Raad van Bestuur bijstaan en op specifieke gebieden aanbevelingen doen: het Audit- en Risicocomité en het Remuneratie- en Benoemingscomité. De bevoegdheden van deze comités zijn voornamelijk beschreven in het Charter.
Overeenkomstig het bepaalde in artikel 7:99 WVV staat het Audit- en Risicocomité de Raad van Bestuur bij in de uitvoering van zijn boekhoudkundige taken, audittaken en interne controles, en het houden van algemeen toezicht in ruime zin.
Het Audit- en Risicocomité brengt ook regelmatig verslag uit aan de Raad van Bestuur over de uitoefening van zijn taken. Daarbij kaart het comité zaken aan die naar zijn oordeel actie vereisen of verbetering behoeven, en doet het aanbevelingen over de te nemen maatregelen.
Het Audit- en Risicocomité bestaat uit ten minste drie niet-uitvoerende bestuurders, waarvan er één een onafhankelijke bestuurder is.
De leden van het Audit- en Risicocomité beschikken over een collectieve deskundigheid inzake de bedrijfsactiviteiten van de Vennootschap.
Op 31 december 2023 was het Audit- en Risicocomité als volgt samengesteld:
| Naam | Leeftijd | Functie | Lid sinds | Mandaat verstrijkt |
|---|---|---|---|---|
| Tom Hallam | 57 | Voorzitter | 2022 | AV 2025 |
| Antonio Trius | 68 | Lid | 2021 | AV 2025 |
| Bert Janssens | 47 | Lid | 2021 | AV 2025 |
De heer Tom Hallam is op 2 augustus 2022 benoemd tot lid en voorzitter van het Audit- en Risicocomité. Op basis van eerdere financiële functies die de heer Tom Hallam heeft bekleed, te weten Financial Director, Group Controller en Chief Financial Office, is de Vennootschap van mening dat hij beschikt over de deskundigheid op het gebied van accounting en auditing die op grond van het WVV is vereist.
Het Audit- en Risicocomité komt in beginsel ten minste vier keer per jaar samen en telkens wanneer het dit voor de uitvoering van zijn taken nodig acht.
In 2023 is het Audit- en Risicocomité vier keer samengekomen. Tijdens deze vergaderingen zijn de volgende belangrijke kwesties beoordeeld en besproken:
boekhouding en financiële verslaggeving;
auditplan, activiteiten en bevindingen;
interne audit;
herziening van de interne regels van het Comité met betrekking tot de ESG-verslaggeving;
Enterprise Risk Management;
IT-beveiliging;
duurzaamheid; en
juridische zaken en compliance.
Het Remuneratie- en Benoemingscomité heeft een raadgevende rol en bereidt besluiten van de Raad van Bestuur voor met betrekking tot de verloning en benoeming van bestuurders en de leden van het Uitvoerend Comité.
Tevens rapporteert het Remuneratie- en Benoemingscomité regelmatig aan de Raad van Bestuur over de uitoefening van zijn taken. Azelis Group NV heeft, overeenkomstig artikel 7:89/1 van het WVV en de Corporate Governance Code, een remuneratiebeleid opgesteld dat van toepassing is op de verloning van leden van de Raad van Bestuur
(uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders) en leden van het Uitvoerend Comité. Het remuneratiebeleid van Azelis is van kracht sinds het boekjaar dat op 1 januari 2022 is ingegaan. Het beleid is op 7 maart 2022 goedgekeurd door het Remuneratie- en Benoemingscomité en op 8 maart 2022 door de Raad van Bestuur, waarna het op 9 juni 2022 is goedgekeurd en bekrachtigd door de algemene vergadering van aandeelhouders.
Het is de bedoeling dat het beleid gedurende vier jaar van toepassing is vanaf de datum waarop het door de algemene vergadering van aandeelhouders is goedgekeurd, tenzij het Remuneratie- en Benoemingscomité voor die tijd om goedkeuring van materiële wijzigingen verzoekt.
Het Remuneratie- en Benoemingscomité bestaat uit ten minste drie bestuurders, allen niet-uitvoerende bestuurders en twee van hen onafhankelijke bestuurders.
De leden van het Remuneratie- en Benoemingscomité beschikken over de benodigde deskundigheid op het vlak van remuneratiebeleid.
Op 31 december 2023 was het Remuneratie- en Benoemingscomité als volgt samengesteld:
| Naam | Leeftijd | Functie | Lid sinds | Mandaat verstrijkt |
|---|---|---|---|---|
| Antonio Trius | 68 | Voorzitter | 2022 | AV 2025 |
| Alexandra Brand | 52 | Lid | 2021 | AV 2025 |
| Bert Janssens | 47 | Lid | 2021 | AV 2025 |
Het Remuneratie- en Benoemingscomité komt in beginsel ten minste twee keer per jaar samen en telkens wanneer het dit voor de uitvoering van zijn taken nodig acht.
Het Remuneratie- en Benoemingscomité is in 2023 vier keer samengekomen. In 2023 heeft het Remuneratie- en Benoemingscomité de volgende belangrijke kwesties beoordeeld en besproken:
remuneratiebeleid en -verslag;
vergoeding algemeen management team (AMT);
LTIP;
regeling variabele vergoeding voor de korte termijn;
benoemingen, interne overplaatsingen en aftredingen (met inbegrip van Raad van Bestuur, CEO van de Groep, Uitvoerend Comité en AMT);
opvolgingsplanning; en
personeelsverloop.
Het Uitvoerend Comité is op 4 september 2021 bij besluit van de Raad van Bestuur opgericht en sinds 21 september 2021 in functie. Het is een informeel uitvoerend comité in de zin van artikel 3:6, §3, laatste zin van het WVV. Het vormt geen directieraad/conseil de direction in de zin van artikel 7:104 WVV.
Het Uitvoerend Comité voert de taken uit die eraan zijn toegewezen door de Raad van Bestuur. De leden van het Uitvoerend Comité hebben daarnaast specifieke taken die de CEO aan hen heeft toegewezen. Het Uitvoerend Comité handelt onder toezicht van de Raad van Bestuur. Op 4 september 2021 heeft de Raad van Bestuur beslist om met ingang van 21 september 2021 bepaalde bevoegdheden over te dragen aan het Uitvoerend Comité.
Het Uitvoerend Comité bestaat uit de CEO, die als voorzitter van het Uitvoerend Comité optreedt, en de overige leden van het Uitvoerend Comité. De CEO wordt op advies van het Remuneratie- en Benoemingscomité door de Raad van Bestuur benoemd en ontslagen, en rapporteert rechtstreeks aan de Raad van Bestuur. De overige leden van het Uitvoerend Comité worden op advies van de CEO en het Remuneratie- en Benoemingscomité benoemd en ontslagen door de Raad van Bestuur.
Op 31 december 2023 bestond het Uitvoerend Comité uit de volgende leden:
| Naam | Leeftijd | Functie |
|---|---|---|
| Hans Joachim Müller1 | 64 | Chief Executive Officer |
| Thijs Bakker2 | 49 | Chief Financial Officer |
| Todd Cottrell | 49 | CEO Americas |
| Anna Bertona3 | 56 | CEO EMEA |
| Sertac Sürür | 53 | CEO Asia-Pacific |
De eerste leden van het Uitvoerend Comité zijn op 4 september 2021 door de Raad van Bestuur benoemd voor een periode van vier jaar, met ingang van 21 september 2021.
Op 3 augustus 2023 heeft Azelis bekendgemaakt dat de heer Hans Joachim Müller had besloten om eind 2023 af te treden als CEO van de Vennootschap. Op dezelfde datum is bekendgemaakt dat de Raad van Bestuur mevrouw Anna Bertona, de CEO EMEA, met ingang van 1 januari 2024 tot CEO heeft benoemd.
De CEO Americas, de heer Frank Bergonzi, is op 30 september 2023 afgetreden en sinds diezelfde datum geen lid meer van het Uitvoerend Comité. Op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité is de heer Todd Cottrell – de opvolger van de heer Frank Bergonzi als CEO Americas – in augustus 2023 met ingang van 1 oktober 2023 en tot en met 20 september 2025 benoemd als lid van het Uitvoerend Comité.
Als gevolg van de benoeming van mevrouw Anna Bertona tot CEO van de Vennootschap per 1 januari 2024 is mevrouw Evy Hellinckx – de opvolgster van mevrouw Anna Bertona als CEO EMEA – in september 2023 met ingang van 1 januari 2024 en tot en met 20 september 2025 benoemd als lid van het Uitvoerend Comité.
Mevrouw Ilse van den Brandt is als directiesecretaresse verbonden aan het Uitvoerend Comité.
Overeenkomstig artikel 7.4 van het Corporate Governance Charter hebben de niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur tijdens de vergadering van de Raad van Bestuur op 8 november 2023 het functioneren van het Uitvoerend Comité beoordeeld.
De CEO is verantwoordelijk voor de dagelijkse bedrijfsvoering van de Vennootschap. Hij of zij kan van de Raad van Bestuur aanvullende, duidelijk omschreven bevoegdheden toegewezen krijgen. De CEO draagt de directe operationele verantwoordelijkheid voor de Vennootschap en houdt toezicht op de organisatie en de dagelijkse gang van zaken bij de dochterondernemingen, verbonden vennootschappen en joint ventures van de Vennootschap. De CEO is verantwoordelijk voor de uitvoering en het beheer van de uitkomst van alle besluiten van de Raad van Bestuur.
Tot 31 december 2023 was de heer Hans Joachim Müller de CEO van de Vennootschap. De Raad van Bestuur had de heer Müller met ingang van 21 september 2021 en voor de duur van zijn mandaat als lid van het Uitvoerend Comité eveneens de bevoegdheden voor de dagelijkse bedrijfsvoering van de Vennootschap toegewezen, overeenkomstig artikel 7:121 WVV. Per 1 januari 2024 heeft de Raad van Bestuur dezelfde bevoegdheden voor de dagelijkse bedrijfsvoering van de Vennootschap toegewezen aan mevrouw Anna Bertona.
Hieronder volgt een beknopte beschrijving van de curricula vitae van de leden van het Uitvoerend Comité.
Zie voor de curricula vitae van Thijs Bakker, Hans Joachim Müller en Anna Bertona de paragraaf over de Raad van Bestuur in deze Corporate Governance-verklaring.
| Evy Hellinckx Chief Executive Officer EMEAIs in 2016 bij Azelis in dienst getreden als Strategy and Business Development Director voor EMEA. In die functie was ze verantwoordelijk voor het management van de principalen in alle segmenten in deze regio.Voordat mevrouw Hellinckx als CEO EMEA aan de slag ging, was ze Managing Director van Azelis Benelux. Daar heeft ze Azelis sterker op de kaart gezet en een bijdrage geleverd aan het ontwikkelen en doorvoeren van belangrijke strategische projecten in de regio.Voordat mevrouw Hellinckx bij Azelis kwam, heeft ze twee jaar bij de divisie Medical Devices van Johnson & Johnson gewerkt, en tien jaar als strategisch adviseur van Bain & Company. Ze heeft een master in de industriële wetenschappen van de Katholieke Universiteit Leuven. |
| Sertaç Sürür Chief Executive Officer APACTrad in 2015 als Managing Director toe tot Azelis Turkije.Van 2017 tot en met 2019 heeft de heer Sürür zijn rol van Managing Director van Azelis Turkije gecombineerd met de functie van Market Segment Director, Rubber & Plastics Additives in EMEA.Hij heeft meer dan 24 jaar ervaring in sales- en managementfuncties bij internationale chemische bedrijven als DSM, Brenntag en Ravago.In 2022 is de heer Sürür benoemd tot CEO APAC. Hij heeft een bachelor in Chemical Engineering van de Technische Universiteit Istanbul en een MBA van de National University in San Diego. | Todd Cottrell Chief Executive Officer AmericasIs in september 2023 bij Azelis in dienst getreden als CEO Americas. Hij had op dat moment al 30 jaar ervaring in het leiden van internationale ondernemingen in materialen en chemische stoffen die onder meer actief zijn in de luchtvaartsector en de markten voor coatings, afdichtingsmiddelen, kleefmiddelen en composieten.Voordat de heer Cottrell bij Azelis in dienst kwam, was hij Managing Director Americas bij Hempel A/S. Daarvoor heeft hij hogere managementfuncties bekleed bij Birla Carbon, Huntsman, Kraton Polymers en PPG. Tijdens zijn carrière heeft hij baanbrekende technologie voor speciale chemicaliën gelanceerd en daar bedrijven voor opgezet en verkocht.De heer Cottrell is lid van verschillende brancheorganisaties en is in het verleden bestuurslid geweest van de American Coatings Association en de Association for Materials Protection and Performance (AMPP). Hij heeft een bachelor in Chemical Engineering van de Technische Universiteit Michigan en een MBA van Fuqua College of Business van Duke University. | |
Het aandelenkapitaal van de Vennootschap bedroeg op 31 december 2023 € 5.879.999.963,10, vertegenwoordigd door 243.921.719 aandelen. Op 19 mei 2023 heeft de Raad van Bestuur gebruik gemaakt van haar machtiging om het kapitaal van de Vennootschap te verhogen met € 199.999.985,10, waarbij men 10.075.566 nieuwe aandelen uitgaf tegen een prijs van € 19,85 per aandeel met dezelfde rechten als reeds bestaande aandelen van de Vennootschap, binnen het raamwerk van het toegestane kapitaal zoals uiteengezet in de Statuten.
Azelis (AZE) is genoteerd op Euronext Brussel en maakt deel uit van Compartiment A van Euronext Brussel (Euronext Chemicals). Sinds december 2023 staat Azelis ook in de BEL®ESG-index van Euronext.
Alle door de Vennootschap uitgegeven aandelen behoren tot dezelfde klasse en zijn op naam of gedematerialiseerd. De Raad van Bestuur houdt een register bij waarin de namen en adressen van alle houders van aandelen op naam en alle andere wettelijk vereiste vermeldingen zijn opgenomen. Aandeelhouders kunnen te allen tijde ervoor kiezen om hun aandelen op naam op eigen kosten te laten omzetten in gedematerialiseerde aandelen, en omgekeerd, met inachtneming van bepaalde contractuele (lock-up)beperkingen voor aandelen die door het management van Azelis worden gehouden.
Volgens het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de Statuten zijn de door de Vennootschap uitgegeven aandelen vrij overdraagbaar, behoudens eventuele contractuele (lock-up)beperkingen.
Elk aandeel geeft zijn houder recht op één (1) stem op de Algemene Vergadering, aandelen in de winst en, tenzij anders beslist door de Algemene Vergadering of de Raad van Bestuur overeenkomstig het toegestane kapitaal, een voorkeurrecht om in te schrijven op nieuwe aandelen, converteerbare obligaties of warrants van de Vennootschap.
De Statuten bevatten geen beperkingen ten aanzien van het stemrecht. De Vennootschap is niet op de hoogte van aandeelhoudersovereenkomsten die aanleiding kunnen geven tot beperkingen op de uitoefening van stemrecht. Voor zover de Vennootschap bekend, zijn er geen houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten in de Vennootschap, behalve de voordrachtrechten die worden uiteengezet in de paragraaf 'Voordrachtrecht' van deze Verklaring inzake Corporate Governance.
Op grond van artikel 9 van de Statuten, krachtens een machtiging verleend door de Algemene Vergadering op 10 september 2021, met ingang van 21 september 2021, mag de Raad van Bestuur het aandelenkapitaal van de Vennootschap een of meerdere keren verhogen met een cumulatief bedrag van maximaal € 5.679.999.978. Na de kapitaalverhoging op 19 mei 2023 is de huidige machtiging beperkt tot een maximaal bedrag van € 5.479.999.992,90.
De Raad van Bestuur mag de modaliteiten van een dergelijke kapitaalverhoging bepalen, zoals de intrekking van voorkeurrechten, in overeenstemming met het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Deze machtiging omvat de beperking of intrekking van voorkeurrechten ten voordele van één of meer specifieke personen (al dan niet werknemers van de Vennootschap of haar dochterondernemingen) en in verband met kapitaalverhogingen in geval van een openbaar overnamebod (zie de paragraaf 'Toegestaan kapitaal' hieronder).
De kapitaalverhoging kan worden georganiseerd door middel van een inbreng in contanten of in natura of door omzetting van reserves. De Raad van Bestuur kan deze machtiging ook gebruiken voor de uitgifte van converteerbare obligaties, warrants of andere effecten.
De machtiging is van kracht tot 30 september 2026, behalve voor kapitaalverhogingen in het geval van een openbaar overnamebod, waarvoor de machtiging slechts geldt tot 21 september 2024.
Op grond van artikel 15 van de Statuten is de Vennootschap gerechtigd om – binnen de beperkingen van deze bepaling en van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen –, hetzij zelf hetzij via een rechtstreekse dochtervennootschap op of buiten een gereglementeerde markt, tot 20% van haar eigen aandelen in te kopen, tegen een prijs die voldoet aan de wettelijke voorschriften, maar die in geen geval meer dan 10% lager mag zijn dan de laagste slotkoers van de laatste 30 handelsdagen die aan de transactie voorafgaan en niet meer dan tien 10% hoger dan de hoogste slotkoers van de laatste dertig 30 handelsdagen die aan de transactie voorafgaan. Deze machtiging is geldig tot 30 september 2026.
De Raad van Bestuur is bovendien gemachtigd, met inachtneming van de toepasselijke bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, voor rekening van de Vennootschap eigen aandelen in te kopen indien deze inkoop noodzakelijk is ter voorkoming van een ernstig en dreigend nadeel voor de Vennootschap. Deze machtiging is geldig tot 30 september 2024.
Ten slotte is de Raad van Bestuur gemachtigd om op elk moment en tegen een prijs die hij bepaalt, alle of een deel van de door hem verworven aandelen, over te dragen onder de voorwaarden zoals vastgelegd in de Statuten en het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
In het kader van het aandeleninkoopprogramma 2023 dat op 20 maart 2023 van start ging, heeft de Vennootschap 150.000 aandelen teruggekocht voor een totaalbedrag van € 3.408.076,30. Dit is 0,06% van de totale uitstaande aandelen met een nominale waarde van € 3.615.914. Samen met de 133.400 aandelen die zijn teruggekocht in het kader van het aandeleninkoopprogramma van 2022, heeft de Vennootschap nu 283.400 aandelen in haar bezit, wat 0,12% van de totale uitstaande aandelen vertegenwoordigt. Azelis heeft in 2023 geen eigen aandelen afgestoten. Dit programma is bedoeld om verplichtingen in te dekken voor de toekenning van aandelen onder het langetermijnstimulusplan (LTIP) van Azelis.
Het dividendbeleid van de Vennootschap is om, onder voorbehoud van de beschikbaarheid van uitkeerbare reserves en de goedkeuring door de algemene vergadering en behoudens uitzonderlijke omstandigheden, een jaarlijks en niet-cumulatief dividend vast te stellen en uit te keren op basis van een beoogde uitbetalingsratio van 25 - 35% van de gerapporteerde nettowinst van de Groep. Het dividendbedrag en de beslissing om in een bepaald jaar al dan niet dividenden uit te keren, kunnen echter worden beïnvloed door een aantal factoren, waaronder de bedrijfsvooruitzichten, kasbehoeften en materiële groeimogelijkheden van de Vennootschap.
Het voorgestelde dividend voor het jaar dat eindigt op 31 december 2023 is gelijk aan een totaalbedrag van € 53,3 miljoen, hetgeen (afgerond) neerkomt op € 0,22 per aandeel, gebaseerd op het aantal gerechtigde aandelen uitstaand op 31 december 2023.
Voor het behoud van een voldoende actieve markt voor haar aandelen die worden verhandeld op Euronext Brussel, is Azelis een overeenkomst voor liquiditeitsverschaffing aangegaan met KBC Securities. Deze overeenkomst is op 16 mei 2022 in werking getreden en was op 31 december 2023 nog steeds van kracht.
De algemene vergadering van aandeelhouders wordt elk jaar gehouden op de tweede donderdag van juni, om 11.00 uur CET. De Raad van Bestuur zal, op de algemene vergadering van aandeelhouders die in juni 2024 wordt gehouden, voorstellen om deze datum vanaf volgend jaar te vervroegen naar de tweede donderdag van mei, om 11.00 uur CET.
Het onderstaande diagram geeft de aandeelhoudersstructuur weer, gebaseerd op het register van aandelen op naam van de Vennootschap en op transparantieverklaringen die tot 31 december 2023 door aandeelhouders zijn ingediend. Transparantieverklaringen zijn volgens de Belgische wetgeving en/of de Statuten verplicht, telkens wanneer een participatie de drempel van 3%, 5% of een veelvoud van 5% naar boven of naar beneden overschrijdt. Alle transparantieverklaringen die de Vennootschap heeft ontvangen, zijn beschikbaar op haar website in de paragraaf Shareholder information/Transparency notifications.
De hoofdaandeelhouder van Azelis Group NV is Akita I S.à r.l. (hierna 'Akita' of 'EQT' genoemd). Op basis van de meest recente transparantieverklaring die EQT heeft ingediend, is EQT VIII Collect SCSp de partij die uiteindelijke zeggenschap uitoefent over Akita. EQT VIII Collect SCSp wordt niet gecontroleerd door een van zijn aandeelhouders, maar wordt beheerd door EQT VIII (GP) SCS.
In overeenstemming met regel 8.7 van de Corporate Governance Code, moet "de Raad van Bestuur bespreken of het gepast zou zijn voor de Vennootschap om een relatieovereenkomst aan te gaan met de belangrijke of controlerende aandeelhouder". De Raad van Bestuur is van mening dat er momenteel geen noodzaak is om een relatieovereenkomst te sluiten. De Statuten, het Corporate Governance Charter, de huidige samenstelling van de Raad van Bestuur en de regels van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen bieden de Raad van Bestuur en EQT een voldoende duidelijk raamwerk voor hun relatie. Bovendien is EQT zelf een beursgenoteerde onderneming en als zodanig onderworpen aan uitgebreide openbaarmakingsverplichtingen.
De Vennootschap is niet op de hoogte van aandeelhoudersovereenkomsten die aanleiding kunnen geven tot beperkingen op de uitoefening van stemrecht.
Artikel 34 van het koninklijk besluit van 14 november 2007 betreffende de verplichtingen van emittenten van financiële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt, vereist dat beursgenoteerde bedrijven bepaalde items openbaar maken die een impact kunnen hebben in geval van een overnamebod.
Een uitgebreid overzicht van de kapitaalstructuur van de Vennootschap op 31 december 2023 is te vinden in de sectie 'Aandelenkapitaal en aandelen' van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.
Volgens het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de Statuten zijn de door de Vennootschap uitgegeven aandelen vrij overdraagbaar, behoudens eventuele contractuele (lock-up)beperkingen.
Voor zover de Vennootschap bekend, zijn er geen houders van effecten met bijzondere zeggenschapsrechten, behalve de voordrachtrechten die worden uiteengezet in de sectie 'Voordrachtrecht' van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.
De leden van de Raad van Bestuur, de leden van het Uitvoerend Comité en sommige andere belangrijke werknemers (waaronder bepaalde managers van nieuw verworven bedrijven) hebben de mogelijkheid gehad om in de Groep te investeren via een managementparticipatieplan. Onmiddellijk vóór afronding van de beursgang werden de effecten van de deelnemers aan het managementparticipatieplan vervangen door aandelen van de Vennootschap. Deze aandelen, voor zover niet verkocht als onderdeel van de beursgang, zijn onderworpen aan bepaalde contractuele (lock-up)beperkingen voor perioden variërend tussen één jaar en drie jaar na de beursgang. In het vierde kwartaal van 2023 en het eerste kwartaal van 2024 zijn of worden de meeste aandelen die in bezit waren van belangrijke werknemers, gedematerialiseerd en overgeboekt naar de persoonlijke effectenrekening van de desbetreffende personen. Op 31 december 2023 blijven de meeste aandelen van de huidige leden van de Raad van Bestuur en het Uitvoerend Comité in het bezit van de partnerschappen (te weten Akita Management Participation 1 SCSP en Akita Management Participation 2 SCSP) namens de deelnemers aan het managementparticipatieplan.
Op 4 september 2021 keurde de Raad van Bestuur het voorstel voor een langetermijnstimulusplan (LTIP) goed, dat vervolgens op 9 juni 2022 werd goedgekeurd door de Algemene Vergadering, met ingang van 1 januari 2022. Het LTIP voorziet in de toekenning van een bepaald aantal aandelen in de Vennootschap. Het LTIP voorziet niet in een controlemechanisme over de stemrechten die zijn verbonden aan de aandelen. Toekenningen kunnen onvoorwaardelijk worden aan het einde van een wachtperiode van drie jaar, d.w.z. de aandelen worden alleen geleverd als vooraf gedefinieerde prestatiedoelen zijn behaald, die worden gemeten over een prestatieperiode van drie jaar. Hoewel een beoogd aantal aandelen wordt toegekend aan het einde van de driejarige prestatieperiode, kan het beoogde aantal te leveren aandelen naar boven of beneden worden bijgesteld, afhankelijk van het werkelijk behaalde prestatieniveau. Wanneer de aandelen onvoorwaardelijk worden, wordt de eigendom van de aandelen (inclusief de aan deze aandelen verbonden rechten) overgedragen aan de deelnemers. In 2023 werden in totaal 169.788 aandelen toegekend onder het LTIP.
De Statuten van de Vennootschap bevatten geen beperkingen ten aanzien van de uitoefening van het stemrecht door de aandeelhouders, op voorwaarde dat de betrokken aandeelhouders voldoen aan alle formaliteiten om te worden toegelaten tot de Algemene Vergadering en zij de geldende regels inzake de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen hebben nageleefd.
De Vennootschap is niet op de hoogte van enige aandeelhoudersovereenkomst die een beperking inhoudt of zou kunnen inhouden op de overdracht van haar aandelen of de uitoefening van stemrechten verbonden aan haar aandelen.
De regels die van toepassing zijn op de benoeming en vervanging van leden van de Raad van Bestuur worden uiteengezet in de secties 'Benoeming' en 'Voordrachtrecht' in deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.
Statutenwijzigingen dienen te worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering. Voor goedkeuring is vereist dat ten minste 50% van het aandelenkapitaal aanwezig of vertegenwoordigd is en dat de houders van ten minste 75% van de uitgebrachte stemmen vóór stemmen. Indien het quorum niet wordt bereikt, kan een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen waarin geen quorum geldt. De bovengenoemde bijzondere meerderheidsvereiste blijft echter van toepassing.
In principe wordt de machtiging van de Raad van Bestuur om het aandelenkapitaal van de Vennootschap te verhogen, zoals beschreven in de sectie 'Toegestaan kapitaal' van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur, opgeschort wanneer de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) de Vennootschap in kennis stelt van een openbaar overnamebod op de effecten van de Vennootschap. De Algemene Vergadering kan echter, onder bepaalde voorwaarden, de Raad van Bestuur uitdrukkelijk machtigen om in een dergelijk geval het kapitaal van de Vennootschap te verhogen door aandelen uit te geven tot maximaal 10% van de bestaande aandelen op het moment van een dergelijk openbaar overnamebod, in overeenstemming met de aanvullende voorwaarden uiteengezet in artikel 7:202 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
Deze machtiging is verleend aan de Raad van Bestuur voor een periode van drie jaar die eindigt op 21 september 2024.
De mogelijkheid van de Raad van Bestuur om aandelen van de Vennootschap te verwerven voor rekening van de Vennootschap wordt toegelicht in de sectie 'Inkoop van eigen aandelen' van deze Verklaring inzake Deugdelijk Bestuur.
De volgende belangrijke overeenkomsten waarbij de Vennootschap of sommige van haar dochterondernemingen partij zijn, bevatten bepalingen inzake de wijziging van zeggenschap:
Faciliteitenovereenkomst. Op 6 september 2021 heeft Azelis Finance NV een doorlopende faciliteitenovereenkomst voor meerdere valuta afgesloten met bepaalde financiële instellingen voor de bedragen vermeld in toelichting 22, zoals gewijzigd in 2022 en 2023 (de 'Faciliteitenovereenkomst'), met als doel de Groep te herfinancieren in het kader van de beursgang. De Vennootschap stelt zich garant voor deze Faciliteitenovereenkomst. Indien zich een wijziging van zeggenschap, zoals gedefinieerd in de Faciliteitenovereenkomst, voordoet met betrekking tot de Vennootschap (d.w.z. een andere partij of partijen dan de huidige hoofdaandeelhouders EQT en PSP die zeggenschap verkrijgen), zijn de kredietverstrekkers onder de Faciliteitenovereenkomst niet langer verplicht om verder gebruik daarvan te financieren en hebben de kredietverstrekkers elk afzonderlijk het recht om van Azelis Finance NV te eisen dat zij de door hen verstrekte uitstaande kredieten vervroegd aflost.
Deze wijziging van zeggenschap is op 2 september 2021 goedgekeurd door de aandeelhouders overeenkomstig artikel 7:151 van het WVV.
LTIP. Het onvoorwaardelijk worden van de toekenningen die zijn gedaan onder het LTIP (langetermijnstimulusplan) kan onder bepaalde voorwaarden (zoals naleving van regelgeving en bepaalde belasting- en socialezekerheidsverplichtingen) worden versneld bij een publieke overname van de Vennootschap. Daarnaast kan de Raad van Bestuur in het geval van een publieke overname van de Vennootschap beslissen dat een toekenning automatisch wordt ingewisseld voor een gelijkwaardige toekenning van aandelen in de overnemende vennootschap of een andere vennootschap. De voorwaarden van het LTIP zijn tijdens de Algemene Vergadering van 9 juni 2022 bekrachtigd en goedgekeurd in overeenstemming met artikel 7:151 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen.
Schuldschein-leningsovereenkomsten. Op 15 december 2022 heeft Azelis Finance NV als kredietnemer zeven Schuldschein-leningsovereenkomsten afgesloten met een aantal financiële instellingen om de Groep verder te financieren, voor een totaalbedrag van € 150,5 miljoen. De Vennootschap stelt zich garant voor deze Schuldschein-leningsovereenkomsten. Indien zich een wijziging van zeggenschap, zoals gedefinieerd in de Schuldschein-overeenkomsten, voordoet met betrekking tot de Vennootschap (d.w.z. dat een andere partij of partijen dan de huidige hoofdaandeelhouders EQT en PSP zeggenschap verkrijgen), hebben de kredietverstrekkers onder de Schuldschein-leningsovereenkomsten elk afzonderlijk het recht om van Azelis Finance NV te eisen dat zij haar respectieve Schuldschein-leningsovereenkomst onmiddellijk terugbetaalt, vermeerderd met de opgebouwde rente. De relevante clausules inzake wijziging van zeggenschap zijn op de aandeelhoudersvergadering van 8 juni 2023 bekrachtigd en goedgekeurd overeenkomstig artikel 7:151 van het WVV.
Notes. Op 15 maart 2023 heeft Azelis Finance NV notes uitgegeven voor een totaalbedrag van € 400 miljoen, die in 2028 komen te vervallen. De Vennootschap stelt zich als moedermaatschappij garant. Indien er een wijziging van zeggenschap – zoals gedefinieerd in het contract waarin de relatie tussen de emittent, de garant en de trustee, de registerhouder, de transferagent en de betaalagent is vastgelegd – optreedt met betrekking tot de Vennootschap (d.w.z. dat een of meer andere partijen dan de huidige hoofdaandeelhouder EQT, PSP en het management van de Vennootschap direct of indirect de uiteindelijke begunstigden zijn of worden van meer dan 50% van de totale stemrechten van de Vennootschap), heeft elke obligatiehouder het recht om van Azelis Finance NV te eisen dat zij alle of een deel van de notes die deze obligatiehouder in bezit heeft, terugkoopt. Deze clausule inzake wijziging van zeggenschap is op de aandeelhoudersvergadering van 8 juni 2023 bekrachtigd en goedgekeurd overeenkomstig artikel 7:151 van het WVV.
De Vennootschap heeft geen overeenkomsten gesloten met leden van de Raad van Bestuur, dienstverleners of werknemers die zouden resulteren in de betaling van specifieke ontslagvergoedingen indien de leden van de Raad van Bestuur, dienstverleners of werknemers worden ontslagen of hun dienstverband of arbeidsovereenkomst wordt beëindigd als gevolg van een overnamebod.
De Vennootschap heeft maatregelen geïmplementeerd om te voldoen aan de Belgische Wet betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten van 2 augustus 2002 en het koninklijk besluit van 14 november 2007 dat hierop betrekking heeft, en de Verordening Marktmisbruik (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014, zoals omgezet in de Belgische wetgeving, om marktmisbruik zoals handel met voorwetenschap, het verstrekken van vertrouwelijke informatie en marktmanipulatie te voorkomen.
Daarnaast hanteert de Vennootschap regels voor het melden van transacties met betrekking tot de aandelen van de Vennootschap. De Vennootschap heeft op 4 september 2021, in het kader van haar Charter met ingang van 21 september 2021, een verhandelingsreglement (‘het Verhandelingsreglement’) aangenomen, dat beschikbaar is op haar website als onderdeel van het Charter.
Dit Verhandelingsreglement beschrijft de verplichtingen met betrekking tot voorafgaande kennisgeving, bekendmaking na afloop en handelwijzen die van toepassing zijn op de Raad van Bestuur, leden van het Uitvoerend Comité, bepaalde andere leidinggevende werknemers en andere personen, met betrekking tot transacties in aandelen en andere financiële instrumenten van de Vennootschap. Het Verhandelingsreglement legt beperkingen op voor het uitvoeren van transacties in aandelen en andere financiële instrumenten van de Vennootschap en staat bovenvermelde personen alleen gedurende bepaalde perioden toe te handelen, na voorafgaande goedkeuring door de General Counsel van de Groep.
Het Verhandelingsreglement wordt up-to-date gehouden zodat het de ontwikkelingen in wetgeving weerspiegelt. De General Counsel & Chief Compliance Officer van de Groep is verantwoordelijk voor de naleving van de wettelijke vereisten met betrekking tot informatieverschaffing en kennisgevingsplichten aan de FSMA en andere relevante beurs- of toezichthoudende autoriteiten.
Azelis Group NV heeft, overeenkomstig artikel 7:89/1 van het WVV en de Corporate Governance Code van 2020, een remuneratiebeleid opgesteld dat van toepassing is op de verloning van leden van de Raad van Bestuur (uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders) en leden van het Uitvoerend Comité. Het remuneratiebeleid van Azelis is van kracht sinds het boekjaar dat op 1 januari 2022 is ingegaan. De meest recente versie van het remuneratiebeleid is op 8 juni 2023 goedgekeurd door de algemene vergadering van aandeelhouders.
Het beleid is in principe van kracht voor een periode van vier jaar vanaf de datum waarop het door de algemene vergadering van aandeelhouders is goedgekeurd, tenzij het Remuneratie- en Benoemingscomité voor die tijd om goedkeuring van materiële wijzigingen verzoekt. Het remuneratiebeleid staat op de website van Azelis.
Dit zijn de belangrijkste doelstellingen van het remuneratiebeleid:
Ondersteunen van de bedrijfsstrategie van Azelis door het faciliteren van werving, behoud en motivering van bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité van het kaliber dat nodig is om een strategie uit te voeren waar alle stakeholders baat bij hebben.
Een goede balans vinden tussen enerzijds de noodzaak om de waarde van de Vennootschap langdurig duurzaam te laten groeien en anderzijds een sterke focus op de financiële kortetermijnresultaten om passend gedrag te stimuleren.
Een verloning bieden die concurrerend is ten opzichte van ondernemingen die vergelijkbaar zijn qua omvang, sector en complexiteit, en tevens aansluit bij de mate van verantwoordelijkheid en competentie van de individuele werknemer.
Alleen een hogere verloning bieden als op Groeps-, afdelings- en persoonlijk niveau ambitieuze prestatiedoelstellingen worden bereikt die duidelijk gekoppeld zijn aan de strategie en duurzame waardecreatie.
De belangen van bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité afstemmen van op de belangen van aandeelhouders door het Uitvoerend Comité deels in aandelen te belonen en door zowel bestuurders als leden van het Uitvoerend Comité verplicht een aandelenpakket te laten opbouwen en aanhouden.
Ondersteunen van doelstellingen op ecologisch, sociaal en bestuurlijk vlak door het remuneratiebeleid en de verloningsniveaus te koppelen aan de belangen van stakeholders.
Volgen van best practices en marktpraktijken en tegelijkertijd voldoende flexibiliteit behouden, zodat het Remuneratie- en Benoemingscomité kan inspelen op zakelijke behoeften wanneer deze zich voordoen.
De verloning van de bestuurders van Azelis Group NV is in overeenstemming met het remuneratiebeleid van de Vennootschap. Bij de verloning van de niet-uitvoerende bestuurders wordt rekening gehouden met hun rol als bestuurslid of voorzitter van het bestuur en de daarmee samenhangende verantwoordelijkheden en tijdsinvestering.
Elke onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder ontvangt een vaste jaarlijkse vergoeding, volledig in contanten, waarbij de kosten die redelijkerwijs verbonden zijn aan het bijwonen van bestuursvergaderingen door de Vennootschap worden vergoed. Het bedrag van de vaste vergoeding wordt niet automatisch aangepast. Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen variabele beloning die gekoppeld is aan resultaten of andere prestatiecriteria.
De verloning van de onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders is voor het laatst herzien tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders van 8 juni 2023 en is momenteel als volgt vastgesteld:
Bestuurdersvergoeding: jaarlijkse vergoeding van € 70.000 bruto.
Aanvullende vergoeding voor de voorzitter van de Raad van Bestuur: jaarlijkse vergoeding van € 30.000 bruto.
Aanvullende vergoeding voor de voorzitter van het Remuneratie- en Benoemingscomité en de voorzitter van het Audit- en Risicocomité: jaarlijkse vergoeding van € 20.000 bruto.
De aanvullende vergoeding die aan de voorzitter van de Raad van Bestuur en de voorzitters van het Remuneratie- en Benoemingscomité en het Audit- en Risicocomité wordt toegekend, kan samen met andere vergoedingen worden uitgekeerd. Voor comitéleden is geen aanvullende vergoeding vastgesteld, en er zijn geen aanwezigheidsvergoedingen.
De niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen enkel deel van hun verloning in de vorm van aandelen. Dit wijkt af van de aanbevelingen zoals beschreven in artikel 7.6 van de Corporate Governance Code. De belangen van de niet-uitvoerende leden van de Raad van Bestuur worden momenteel geacht voldoende gericht te zijn op het creëren van langetermijnwaarde voor de Vennootschap, zelfs als ze geen enkel deel van hun verloning ontvangen in de vorm van aandelen.
Wel zijn onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders verplicht om binnen een periode van vijf jaar een aandelenpakket op te bouwen en aan te houden met een waarde die gelijk is aan de waarde van hun vaste jaarlijkse vergoeding. Deze voorwaarde geldt sinds 1 januari 2022 en dient binnen vijf jaar te zijn vervuld.
Niet-onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders ontvangen geen verloning voor hun bestuurdersrol.
Uitvoerende bestuurders (CEO en CFO) ontvangen geen verloning voor hun bestuurdersrol.
| Naam | Functie | Verloning (in €) |
|---|---|---|
| Antonio Trius | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder (voorzitter) | 120,000 |
| Alexandra Brand | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder | 70,000 |
| Ipek Özsüer | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder | 70,000 |
| Tom Hallam | Onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurder | 90,000 |
| Bert Janssens | Niet-uitvoerende bestuurder | - |
| Kristiaan Nieuwenburg | Niet-uitvoerende bestuurder | - |
| Hans Joachim Müller | Uitvoerende bestuurder (CEO) | - |
| Thijs Bakker | Uitvoerende bestuurder (CFO) | - |
| Totale verloning | 350,000 |
De Raad van Bestuur bepaalt, op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité, de hoogte en structuur van de verloning van de CEO, CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité.
De hoogte van de verloning wordt – naast de salarissen en arbeidsvoorwaarden van de werknemers van Azelis – periodiek herzien om te beoordelen of deze nog concurrerend is ten opzichte van ondernemingen die vergelijkbaar zijn qua omvang, sector en complexiteit. De hoogte van de verloning wordt niet automatisch aangepast, en het remuneratiebeleid beoogt de belangen van de CEO, CFO en overige leden van het Uitvoerend Comité af te stemmen op die van de aandeelhouders door hen deels in aandelen van de Vennootschap te belonen.
Het totale verloningspakket voor de CEO, CFO en overige leden van het Uitvoerend Comité bestaat uit de volgende elementen:
De hoogte van de basisvergoeding is erop gericht gekwalificeerde en competente personen aan te trekken en te behouden. Bij het bepalen van de hoogte wordt rekening gehouden met de hoogte van de vergoeding voor vergelijkbare functies in vergelijkbare ondernemingen, de verantwoordelijkheden van de functie, relevante ervaring van de persoon in kwestie en diens prestaties binnen de relevante functie. Het Remuneratie- en Benoemingscomité kan jaarlijks of op een ander moment aan de Raad van Bestuur een met redenen omkleed voorstel doen om de basisvergoeding te verhogen. Elke verhoging dient in principe gelijke tred te houden met de verhogingen die worden toegekend aan werknemers in het land waarin de uitvoerende bestuurder is gestationeerd, maar de verhoging kan hoger zijn als bijvoorbeeld de functie, verantwoordelijkheden of individuele prestaties zijn gewijzigd.
Azelis biedt secundaire arbeidsvoorwaarden die in overeenstemming zijn met de lokale marktpraktijken en die nodig zijn om gekwalificeerde en competente personen aan te trekken en te behouden. Leden van het Uitvoerend Comité, met uitzondering van hen die via een beheermaatschappij of als zelfstandige werken, komen in aanmerking voor verschillende secundaire arbeidsvoorwaarden. Voorbeelden van geboden secundaire arbeidsvoorwaarden zijn:
Auto van de zaak met tankkaart of autokostenvergoeding
Zorgverzekering
Vergoeding verblijfskosten
Pensioenverzekering
De variabele kortetermijnbonus stimuleert het realiseren van de voornaamste jaarlijkse prioriteiten van de algemene bedrijfsstrategie, waarbij de nadruk op financiële resultaten op de korte termijn ligt. Deze bonus beloont tevens gedrag dat tot duurzame waardecreatie op de lange termijn leidt.
De variabele kortetermijnbonus is afhankelijk van zowel collectieve prestatiedoelen (op Groeps- en regionaal niveau voor functies met een regionale reikwijdte) als individuele prestatiedoelen. Alle doelstellingen voor de Groep en de regio’s zijn kwantitatief en financieel van aard.
De feitelijke variabele kortetermijnbonus wordt gebaseerd op het behalen van de prestatiedoelen die aan het begin van elk boekjaar worden vastgesteld.
De CEO en CFO ontvangen een kortetermijnbonus in contanten van 100% (CEO) en 85% (CFO) van het jaarlijkse basissalaris bij het bereiken van het vastgestelde doel, tot een maximum van 150% van het doel. De overige leden van het Uitvoerend Comité ontvangen een kortetermijnbonus in contanten van 50% tot 100% van het jaarlijkse basissalaris bij het bereiken van het vastgestelde doel, tot een maximum van 150% van het doel.
Deze contante bonus is afhankelijk van een bepaalde aangepaste EBITA (met een focus op organische groei), de kasstroom en individuele prestaties. Indien relevant wordt ook rekening gehouden met de regionale EBITA en het werkkapitaal.
Als het minimale prestatieniveau niet wordt behaald, bedraagt de uitbetaling nul.
Het STIP omvat de volgende prestatiecomponenten:
De Groepsprestatie (aangeduid als "doelrealisatie van de Groep" of het minimale prestatie niveau) wordt gemeten aan de hand van proforma EBITA (zonder STI) + ((gebudgetteerde nettoschuld verminderd met de werkelijke nettoschuld)/factor) ten opzichte van gebudgetteerde proforma EBITA (zonder STI). De Groepsprestatie heeft een dubbele functie:
⇨ Op basis van de Groepsprestatie wordt het totale bedrag van de variabele kortetermijnbonus bepaald dat wordt uitgekeerd en onder alle deelnemers wordt verdeeld.
⇨ Dit is een van de drie STI-componenten waarvan het uitbetalingspercentage de basis vormt voor de berekening van alle STI-componenten.
De bedrijfsprestaties naar regio (Americas, EMEA of Asia Pacific) worden berekend op basis van regionale EBITA en werkkapitaal, werkelijk versus begroot.
De individuele prestaties worden afgemeten aan niet-financiële, kwantitatieve doelen, met drie mogelijke uitkomsten: doel niet bereikt, gedeeltelijk bereikt of volledig bereikt.
Als het minimale prestatieniveau niet wordt behaald, bedraagt de STI-uitbetaling nul. Ter verduidelijking: het minimale prestatieniveau is gelijk aan de Groepsprestatie van het voorgaande jaar zoals hierboven gedefinieerd.
| In aanmerking komende deelnemers aan STI-plan | Groepsprestaties - gewicht | Regionale prestaties - gewicht1 | Individuele prestaties - gewicht |
|---|---|---|---|
| CEO, CFO | 80% | 20% | |
| Andere leden van het Uitvoerend Comité | 40% | 30% EBITA | 20% |
| 10% GWC2 |
De Raad van Bestuur is verantwoordelijk voor het goedkeuren van de prestatiedoelen en het beoordelen van de prestaties aan de hand van deze doelen, en dient daarbij rekening te houden met de feedback van het Remuneratie- en Benoemingscomité en, wanneer het de CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité betreft, met de standpunten en aanbevelingen van de CEO.
De variabele kortetermijnbonus wordt volledig in contanten uitbetaald vóór het einde van het tweede kwartaal van het boekjaar volgend op het prestatiejaar, zodra de gecontroleerde resultaten beschikbaar zijn en onder voorbehoud van definitieve goedkeuring door het Remuneratie- en Benoemingscomité. Er is geen uitstel van betalingen.
De variabele langetermijnbonus stimuleert het realiseren van de beleidsdoelstelling om de waarde duurzaam op de lange termijn te laten groeien door het behalen van prestatiedoelen op de lange termijn te belonen. De bonus bestaat uit Azelis-aandelen om de belangen van de CEO, CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité af te stemmen op de belangen van de aandeelhouders.
Tot en met 31 december 2021 had Azelis geen langetermijnbonusplan (‘LTIP’). De huidige en voormalige niet-uitvoerende bestuurders en leden van het Uitvoerend Comité en nog een aantal andere werknemers of consulenten van de Groep hadden aandelen in Akita Topco S.à r.l en zijn onmiddellijk voorafgaand aan de beursgang in september 2021 aandeelhouder van Azelis Group NV geworden.
Op 10 september 2021 heeft een buitengewone vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap het voorstel voor het invoeren van een langetermijnstimulusplan voor werknemers, bestuurders, leden van het Uitvoerend Comité en zelfstandige managers van een groepsentiteit aangenomen.
Met ingang van 1 januari 2022 kwamen de CEO, CFO en andere leden van het Uitvoerend Comité in aanmerking voor deelname aan het nieuwe LTIP, waarbij als bonus (jaarlijks) een specifiek aantal Azelis-aandelen wordt toegekend. Deze bonusaandelen zijn onderhevig aan een wachtperiode van ten minste drie jaar, d.w.z. de aandelen worden alleen geleverd indien de prestatiedoelen, gemeten over een prestatieperiode van drie jaar, worden behaald. De Raad van Bestuur stelt de doelstellingen en de beoordeling van de prestaties vast op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité.
Hoewel op het moment van toewijzing een beoogd aantal prestatieaandelen wordt toegekend (targetbonus), kan het beoogde aantal prestatieaandelen dat aan het einde van de driejarige prestatieperiode wordt geleverd naar boven of naar beneden worden bijgesteld, afhankelijk van de werkelijk behaalde prestaties.
De targetbonus voor de CEO, CFO en andere leden van het Uitvoerend Comité wordt berekend op basis van een percentage van hun basisvergoeding, waarbij de maximaal te ontvangen prestatieaandelen 150% van de targetbonus bedragen. De targetbonus voor de CEO, CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité staat vermeld in de tabel ‘Bedrag van de op aandelen gebaseerde beloning, toegekend aan de CEO, CFO en andere leden van het Uitvoerend Comité in 2023’.
De prestaties worden afgemeten aan objectief meetbare (financiële en niet-financiële) prestatie-indicatoren die de prestaties van Azelis als geheel weergeven. In het LTIP 2023 (prestatieperiode: 01-01-2023 – 31-12-2025) worden drie maatstaven gehanteerd:
Totaal aandeelhoudersrendement (TAR) vergeleken met een referentiegroep van 18 ondernemingen, exclusief Azelis – weging van 50%. De referentiegroep bestaat uit directe concurrenten van Azelis (ondernemingen die actief in de distributie van speciale chemicaliën en voedingsingrediënten) en andere distributieondernemingen, waaronder ondernemingen die actief zijn in meer dan één sector, in verschillende geografische gebieden om de internationale aanwezigheid van Azelis te weerspiegelen.
Organische EBITA-groei – weging van 35%
ESG-cijfers; vermindering CO2-uitstoot scope 1 en scope 2 – weging van 15%
Aan het einde van de driejarige prestatieperiode worden de resultaten geëvalueerd en getoetst aan de prestatiedoelen. De doelstellingen worden op het moment van toewijzing bekendgemaakt en worden doorgaans als volgt onvoorwaardelijk:
Onder drempelwaarde: voor prestaties onder de drempelwaarde is het aantal aandelen dat onvoorwaardelijk wordt nul.
Tussen drempelwaarde en target: het aantal aandelen dat onvoorwaardelijk wordt, wordt pro rata verhoogd van nul tot het aantal toegewezen aandelen.
Prestaties conform target: het aantal aandelen dat op de toewijzingsdatum wordt toegewezen, wordt volledig onvoorwaardelijk.
Prestaties boven target: het aantal aandelen dat op de toewijzingsdatum wordt toegewezen en onvoorwaardelijk wordt, stijgt pro rata en in overeenstemming met de behaalde prestaties, tot een maximum van 150% bij maximale prestaties.
Indien er een variabele langetermijnbonus verschuldigd is, worden de toegewezen aandelen naar verwachting vóór het einde van het tweede kwartaal van het boekjaar volgend op het einde van de prestatieperiode onvoorwaardelijk, d.w.z. zodra de gecontroleerde resultaten beschikbaar zijn en onder het voorbehoud van definitieve goedkeuring door de Raad van Bestuur, op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité.
De deelnemers hebben tijdens de prestatieperiode geen recht op uitkering van dividenden op de prestatieaandelen. Als de relevante prestatiedoelstellingen worden bereikt, kan de Raad van Bestuur echter op aanbeveling van het Remuneratie- en Benoemingscomité bepalen dat het aantal aan de deelnemer verschuldigde aandelen wordt verhoogd met een bedrag dat gelijk is aan de dividenden die de prestatieaandelen tijdens de prestatieperiode zouden hebben opgeleverd. Een dergelijke uitbetaling kan ook in contanten geschieden.
Azelis heeft marktconforme pensioenregelingen die in overeenstemming zijn met de lokale marktpraktijken en beschikbaar zijn voor werknemers. Leden van het Uitvoerend Comité, met uitzondering van hen die via een beheermaatschappij of als zelfstandige werken, hebben recht op deelname aan een pensioenregeling.
De Vennootschap heeft gedurende een periode van drie jaar vanaf de uitbetalingsdatum het recht om bedragen terug te vorderen die ten onrechte zijn uitbetaald op grond van onjuiste resultaten die nadien zijn aangepast of gecorrigeerd.
Er gelden wettelijke beperkingen voor de verloning van de CEO en de leden van het Uitvoerend Comité. Een variabele beloning kan alleen aan de CEO en de leden van het Uitvoerend Comité worden toegekend indien in de desbetreffende periode voldaan is aan de prestatiecriteria die uitdrukkelijk vermeld worden in de vigerende contractuele of andere bepalingen die de betrekkingen tussen hen en de Vennootschap regelen. Indien de variabele beloning meer dan 25% van het totale jaarlijkse verloningspakket uitmaakt, dient ten minste 25% van de variabele beloning gebaseerd te zijn op vooraf vastgelegde en objectief meetbare prestatiecriteria en moet de uitkering daarvan minstens twee jaar worden uitgesteld, en dient nog eens ten minste 25% te zijn gebaseerd op dezelfde criteria, waarbij de uitkering minstens drie jaar moet worden uitgesteld (tenzij de Statuten anders bepalen of een uitzondering uitdrukkelijk is goedgekeurd door de vergadering van aandeelhouders) (zie artikel 7:91 WVV). De Statuten machtigen de Vennootschap om van deze regel af te wijken, zoals toegestaan krachtens het WVV, maar de Vennootschap wijkt momenteel niet af van deze regel.
| In € | Vaste beloning / basis verloning | Variabele verloning | Totale directe compensatie | Buitengewone elementen | Secundaire arbeidsvoorwaarden | Totale verloning | Verhouding vaste / variabele verloning | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Naam, functie | Eén jaar | Meerdere jaren | Pensioen | Overige voorwaarden1 | ||||||
| Jaarlijkse kortetermijn-stimulus (STI)2 | Waarde van definitief verworven aandelen (LTI)3 | |||||||||
| Dr. Hans Joachim Müller, CEO | 622,113 | 401,4944 | NA | 1,023,607 | 3,267 | 53,487 | 1,080,361 | F | 62.5% | |
| V | 37.5% | |||||||||
| Thijs Bakker, CFO5 | 538,260 | 295,271 | NA | 833,531 | 833,531 | F | 64.6% | |||
| V | 35.4% | |||||||||
| Andere leden van het Uitvoerend Comité6 | 1,291,996 | 601,1507 | NA | 1,893,146 | 38,3918 | 15,009 | 297,600 | 2,244,146 | F | 71.5% |
| V | 28.5% | |||||||||
| Totaal | 2,452,368 | 1,297,915 | - | 3,750,284 | 41,6589 | 15,009 | 351,087 | 4,158,038 | ||
| Totaal waarvan vaste verloning | 2,818,464 | 67.8% | ||||||||
| Totaal waarvan variabele verloning | 1,339,573 | 32.2% | ||||||||
| Naam, functie | Beoogd STI- percentage 2023 (% van bruto basissalaris) | Prestatiemaatstaven en streefgewichten | Uitbetaling per prestatiemaatstaf en totaal (€) | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Dr. Hans Joachim Müller, CEO1 | 100% | Gewicht maatstaf voor Groepsprestaties | 80% | Maatstaf voor Groepsprestaties - uitbetaling | 321,195 | |
| Gewicht maatstaf voor individuele prestaties | 20% | Maatstaf voor individuele prestaties - uitbetaling | 80,299 | |||
| Totale uitbetaling | 401,494 | |||||
| STI-betaling - feitelijk vs. streefniveau | 65% | |||||
| Thijs Bakker, CFO | 85% | Gewicht maatstaf voor Groepsprestaties | 80% | Maatstaf voor Groepsprestaties - uitbetaling | 236,217 | |
| Gewicht maatstaf voor individuele prestaties | 20% | Maatstaf voor individuele prestaties - uitbetaling | 59,054 | |||
| Totale uitbetaling | 295,271 | |||||
| STI-betaling - feitelijk vs. streefniveau | 65% | |||||
| Andere leden van het Uitvoerend Comité2 | 78.3%3 | Gewicht maatstaf voor Groepsprestaties | 40% | Maatstaf voor Groepsprestaties - uitbetaling | 279,175 | |
| Gewicht maatstaf voor regionale prestaties | EBITA 30% | GWC 10% | Maatstaf voor regionale prestaties - uitbetaling EBITA en GWC gecombineerd) | 182,388 | ||
| Gewicht maatstaf voor individuele prestaties | 20% | Maatstaf voor individuele prestaties - uitbetaling | 139,587 | |||
| Totale uitbetaling | 601,150 | |||||
| STI-betaling - feitelijk vs. streefniveau | 56% | |||||
In 2023 zijn 96.290 prestatieaandelen, met een marktwaarde van € 2.306.145 ten tijde van de toekenning, toegekend aan de CEO, de CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité. Er zijn in 2023 geen prestatieaandelen onvoorwaardelijk geworden, zodat er geen vergoeding in de vorm van aandelen is uitgekeerd aan de CEO, de CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité.
| Naam, functie | Kenmerken van het aandelenplan | Informatie m.b.t. het verslagjaar | |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Vaststelling van het op aandelen gebaseerde remuneratieplan | Prestatie- periode | Toewijzings- datum | Datum van definitieve verwerving | Einde van aanhoudings-periode | Beginsaldo | Mutaties gedurende het jaar | Eindsaldo | ||||
| Aantal prestatie-aandelen per 1/1/2023 | Aandelen toegekend1 | Aandelen vervallen2 | Aandelen definitief verworven3 | Aantal aandelen toegewezen en niet definitief verworven op 31/12/2023 | Aantal aan te houden aandelen | ||||||
| Dr. Hans Joachim Müller, CEO | Prestatie- aandelen LTIP 2022 | 01/01/2022 - 31/12/2024 | 17/03/2022 | 17/03/2025 | N/A | 27,030 | -10,901 | 16,129 | N/A | ||
| Prestatie- aandelen LTIP 2023 | 01/01/2023 - 31/12/2025 | 01/03/2023 | 01/03/2026 | N/A | 0 | A) 25,404 B) EUR 608,423 C) 100% D) 150% | -18,334 | A) 0 B) EUR 0 | 7,070 | N/A | |
| Total: | 27,030 | A) 25,404 B) EUR 608,423 | -29,235 | A) 0 B) EUR 0 | 23,199 | ||||||
| Thijs Bakker, CFO | Prestatie- aandelen LTIP 2022 | 01/01/2022 - 31/12/2024 | 17/03/2022 | 17/03/2025 | N/A | 16,500 | 16,500 | N/A | |||
| Prestatie- aandelen LTIP 2023 | 01/01/2023 - 31/12/2025 | 01/03/2023 | 01/03/2026 | N/A | 0 | A) 22,474 B) EUR 538,260 C) 100% D) 150% | A) 0 B) EUR 0 | 22,474 | N/A | ||
| Total: | 16,500 | A) 22,474 B) EUR 538,260 | A) 0 B) EUR 0 | 38,974 | |||||||
| Frank Bergonzi, CEO & President Americas | Prestatie- aandelen LTIP 2022 | 01/01/2022 - 31/12/2024 | 17/03/2022 | 17/03/2025 | N/A | 24,000 | -10,000 | 14,000 | N/A | ||
| Prestatie- aandelen LTIP 2023 | 01/01/2023 - 31/12/2025 | 01/03/2023 | 01/03/2026 | N/A | 0 | A) 23,344 B) EUR 559,083 C) 100% D) 150% | -17,508 | A) 0 B) EUR 0 | 5,836 | N/A | |
| Total: | 24,000 | A) 23,344 B) EUR 559,083 | -27,508 | A) 0 B) EUR 0 | 19,836 | ||||||
| Anna Bertona, CEO & President EMEA | Prestatie- aandelen LTIP 2022 | 01/01/2022 - 31/12/2024 | 17/03/2022 | 17/03/2025 | N/A | 14,072 | 14,072 | N/A | |||
| Prestatie- aandelen LTIP 2023 | 01/01/2023 - 31/12/2025 | 01/03/2023 | 01/03/2026 | N/A | 0 | A) 13,049 B) EUR 312,515 C) 67.6% D) 150% | A) 0 B) EUR 0 | 13,049 | N/A | ||
| Total: | 14,072 | A) 13,049 B) EUR 312,515 | A) 0 B) EUR 0 | 27,121 | |||||||
| Sertaç Sürür, CEO APAC4 | Prestatie- aandelen LTIP 2022 | 01/01/2022 - 31/12/2024 | 17/03/2022 | 17/03/2025 | N/A | 1,882 | 1,882 | N/A | |||
| Prestatie- aandelen LTIP 2023 | 01/01/2023 - 31/12/2025 | 01/03/2023 | 01/03/2026 | N/A | 0 | A) 12,019 B) EUR 287,865 C) 100% D) 150% | A) 0 B) EUR 0 | 12,019 | N/A | ||
| Total: | 1,882 | A) 12,019 B) EUR 287,865 | A) 0 B) EUR 0 | 13,901 | |||||||
| Total | 83,484 | A) 96,290 B) EUR 2,306,145 | -56,743 | 123,031 | |||||||
De verloning van de onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders (‘Verloning van de Raad van Bestuur’) bevat geen reiskosten of andere door Azelis Group NV vergoede onkosten voor vergaderingen in het kader van hun mandaat als lid van de Raad van Bestuur en/of een adviescomité.
De verhouding tussen de hoogste verloning van een lid van het Uitvoerend Comité (CEO) en de laagste verloning van een werknemer van Azelis Group NV bedroeg in 2023 27,0 (in FTE) (2022: 38,6). De laagste verloning van een werknemer van Azelis Group NV wordt op dezelfde wijze en op basis van dezelfde criteria berekend als de verloning van de CEO.
| in € | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 | 2019 |
|---|---|---|---|---|---|
| Vergoeding van de Raad van Bestuur | 350,0001 | 326,6622 | 280,8003 | 240,0004 | 257,5005 |
| Verloning van de CEO, Dr. Hans Joachim Müller | 1,080,360 | 1,993,015 | 1,734,501 | 1,415,687 | 1,093,272 |
| Verloning van de CFO, Thijs Bakker | 833,531 | 1,160,250 | 1,236,224 | 882,314 | 646,606 |
| Verloning van andere leden van het Uitvoerend Comité6 | 2,244,1467 | 4,817,7538 | 4,179,438 | 3,147,825 | 2,527,990 |
| Totale verloning | 4,508,036 | 8,297,681 | 7,430,962 | 5,685,826 | 4,525,368 |
| Prestaties Azelis (in duizenden €, tenzij anders vermeld) | |||||
| Aangepaste EBITDA | 500,599 | 484,717 | 287,824 | 207,175 | 178,475 |
| Aangepaste EBITA | 466,260 | 456,872 | 267,922 | 189,553 | 163,340 |
| Nettowinst | 189,312 | 218,244 | 70,225 | 71,012 | 47,978 |
| Doelrealisatie van de Groep: mate waarin doel is bereikt9 | 90.5% | 112.2% | 110.8% | 106.2% | 99.6% |
| Werkkapitaal werkelijk niveau versus gebudgetteerd niveau: mate waarin doel is bereikt | |||||
| EMEA | 91.6% | 100.0% | 99.4% | 101.3% | 101.1% |
| Americas | 94.4% | 109.3% | 94.7% | 91.6% | 105.8% |
| Asia Pacific | 90.2% | 93.7% | 103.6% | 92.1% | 87.2% |
| Gemiddelde werknemers remuneratie, uitgedrukt in voltijdse equivalenten10 | |||||
| % jaarlijkse verandering op niveau van Azelis Group NV | 10.7%11 | -12 | - | - | - |
| % jaarlijkse verandering op geconsolideerd niveau | -9.5% | -0.1% | 3.4% | 0.9% | - |
In overeenstemming met principe 7.9 van de Belgische Corporate Governance Code 2020 heeft de Raad van Bestuur de volgende minimumdrempel vastgesteld voor het aanhouden van aandelen door de CEO, CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité:
De CEO is verplicht om een aandelenpakket op te bouwen en aan te houden ter waarde van 200% van de basisvergoeding.
Alle overige leden van het Uitvoerend Comité zijn verplicht om een aandelenpakket op te bouwen en aan te houden ter waarde van 100% van hun basisvergoeding.
Deze vereiste geldt sinds 1 januari 2022 en moet in een periode van vijf jaar worden bereikt. Voornoemde regeling is van toepassing op alle huidige en toekomstige benoemingen binnen het Uitvoerend Comité.
Alle overeenkomsten met de CEO, CFO en de overige leden van het Uitvoerend Comité zijn aangegaan voor onbepaalde duur.
Bij beëindiging van het dienstverband van de CEO, CFO of een ander lid van het Uitvoerend Comité gelden de volgende opzegtermijnen:
De dienstverleningsovereenkomst van de vertrekkende Chief Executive Officer, Hans Joachim Müller, kon door beide partijen worden opgezegd met een opzegtermijn van twaalf maanden tegen het einde van een kalendermaand. Bovendien had de CEO, in geval van opzegging door Azelis, anders dan omwille van dringende redenen, recht op een ontslagvergoeding ter hoogte van één maand bruto basissalaris per volledig jaar geleverde dienst op het moment van beëindiging van de dienstverleningsovereenkomst. De bijkomende overeenkomst met de CEO, die is gerelateerd aan diens dienstverleningsovereenkomst en op grond waarvan de CEO eveneens diensten verleent ten kantore van Azelis Group NV in België, kan door Azelis Deutschland GmbH tegen het einde van iedere maand worden beëindigd, met een opzegtermijn van één maand. Beëindiging van de dienstverleningsovereenkomst van de CEO had niet automatisch tot beëindiging van de bijkomende overeenkomst geleid.
De vertrekkende CEO & President Americas, Frank Bergonzi, was een werknemer wiens arbeidsovereenkomst op ieder moment door Azelis of hemzelf kon worden beëindigd en die in geval van beëindiging door Azelis zonder ‘dringende reden’ of in geval van beëindiging door hemzelf ‘om een goede reden’ recht had op de opgebouwde en onvoorwaardelijk verworven vergoedingen onder de secundaire arbeidsvoorwaarden van Azelis, doorbetaling gedurende een periode van 24 maanden na beëindiging van de overeenkomst conform de salarisregeling van Azelis, en de jaarlijkse pro rata-bonus voor het jaar van beëindiging op basis van de werkelijke resultaten voor dat jaar, dit alles op voorwaarde van afgifte van een vrijwaring ten gunste van Azelis.
De nieuwe CEO Americas, Todd Cottrell, is een werknemer wiens arbeidsovereenkomst op ieder moment door Azelis of hemzelf kan worden beëindigd en die in geval van beëindiging door Azelis zonder ‘dringende reden’ of in geval van beëindiging door hemzelf ‘om een goede reden’ recht heeft op de opgebouwde en onvoorwaardelijk verworven vergoedingen onder de secundaire arbeidsvoorwaarden van Azelis, doorbetaling gedurende een periode van 12 maanden na beëindiging van de overeenkomst conform de salarisregeling van Azelis, en de jaarlijkse pro rata-bonus voor het jaar van beëindiging op basis van de werkelijke resultaten voor dat jaar, dit alles op voorwaarde van afgifte van een vrijwaring ten gunste van Azelis.
De arbeidsovereenkomst van de CEO Asia Pacific kan door beide partijen worden beëindigd, met een opzegtermijn van zes maanden. In geval van beëindiging door Azelis om andere redenen dan een ‘dringende reden’ is Azelis gerechtigd de arbeidsovereenkomst van de CEO Asia Pacific onmiddellijk zonder voorafgaande kennisgeving op te zeggen en een vergoeding uit te keren die gelijk is aan de vertrekpremie zoals berekend volgens de toepasselijke wetgeving van Singapore.
De overige leden van het Uitvoerend Comité (d.w.z. de CFO, Thijs Bakker, en de CEO EMEA, Anna Bertona) zijn onderworpen aan een managementovereenkomst die door beide partijen kan worden beëindigd, met een opzegtermijn van zes maanden. In geval van opzegging door Azelis met onmiddellijke ingang hebben zij recht op een beëindigingsvergoeding die gelijk is aan zes maanden van de vaste vergoeding die wordt betaald op grond van hun managementovereenkomst. Evy Hellinckx, vanaf 1 januari 2024 de nieuwe CEO EMEA, is ook onderworpen aan een managementovereenkomst die door beide partijen kan worden beëindigd, met een opzegtermijn van zes maanden. In geval van opzegging door Azelis met onmiddellijke ingang heeft de CEO EMEA recht op een beëindigingsvergoeding die gelijk is aan zes maanden van de vaste vergoeding die wordt betaald op grond van hun managementovereenkomst.
Alle leden van het Uitvoerend Comité zijn na beëindiging van de overeenkomst gebonden aan een concurrentiebeding.
De CEO van de Groep was na effectieve beëindiging van de dienstverleningsovereenkomst gebonden aan een concurrentiebeding voor de duur van 12 maanden voor alle landen waarin Azelis actief is. Gedurende deze periode van 12 maanden had de CEO recht op een maandelijkse vergoeding ten bedrage van één twaalfde van 50% van zijn jaarlijkse bruto basissalaris, tenzij Azelis met inachtneming van een opzegtermijn van zes maanden op enig moment tijdens de arbeidsovereenkomst afstand had gedaan van de toepassing van het concurrentiebeding, in welk geval de verplichting tot betaling van de schadevergoeding zes maanden na de afstandsverklaring was komen te vervallen. Naar aanleiding van de pensionering van de Chief Executive Officer zijn, Azelis en de heer Müller overeengekomen dat afstand wordt gedaan van het concurrentiebeding en er geen vergoeding verschuldigd is.
De CEO Asia Pacific, Sertaç Sürür, is na effectieve beëindiging van de arbeidsovereenkomst gebonden aan een concurrentiebeding voor de duur van 12 maanden voor alle landen in de regio Asia Pacific waar Azelis actief is. Gedurende deze periode van 12 maanden heeft de CEO Asia Pacific recht op een maandelijkse vergoeding ten bedrage van één twaalfde van 60% van zijn laatstgenoten jaarlijkse bruto basissalaris gedurende de looptijd van het concurrentiebeding, tenzij Azelis op enig moment tijdens de looptijd van de arbeidsovereenkomst of binnen 15 dagen na kennisgeving over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, afstand doet van de toepassing van het concurrentiebeding, waarbij deze afstandsverklaring onmiddellijk in werking treedt.
De vertrekkende CEO & President Americas, Frank Bergonzi, die op 30 september 2023 is afgetreden, is na beëindiging van zijn dienstverleningsovereenkomst gebonden aan een concurrentiebeding voor de duur van 24 maanden.
De nieuwe CEO Americas, Todd Cottrell, is na effectieve beëindiging van de arbeidsovereenkomst gebonden aan een concurrentiebeding voor de duur van 12 maanden, die geldt voor alle landen waarin Azelis of zijn dochterondernemingen actief is of van plan is actief te worden op de datum waarop de overeenkomst eindigt.
De CFO, Thijs Bakker, en de CEO EMEA, Anna Bertona, zijn na beëindiging van hun managementovereenkomst elk gebonden aan een concurrentiebeding voor de duur van 12 maanden. Evy Hellinckx, vanaf 1 januari 2024 de nieuwe CEO EMEA, is na beëindiging van haar managemenetovereenkomst ook gebonden aan een concurrentiebeding voor de duur van 12 maanden.
Voor de variabele kortetermijnbonus geldt dat deelnemers zonder opzegging diensten moeten verlenen aan de Groep om deze beloning te kunnen ontvangen. Er zijn onvoorwaardelijke ‘good leaver/bad leaver’-regelingen van kracht voor het LTIP, conform de vigerende marktpraktijken.
Risicobeheer is een fundamenteel kenmerk van het bedrijfsmodel van Azelis dat onze prestaties versterkt. Door effectief risicobeheer kunnen we onze strategische doelstellingen realiseren en ons bedrijf duurzaam laten groeien. Ons ERM-kader (Enterprise Risk Management) omvat een wereldwijde aanpak van risicobeheer, die volledig is geïntegreerd in onze strategie en activiteiten. Met deze op risico's gebaseerde aanpak kunnen we de belangen van ons bedrijf op een effectieve manier afstemmen op die van onze stakeholders.
We hebben als bedrijf regelmatig te maken met onzekere factoren en juist door een gestructureerde aanpak van risicobeheer kunnen we deze risico's beperken en beheersen en er proactief op inspelen en tegelijkertijd kansen grijpen wanneer deze zich voordoen. Ondanks de voortdurende uitdagingen, zoals de toegenomen geopolitieke onzekerheid en een turbulent macro-economisch klimaat, onderstrepen onze prestaties nog steeds de veerkracht van onze mensen, ons bedrijfsmodel en onze bewezen staat van dienst als het gaat om het leveren van prestaties in tijden van onzekerheid.
Dankzij de diversiteit van onze activiteiten en onze geografische spreiding, samen met onze brede portfolio van producten, klanten en principalen, kunnen we het risico van een wezenlijke bedreiging voor de duurzame groei van de Groep en de aandeelhouderswaarde op lange termijn beperken. Zoals bij elk bedrijf zijn risico's en onzekere factoren echter inherent aan onze bedrijfsactiviteiten en kunnen ze een aanzienlijke impact hebben op onze financiën, activiteiten en reputatie.
De Raad van Bestuur van Azelis beoordeelt de risico's voor de onderneming en bepaalt onze risicobereidheid. Het Uitvoerend Comité van Azelis neemt actief deel aan dit proces en levert input. Na identificatie van de risico's worden deze beoordeeld en worden er risicobeperkende maatregelen geïmplementeerd voor de risico's die als prioriteit worden beschouwd.
Het Uitvoerend Comité gaat na in hoeverre de bestaande maatregelen toereikend zijn voor het inperken en beheersen van de risico's, en geeft aangewezen managers (de risico-eigenaren) de verantwoordelijkheid om deze maatregelen te implementeren. Interne Audit test hoe effectief de risicobeperkende maatregelen zijn, en de bevindingen worden gerapporteerd aan het Auditcomité, zodat de voortgang en de geïdentificeerde risico's objectief en onafhankelijk van het management kunnen worden gemonitord. Interne Audit heeft geregeld contact met Externe Audit om controleplannen en -resultaten te bespreken en te delen.
De CEO en CFO van de Groep en de Chief Compliance Officer vergaderen elk kwartaal, waarbij ze integraal rapporteren over onze compliance- en risicoprogramma's. De voorzitter van ons Audit- en Risicocomité en de CEO van de Groep fungeren daarbij als verantwoordelijken voor alle zaken met betrekking tot controles, gegevensbeveiliging en compliance.
Het risicobeheerkader van Azelis is een vijfstappencyclus, gericht op tijdige identificatie van risico's, systematische beoordelingen en adequate reacties die aansluiten bij de risicobereidheid van de onderneming. Hierbij wordt een breed scala aan risicofactoren direct geïntegreerd in het ERM-proces, wat resulteert in een robuuste en uitgebreide benadering van risicobeheer. Met deze benadering van risicobeheer verhogen we onze effectiviteit en efficiëntie en zorgen we voor een duurzame groei van ons bedrijf.
Het risicobeoordelingsproces van Azelis is gebaseerd op het COSO ERM-kader, waarin de belangrijkste risicocomponenten worden gedefinieerd, belangrijke principes en concepten worden besproken en duidelijke richtlijnen voor ERM worden gegeven. Het doel is om de aandacht van het management te richten op de belangrijkste bedreigingen en kansen, de basis te leggen voor risicorespons en ervoor te zorgen dat risiconiveaus worden beheerd binnen gedefinieerde tolerantiegrenzen, zonder dat ze worden onderworpen aan overmatige controles als gevolg waarvan Azelis kansen zou kunnen laten liggen.
Ter ondersteuning van ons ERM-kader maken we daarnaast gebruik van een op maat gemaakt GRC-platform (Governance Risk and Compliance), dat bestaat uit auditbeheersoftware die is ontworpen voor diverse aspecten van risicobeheer, zoals planning, risicobeoordelingen, veldwerk, analyses, probleembeheer en verslaggeving.
Met behulp van GRC kunnen risico's op twee manieren worden gerapporteerd en beperkt:
CSA-proces (Control Self-Assessment): op het niveau van de lokale entiteiten worden potentiële risico's en risicobeperkende actieplannen geïmplementeerd via een bottom-up-aanpak, waarbij alle risico's worden afgedekt die zich op lokaal niveau voordoen.
ERM-proces: op Groepsniveau gebruiken we ERM-processen om eventuele toekomstige algemene risico's te identificeren en te beoordelen die tijdens de bottom up-evaluatie mogelijk over het hoofd zijn gezien.
Het risicobeheerkader van de Groep is ontworpen met behulp van het three-lines-of-defense-model (3LOD). Dit model is geïmplementeerd om te zorgen dat er duidelijkheid bestaat over wie er verantwoordelijk is voor het beheersen en bewaken van risico's, zodat de juiste informatiestroom binnen de Groep wordt ondersteund.
Ons ERM-proces is binnen de gehele Groep verankerd om de verwezenlijking van onze strategische doelstellingen te bevorderen. Deze risicobeoordeling omvat een groepsbrede top-down- en bottom-up-evaluatie om de kans van optreden en de potentiële impact van risico's op de Groep op restniveau te bepalen. Door middel van diverse vragenlijsten en één-op-één-interviews wordt input verkregen van het senior business management en het functioneel management. Deze vragenlijsten en interviews vormen samen het risicoregister van de Groep. Ons risico-universum vormt de basis van de gesprekken en tijdens onze driejaarlijkse ERM-updatecyclus worden nieuwe en opkomende risico's toegevoegd nadat deze zijn geïdentificeerd en beoordeeld. Er is een standaardmethodiek voor risicoscores ontwikkeld die moet zorgen voor meer context en voor consistentie bij het rapporteren en evalueren van risico's.
De resultaten van dit proces worden samengevoegd om de belangrijkste risico's en onzekerheden voor de Groep te bepalen. Het Uitvoerend Comité beoordeelt en valideert deze risico's en levert waar nodig verdere input voordat ze worden voorgelegd aan het Auditcomité en de Raad van Bestuur voor een laatste beoordeling en definitieve goedkeuring.
Gedurende het jaar heeft de Raad van Bestuur de belangrijkste risico's van de Groep afgezet tegen onze risicobereidheid. Hoewel onze risicobereidheid in de loop van de tijd zal variëren, geldt dat we over het algemeen een gebalanceerde risicobenadering hanteren, waarbij we onze risicobereidheid in vijf categorieën indelen, van kleine risico's tot grote risico's. We willen de blootstelling aan financiële, operationele, IT-/cyber- en juridische en compliance-risico's tot een minimum beperken en tegelijkertijd zorgen voor een afweging tussen risico en beloning bij het nastreven van onze strategische doelstellingen.
De integriteit van ons bedrijf is van cruciaal belang en mag niet in gevaar worden gebracht. Daarom hanteren we een zerotolerancebeleid voor risico's die onze mensen kunnen beschadigen of die resulteren in het niet naleven van wet- en regelgeving. Anderzijds zijn we actief in een uitdagende en zeer competitieve markt; daarom beseffen we dat strategische, commerciële en investeringsrisico's nodig zijn om kansen te benutten en bedrijfsresultaten te behalen. We zijn daarom bereid bepaalde financiële en operationele investeringen te doen om onze groeidoelstellingen te halen en aanvaarden daarbij het risico dat de verwachte voordelen van deze investeringen niet altijd volledig worden gerealiseerd. We accepteren risico's op voorwaarde dat we er zeker van zijn dat we de potentiële voordelen en risico's volledig kunnen overzien en dat we gepaste maatregelen nemen om deze risico's te beperken.
Aan alle grote risico's van de Groep is een risico-eigenaar toegewezen, die ervoor moet zorgen dat er voldoende risicobeperkende maatregelen worden genomen zodat de risico's binnen de grenzen van onze risicobereidheid vallen. Het 3LOD-model zorgt ervoor dat deze risicobeperkende maatregelen en interne controles overal binnen de organisatie zijn ingebed en effectief zijn.
Op de jaarlijkse agenda van het Auditcomité staat een aantal updates van het risicobeheer met betrekking tot de grootste risico's van de Groep. Deze diepgaande updates omvatten de geschiedenis van het risico tot nu toe, de belangrijkste risicobeperkende maatregelen en controles, een overzicht van het restrisico en eventuele toekomstige acties die zijn gepland om vermeende of potentiële zwakke punten in de controle aan te pakken.
Het Auditcomité ontvangt van het Hoofd Interne Audit ook regelmatig updates over de effectiviteit van het risicobeheer en de interne controle, samen met overeengekomen risicobeperkende maatregelen om vastgestelde zwakke punten op te lossen.
Het Auditcomité en de Raad van Bestuur hebben de belangrijkste risico's en bijbehorende risicobereidheid formeel goedgekeurd en hebben bevestigd dat een grondige beoordeling van de belangrijkste en opkomende risico's van de Groep is voltooid, inclusief risico's die het bedrijfsmodel, de toekomstige prestaties, de solvabiliteit of de liquiditeit van de Groep kunnen bedreigen.
De interne controle op de financiële verslaggeving (ICFR) vormt bij Azelis een integraal onderdeel van de activiteiten en omvat onder meer risicobeoordelingen, beleidsmaatregelen, procedures en compliance. Op Groepsniveau beheert Group Controlling het verslaggevingsproces om te waarborgen dat de financiële verslaggeving volledig en juist is en aan de IFRS-vereisten voldoet.
Financiële verslaggeving en een verschillenanalyse ten opzichte van de begroting worden maandelijks opgemaakt door lokale entiteiten en beoordeeld op elk verantwoordelijkheidsniveau, van regionale Finance and Accounting directors tot Group Controlling en de CFO van de Groep. De maandelijkse verslaggeving wordt opgemaakt in onze ERP-systemen en geconsolideerd in ons verslaggevingsplatform voor de Groep. Naast de maandelijkse financiële verslaggeving voeren lokale controllers kasstroomanalyses, balansafstemmingen en analyses van bedrijfstrends uit, actualiseren ze prognoses en bespreken ze maandelijks de verschillenanalyse met Group Controlling.
De basis voor ICFR wordt gevormd door de Azelis Finance Manual, het beleid en de procedures, en afgedwongen door de organisatiestructuur op basis van duidelijke verantwoordelijkheids- en gezagsstructuren.
Via zijn informatie- en communicatiesystemen wil Azelis de markt voorzien van relevante, betrouwbare en correcte informatie over de ontwikkeling en financiële positie van de Groep.
Regelmatig wordt er financiële informatie gedeeld over:
Jaarverslagen en tussentijdse verslagen in de vorm van persberichten
Het geïntegreerde verslag
Persberichten over alle zaken die een belangrijke impact kunnen hebben op de aandelenkoers
Presentaties en telefonische conferenties voor financiële analisten, investeerders en persvertegenwoordigers.
De tabellen 'Overzicht van risico's' beschrijven de grootste risico's en onzekerheden waarvan de Raad van Bestuur heeft vastgesteld dat ze van invloed kunnen zijn op het behalen van de strategische doelstellingen. Deze risico's en onzekerheden zijn vastgesteld met behulp van het herziene risicobeoordelingsproces voor 2023; in de tabellen worden ook de geïmplementeerde risicobeperkende maatregelen toegelicht en wordt een update gegeven van alle veranderingen in het profiel van elk risico sinds de laatste update van de ERM-cyclus. Deze tabellen vormen geen uitputtende lijst van alle risico's die gevolgen kunnen hebben voor de Groep. Er zijn nog andere risico's die nog niet als wezenlijk worden beschouwd of die nog niet bekend zijn bij de Raad van Bestuur, maar die in de toekomst van materieel belang zouden kunnen worden. Evenzo kunnen bepaalde bestaande risico's kleiner worden naarmate er maatregelen van het management worden geïmplementeerd of naarmate er veranderingen optreden in de bedrijfsomgeving. De Raad van Bestuur zal risico's blijven monitoren in de context van relevante factoren, zoals een verhoogd niveau van geopolitieke en macro-economische onzekerheid, groei door geografische expansie en lopende overnames, evenals andere veranderingen in de externe omgeving die nieuwe risico's met zich mee kunnen brengen.
In 2023 hebben we onze ERM-cyclus volledig bijgewerkt. Dit omvatte het afspreken van projecttijdlijnen met het Uitvoerend Comité, het herzien en bijwerken van ons risicoregister voor de Groep om opkomende risico's toe te voegen, en het opnieuw beoordelen van onze grootste risico's door middel van vragenlijsten en interviews met het hogere management in al onze regio's. Hoewel er enkele veranderingen zijn geconstateerd in onze grootste risico's, beseft de Groep dat zij opereert in een dynamische omgeving waar risico's voortdurend veranderen en gaat zij door met het ontwikkelen van risicobeperkende maatregelen om deze risico's aan te pakken.
Het wereldwijde inflatoire klimaat is versterkt door de geopolitieke instabiliteit als gevolg van de invasie in Oekraïne en de politieke spanningen in het Midden-Oosten. Dit heeft geleid tot macro-economische onzekerheid in sommige markten waarin we actief zijn, en de inflatie heeft een negatieve invloed gehad op de energieprijzen, de kosten van grondstoffen en de toeleveringsketens. Onze managementteams houden de situatie nauwlettend in de gaten en laten voortdurend zien dat ze flexibel zijn en de juiste risicobeperkende maatregelen kunnen nemen om verstoringen in de toeleveringsketen te minimaliseren en te zorgen voor een betrouwbare levering aan onze klanten.
We willen de invloed van onze bedrijfsactiviteiten op het milieu voortdurend verminderen, met name op het gebied van klimaatverandering en afval.
In verband met de klimaatverandering proberen we efficiënter met energie om te springen en meer groene stroom te gebruiken bij onze eigen bedrijfsactiviteiten. Verder helpen we principalen en leveranciers met het verminderen van hun uitstoot, zodat ze hun eigen targets halen.
Voor het afvalbeheer is in Action 2025 een stappenplan opgenomen voor het nemen van preventieve maatregelen en het invoeren van waterdichte procedures en een streng verslaggevingsproces. Sinds 2022 richten we ons op onze belangrijkste bedrijfsafvalstromen: magazijnen, laboratoria, productielocaties en producten die als afval worden afgevoerd. In 2023 hebben we onze afvalverslaggeving verder uitgebreid en nauwkeuriger gemaakt. Hiervoor maken we gebruik van actuele informatie of onderbouwde schattingen voor de gehele Groep.
We leggen ook sterk de nadruk op het behalen van onze doelstelling van nul milieu-incidenten en willen ervoor zorgen dat elk bedrijf dat we overnemen, conform onze milieunormen werkt. Zie voor meer informatie over onze milieurisico's Ons milieu.
Opkomende risico's worden beschouwd als een onderdeel van het risicobeoordelingsproces. Deze risico’s worden in kaart gebracht door middel van horizonscanning, een permanente dialoog met de branche en door op de hoogte te blijven van veranderingen in de markt en de branche. Gezien de aard van deze risico's kan het moeilijk zijn om ze te kwantificeren door een gebrek aan gegevens of vanwege de langere tijdsperiode. Opkomende risico's die we in de gaten houden zijn onder andere inflatie en financiële onzekerheid, veranderingen in ESG-regelgeving, verstoring van het arbeidsmodel en technologische innovatie en disruptie.
| Risico | Omschrijving | Risicotrend | Impact | Hoe beheersen we het risico? |
|---|---|---|---|---|
| Financiële onzekerheid | Financiële onzekerheid als gevolg van onzekerheid over de vraag, inflatie, kredietschaarste en voorzichtigheid bij investeerders. | Gevolg: risico op over-/onderinvestering, overdreven kostenbesparingen of snel achterhaalde kasstroomprognoses. Risico op toegenomen druk om kosten te verlagen en groeistrategieën te herzien. | Gezien onze wereldwijde aanwezigheid zijn de verkopen van Azelis evenwichtig verdeeld over de belangrijkste regio's en tussen ontwikkelde en opkomende markten. We houden het financiële landschap in al onze belangrijke markten voortdurend in de gaten om te kunnen anticiperen op potentiële probleemgebieden, zodat we onze activiteiten snel kunnen aanpassen als de omstandigheden veranderen. Mogelijke aanpassingen zijn:
| |
| Geopolitiek, opkomende markten en een macro-economisch klimaat | Verandering in de economische of politieke context met negatieve gevolgen vanwege handelsconflicten, wereldwijde liquiditeitstekorten, machtswisselingen of wereldwijde isolatie. Defensieve maatregelen om de lokale productie te stimuleren en buitenlandse inmenging in belangrijke sectoren zoveel mogelijk te beperken, verhogen het risico op steunmaatregelen, strengere screening van investeringen, beleid voor datalokalisatie, visumverboden en uitsluiting van bedrijven uit belangrijke markten. | Als we er niet in slagen veranderingen en volatiliteit in de markten van de Groep te monitoren en erop in te spelen, kan dit de toekomstige groei en winstgevendheid van de Groep negatief beïnvloeden. |
| |
| Fusies en overnames | Overnames blijven een kernelement van de groei- en portfoliostrategie van de Groep, wat risico's met zich meebrengt rondom het tempo van fusies en overnames, due diligence, uitvoering, integratie of splitsing van activiteiten en het optimaliseren van synergieën. | Als we er niet in slagen acquisities tijdig en effectief te identificeren, uit te voeren en efficiënt te integreren en potentiële synergieën tijdig en effectief te benutten, kan dit de winstgevendheid beïnvloeden en de strategische ontwikkeling van de Groep belemmeren. |
| |
| Consolidatie onder leveranciers en distributeurs | Verlies van relaties met principalen en klanten en verlies van marktaandeel door toenemende consolidatie in de sector onder leveranciers en distributeurs, vaak onder impuls van concurrenten die eigendom zijn van private equity. | Als we de consolidatie in de sector niet opmerken en er niet op anticiperen, kan dit leiden tot een grotere afhankelijkheid van bepaalde principalen, een verslechterde onderhandelingspositie en, als gevolg daarvan, marge-erosie. |
|
| Risico | Omschrijving | Risicotrend | Impact | Hoe beheersen we het risico? |
|---|---|---|---|---|
| Cyber- en informatiebeveiliging | Cyberaanvallen (waaronder identiteitsdiefstal en gebrekkige wachtwoordbeveiliging) en andere bedreigingen voor kritieke IT-infrastructuur die resulteren in uitval van IT-systemen en bedrijfsonderbrekingen (bijv. het niet kunnen bedienen van principalen en klanten).Het macro-risiconiveau blijft stijgen naarmate het aantal aanvallen tegen vooraanstaande, vergelijkbare bedrijven toeneemt. | Een succesvolle cyberaanval, intern lek of andere systeemfout kan leiden tot diefstal, verduistering van belangrijke activa en/of persoonlijke gegevens en verstoring van de belangrijkste bedrijfsactiviteiten. Dit kan aanzienlijke gevolgen hebben voor de klant of voor de financiële situatie, de reputatie en/of de regelgeving van de Groep. |
| |
| Afhankelijkheid van strategische principalen | Verlies en afhankelijkheid van strategische en individuele principalen/leveranciers en onvermogen om principalen aan te trekken en te behouden. | Beëindiging van de relatie met een belangrijke leverancier kan een zeer nadelig effect hebben op de productportfolio, de verkoopvolumes, de omzet en de winstmarges van de onderneming. | Azelis onderhoudt nauwe banden met principalen, wat essentieel is om onze groeistrategie te realiseren. Door op een open en transparante manier te handelen richting principalen en door ons te richten op het uitbreiden van de productmerken van principalen, streeft Azelis naar het onderhouden van langdurige relaties. | |
| Mensen | Onvermogen om werknemers met veel potentieel en getalenteerde mensen aan te trekken en te behouden.Afhankelijkheid van één bron van deskundigheid voor sleutelposities (inclusief hogere managementfuncties) zonder adequate back-up of opvolgingsplanning.Opleidings- en ontwikkelingsprogramma's die ontoereikend of onvoldoende effectief zijn. | Gevolgen voor concurrentievermogen, innovatie, hogere wervingskosten en het algehele bedrijfssucces.Gevolgen voor stabiliteit, continuïteit en succes op lange termijn - met inbegrip van maar niet beperkt tot tekort aan talent, verstoring van leiderschap, verlies van kennis en expertise, en risico van reputatieschade.Beperkte mogelijkheden voor het vergroten van vaardigheden, loopbaanontwikkeling en het risico dat talent verloren gaat. |
| |
| Voorraadbeheer | Gebrekkig voorraadbeheer; gebrek aan eigenaarschap en ineffectieve verkoop- en operationele planning. | Ineffectief voorraadbeheer leidt tot te hoge voorraadniveaus, die vervolgens niet of alleen met negatieve marges kunnen worden verkocht (bijv. verouderde voorraad). |
|
| Risico | Omschrijving | Risicotrend | Impact | Hoe beheersen we het risico? |
|---|---|---|---|---|
| Belastingen | Vanwege zijn wereldwijde netwerk wordt de Groep blootgesteld aan een steeds complexere en veranderende internationale belastingomgeving. | De belastingverplichtingen of rapportagevereisten van de Groep kunnen negatief worden beïnvloed door lokale of internationale wetswijzigingen, veranderende juridische interpretaties, belastingcontroles of beoordelingen van verrekenprijzen. |
| |
| Treasury | Gezien de internationale schaal van de activiteiten van de Groepvinden er transacties en activiteiten plaats in vele rechtsgebieden, waardoor de Groep blootgesteld wordt aan risico's met betrekking tot liquiditeit, wisselkoersen, rentetarieven en tegenpartijen. | Als deze risico's niet worden beheerst, kan dit een negatieve invloed hebben op de financiële prestaties van de Group. |
|
De externe audit van de statutaire en geconsolideerde jaarrekening van Azelis Group NV is toevertrouwd aan PwC Bedrijfsrevisoren BV/Reviseurs d’Entreprises SRL, Culliganlaan 5, B-1831 Diegem, België, vertegenwoordigd door Peter Van den Eynde BV, met als vaste vertegenwoordiger Peter Van den Eynde. De commissaris wordt door de algemene vergadering van aandeelhouders benoemd voor een hernieuwbare termijn van drie jaar.
Het huidige mandaat van PwC Bedrijfsrevisoren BV / Reviseurs d'Entreprises SRL is om op te treden als commissaris van de Vennootschap voor de drie jaar eindigend op de datum van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders die wordt bijeengeroepen om te beslissen over de jaarrekening van en voor het jaar eindigend op 31 december 2023.
Het mandaat van de commissaris, PwC Bedrijfsrevisoren BV / Reviseurs d'Entreprises SRL, zal eindigen op de algemene aandeelhoudersvergadering (die zal worden gehouden op 13 juni 2024) die zal beslissen over de goedkeuring van de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2023. De Raad van Bestuur stelt, op aanbeveling van het Audit- en Risicocomité, voor om dit mandaat te verlengen voor een periode van drie (3) jaar, eindigend op de datum van de algemene vergadering van aandeelhouders die zal beslissen over de goedkeuring waarop de jaarrekening voor het boekjaar eindigend op 31 december 2026.
De commissaris voert controles uit in overeenstemming met de internationale controlestandaarden (ISA) en levert een verslag waarin bevestigd wordt of de statutaire jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening van de Vennootschap een waar en getrouw beeld geven van de activa, de financiële toestand en de resultaten van de Vennootschap.
De honoraria voor de controle van de jaarrekeningen van Azelis Group NV en haar dochterondernemingen worden vastgesteld door de algemene vergadering van aandeelhouders, na beoordeling en goedkeuring door het Audit- en Risicocomité en de Raad van Bestuur van de Vennootschap.
Voor meer informatie over de honoraria voor controle- en niet-controlediensten van de commissaris voor het boekjaar eindigend op 31 december 2023, zie in de toelichting Externe diensten en overige kosten bij de geconsolideerde jaarrekening van de Vennootschap.
Voor zover hem bekend verklaart de Raad van Bestuur van Azelis Group NV, namens en voor rekening van de Vennootschap, dat:
de geconsolideerde jaarrekening, opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards ("IFRS") zoals goedgekeurd door de Europese Unie, een getrouw beeld geeft van de activa, passiva, financiële positie en winst of het verlies van de Vennootschap en de in de consolidatiekring opgenomen entiteiten; en
het verslag van de Raad van Bestuur met betrekking tot de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld geeft van de ontwikkeling en prestaties van de bedrijfsactiviteiten en de positie van de Vennootschap en de in de consolidatiekring opgenomen entiteiten, tezamen met een beschrijving van de belangrijkste risico's en onzekerheden waarmee zij worden geconfronteerd.
Antwerpen, België, 5 maart 2024
Namens de Raad van Bestuur,
Anna Bertona, Chief Executive Officer
Thijs Bakker, Chief Financial Officer
In het kader van de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van Azelis Group NV (de “Vennootschap”) en haar filialen (samen “de Groep”), leggen wij u ons commissarisverslag voor. Dit bevat ons verslag over de geconsolideerde jaarrekening en de overige door wet- en regelgeving gestelde eisen. Het vormt één geheel en is ondeelbaar.
Wij werden benoemd in onze hoedanigheid van commissaris door de algemene vergadering van 10 juni 2021, overeenkomstig het voorstel van de raad van bestuur. Ons mandaat loopt af op de datum van de algemene vergadering die beraadslaagt over de jaarrekening voor het boekjaar afgesloten op 31 december 2023. Wij hebben de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening van de Vennootschap uitgevoerd gedurende 3 opeenvolgende boekjaren.
Wij hebben de wettelijke controle uitgevoerd van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep, die de geconsolideerde balans op 31 december 2023 omvat, alsook de geconsolideerde resultatenrekening, het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, het geconsolideerd overzicht van mutaties in het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht over het boekjaar afgesloten op die datum, en de toelichting met de belangrijkste gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen. Deze geconsolideerde jaarrekening vertoont een totaal van het geconsolideerd overzicht van de financiële positie van EUR 5.572.228 duizend en het geconsolideerd overzicht van gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten sluit af met een winst van het boekjaar van EUR 189.312 duizend.
Naar ons oordeel geeft de geconsolideerde jaarrekening een getrouw beeld van het vermogen en de geconsolideerde financiële toestand van de Groep per 31 december 2023, alsook van zijn geconsolideerde resultaten en van zijn geconsolideerde kasstromen over het boekjaar dat op die datum is afgesloten, in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften.
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens de internationale controlestandaarden (ISA’s) zoals van toepassing in België. Wij hebben bovendien de door de IAASB goedgekeurde internationale controlestandaarden toegepast die van toepassing zijn op de huidige afsluitdatum en nog niet goedgekeurd zijn op nationaal niveau. Onze verantwoordelijkheden op grond van deze standaarden zijn verder beschreven in de sectie “Verantwoordelijkheden van de commissaris voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening” van ons verslag. Wij hebben alle deontologische vereisten die relevant zijn voor de controle van de geconsolideerde jaarrekening in België nageleefd, met inbegrip van deze met betrekking tot de onafhankelijkheid.
Wij hebben van de raad van bestuur en van de aangestelden van de Vennootschap de voor onze controle vereiste ophelderingen en inlichtingen verkregen.
Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.
Kernpunten van onze controle betreffen die aangelegenheden die naar ons professioneel oordeel het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode. Deze aangelegenheden zijn behandeld in de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening als geheel en bij het vormen van ons oordeel hierover, en wij verschaffen geen afzonderlijk oordeel over deze aangelegenheden.
| Kernpunt van de controle | Onze auditbenadering met betrekking tot het kernpunt van de controle |
|---|---|
| Test op bijzondere waardeverminderingen op goodwill en distributierechtenZie toelichtingen 2.4, 2.5 en 15 in de geconsolideerde jaarrekeningAzelis groeit haar activiteiten organisch en door middel van overnames. De Groep heeft op haar geconsolideerde balans per 31 december 2023 EUR 2.409 miljoen aan goodwill en EUR 1.349 miljoen aan immateriële activa, waarvan EUR 998 miljoen gerelateerd is aan distributierechten en EUR 317 miljoen aan de merknaam ‘Azelis’.In 2023 stegen goodwill en immateriële activa met EUR 414 miljoen, voornamelijk door de verschillende overnames die plaatsvonden in de loop van 2023.Goodwill wordt toegewezen aan de drie Kasstroom-genererende Eenheden (‘KGE’) die door de Groep zijn geïdentificeerd zoals beschreven in toelichting 15.1. De Groep is verplicht om een jaarlijkse test op bijzondere waardeverminderingen op goodwill en immateriële activa met onbepaalde levensduur uit te voeren. De immateriële activa met een beperkte levensduur worden bij elke rapportageperiode op individuele basis beoordeeld op eventuele aanleidingen voor bijzondere waardeverminderingen.De boekwaarde van deze activa is afhankelijk van toekomstige kasstromen en er bestaat een risico dat de activa een bijzondere waardevermindering ondergaan als deze kasstromen niet voldoen aan de verwachtingen van de Groep. De test op bijzondere waardeverminderingen die door de Groep is uitgevoerd bevat een aantal belangrijke beoordelingen en schattingen, waaronder de gewogen gemiddelde kapitaalkosten, eeuwigdurende groei op lange termijn en aangepaste EBITA-marge.We beschouwen dit als een Kernpunt van onze controle vanwege de significante waarde van deze activa in de geconsolideerde balans en de benodigde inschattingen bij het beoordelen van deze activa op bijzondere waardeverminderingen. | Onze controlewerkzaamheden omvatten het volgende:
|
| Kernpunt van de controle | Onze auditbenadering met betrekking tot het kernpunt van de controle |
|---|---|
| Boekhoudkundige verwerking van bedrijfscombinatiesZie toelichting 7 in de geconsolideerde jaarrekeningDe Groep heeft in de loop van het jaar verschillende aandelenovereenkomsten afgesloten die hebben geleid tot bedrijfscombinaties onder IFRS 3.De belangrijkste activa die bij deze acquisities zijn geïdentificeerd, bestaan uit goodwill en distributierechten van respectievelijk EUR 256 miljoen en EUR 248 miljoen.IFRS 3 vereist dat management een beoordeling maakt en veronderstellingen gebruikt bij het bepalen van de reële waarde van geïdentificeerde activa en verplichtingen en om de resulterende goodwill te bepalen.Bij het schatten van de reële waarden moest het management belangrijke veronderstellingen maken met betrekking tot toekomstige kasstromen, in het bijzonder om de reële waarde van de distributierechten te kunnen schatten. De belangrijkste veronderstellingen hebben betrekking op de disconteringsvoet, het verloop van leveranciers en het deel van de omzet dat kan worden toegerekend aan de belangrijkste leveranciers, evenals de groeipercentages van de omzet.We hebben de boekhoudkundige verwerking van bedrijfscombinaties geïdentificeerd als een Kernpunt van onze controle en de beoordelingen van het management die nodig waren om de reële waarde te schatten. | Onze controlewerkzaamheden omvatten het volgende:
|
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die een getrouw beeld geeft in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS) zoals goedgekeurd door de Europese Unie en met de in België van toepassing zijnde wettelijke en reglementaire voorschriften, alsook voor de interne beheersing die de raad van bestuur noodzakelijk acht voor het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening die geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is de raad van bestuur verantwoordelijk voor het inschatten van de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven, het toelichten, indien van toepassing, van aangelegenheden die met continuïteit verband houden en het gebruiken van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de raad van bestuur het voornemen heeft om de Groep te liquideren of om de bedrijfsactiviteiten te beëindigen, of geen realistisch alternatief heeft dan dit te doen.
Onze doelstellingen zijn het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid over de vraag of de geconsolideerde jaarrekening als geheel geen afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, en het uitbrengen van een commissarisverslag waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is een hoog niveau van zekerheid, maar is geen garantie dat een controle die overeenkomstig de ISA’s is uitgevoerd altijd een afwijking van materieel belang ontdekt wanneer die bestaat. Afwijkingen kunnen zich voordoen als gevolg van fraude of fouten en worden als van materieel belang beschouwd indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij, individueel of gezamenlijk, de economische beslissingen genomen door gebruikers op basis van deze geconsolideerde jaarrekening, beïnvloeden.
Bij de uitvoering van onze controle leven wij het wettelijk, reglementair en normatief kader na dat van toepassing is op de controle van de jaarrekening in België. Een wettelijke controle biedt evenwel geen zekerheid omtrent de toekomstige levensvatbaarheid van de Groep, noch omtrent de efficiëntie of de doeltreffendheid waarmee de raad van bestuur de bedrijfsvoering van de Groep ter hand heeft genomen of zal nemen. Onze verantwoordelijkheden inzake de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling worden hieronder beschreven.
Als deel van een controle uitgevoerd overeenkomstig de ISA’s, passen wij professionele oordeelsvorming toe en handhaven wij een professioneel-kritische instelling gedurende de controle.
We voeren tevens de volgende werkzaamheden uit:
het identificeren en inschatten van de risico’s dat de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevat die het gevolg is van fraude of van fouten, het bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden die op deze risico’s inspelen en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Het risico van het niet detecteren van een van materieel belang zijnde afwijking is groter indien die afwijking het gevolg is van fraude dan indien zij het gevolg is van fouten, omdat bij fraude sprake kan zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten om transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het omzeilen van de interne beheersing;
het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle, met als doel controlewerkzaamheden op te zetten die in de gegeven omstandigheden geschikt zijn maar die niet zijn gericht op het geven van een oordeel over de effectiviteit van de interne beheersing van de Groep;
het evalueren van de geschiktheid van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van de door de raad van bestuur gemaakte schattingen en van de daarop betrekking hebbende toelichtingen;
het concluderen of de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is, en het concluderen, op basis van de verkregen controle-informatie, of er een onzekerheid van materieel belang bestaat met betrekking tot gebeurtenissen of omstandigheden die significante twijfel kunnen doen ontstaan over de mogelijkheid van de Groep om zijn continuïteit te handhaven. Indien wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij ertoe gehouden om de aandacht in ons commissarisverslag te vestigen op de daarop betrekking hebbende toelichtingen in de geconsolideerde jaarrekening, of, indien deze toelichtingen inadequaat zijn, om ons oordeel aan te passen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van ons commissarisverslag. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat de Groep zijn continuïteit niet langer kan handhaven;
het evalueren van de algehele presentatie, structuur en inhoud van de geconsolideerde jaarrekening, en van de vraag of de geconsolideerde jaarrekening de onderliggende transacties en gebeurtenissen weergeeft op een wijze die leidt tot een getrouw beeld;
het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot de financiële informatie van de entiteiten of bedrijfsactiviteiten binnen de Groep gericht op het tot uitdrukking brengen van een oordeel over de geconsolideerde jaarrekening. Wij zijn verantwoordelijk voor de aansturing van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. Wij blijven ongedeeld verantwoordelijk voor ons oordeel.
Wij communiceren met het auditcomité onder meer over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante controlebevindingen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing die wij identificeren gedurende onze controle.
Wij verschaffen aan het auditcomité tevens een verklaring dat wij de relevante deontologische voorschriften over onafhankelijkheid hebben nageleefd, en wij communiceren met hen over alle relaties en andere zaken die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en, waar van toepassing, over de daarmee verband houdende maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Uit de aangelegenheden die met het auditcomité zijn gecommuniceerd bepalen wij die zaken die het meest significant waren bij de controle van de geconsolideerde jaarrekening van de huidige verslagperiode, en die derhalve de kernpunten van onze controle uitmaken. Wij beschrijven deze aangelegenheden in ons verslag, tenzij het openbaar maken van deze aangelegenheden is verboden door wet- of regelgeving.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen en de inhoud van het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening.
In het kader van onze opdracht en overeenkomstig de Belgische bijkomende norm bij de in België van toepassing zijnde internationale controlestandaarden (ISA’s), is het onze verantwoordelijkheid om, in alle van materieel belang zijnde opzichten, het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening te verifiëren, alsook verslag over deze aangelegenheden uit te brengen.
Na het uitvoeren van specifieke werkzaamheden op het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening, zijn wij van oordeel dat dit jaarverslag overeenstemt met de geconsolideerde jaarrekening voor hetzelfde boekjaar en is opgesteld overeenkomstig het artikel 3:32 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
In de context van onze controle van de geconsolideerde jaarrekening zijn wij tevens verantwoordelijk voor het overwegen, in het bijzonder op basis van de kennis verkregen tijdens de controle, of het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening en de andere informatie opgenomen in het jaarrapport over de geconsolideerde jaarrekening een afwijking van materieel belang bevatten, hetzij informatie die onjuist vermeld is of anderszins misleidend is. In het licht van de werkzaamheden die wij hebben uitgevoerd, hebben wij geen afwijking van materieel belang te melden.
De op grond van artikel 3:32, §2 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen vereiste niet-financiële informatie werd opgenomen in het jaarverslag over de geconsolideerde jaarrekening. De Vennootschap heeft zich bij het opstellen van deze niet-financiële informatie gebaseerd op het Global Reporting Initiative referentiemodel. Overeenkomstig artikel 3:80, §1, 5° van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen spreken wij ons evenwel niet uit over de vraag of deze niet-financiële informatie is opgesteld in overeenstemming met het in het jaarverslag vermelde Global Reporting Initiative referentiemodel.
Ons bedrijfsrevisorenkantoor en ons netwerk hebben geen opdrachten verricht die onverenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening en ons bedrijfsrevisorenkantoor is in de loop van ons mandaat onafhankelijk gebleven tegenover de Groep.
De honoraria voor de bijkomende opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke controle van de geconsolideerde jaarrekening bedoeld in artikel 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen werden correct vermeld en uitgesplitst in de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening.
Wij hebben ook, overeenkomstig de ontwerpnorm inzake de controle van de overeenstemming van de financiële overzichten met het Europees uniform elektronisch formaat (hierna “ESEF”), de controle uitgevoerd van de overeenstemming van het ESEF-formaat met de technische reguleringsnormen vastgelegd door de Europese Gedelegeerde Verordening nr. 2019/815 van 17 december 2018 (hierna: “Gedelegeerde Verordening”).
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen, in overeenstemming met de ESEF vereisten, van de geconsolideerde financiële overzichten in de vorm van een elektronisch bestand in ESEF-formaat (hierna “digitale geconsolideerde financiële overzichten”) opgenomen in het jaarlijks financieel verslag.
Het is onze verantwoordelijkheid voldoende en geschikte onderbouwende informatie te verkrijgen om te concluderen dat het formaat en de markeertaal van de digitale geconsolideerde financiële overzichten in alle van materieel belang zijnde opzichten voldoen aan de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn wij van oordeel dat het formaat van en de markering van informatie in de digitale geconsolideerde financiële overzichten opgenomen in het jaarlijks financieel verslag van Azelis Group NV per 31 december 2023 in alle van materieel belang zijnde opzichten in overeenstemming zijn met de ESEF-vereisten krachtens de Gedelegeerde Verordening.
Huidig verslag is consistent met onze aanvullende verklaring aan het auditcomité bedoeld in artikel 11 van de verordening (EU) nr. 537/2014.
Antwerpen, 5 maart 2024
De commissaris
PwC Bedrijfsrevisoren BV
Vertegenwoordigd door
Peter Van den Eynde*
Bedrijfsrevisor
*Handelend in naam van Peter Van den Eynde BV
Ter attentie van de Raad van Bestuur van Azelis Group NV
Dit rapport is opgesteld in overeenstemming met de voorwaarden opgenomen in onze opdrachtbrief gedateerd op 18 oktober 2023 en addendum gedateerd op 13 februari 2024 (de “Overeenkomst”), waarbij we werden aangesteld om een onafhankelijk assurance rapport met beperkte mate van zekerheid uit te brengen met betrekking tot geselecteerde duurzaamheidsgegevens, aangegeven door middel van een Griekse kleine letter beta (ß), opgenomen in het Geïntegreerd Verslag voor het jaar afgesloten op 31 december 2023 van Azelis Group NV (het “Verslag”).
De Raad van Bestuur van Azelis Group NV (“de Vennootschap”) is verantwoordelijk voor het opstellen en presenteren van de geselecteerde duurzaamheidsindicatoren voor het jaar 2023, aangegeven door middel van een Griekse kleine letter beta (ß), opgenomen in het Verslag (de “Informatie Over Het Onderzoeksobject”), in overeenstemming met de criteria die in het Verslag beschreven staan (de “Criteria”).
Deze verantwoordelijkheid bevat de selectie en toepassing van de meest gepaste methodes om de Informatie Over het Onderzoeksobject op te stellen, alsook de betrouwbaarheid van de onderliggende informatie en het gebruik van assumpties en schattingen voor de opmaak van individuele toelichtingen inzake duurzaamheid, die redelijk zijn in de gegeven omstandigheden. Bovendien is de Raad van Bestuur ook verantwoordelijk voor het ontwerpen, het implementeren en het onderhouden van de systemen en processen die de Raad van Bestuur noodzakelijk acht om het opstellen van de Informatie Over het Onderzoeksobject mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude.
Onze verantwoordelijkheid bestaat erin een onafhankelijke conclusie te formuleren met betrekking tot de Informatie Over Het Onderzoeksobject, gebaseerd op de door ons uitgevoerde werkzaamheden en de verkregen onderbouwende informatie.
We hebben onze werkzaamheden verricht in overeenstemming met de International Standard on Assurance Engagements 3000 (Herzien) “Assurance Engagements other than Audits or Reviews of Historical Financial Information” (ISAE 3000), uitgegeven door de International Auditing and Assurance Standards Board. Deze standaard schrijft voor dat we voldoen aan de ethische vereisten en dat we de opdracht plannen en uitvoeren om een beperkte mate van zekerheid te verkrijgen of er niets onder onze aandacht is gekomen dat ons doet aannemen dat de informatie over de Informatie Over Het Onderzoeksobject in alle van materieel belang zijnde opzichten niet opgesteld zou zijn overeenkomstig de Criteria.
In een assurance opdracht met beperkte zekerheid hebben de uitgevoerde werkzaamheden een kleinere omvang dan het geval is bij een assurance opdracht met redelijke zekerheid. Dienovereenkomstig is het niveau van zekerheid verkregen in een assurance opdracht met beperkte zekerheid substantieel lager dan het niveau van zekerheid dat zou worden verkregen indien een assurance opdracht met redelijke zekerheid was uitgevoerd. De keuze van de uitgevoerde werkzaamheden is afhankelijk van de door ons toegepaste oordeelsvorming en van de inschatting van het risico op afwijkingen in de Informatie Over Het Onderzoeksobject overeenkomstig de Criteria. Het geheel van de door ons uitgevoerde werkzaamheden bestond onder meer uit de volgende procedures:
Het beoordelen en toetsen van het opzetten en het functioneren van de systemen en processen die gebruikt werden voor het verzamelen, het analyseren, het aggregeren en valideren van de gegevens, inclusief de gebruikte berekenings- en inschattingsmethodes voor de Informatie Over Het Onderzoeksobject voor het jaar afgesloten op 31 december 2023 opgenomen in het Verslag;
Het interviewen van de verantwoordelijke personeelsleden;
Het inspecteren van, op een beperkte test basis, interne en externe documenten;
Het uitvoeren van een analytische beoordeling van de gegevens en trends in de voor consolidatie ingediende informatie;
Rekening houdend met de openbaarmaking en presentatie van de Informatie Over Het Onderzoeksobject.
De scope van onze werkzaamheden is beperkt tot assurance over de Informatie Over Het Onderzoeksobject. Onze assurance strekt zich niet uit tot informatie met betrekking tot eerdere perioden of tot enige andere informatie die in het Verslag is opgenomen.
We hebben de onafhankelijkheids- en overige ethische voorschriften van de International Code of Ethics for Professional Accountants zoals uitgevaardigd door de International Ethics Standards Board for Accountants (IESBA), nageleefd, evenals de Belgische wettelijke vereisten met betrekking tot de onafhankelijkheid van de bedrijfsrevisor, en meer bepaald de regels opgenomen in de artikelen 12, 13, 14, 16, 20, 28 en 29 van de Wet van 7 december 2016 tot organisatie van het beroep en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren, en artikelen 3:62, 3:63 en 3:64 en 3:65 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.
Ons kantoor past de International Standard on Quality Management n°1 toe, een kwaliteitsbeheer voor bedrijven die controle-en beoordelingsopdrachten van financiële overzichten en andere assurance-gerelateerde opdrachten uitvoeren, en handhaaft dienovereenkomstig een uitgebreid kwaliteitsbeheersingssysteem, inclusief (gedocumenteerde) beleidslijnen en procedures met betrekking tot het naleven van de ethische vereisten, professionele normen en toepasselijke wettelijke en regelgevende vereisten.
Op basis van de uitgevoerde werkzaamheden en de verkregen bewijzen, is er geen aangelegenheid onder onze aandacht gekomen dat ons laat vermoeden dat de Informatie Over Het Onderzoeksobject opgenomen in uw Verslag voor het jaar afgesloten op 31 december 2023 niet is opgesteld, in alle van materieel belang zijnde opzichten, overeenkomstig de Criteria.
De overige informatie omvat alle ESG-gerelateerde informatie in het Verslag anders dan de Informatie Over Het Onderzoeksobject en ons assurance-rapport. De bestuurders zijn verantwoordelijk voor de overige ESG-gerelateerde informatie. Zoals hierboven uitgelegd, strekt onze assurance-conclusie zich niet uit tot de andere ESG-gerelateerde informatie en daarom geven we hierover geen enkele vorm van assurance. In verband met onze assurance van de Informatie Over Het Onderzoeksobject is het onze verantwoordelijkheid om de andere ESG-gerelateerde informatie te lezen en daarbij te overwegen of de andere ESG-gerelateerde informatie materieel inconsistent is met de Informatie Over Het Onderzoeksobject of onze kennis die is verkregen tijdens de assurance-opdracht , of anderszins een materiële onjuistheid van de feiten lijkt te bevatten. Als we een schijnbare materiële inconsistentie of materiële onjuistheid van de feiten vaststellen, zijn we verplicht om werkzaamheden uit te voeren om te concluderen of er een materiële onjuistheid is in de Informatie Over Het Onderzoeksobject of een materiële onjuistheid in de andere informatie, en om passende maatregelen te nemen in de omstandigheden.
Ons rapport is uitsluitend bedoeld voor gebruik door de Vennootschap, met betrekking tot het Verslag over het jaar afgesloten op 31 december 2023 en kan niet gebruikt worden voor andere doeleinden. Wij zijn niet verantwoordelijk of aansprakelijk voor dit rapport of voor de door ons getrokken conclusies ten aanzien van enige derde partij.
Antwerpen, 5 maart 2024
De commissaris
PwC Bedrijfsrevisoren BV
Vertegenwoordigd door
Peter Van den Eynde*
Bedrijfsrevisor
*Handelend in naam van Peter Van den Eynde BV
| (in duizenden €) | Toelichting | 2023 | 2022 |
|---|---|---|---|
| Omzet | 8 | ||
| Overige bedrijfsopbrengsten | 9 | ||
| Totale opbrengsten | |||
| Kosten van goederen en verbruiksartikelen | 10 | - | - |
| Brutowinst | |||
| Personeelskosten | 11 | - | - |
| Externe diensten en overige uitgaven | 12 | - | - |
| Afschrijvingen op materiële vaste activa | 16 | - | - |
| Afschrijvingen op immateriële activa | 15 | - | - |
| Bedrijfswinst (verlies) (-) | |||
| Financiële opbrengsten | 13 | ||
| Financiële kosten | 13 | - | - |
| Netto financiële kosten | - | - | |
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde ondernemingen | 17 | ||
| Winst/verlies (-) voor belastingen | |||
| Belastingen op het resultaat | 14 | - | - |
| Nettowinst/-verlies (-) voor de periode uit voortgezette activiteiten | |||
| Toewijsbaar aan: | |||
| Aandeelhouders van de onderneming | |||
| Minderheidsbelangen | |||
| Nettowinst/-verlies (-) voor de periode | |||
| in € | in € | ||
| Gewone winst per aandeel | 21.1 | ||
| Verwaterde winst per aandeel | 21.1 |
De toelichting is een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening.
| (in duizenden €) | Toelichting | 2023 | 2022 |
|---|---|---|---|
| Nettowinst/-verlies (-) voor de periode | |||
| Niet-gerealiseerde resultaten die in een volgende periode kunnen geherklasseerd worden naar winst of verlies | |||
| Wisselkoersverschillen uit omrekening van buitenlandse activiteiten | 21.4 | - | - |
| Niet-gerealiseerde resultaten die niet geherklasseerd worden naar winst of verlies | |||
| Actuariële winsten/verliezen (-) ter zake van personeelsbeloningen | 11 | - | |
| Belastingen in verband met deze posten | - | ||
| Totaal overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | - | - | |
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode | |||
| Toekomend aan: | |||
| Aandeelhouders van de onderneming | |||
| Minderheidsbelangen | 26.4 | ||
| Totaal gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten voor de periode |
De toelichting is een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening.
De toelichting is een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening.
| (in duizenden €) | Toelichting | 31 december 2023 | 31 december 2022 |
|---|---|---|---|
| Activa | |||
| Goodwill | 15 | ||
| Immateriële activa | 15 | ||
| Materiële activa | 16.1 | ||
| Recht-op-gebruik activa | 16.2 | ||
| Investeringen in geassocieerde deelnemingen | 17 | ||
| Overige financiële activa | 22 | ||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 14 | ||
| Totaal vaste activa | |||
| Voorraden | 18 | ||
| Handels- en overige vorderingen | 19 | ||
| Belastingvorderingen | 14 | ||
| Overige financiële activa | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 20 | ||
| Totaal vlottende activa | |||
| Totaal activa | |||
| Passiva | 21 | ||
| Geplaatst kapitaal | |||
| Reserves | - | - | |
| Ingehouden winsten | |||
| Overgedragen resultaat | |||
| Geplaatst kapitaal en reserves toekomend aan aandeelhouders van de onderneming | |||
| Minderheidsbelangen | |||
| Totaal eigen vermogen | |||
| Rentedragende leningen | 22 | ||
| Leaseverplichtingen | 22.1.2 | ||
| Verplichtingen uit hoofde van personeelsbeloning | 11 | ||
| Voorzieningen | 23 | ||
| Overige langlopende verplichtingen | 24 | ||
| Uitgestelde belastingen | 14 | ||
| Totaal langlopende verplichtingen | |||
| Banktegoeden | 20 | ||
| Rentedragende leningen | 22 | ||
| Leaseverplichtingen | 22.1.2 | ||
| Voorzieningen | 23 | ||
| Belastingschulden | 14 | ||
| Handels- en overige schulden | 24 | ||
| Totaal kortlopende verplichtingen | |||
| Totaal verplichtingen | |||
| Totaal passiva |
| (in duizenden €) | Toelichting | 2023 | 2022 |
|---|---|---|---|
| Kasstroom uit operationele activiteiten | |||
| Nettowinst/-verlies (-) voor de periode | |||
| Correcties voor: | |||
| Afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | 15/16 | ||
| Netto financiële baten en lasten | 13 | ||
| Kosten van op aandelen gebaseerde betalingen | |||
| Belastingbaten/-lasten | 14 | ||
| Aandeel in het resultaat van geassocieerde deelnemingen | 17 | - | - |
| Wijziging voorraden | 18 | - | |
| Wijziging handels- en overige vorderingen en overige investeringen | 19 | ||
| Wijziging handels- en overige schulden | 24 | - | |
| Wijziging voorzieningen | 23 | ||
| Kasstroom uit operationele activiteiten | |||
| Ontvangen rente | |||
| Winstbelastingen | - | - | |
| Nettokasstroom uit operationele activiteiten | |||
| Kasstroom uit investeringsactiviteiten | |||
| Verwerving van materiële en immateriële activa | 15/16 | - | - |
| Overname dochterondernemingen, na aftrek van verworven liquide middelen | 7 | - | - |
| Nettokasstroom uit investeringsactiviteiten | - | - | |
| Kasstroom uit financieringsactiviteiten | |||
| Betalingen leaseverplichtingen | 22.1.2 | - | - |
| Dividendbetaling aan aandeelhouders van de onderneming | 21 | - | - |
| Inkoop eigen aandelen | 21 | - | - |
| Kapitaalverhoging | |||
| Kosten van kapitaalverhoging | - | ||
| Betaalde rente | - | - | |
| Ontvangsten rentedragende leningen | 22 | ||
| Terugbetalingen rentedragende leningen | 22 | - | - |
| Transactiekosten rentedragende leningen | 22 | - | - |
| Andere kasstromen uit financieringsactiviteiten | - | - | |
| Nettokasstroom uit financieringsactiviteiten | |||
| Nettotoename/(afname) in geldmiddelen en kasequivalenten | |||
| Effect van valutaschommelingen op aangehouden kasmiddelen | - | - | |
| Geldmiddelen/kasequivalenten minus banktegoeden bij begin periode | 20 | ||
| Geldmiddelen en kasequivalenten minus banktegoeden per 31 december | 20 |
De toelichting is een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening.
| (in duizenden €) | Geplaatst kapitaal | Overige reserves | Uitkeerbare reserves | Reserve koers- verschillen | Ingehouden winsten | Over- gedragen resultaat | Totaal aandeelhouders moeder- vennootschap | Minderheids-belangen | Totaal eigen vermogen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Balans per 31 december 2021 | - | ||||||||
| Resultaatbestemming van voorgaand jaar | - | ||||||||
| Geschreven putopties op minderheidsbelangen | - | - | - | ||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | |||||||||
| Eigen aandelen | - | - | - | ||||||
| Dividenden toegekend aan aandeelhouders van de Groep | - | - | - | ||||||
| Aanpassingen voor hyperinflatie | |||||||||
| Nettowinst/-verlies (-) voor de periode | |||||||||
| Overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | - | - | - | - | |||||
| Overige mutaties | |||||||||
| Balans per 31 december 2022 | - | ||||||||
| Resultaatbestemming van voorgaand jaar | - | ||||||||
| Kapitaalverhoging | |||||||||
| Gekapitaliseerde transactiekosten | - | - | - | ||||||
| Geschreven putopties op minderheidsbelangen | - | - | - | ||||||
| Op aandelen gebaseerde betalingen | |||||||||
| Eigen aandelen | - | - | - | ||||||
| Dividenden toegekend aan aandeelhouders van de Groep | - | - | - | ||||||
| Aanpassingen voor hyperinflatie | |||||||||
| Nettowinst/-verlies (-) voor de periode | |||||||||
| Overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten | - | - | - | - | - | ||||
| Overige mutaties | - | - | |||||||
| Balans per 31 december 2023 | - | - |
De toelichting is een integraal onderdeel van deze geconsolideerde jaarrekening.
De hoofdaandeelhouder van Azelis Group
De geconsolideerde jaarrekening van de Vennootschap voor de periode eindigend op 31 december 2023 heeft betrekking op de Vennootschap en haar dochterondernemingen (samen de 'Groep' of 'Azelis' genoemd, de handelsnaam van de groep) en het belang van de Groep in geassocieerde deelnemingen.
Azelis verkeert in een goede positie om uitdagingen over de hele wereld aan te gaan, op basis van haar gediversifieerde portfolio in speciale chemicaliën, maar ook dankzij haar asset-light bedrijfsmodel. De kostenbasis van Azelis is, afgezien van de loonkosten en enkele andere overwegend vaste kosten, grotendeels variabel. Azelis heeft meerdere kostenhefbomen die kunnen worden geactiveerd om de gevolgen van een economische neergang te beperken, waardoor snel kan worden gereageerd op inzinkingen of economische crises en de veerkracht van de Group wordt vergroot. Azelis heeft de impact van de COVID-19-pandemie en de daaruit voortvloeiende verstoringen van de toeleveringsketen goed doorstaan.
Doordat Azelis wereldwijd actief is, is de onderneming gevoelig voor economische en geopolitieke onzekerheid. De Groep volgt nauwgezet de politieke ontwikkelingen in Rusland en Oekraïne, Israël en Gaza en het Midden-Oosten, en besteedt veel aandacht aan de veiligheid van de werknemers die in deze gebieden werken.
De geconsolideerde jaarrekening voor de periode eindigend op 31 december 2023 is op 5 maart 2024 door de Raad van Bestuur goedgekeurd voor publicatie en zal ter goedkeuring worden voorgelegd aan de algemene vergadering die zal worden gehouden op 13 juni 2024.
De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de International Financial Reporting Standards (IFRS), zoals goedgekeurd door de Europese Unie. De Groep heeft de hieronder uiteengezette grondslagen voor de financiële verslaggeving consequent toegepast op alle perioden die in deze geconsolideerde jaarrekening worden gepresenteerd. Wijzigingen in de grondslagen voor financiële verslaggeving in het huidige jaar zijn beperkt tot de onderstaande wijzigingen in IFRS en worden toegepast vanaf 1 januari 2023.
De volgende standaarden en wijzigingen in standaarden zijn voor het eerst verplicht voor het boekjaar dat begint op 1 januari 2023 en zijn goedgekeurd door de Europese Unie. De toepassing ervan heeft geen significante invloed gehad op de toelichtingen of op de in deze jaarrekening vermelde bedragen:
IFRS 17: Verzekeringscontracten
Wijzigingen in 'IFRS 17: Verzekeringscontracten': eerste toepassing van IFRS 17 en IFRS 9: Vergelijkende informatie
Wijzigingen aan IAS 1 Presentatie van de jaarrekening en IFRS Praktijkverklaring 2: Toelichting van waarderingsregels
Wijzigingen aan IAS 8 Waarderingsregels, schattingswijzigingen en fouten: Definitie van schattingen
Wijzigingen aan IAS 12 Winstbelastingen: uitgestelde belastingen met betrekking tot activa en passiva die voortvloeien uit één enkele transactie
Wijzigingen aan IAS 12 Inkomstenbelastingen: Internationale belastinghervorming – Regels voor het tweede-pijlermodel
Bepaalde nieuwe standaarden en wijzigingen zijn gepubliceerd, maar zijn nog niet verplicht voor verslagperioden eindigend op 31 december 2023 en zijn nog niet toegepast door de Groep. Deze standaarden en wijzigingen zullen naar verwachting geen significante invloed hebben op de jaarrekening van de Groep in toekomstige verslagperioden.
Dit jaarverslag moet worden gepubliceerd in het Europees uniform elektronisch formaat, zoals bepaald door en in overeenstemming met de vereisten in de Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/815 van de Commissie van 17 december 2018 tot aanvulling van Richtlijn 2004/109/EG. De pdf-versie van het jaarverslag voldoet niet aan de ESEF-vereisten en is uitsluitend opgesteld voor het gebruiksgemak van de lezer. De officiële rapportageset van de Groep in ESEF is te vinden op de website van de Groep.
Dankzij haar laboratoria beschikt de Vennootschap over een goede uitgangspositie om haar klanten te ondersteunen met talrijke nieuwe formuleringen waaraan behoefte ontstaat als de omstandigheden veranderen. Door bijvoorbeeld duurzame producten en productontwikkeling te bevorderen, de ontwikkeling van duurzame formuleringen in eigen laboratoria te stimuleren, haar principalen te beoordelen en bij het selecteren en contracteren van principalen due diligence-procedures voor maatschappelijk verantwoord ondernemen te implementeren, draagt Azelis ertoe bij dat haar klanten en principalen adequaat op klimaatverandering kunnen reageren en hun duurzaamheidsdoelen kunnen halen. De afgelopen jaren heeft de Vennootschap het percentage van de omzet dat afkomstig is van leveranciers met een ESG-beoordeling in hoog tempo vergroot.
Naast duurzaamheid vormen innovatie en digitalisering de pijlers waarop Azelis’ strategie voor waardecreatie rust, en dankzij investeringen in innovatiecentra, toepassingslaboratoria, e-Labs en principaal- en klantportalen kunnen sneller duurzame producten worden geleverd.
Als grote distributeur in de sector speciale chemicaliën heeft Azelis een asset-light bedrijfsmodel en besteedt het bedrijf kapitaalintensieve activiteiten, zoals rond logistiek en opslag, zoveel mogelijk uit. De onderneming kiest verder waar mogelijk voor het huren van magazijnen en kantoren, en bezit daardoor maar een beperkte hoeveelheid vastgoed. Ondanks de beperkte mogelijkheden probeert de Vennootschap op allerlei manieren de eigen milieubelasting omlaag te brengen door onder meer de CO₂-uitstoot te verlagen (bijv. door elektrificatie van het wagenpark), het stroomverbruik terug te dringen (bijv. door zonnepanelen te installeren en over te schakelen op ledverlichting) en het waterverbruik en de hoeveelheid afval terug te dringen.
Sinds december 2023 staat Azelis in de BEL®ESG-index van Euronext, wat betekent dat we tot de twintig beursgenoteerde vennootschappen in België behoren die er de beste ESG-praktijken op na houden. Hiermee heeft de Vennootschap erkenning gekregen voor al haar duurzame activiteiten, en deze notering onderstreept dat Azelis een voortrekkersrol op duurzaamheidsgebied vervult. Voor de BEL®ESG-index wordt gekeken welke twintig bedrijven in België de laagste risico’s op ESG-gebied (milieu, sociaal en governance) vertonen. Aan de hand van deze index kunnen beleggers beter beoordelen welke bedrijven zich inzetten voor een duurzamere toekomst door hun economische resultaten aan duurzaamheidsdoelen te koppelen. Verder heeft Morningstar Sustainalytics – een toonaangevende internationale organisatie op het gebied van ESG-onderzoek en -data – Azelis de beste ESG-risicoscore binnen de chemische sector toegekend.
Naast het bovenstaande is er, ondersteund door het asset-light bedrijfsmodel, ook nog de uiterst gevarieerde omzetmix van Azelis qua eindmarkten en regio’s, principalen en klanten, en productaanbod. Er is dan ook maar een beperkt concentratierisico, ook voor wat betreft de gerelateerde klimaatrisico’s. De Vennootschap analyseert momenteel de eigen klimaatrisico’s en kijkt daarbij naar de fysieke risico’s en transitierisico’s. Met behulp van de uitkomst van deze abalyse kan de Vennootschap beter de eigen kwetsbaarheden in kaart brengen en maatregelen nemen, zodat de eigen onderneming en de toeleveringsketens beter bestand zijn tegen toekomstige onzekerheden op klimaatgebied.
Bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening heeft de Vennootschap vooral rekening gehouden met de gevolgen van klimaatverandering op de volgende domeinen, omdat die naar verwachting het grootst zijn:
Belangrijke beoordelingen, belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden en grondslagen voor financiële verslaggeving (zie toelichting 3): klimaatverandering heeft geen grote gevolgen voor de belangrijke beoordelingen van de Vennootschap, en ook niet voor de belangrijke bronnen van schattingsonzekerheden, met name gezien het asset-light bedrijfsmodel van Azelis en de gevarieerde omzetmix qua markten, regio's, producten, principalen en klanten.
Bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa: bij de beoordeling van de realiseerbare waarde in het kader van de test op de bijzondere waardevermindering van niet-financiële activa als materiële vaste activa, activa met gebruiksrecht, immateriële activa en goodwill te kunnen vaststellen, heeft Azelis geen kwesties met betrekking tot klimaatverandering gevonden die grote gevolgen voor de eigen onderneming hebben, ook vanwege de gediversifieerde portfolio.
Gebruiksduur van materiële en immateriële activa: eventuele gevolgen van klimaatverandering of van klimaatgerelateerde initiatieven die Azelis ontplooit hebben geen belangrijke gevolgen voor de gebruiksduur van zijn activa. Zo stapt Azelis momenteel over op een elektrisch wagenpark, maar heeft het bedrijf daarbij gekozen voor uitfasering van alle wagens op fossiele brandstoffen.
Voorzieningen: vanwege het asset-light-bedrijfsmodel, de gediversifieerde portfolio met toeleveranciers en het voortdurend groeiende percentage van omzet dat afkomstig is van leveranciers met een ESG-beoordeling is de Vennootschap niet in hoge mate blootgesteld aan voorzieningen of voorwaardelijke verplichtingen die voortvloeien uit eventuele claims, wettelijke voorschriften om milieuschade te saneren, extra heffingen of boetes vanwege milieu-eisen of contracten die belastend kunnen worden, of reorganisaties om klimaatdoelen te halen.
Duurzame financiering: zoals beschreven in toelichting 22.1.1 heeft de voortgang die de Vennootschap boekt bij de diversiteit in het algemeen management team en de vermindering van de CO₂-uitstoot gevolgen voor de margecomponent van de variabele rente van de Term Loan Facility en Revolving Credit Facility. Meer informatie over de geboekte vooruitgang staat ook in de sectie Niet-financiële resultaten van dit Geïntegreerd Verslag.
Vergoedingen in de vorm van aandelen: zoals beschreven in toelichting 11.3 heeft een van de prestatiecriteria van de prestatieaandelenplannen betrekking op de vermindering van de CO₂-uitstoot van de Vennootschap, die voor de wachtperiode van drie jaar moet worden beoordeeld.
Het boekjaar loopt gelijk aan het kalenderjaar dat begint op 1 januari 2023 en eindigt op 31 december 2023 (hierna: '2023').
De vergelijkende periode geeft de financiële prestaties van de Groep weer vanaf 1 januari 2022 tot en met 31 december 2022 (hierna: '2022').
De geconsolideerde jaarrekening omvat de jaarrekening van de Vennootschap en alle entiteiten waarover de Vennootschap tot en met 31 december 2023 zeggenschap had. Alle transacties, saldi, inkomsten en uitgaven binnen de Groep worden bij consolidatie geëlimineerd.
Dochterondernemingen zijn entiteiten waarover de Vennootschap zeggenschap heeft. Er is sprake van zeggenschap wanneer de Vennootschap is blootgesteld aan, of rechten heeft op veranderlijke opbrengsten uit hoofde van haar betrokkenheid bij de deelneming en over de mogelijkheid beschikt die opbrengsten door haar macht over de deelneming te beïnvloeden. Concreet betekent dit dat de Vennootschap zeggenschap heeft over een deelneming als en slechts als de Vennootschap:
macht heeft over de deelneming (d.w.z. bestaande rechten om relevante activiteiten te sturen);
is blootgesteld aan of rechten heeft op veranderlijke opbrengsten uit hoofde van haar betrokkenheid bij de deelneming; en
de mogelijkheid heeft om die opbrengsten door haar macht over de deelneming te beïnvloeden.
Over het algemeen wordt verondersteld dat het hebben van een meerderheid van de stemrechten leidt tot zeggenschap. Hiervan uitgaande neemt de Groep, wanneer zij minder dan een meerderheid van de stemrechten of vergelijkbare rechten van een deelneming heeft, alle relevante feiten en omstandigheden in overweging om te beoordelen of zij zeggenschap heeft over een deelneming.
Minderheidsbelangen in dochterondernemingen worden afzonderlijk geïdentificeerd van het eigen vermogen van de Groep daarin. De belangen van minderheidsaandeelhouders kunnen in eerste instantie worden gewaardeerd tegen reële waarde of tegen het evenredige deel van de minderheidsbelangen in de reële waarde van de netto identificeerbare activa van de overgenomen partij. De keuze voor de waarderingsmethode wordt per overname gemaakt. Voor haar huidige minderheidsbelangen in dochterondernemingen heeft de Groep gekozen voor waardering tegen het proportionele aandeel in de netto identificeerbare activa van de overgenomen partij. Na overname is de boekwaarde van minderheidsbelangen het bedrag van die belangen bij eerste opname plus het aandeel van minderheidsbelangen in daaropvolgende mutaties in het eigen vermogen. Het totaal van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten wordt toegerekend aan de minderheidsbelangen, zelfs als dit leidt tot een negatief saldo bij de minderheidsbelangen.
Een wijziging in het eigendomsbelang in een dochteronderneming, zonder verlies van zeggenschap, wordt verwerkt als een eigen-vermogenstransactie tussen aandeelhouders.
Overnames van dochterondernemingen en bedrijven worden verwerkt volgens de overnamemethode. De overgedragen vergoeding voor elke overname wordt gewaardeerd tegen het totaal van de reële waarden op de datum van de ruil van afgestane activa, aangegane of overgenomen verplichtingen en eigen-vermogensinstrumenten die door de Groep zijn uitgegeven in ruil voor zeggenschap over de overgenomen partij. Indien van toepassing omvat de vergoeding voor de overname alle activa of verplichtingen die voortvloeien uit een voorwaardelijke-vergoedingsregeling, gewaardeerd tegen de reële waarde op de overnamedatum. Latere wijzigingen in dergelijke reële waarden worden aangepast ten opzichte van de kostprijs van de overname wanneer ze kunnen worden aangemerkt als aanpassingen tijdens de waarderingsperiode.
De identificeerbare activa, verplichtingen en voorwaardelijke verplichtingen van de overgenomen partij die voldoen aan de voorwaarden voor opname in de balans, worden opgenomen tegen hun reële waarde op de overnamedatum, met uitzondering van uitgestelde belastingvorderingen of -verplichtingen en verplichtingen en activa die verband houden met beloningsregelingen voor het personeel.
Het verschil tussen de reële waarde van de overgedragen vergoeding en de reële waarde van de geïdentificeerde activa, verplichtingen en voorwaardelijke vergoeding wordt opgenomen als goodwill. Als de reële waarde van de verworven netto-activa hoger is dan de totale overgedragen vergoeding, wordt dit als boekwinst uit een voordelige koop opgenomen in de winst-en-verliesrekening, nadat de Groep opnieuw heeft beoordeeld of alle verworven activa en alle aangegane verplichtingen correct zijn geïdentificeerd. Kosten in verband met de overname worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen wanneer ze worden gemaakt.
Als de eerste verwerking van een bedrijfscombinatie onvolledig is aan het einde van de verslagperiode waarin de bedrijfscombinatie plaatsvond, rapporteert de Groep voorlopige bedragen voor de posten waarvoor de verwerking onvolledig is. Deze voorlopige bedragen worden tijdens de waarderingsperiode aangepast of bijkomende activa of verplichtingen worden opgenomen om nieuwe informatie te weerspiegelen die verkregen is over feiten en omstandigheden die op de overnamedatum bestonden en die, indien bekend, invloed zouden hebben gehad op de op die datum opgenomen bedragen. De periode voor het afronden van de waardebepalingen bedraagt maximaal één jaar na de overnamedatum.
Geassocieerde deelnemingen zijn entiteiten waarop de Groep invloed van betekenis uitoefent, maar waarover zij geen zeggenschap heeft. Invloed van betekenis is de macht om deel te nemen aan de financiële en operationele beleidsbeslissingen van de deelneming.
Geassocieerde deelnemingen worden gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode en worden aanvankelijk gewaardeerd tegen kostprijs, aangepast voor wijzigingen in het aandeel van de Groep in de netto-activa van de deelneming na de overname. De investering van de Groep omvat goodwill bij overname, na aftrek van eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De geconsolideerde jaarrekening omvat het aandeel van de Groep in de baten en lasten en de vermogensmutaties van de investeringen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode, nadat de grondslagen voor financiële verslaggeving zijn afgestemd op die van de Groep, vanaf de dag waarop de Groep voor het eerst invloed van betekenis heeft, tot de dag waarop voor het laatst sprake is van invloed van betekenis. Wanneer het aandeel van de Groep in de verliezen van de geassocieerde onderneming groter is dan haar belang in deze onderneming, wordt de boekwaarde van dat belang (inclusief langetermijninvesteringen) afgeboekt naar nul en worden er geen verdere verliezen meer opgenomen, met uitzondering van verliezen die voortvloeien uit verplichtingen of betalingen van de Groep namens de deelneming.
De Groep beschouwt transacties met minderheidsbelangen die niet resulteren in een verlies van zeggenschap, als transacties met aandeelhouders van de Groep. Bij een wijziging in het eigendomsbelang wordt er een aanpassing gedaan in de boekwaarde van het meerderheidsbelang en het minderheidsbelang om hun relatieve belangen in de dochteronderneming te weerspiegelen. Elk verschil tussen het bedrag van de aanpassing aan de minderheidsbelangen en elke betaalde of ontvangen vergoeding wordt opgenomen in overige reserves binnen het eigen vermogen dat toerekenbaar is aan de eigenaars.
Wanneer de Groep een investering niet langer consolideert of verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode vanwege verlies van zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis, wordt een eventueel aangehouden belang in de entiteit geherwaardeerd naar zijn reële waarde, waarbij de wijziging in de boekwaarde wordt opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Deze reële waarde wordt de eerste boekwaarde met het oog op latere verwerking van het aangehouden belang als geassocieerde deelneming, joint venture of financieel actief. Daarnaast worden alle bedragen die eerder in gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten met betrekking tot die entiteit zijn opgenomen, verwerkt alsof de Groep de desbetreffende activa of verplichtingen direct heeft afgestoten. Dit kan betekenen dat bedragen die voorheen in gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten werden opgenomen, worden geherclassificeerd naar de winst-en-verliesrekening.
De geconsolideerde jaarrekening wordt gepresenteerd in euro's, de presentatievaluta van de Groep. De Groepsmaatschappijen bepalen hun functionele valuta op basis van de primaire economische omgeving waarin ze actief zijn. De belangrijkste indicatoren voor het bepalen van de functionele valuta is de valuta waarin de omzet, de kosten en de financieringsactiviteiten zijn uitgedrukt.
De Groep is actief in gebieden met verschillende valuta's, maar voornamelijk in omgevingen waarin gebruik wordt gemaakt van de euro en de Amerikaanse dollar worden gebruikt. Transacties in vreemde valuta worden omgerekend naar de respectieve functionele valuta’s van de entiteiten van de Groep tegen de wisselkoers op de datum van de transactie. Monetaire activa en verplichtingen die op de verslagdatum in vreemde valuta luiden, worden omgerekend naar de functionele valuta van de entiteit tegen de wisselkoers op die datum. Niet-monetaire activa en verplichtingen die in vreemde valuta luiden en tegen reële waarde worden gewaardeerd, worden omgerekend naar de functionele valuta van de entiteit tegen de wisselkoers op de datum waarop de reële waarde werd bepaald. Niet-monetaire posten die zijn gewaardeerd tegen historische kostprijs in een vreemde valuta worden niet omgerekend. Wisselkoersverschillen die uit deze omrekening voortvloeien, worden opgenomen in de resultatenrekening.
De activa en verplichtingen van buitenlandse activiteiten, met inbegrip van goodwill en reële-waardeaanpassingen, voortvloeiende uit overnames, worden omgerekend naar euro's tegen de wisselkoersen op de verslagdatum. De baten en lasten van buitenlandse activiteiten worden omgerekend naar euro's tegen gemiddelde wisselkoersen.
Wisselkoersverschillen worden opgenomen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten en verwerkt in het eigen vermogen. Deze verschillen zijn opgenomen in de reserve koersverschillen. Wanneer de Groep de zeggenschap over een buitenlandse activiteit verliest, wordt het cumulatieve valutaomrekeningsbedrag van de dochteronderneming uit het eigen vermogen overgeboekt naar de winst- en verliesrekening.
Valutakoerswinsten en -verliezen die voortvloeien uit een monetaire post die moet worden ontvangen vanuit of betaald voor een buitenlandse activiteit waarvan de afwikkeling niet gepland staat en waarschijnlijk in de nabije toekomst niet zal plaatsvinden, worden opgenomen in de waarde van de netto-investering in een buitenlandse activiteit en rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt in de reserve koersverschillen.
Niet-monetaire activa en passiva, het eigen vermogen en de resultatenrekening van dochterondernemingen die actief zijn in economieën met hyperinflatie worden aangepast voor wijzigingen in de algemene koopkracht van de lokale valuta door een algemene prijsindex toe te passen. Deze aangepaste bedragen worden gebruikt voor omrekening naar de rapporteringsvaluta van de Group tegen de wisselkoers aan het einde van de periode. Om die reden worden de balans en nettoresultaten van dochterondernemingen in landen met hyperinflatie weergegeven op basis van de meeteenheid die geldt aan het einde van de verslagperiode. In overeenstemming met IAS 21, De gevolgen van wisselkoerswijzigingen, hoeven multinationals die dochterondernemingen hebben in landen waar de hyperinflatievaluta de functionele valuta is, vergelijkende bedragen niet aan te passen, aangezien deze voorheen in een stabiele valuta werden gepresenteerd.
Sinds 2022 past de Groep hyperinflatieboekhouding toe voor zijn dochterondernemingen die de Turkse lira als functionele valuta hebben. De relevante prijsindex die wordt gebruikt voor de aanpassing van de jaarrekeningen van Turkse dochterondernemingen is de consumentenprijsindex (CPI) die gebaseerd is op gegevens van het Turkse Instituut voor de Statistiek. De consumentenprijsindex en de wisselkoers tussen de euro en de Turkse lira zijn tussen 2022 en 2023 als volgt veranderd:
| Jaar (31 December) | Turkije CPI | Verandering (%) | EUR/TRL wisselkoers |
| 2022 | 11,28 | 64,27% | 19,93 |
| 2023 | 18,59 | 64,77% | 32,69 |
De boekwaarde van de vaste niet-financiële activa van de Groep wordt op elke verslagdatum beoordeeld om te bepalen of er aanwijzingen zijn voor bijzondere waardevermindering. Als een dergelijke aanwijzing bestaat, voert de Groep een onderzoek op bijzondere waardevermindering uit. Voor goodwill en immateriële activa met een onbepaalde gebruiksduur wordt elk jaar een onderzoek op bijzondere waardevermindering uitgevoerd.
De realiseerbare waarde van een actief of een kasstroom-genererende eenheid is gelijk aan de hoogste van de bedrijfswaarde of de reële waarde minus de verkoopkosten. Bij het bepalen van de bedrijfswaarde worden de geschatte toekomstige kasstromen vóór belasting omgerekend naar hun contante waarde met behulp van een discontovoet vóór belasting die een afspiegeling is van de actuele marktbeoordelingen van de tijdswaarde van geld en de specifieke risico's met betrekking tot het actief. Voor de toetsing op bijzondere waardeverminderingen worden activa die niet individueel getoetst kunnen worden samengevoegd in de kleinste te onderscheiden groep activa die uit voortgaand gebruik kasmiddelen genereert die in ruime mate onafhankelijk zijn van de instroom van kasmiddelen van andere activa of groepen activa (de 'kasstroomgenererende eenheid'). Met het oog op de toetsing op bijzondere waardevermindering wordt de in een bedrijfscombinatie verworven goodwill toegerekend aan (groepen) kasstroom-genererende eenheden die naar verwachting zullen profiteren van de synergieën van de combinatie.
Bedrijfsactiva zijn activa die niet zelfstandig een instroom van kasmiddelen genereren. Hun boekwaarde moet op een redelijke en consistente basis worden toegerekend aan de kasstroom-genererende eenheden. Als een bedrijfsactivum niet op een redelijke en consistente basis kan worden toegerekend aan kasstroom-genererende eenheden, voert de Groep de toetsing op bijzondere waardevermindering van goodwill uit in twee fasen: als eerste op het niveau van de kasstroom-genererende eenheden en als tweede op het niveau van de kleinste groep kasstroom-genererende eenheden waaraan het bedrijfsactivum op een redelijke en consistente basis kan worden toegerekend.
Een bijzondere waardevermindering wordt opgenomen als de boekwaarde van een actief of de kasstroom-genererende eenheid waartoe het actief behoort, hoger is dan de geschatte realiseerbare waarde. Bijzondere waardeverminderingen worden opgenomen in de resultatenrekening. Bijzondere waardeverminderingen die worden opgenomen met betrekking tot kasstroom-genererende eenheden worden eerst toegerekend om de boekwaarde van de aan de eenheden toegerekende goodwill te verlagen en vervolgens om de boekwaarde van de andere activa in de eenheid (of groep van eenheden) naar rato te verlagen.
Een bijzondere waardevermindering met betrekking tot goodwill wordt achteraf niet teruggeboekt. Met betrekking tot andere activa worden de in voorgaande perioden opgenomen bijzondere waardeverminderingen op elke verslagdatum beoordeeld op indicaties dat het verlies is afgenomen of niet langer bestaat. Een bijzondere waardevermindering wordt teruggeboekt als de schattingen, op basis waarvan de realiseerbare waarde was bepaald, zijn veranderd. Een bijzondere waardevermindering wordt alleen teruggeboekt voor zover de boekwaarde van het actief niet hoger is dan de boekwaarde na aftrek van afschrijvingen die zou zijn bepaald als er geen bijzondere waardevermindering was opgenomen.
Goodwill kan worden omschreven als het positieve verschil tussen het totaal van de overgedragen vergoeding en het bedrag dat is opgenomen voor de verworven activa en de overgenomen verplichtingen in een bedrijfscombinatie. Goodwill wordt bij de eerste opname gewaardeerd tegen kostprijs. Na de eerste opname wordt goodwill gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met eventuele cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. Bij afstoting van een kasstroom-genererende eenheid wordt het toe te rekenen bedrag aan goodwill opgenomen in de bepaling van de winst of het verlies bij afstoting.
Kosten voor onderzoeksactiviteiten, gemaakt met het oog op het verwerven van nieuwe wetenschappelijke of technische kennis en inzichten, worden in de resultatenrekening opgenomen op het moment waarop de kosten worden gemaakt.
Ontwikkelingskosten waarvoor de Groep de technische haalbaarheid, intentie en middelen heeft om de immateriële activa te voltooien en de toekomstige economische voordelen van de activa naar de Groep zullen vloeien, worden geactiveerd tegen kostprijs.
Overige immateriële activa met een bepaalde gebruiksduur worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met cumulatieve afschrijvingen en cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. Afschrijvingen worden op lineaire basis opgenomen in de resultatenrekening over de geschatte gebruiksduur van immateriële activa, met uitzondering van goodwill, vanaf de datum waarop het actief klaar is voor gebruik. De geschatte gebruiksduur van immateriële activa en hun restwaarde (indien van toepassing) worden elk jaar opnieuw beoordeeld.
De geschatte gebruiksduur voor de huidige en vergelijkende periode is als volgt:
| Immateriële activa | Economische levensduur |
|---|---|
| Handelsmerken en merknamen | Onbepaald |
| Klantenlijsten | 5 tot 10 jaar |
| Distributierechten | 20 jaar |
| Overige immateriële activa | 3 tot 7 jaar |
Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen kostprijs, verminderd met cumulatieve afschrijvingen en cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs omvat uitgaven die direct aan de aanschaf van het actief kunnen worden toegerekend. Componenten van materiële vaste activa met een afzonderlijke gebruiksduur worden administratief verwerkt als afzonderlijke activa (belangrijke componenten) van materiële vaste activa.
Winsten en verliezen op de afstoting van een materieel vast actief worden bepaald door de netto-opbrengst van de afstoting te vergelijken met de boekwaarde van het materieel vast actief en worden in de resultatenrekening opgenomen onder overige baten of overige lasten.
Afschrijvingen worden op lineaire basis opgenomen in de resultatenrekening over de geschatte gebruiksduur van elke component van materiële vaste activa tot hun restwaarde. Verbeteringen in geleasede activa worden afgeschreven over de leaseperiode of over de gebruiksduur indien deze korter is. Terreinen worden niet afgeschreven.
De geschatte gebruiksduur voor de huidige en vergelijkende periode is als volgt:
| Materiële vaste activa | Economische levensduur |
|---|---|
| Gebouwen | 20 tot 33 jaar |
| Installaties en machines | 5 tot 10 jaar |
| Overige materiële vaste activa | 5 tot 10 jaar |
Afschrijvingsmethoden, gebruiksduur en restwaarden worden op elke verslagdatum opnieuw beoordeeld.
Activa en verplichtingen die voortvloeien uit een leaseovereenkomst worden bij eerste opname gewaardeerd tegen de contante waarde.
Leaseverplichtingen omvatten de netto contante waarde van de volgende leasebetalingen:
vaste betalingen, verminderd met eventuele te ontvangen lease-incentives;
variabele leasebetalingen die op een index of rentevoet zijn gebaseerd en die bij eerste opname worden gewaardeerd op basis van de index of het tarief per aanvangsdatum;
bedragen die naar verwachting door de Groep verschuldigd zullen zijn uit hoofde van restwaardegaranties;
de uitoefenprijs van een aankoopoptie indien het redelijk zeker is dat de Groep deze optie zal uitoefenen;
betalingen van boetes voor het beëindigen van de leaseovereenkomst, indien uit de leaseperiode blijkt dat de Groep deze optie heeft uitgeoefend.
Leasebetalingen die gedaan moeten worden indien het redelijk zeker is dat de opties worden verlengd, worden ook meegenomen in de waardering van de verplichting.
De leasebetalingen worden verdisconteerd op basis van de impliciete rentevoet van de leaseovereenkomst. Indien die rentevoet niet op eenvoudige wijze kan worden bepaald, hetgeen over het algemeen het geval is voor leaseovereenkomsten van de Groep, wordt de incrementele rentevoet van de lessee gebruikt. Dit is de rentevoet waartegen de afzonderlijke lessee het bedrag zou moeten lenen dat nodig is voor het verkrijgen van een actief van eenzelfde waarde als het gebruiksrecht-actief in eenzelfde economische omgeving met vergelijkbare voorwaarden, veiligheid en zekerheid.
De Groep is blootgesteld aan mogelijke toekomstige verhogingen van variabele leasebetalingen op basis van een index of rentevoet. Deze worden pas in de leaseverplichting opgenomen wanneer ze van kracht worden. Wanneer aanpassingen aan leasebetalingen op basis van een index of rentevoet van kracht worden, wordt de leaseverplichting opnieuw beoordeeld en aangepast aan het gebruiksrecht-actief.
Leasebetalingen worden verdeeld tussen de hoofdsom en de financieringskosten. De financieringskosten worden over de leaseperiode ten laste van de winst-en-verliesrekening gebracht. Dit resulteert in een constante periodieke rentevoet over het resterende saldo van de verplichting voor elke periode.
Gebruiksrecht-activa worden gewaardeerd tegen kostprijs en bestaan uit:
het bedrag van de eerste waardering van de leaseverplichting;
alle op of voor de aanvangsdatum verrichte leasebetalingen, verminderd met alle ontvangen lease-incentives;
alle initiële directe kosten; en
herstelkosten.
Betalingen in verband met kortlopende leaseovereenkomsten voor apparatuur en voertuigen en alle leases van activa met een lage waarde worden op lineaire basis als kosten opgenomen in de winst-en-verliesrekening. Kortlopende leaseovereenkomsten zijn leaseovereenkomsten met een leaseperiode van 12 maanden of minder. Activa met een lage waarde zijn onder andere IT-apparatuur en klein kantoormeubilair.
De Groep herwaardeert de leaseverplichting (en voert een overeenkomstige aanpassing door op het gerelateerde gebruiksrecht-actief) telkens wanneer:
de leaseperiode is gewijzigd of er sprake is van een belangrijke gebeurtenis of verandering van omstandigheden die leidt tot een wijziging van de beslissing om een aankoopoptie uit te oefenen. In dat geval wordt de leaseverplichting geherwaardeerd door discontering van de herziene leasebetalingen op basis van een herziene disconteringsvoet;
de leasebetalingen veranderen als gevolg van veranderingen in een index of rentevoet of een verandering in de verwachte betaling op grond van een gegarandeerde restwaarde. In dat geval wordt de leaseverplichting geherwaardeerd door discontering van de herziene leasebetalingen op basis van een ongewijzigde disconteringsvoet;
een leaseovereenkomst wordt gewijzigd en de wijziging van de leaseovereenkomst niet als een afzonderlijke leaseovereenkomst wordt verwerkt. In dat geval wordt de leaseverplichting geherwaardeerd op basis van de leaseperiode van de gewijzigde leaseovereenkomst door discontering van de herziene leasebetalingen op basis van een herziene disconteringsvoet per ingangsdatum van de wijziging.
Financiële activa en financiële verplichtingen worden ingedeeld in drie categorieën: gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten (FVTOCI) en tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening (FVTPL).
De Groep neemt financiële instrumenten op wanneer er een contract wordt aangegaan. Financiële instrumenten worden niet langer in de balans opgenomen wanneer de contractuele rechten op de kasstromen uit het actief aflopen, of wanneer de rechten op de ontvangst van de contractuele kasstromen uit het financieel actief worden overgedragen in een transactie waarbij nagenoeg alle risico's en voordelen van eigendom van het financieel actief worden overgedragen. Met betrekking tot handelsvorderingen maakt de Groep gebruik van programma's voor non-recourse factoring. Vorderingen worden niet langer opgenomen wanneer de factor de Groep betaalt, waarbij tevens een vergoeding wordt betaald voor het kredietrisico dat de factor op zich neemt. Factoringkosten worden opgenomen in de financiële kosten van de Groep.
Financiële instrumenten worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct toerekenbaar zijn aan de aanschaf of uitgifte van financiële instrumenten worden opgenomen op de datum van eerste waardering, behalve voor financiële instrumenten die zijn gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening (FVTPL). Transactiekosten met betrekking tot financiële instrumenten die zijn gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst-en-verliesrekening (FVTPL) worden bij eerste opname verantwoord in de winst-en-verliesrekening.
De classificatie van financiële activa is gebaseerd op twee criteria: de doelstelling van het bedrijfsmodel van de Vennootschap met betrekking tot activabeheer, en de toetsing of de contractuele kasstromen van de instrumenten uitsluitend worden veroorzaakt door “betalingen van de hoofdsom en rente” (bekend als de 'SPPI-test').
Handelsvorderingen worden bij eerste opname opgenomen tegen het bedrag van de vergoeding die onvoorwaardelijk is, tenzij ze significante financieringscomponenten bevatten wanneer ze tegen reële waarde worden opgenomen. De Groep houdt handelsvorderingen aan met als doel de contractuele kasstromen te innen en waardeert ze daarom vervolgens tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode. Overige vorderingen worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde en vervolgens tegen geamortiseerde kostprijs.
Handels- en overige schulden worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde en vervolgens tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode. Leningen en overige financieringsverplichtingen worden bij eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde, na aftrek van gemaakte transactiekosten. Vervolgens worden leningen en overige financieringsverplichtingen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Elk verschil tussen de opbrengsten (na aftrek van transactiekosten) en het aflossingsbedrag wordt op basis van de effectieve-rentemethode opgenomen in de winst-en-verliesrekening over de looptijd van de leningen.
Een uitwisseling tussen een bestaande leningnemer en leninggever van financiële verplichtingen met aanzienlijk verschillende voorwaarden moet worden verwerkt als een delging van de oorspronkelijke financiële verplichting en de opname van een nieuwe financiële verplichting. Evenzo wordt een aanzienlijke wijziging van de voorwaarden van een bestaande financiële verplichting of een deel daarvan (al dan niet als gevolg van financiële problemen van de debiteur) administratief verwerkt als een aflossing van de oorspronkelijke financiële verplichting en de opname van een nieuwe financiële verplichting.
De voorwaarden wijken aanzienlijk af indien de verdisconteerde contante waarde van de kasstromen onder de nieuwe voorwaarden, met inbegrip van het saldo van betaalde en ontvangen provisies verdisconteerd tegen de oorspronkelijke effectieve rentevoet, ten minste 10% verschilt van de contante waarde van de resterende kasstromen van de oorspronkelijke financiële verplichting. Indien een uitwisseling van schuldbewijzen of wijziging van voorwaarden administratief als aflossing wordt verwerkt, worden gemaakte kosten of provisies opgenomen als onderdeel van de winst of het verlies op de aflossing. Bijkomende kosten die direct toe te rekenen zijn aan de uitgifte van het nieuwe schuldinstrument worden verwerkt als transactiekosten van de nieuwe verplichting, en worden derhalve gespreid door aanpassing van de effectieve rentevoet.
De Groep maakt gebruik van financiële derivaten zoals valutatermijncontracten, renteswaps om het valutarisico en het renterisico af te dekken en rentecaps om de renterisico's af te dekken die samenhangen met leningen met een variabele rente in het kader van de kredietfaciliteiten van de Groep.
Derivaten worden oorspronkelijk opgenomen als overige financiële activa tegen reële waarde op de datum waarop een derivatencontract wordt aangegaan. Vervolgens worden de derivaten aan het einde van elke verslagperiode via de winst- en verliesrekening geherwaardeerd tegen hun reële waarde. Derivaten dienen uitsluitend om economische risico’s af te dekken, en niet als speculatieve belegging. De Groep past geen hedge accounting toe. Om die reden worden veranderingen in de reële waarde van financiële derivaten van de Groep direct verwerkt in de geconsolideerde winst-en-verliesrekening en opgenomen onder financieringskosten.
De Groep heeft putopties toegekend voor resterende minderheidsbelangen in verworven ondernemingen, die de houders het recht geven om hun investeringen in deze dochterondernemingen aan de Groep te verkopen. Deze financiële verplichtingen zijn niet rentedragend. In overeenstemming met IAS 32 neemt de Groep een aflossingsverplichting op die overeenkomt met de contante waarde van de geschatte uitoefenprijs van de optie. De aflossingsverplichting is opgenomen onder overige kortlopende en langlopende verplichtingen en de tegenhanger is een vermindering van het eigen vermogen van de Groep. Aan het einde van elke verslagperiode wordt de verplichting aangepast aan wijzigingen in de geschatte uitoefenprijs. Deze wijzigingen worden administratief verwerkt in de resultatenrekening.
Indien de Groep ook een calloptie heeft verkregen op dezelfde resterende minderheidsbelangen in de overgenomen vennootschappen, wordt rekening gehouden met deze optie bij de vaststelling van zeggenschap met betrekking tot de bedrijfscombinatie.
De Groep neemt een voorziening op voor te verwachten kredietverliezen voor alle financiële activa die niet worden aangehouden tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies (FVTPL). Verwachte kredietverliezen zijn gebaseerd op het verschil tussen de contractuele kasstromen die volgens het contract zijn verschuldigd en alle kasstromen die de Groep verwacht te ontvangen, verdisconteerd tegen een benadering van de oorspronkelijke effectieve rentevoet.
De toegepaste methode voor bijzondere waardevermindering is afhankelijk van de vraag of er sprake is van een aanzienlijke toename van het kredietrisico; als dit het geval is, wordt de voorziening voor verliezen gewaardeerd tegen een bedrag dat gelijk is aan het verwachte kredietverlies tijdens de levensduur. Als dit niet het geval is, wordt de voorziening gewaardeerd tegen een bedrag dat gelijk is aan het verwachte kredietverlies over 12 maanden. Voor handelsvorderingen past de Groep de vereenvoudigde aanpak toe zoals toegestaan volgens IFRS 9, die vereist dat tijdens de looptijd verwachte verliezen worden opgenomen vanaf de eerste opname van de vorderingen (zie toelichting 4.1 voor meer informatie). Hoewel geldmiddelen en kasequivalenten en vorderingen uit overige leningen ook onderhevig zijn aan de vereisten voor bijzondere waardevermindering volgens IFRS 9, is er geen bijzonder waardeverminderingsverlies geïdentificeerd omdat deze activa als een laag kredietrisico worden beschouwd.
Afzonderlijk significante financiële activa worden op individuele basis getoetst op bijzondere waardevermindering. De resterende financiële activa worden collectief beoordeeld in groepen met vergelijkbare kredietrisicokenmerken.
Bijzondere waardeverminderingen van financiële activa worden opgenomen in de resultatenrekening. Een bijzondere waardevermindering wordt teruggeboekt als de terugboeking objectief kan worden toegeschreven aan een gebeurtenis die plaatsvond na de opname van de bijzondere waardevermindering.
Financiële activa en passiva worden gesaldeerd en het nettobedrag wordt in het overzicht van de financiële positie opgenomen als en alleen als de Groep een wettelijk recht heeft om de bedragen te salderen en van plan is om op nettobasis af te wikkelen of om tegelijkertijd het actief te realiseren en de verplichting af te wikkelen.
Geldmiddelen en kasequivalenten omvatten kassaldi en direct opvraagbare tegoeden. Rekening-courantkredieten die direct opeisbaar zijn en integraal deel uitmaken van het kasbeheer van de Groep, worden opgenomen als een component van geldmiddelen en kasequivalenten ten behoeve van het kasstroomoverzicht.
Winstbelastingen omvatten actuele en uitgestelde belastingen. De winstbelasting wordt in de resultatenrekening opgenomen tenzij ze verband houden met posten die zijn opgenomen in overige gerealiseerde of niet-gerealiseerde resultaten. In dat geval worden ze opgenomen in overige gerealiseerde of niet-gerealiseerde resultaten.
De actuele winstbelasting is de verwachte te betalen (of te ontvangen) belasting over de belastbare winst (of het belastbare verlies) over de periode, op basis van belastingtarieven die op de verslagdatum zijn vastgesteld of materieel zijn vastgesteld, en eventuele aanpassingen aan te betalen belastingen over voorgaande jaren.
Uitgestelde winstbelasting wordt volgens de balansmethode berekend op basis van tijdelijke verschillen tussen de fiscale boekwaarden van activa en passiva en hun boekwaarde in de geconsolideerde jaarrekening. Uitgestelde belastingverplichtingen worden echter niet opgenomen als deze voortvloeien uit de eerste opname van goodwill. Uitgestelde winstbelastingen worden ook niet verwerkt als deze voortvloeien uit de eerste opname van een actief of verplichting in een transactie die geen bedrijfscombinatie is en die op het moment van de transactie geen invloed heeft op de commerciële of fiscale winst of het commerciële of fiscale verlies. Uitgestelde winstbelasting wordt bepaald op basis van belastingtarieven (en wetten) die aan het einde van de verslagperiode zijn vastgesteld of materieel zijn vastgesteld en die naar verwachting van toepassing zullen zijn wanneer de desbetreffende uitgestelde belastingvordering wordt gerealiseerd of de uitgestelde belastingverplichting wordt afgewikkeld.
Een uitgestelde belastingvordering wordt opgenomen voor zover het waarschijnlijk is dat er toekomstige belastbare winsten beschikbaar zullen zijn waarmee het tijdelijke verschil kan worden verrekend. Uitgestelde belastingvorderingen worden op elke verslagdatum opnieuw beoordeeld en worden verlaagd indien het niet langer waarschijnlijk is dat het daarmee samenhangende belastingvoordeel zal worden gerealiseerd.
De Groep past de FIFO-methode (first in, first out) toe om voorraadbewegingen weer te geven. Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of tegen de netto-opbrengstwaarde indien deze lager is. De kostprijs van voorraden omvat directe grondstoffen, directe arbeidskosten en een evenredig deel van de variabele en vaste overheadkosten, waarbij deze laatste worden toegerekend op basis van de normale bedrijfscapaciteit. De netto-opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs bij normale bedrijfsuitoefening, verminderd met de geschatte kosten van voltooiing en de verkoopkosten. Bijzondere waardeverminderingen van voorraden tot de netto-opbrengstwaarde worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening als onderdeel van 'Kosten voor goederen en verbruiksartikelen'. Als de waarde van voorraden die onderhevig zijn aan een bijzondere waardevermindering stijgt, wordt de bijzondere waardevermindering teruggenomen tot ofwel de gestegen netto-opbrengstwaarde ofwel de oorspronkelijke kostprijs, afhankelijk van welke de laagste waarde heeft.
Gewone aandelen worden geclassificeerd als eigen vermogen. Incrementele kosten die direct toe te rekenen zijn aan de uitgifte van gewone aandelen en aandelenopties worden opgenomen onder het eigen vermogen na aftrek van belastingen.
De uitgiftepremies bestaan uit het boven nominale waarde op aandelen gestort kapitaal.
Ingekochte eigen aandelen worden in mindering gebracht op het eigen vermogen (rubriek 'Overige reserves'). Er wordt geen winst of verlies geboekt bij de aankoop, verkoop, uitgifte of intrekking van eigen aandelen. Een betaalde of ontvangen vergoeding wordt rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt.
De Groep heeft verschillende toegezegd-pensioenregelingen.
De verplichting of het actief dat is opgenomen in de balans van toegezegd-pensioenregelingen is de contante waarde van de toegezegde pensioenrechten aan het einde van de verslagperiode, verminderd met de reële waarde van de fondsbeleggingen. De toegezegde pensioenrechten worden jaarlijks door onafhankelijke gekwalificeerde actuarissen berekend volgens de 'projected unit credit'-methode.
De contante waarde van de toegezegde pensioenrechten wordt bepaald door de geschatte toekomstige uitstroom van kasmiddelen te verrekenen met de rentetarieven van hoogwaardige bedrijfsobligaties die luiden in de valuta waarin de beloningen zullen worden betaald en die een looptijd hebben die vergelijkbaar is met de looptijd van de gerelateerde verplichting. De netto rentelasten worden berekend door de disconteringsvoet toe te passen op het netto saldo van de toegezegde pensioenrechten en de reële waarde van de fondsbeleggingen. Deze kosten worden opgenomen onder financieringslasten in de resultatenrekening. Wijzigingen in de contante waarde van de toegezegde pensioenrechten als gevolg van wijzigingen of inperkingen van de regeling worden onmiddellijk in de resultatenrekening opgenomen als pensioenkosten van verstreken diensttijd.
Herwaarderingswinsten en -verliezen die voortvloeien uit ervaringsaanpassingen en wijzigingen in actuariële veronderstellingen worden opgenomen in de periode waarin ze zich voordoen, rechtstreeks in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten. Ze worden opgenomen in ingehouden winsten in het mutatieoverzicht van het eigen vermogen en in de balans.
Voor toegezegde-bijdrageregelingen betaalt de Groep bijdragen aan publiek of privaat beheerde pensioenverzekeringsregelingen op verplichte, contractuele of vrijwillige basis. De Groep heeft geen verdere betalingsverplichtingen nadat de bijdragen zijn betaald. De bijdragen worden opgenomen als kosten voor personeelsbeloningen wanneer ze verschuldigd zijn.
De kosten van alle kortlopende personeelsbeloningen, zoals salarissen, vakantiegeld, bonussen, medische hulp en andere bijdragen, worden verantwoord in de periode waarin de werknemer de gerelateerde dienst levert. De Groep neemt deze kosten alleen op wanneer zij een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft om een dergelijke betaling te doen en wanneer een betrouwbare schatting van de verplichting kan worden gemaakt.
De nettoverplichting van de Groep voor langlopende personeelsbeloningen is het bedrag van de toekomstige beloning dat werknemers hebben verdiend in ruil voor hun diensten in de verslagperiode en voorgaande perioden. Deze beloning wordt verdisconteerd om de contante waarde te bepalen. Andere langlopende personeelsbeloningen worden berekend volgens de 'projected unit credit'-methode. Eventuele actuariële winsten en verliezen worden opgenomen in de winst-en-verliesrekening voor de periode waarin ze zich voordoen.
De Groep heeft prestatieaandelenplannen voor managers op sleutelposities, die kunnen worden aangemerkt als via het eigen vermogen verrekende vergoedingsregelingen in aandelen. Via het eigen vermogen verrekende op aandelen gebaseerde transacties zijn transacties waarbij de entiteit goederen of diensten ontvangt in ruil voor haar eigen-vermogensinstrumenten (bijv. aandelen, opties).
Aldus ontvangen goederen of diensten worden gewaardeerd tegen hun reële waarde, tenzij deze niet betrouwbaar kan worden geschat. In dat geval worden ze gewaardeerd tegen de reële waarde van de toegekende eigen-vermogensinstrumenten. De reële waarde wordt bepaald op de toekenningsdatum, en bij het bepalen van de waarde wordt rekening gehouden met marktomstandigheden door middel van een Monte-Carloberekening. Deze waarde blijft onveranderd gedurende de wachtperiode. Bedrijfs- en niet-marktgerelateerde omstandigheden hebben geen invloed op de reële waarde van de toegekende instrumenten, maar hier wordt wel rekening mee gehouden door aanpassing van het aantal eigen-vermogensinstrumenten dat wordt opgenomen in de waardering van de transactie. Deze schatting wordt op elke verslagdatum herzien totdat de wachtperiode is verstreken. Azelis verwerkt de via het eigen vermogen verrekende, op aandelen gebaseerde betalingstransactie in de rubriek 'Overige reserves' van het eigen vermogen, en de eerste opname en daaropvolgende wijzigingen worden verwerkt in de personeelskosten.
Een voorziening wordt opgenomen als de Groep, als gevolg van een gebeurtenis in het verleden, een huidige in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting heeft die betrouwbaar kan worden geschat, en het waarschijnlijk is dat een uitstroom van economische voordelen nodig zal zijn om de verplichting af te wikkelen. Voorzieningen worden bepaald door de verwachte toekomstige kasstromen te verdisconteren tegen een discontovoet vóór belasting die een afspiegeling is van de actuele marktbeoordelingen van de tijdswaarde van geld en de specifieke risico's met betrekking tot de verplichting. Het ontbinden van het disagio van voorzieningen wordt opgenomen onder financiële lasten.
Omzet uit de verkoop van producten wordt opgenomen wanneer aan de prestatieverplichting is voldaan, d.w.z. wanneer de klant controle verkrijgt over de over de beloofde goederen. Voor de Groep wordt de controleoverdracht meestal bepaald door de overeengekomen incoterm. Omzet wordt gewaardeerd tegen de reële waarde van de vergoeding die is ontvangen, na aftrek van retourneringen, handels- en volumekortingen. Omzet wordt alleen opgenomen als het zeer waarschijnlijk is dat er geen belangrijke terugboeking zal plaatsvinden.
Wanneer het resultaat van een transactie waarbij commissie wordt betaald betrouwbaar kan worden geschat, wordt de omzet met betrekking tot de transactie opgenomen in verhouding tot de mate van voltooiing van de transactie aan het einde van de verslagperiode. Wanneer de Groep in een transactie optreedt als agent in plaats van principaal, is de opgenomen omzet gelijk aan het nettobedrag van de door de Groep verdiende commissie. De Groep handelt als agent wanneer ze geen eigenaar van de goederen wordt en niet is blootgesteld aan risico's, wanneer de risico's worden gedragen door de leverancier en wanneer de verkoopprijzen worden bepaald door de leveranciers.
Een operationeel segment is een onderdeel van de Groep dat bedrijfsactiviteiten uitvoert die omzet genereren en waarbij kosten kunnen worden gemaakt, met inbegrip van omzet en kosten die verband houden met transacties met andere onderdelen van de Groep. De segmentatie die door de Group wordt gebruikt is Agebaseerd op geografie, organisatie en managementstructuur en op onderlinge commerciële afhankelijkheden.
Segmentresultaten die aan de CEO worden gerapporteerd, omvatten posten die direct toe te schrijven zijn aan een segment, evenals posten die op een redelijke basis kunnen worden toegewezen. Niet-toegewezen posten bestaan voornamelijk uit uitgaven van het hoofdkantoor en belastingvorderingen en -verplichtingen, en worden gepresenteerd in een afzonderlijke rapportage-eenheid 'Group holding en overige'.
De gebruikte verslaggevende segmenten zijn als volgt gedefinieerd:
EMEA: alle werkmaatschappijen in Europa, het Midden-Oosten en Afrika
Americas: alle werkmaatschappijen in de Verenigde Staten, Canada, Mexico en Zuid-Amerika (voornamelijk Colombia en Brazilië)
Asia Pacific: alle werkmaatschappijen in Azië, Zuidoost-Azië en het Pacifisch gebied
Group holding en overige: alle niet-operationele ondernemingen, inclusief het Corporate Service Center en het hoofdkantoor in België.
Overheidssubsidies worden systematisch in de winst-en-verliesrekening opgenomen over de perioden waarin de entiteit de gerelateerde uitgaven die de subsidies beogen te compenseren, als kosten verwerkt. Overheidssubsidies worden pas opgenomen als met redelijke zekerheid kan worden gesteld dat de Groep zal voldoen aan de voorwaarden die aan de subsidies zijn verbonden en dat de subsidies zullen worden ontvangen.
Het geconsolideerde kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode. Geldmiddelen worden gedefinieerd als geldmiddelen en kasequivalenten, verminderd met rekening-courantkredieten. Kasstromen worden in het kasstroomoverzicht afzonderlijk gepresenteerd als kasstromen uit operationele activiteiten, investeringsactiviteiten en financieringsactiviteiten.
Voor een aantal waarderingsregels en toelichtingen van de Groep is de bepaling van de reële waarde vereist, voor zowel financiële als niet-financiële activa en verplichtingen. Reële waarden zijn bepaald voor waarderings- of informatiedoeleinden op basis van de volgende methoden. Indien van toepassing bevatten de specifieke toelichtingen bij de betreffende activa of verplichtingen passiva nadere informatie over de veronderstellingen die zijn gehanteerd bij het bepalen van de reële waarde.
De reële waarde van materiële vaste activa die als gevolg van een bedrijfscombinatie zijn opgenomen, is gebaseerd op marktwaarden. De marktwaarde is het geschatte bedrag waarvoor een actief op de waarderingsdatum kan worden verhandeld tussen een tot een transactie bereid zijnde koper en verkoper in een zakelijke, objectieve transactie voorafgegaan door gedegen onderhandeling waarbij de partijen goed geïnformeerd en tot een transactie bereid waren.
De reële waarde van handelsmerken en distributierechten die zijn verworven in bedrijfscombinaties wordt gewaardeerd op basis van de inkomstenmethode (respectievelijk de 'relief from royalty'- en de 'multi-period excess earnings'-methode). De reële waarde van overige immateriële activa is voornamelijk gebaseerd op de kostprijsmethode.
De reële waarde van voorraden wordt vastgesteld op basis van de geschatte verkoopprijs bij normale bedrijfsuitoefening, verminderd met de geschatte kosten van voltooiing en verkoop.
De reële waarde van financiële activa tegen de reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in winst of verlies en de reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten wordt bepaald op basis van de genoteerde biedkoers op de verslagdatum. Als er geen marktprijzen beschikbaar zijn, worden de instrumenten gewaardeerd op basis van de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen, gedisconteerd tegen de marktrente op de waarderingsdatum.
De reële waarde van handels- en overige vorderingen wordt vastgesteld als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen, gedisconteerd tegen de marktrente op de waarderingsdatum.
De reële waarde van valutatermijncontracten is gebaseerd op hun genoteerde marktprijs, indien beschikbaar. Als er geen genoteerde marktprijs beschikbaar is, wordt de reële waarde geschat door het verschil tussen de contractuele termijnkoers en de huidige termijnkoers voor de resterende looptijd van het contract te verdisconteren aan de hand van een risicovrije rentevoet, verhoogd met een toepasselijke extra spread in verband met het kredietrisico van de Groep en het risico van de tegenpartij.
De reële waarde wordt berekend op basis van de contante waarde van toekomstige hoofdsom- en rentekasstromen, verdisconteerd tegen de marktrente op de waarderingsdatum, inclusief het kredietrisico van de Groep.
De reële waarde van voorwaardelijke vergoedingen die kunnen worden aangemerkt als earn-out, opgenomen met betrekking tot bedrijfscombinaties, wordt berekend op basis van een prognose van de onderliggende prestatiemaatstaf (doorgaans EBIT(D)A) en wordt verdisconteerd tegen de marktrente op de waarderingsdatum. De reële waarde van een voorwaardelijke vergoeding die louter een vaste uitgestelde betaling is, wordt bepaald als de contante waarde van verwachte toekomstige kasstromen, verdisconteerd tegen de marktrente op de waarderingsdatum.
De afloswaarde van putopties op minderheidsbelangen, die wordt opgenomen in verband met bedrijfscombinaties, wordt berekend op basis van specifieke contractuele specificaties die voor het merendeel bestaan uit een combinatie van een multiple van meervoudige toekomstige prestatiemetingen en de saldi van bepaalde posten in het nettowerkkapitaal bij uitoefening van de optie.
Activa en verplichtingen waarvoor de reële waarde wordt gewaardeerd of vermeld in de geconsolideerde jaarrekening, worden ingedeeld binnen de reële-waardehiërarchie. Deze wordt als volgt beschreven, op basis van de input van het laagste niveau dat van belang is voor de gehele waardering:
Niveau 1: op actieve markten genoteerde prijzen (niet gecorrigeerd) voor identieke activa of verplichtingen
Niveau 2: waarderingstechnieken waarbij alle inputs die een significant effect hebben op de geboekte reële waarde, direct of indirect waarneembaar zijn voor het actief of de verplichting
Niveau 3: waarderingstechnieken waarbij alle inputs die een significant effect hebben op de geboekte reële waarde, niet zijn gebaseerd op waarneembare marktgegevens.
Bij het toepassen van de grondslagen voor financiële verslaggeving en het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening is de Groep uitgegaan van bepaalde beoordelingen (anders dan schattingen) die van invloed zijn op de gerapporteerde bedragen van activa en verplichtingen, opbrengsten en kosten.
Daarnaast is de Groep verplicht om bepaalde schattingen en veronderstellingen te doen die van invloed zijn op de waardering en presentatie van gerapporteerde cijfers. Schattingen zijn gebaseerd op ervaringen uit het verleden en op aanvullende kennis over te rapporteren transacties en worden doorlopende geëvalueerd. De werkelijke bedragen kunnen afwijken van deze schattingen. Hieronder worden de meest kritieke boekhoudkundige oordelen en schattingen beschreven die betrekking hebben op onzekerheden die een aanzienlijk risico vormen op aanzienlijke aanpassingen en die zijn toegepast in de geconsolideerde jaarrekening:
De Groep is van oordeel dat het handelsmerk Azelis een onbepaalde gebruiksduur heeft. Daarom wordt er op het handelsmerk niet afgeschreven. Op elke verslagdatum evalueert de Groep deze beoordeling en bepaalt zij of de omstandigheden nog steeds de beoordeling onderbouwen dat het handelsmerk een onbepaalde gebruiksduur heeft. Het handelsmerk maakt deel uit van het jaarlijkse onderzoek op bijzondere waardevermindering (zie toelichting 15).
Bij het beoordelen van de realisatie van uitgestelde belastingvorderingen neemt het management in overweging in welke mate het waarschijnlijk is dat de uitgestelde belastingvordering zal worden gerealiseerd (toelichting 14). De uiteindelijke realisatie van uitgestelde belastingvorderingen hangt af van het genereren van toekomstig belastbaar inkomen tijdens de perioden waarin deze tijdelijke verschillen en voorwaarts te verrekenen fiscale verliezen beschikbaar zijn. Het management houdt bij deze beoordeling rekening met de verwachte terugboeking van uitgestelde belastingverplichtingen en de verwachte toekomstige belastbare winsten (zie toelichting 14.2).
Bij het bepalen van de leaseperiode houdt het management rekening met alle feiten en omstandigheden die een financiële prikkel incentive vormen om een verlengingsoptie uit te oefenen. Verlengingsopties worden alleen in de leaseperiode opgenomen als het redelijk zeker is dat de lease wordt verlengd (zie toelichting 16.2).
In een bedrijfscombinatie worden de verworven activa en passiva gewaardeerd tegen reële waarde. Wanneer er geen waarneembare informatie beschikbaar is, gebruikt de Groep veronderstellingen en niet-waarneembare informatie om de reële waarde van het beoordeelde te schatten. De werkelijke marktprestaties kunnen vervolgens afwijken van de veronderstellingen. De belangrijkste veronderstellingen worden vermeld in de toelichting bij bedrijfscombinaties (zie toelichting 7).
De Groep onderzoekt jaarlijks of goodwill aan een bijzondere waardevermindering onderhevig is geweest. De realiseerbare waarde van een kasstroom-genererende eenheid wordt bepaald op basis van berekeningen van de bedrijfswaarde, waarbij gebruik wordt gemaakt van veronderstellingen. Voor de berekeningen wordt gebruik gemaakt van kasstroomprognoses op basis van financiële budgetten die door het management zijn goedgekeurd voor een periode van vijf jaar, waarin schattingen voor omzetgroei en margegroei zijn opgenomen. Kasstromen na de periode van vijf jaar worden geëxtrapoleerd met behulp van de geschatte groeipercentages. Deze groeipercentages zijn consistent met de voorspellingen in rapporten uit de specifieke sector waarin de kasstroom-genererende eenheid actief is (zie toelichting 15.2).
Azelis is blootgesteld aan verschillende financiële en andere risico's, waaronder:
Kredietrisico
Liquiditeitsrisico
Marktrisico's
Operationele risico's
Azelis hanteert een risicobeheerkader om deze risico's te beperken. De Raad van Bestuur houdt toezicht op de manier waarop het management de naleving van het beleid en de risicobeheerprocedures van de Groep monitort en de geschiktheid van het risicobeheerkader beoordeelt met betrekking tot de risico's waarmee de Groep wordt geconfronteerd.
Kredietrisico is het risico van financieel verlies voor de Groep als een klant of tegenpartij van een financieel instrument zijn contractuele verplichtingen niet nakomt en vloeit voornamelijk voort uit vorderingen van de Groep op klanten.
Per 31 december kan het belangrijkste kredietrisico als volgt worden samengevat:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Handels- en overige vorderingen | 521,896 | 538,381 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 484,874 | 268,160 |
| Overige financiële activa | 7,809 | 12,038 |
| 1,014,578 | 818,578 |
De Groep hanteert een vereenvoudigde aanpak conform IFRS 9 (zie toelichting 2.7.2).
Het kredietrisico van de Groep wordt voornamelijk beïnvloed door de individuele kenmerken van elke klant. De demografische gegevens van het klantenbestand van de Groep, inclusief het wanbetalingsrisico van de sector en het land waarin de klanten actief zijn, hebben minder invloed op het kredietrisico. De Groep is niet aan een significante concentratie van kredietrisico blootgesteld.
De Groep heeft een kredietbeleid waarbij elke nieuwe klant afzonderlijk wordt getoetst op kredietwaardigheid voordat de standaard betalings- en leveringsvoorwaarden van de Groep worden aangeboden. De toetsing door de Groep omvat externe kredietwaardigheidsbeoordelingen, waar beschikbaar, en in sommige gevallen bankreferenties. Voor elke klant worden inkooplimieten vastgesteld.
Klanten die niet aan de kredietwaardigheidsvereisten van de Groep voldoen, kunnen uitsluitend transacties met de Groep aangaan op basis van vooruitbetaling. Het kredietbeleid van de Groep omvat opschorting van verdere leveringen als klanten hun schulden niet op tijd betalen. Bovendien maakt de Groep gebruik van non-recourse factoring voor het grootste deel van haar omzet in de EMEA-regio. Dit wordt gebruikt als een efficiëntieprogramma bij het innen van vorderingen. Er worden geen andere kredietverzekeringsprogramma's nodig geacht.
Een aanzienlijk deel van de klanten van de Groep doet al vele jaren zaken met de Groepsmaatschappijen en er hebben zich zelden verliezen voorgedaan. De Groep eist geen zekerheden voor handels- en overige vorderingen.
De Groep vormt een voorziening voor bijzondere waardevermindering, gebaseerd op een schatting van de verwachte verliezen met betrekking tot handelsvorderingen. De belangrijkste componenten van deze voorziening zijn een specifieke verliescomponent en een collectieve verliescomponent. De specifieke verliescomponent heeft betrekking op individuele significante risico’s en de collectieve verliescomponent wordt vastgesteld voor groepen soortgelijke activa met betrekking tot geleden, maar nog niet geïdentificeerde verliezen. De voorziening voor collectieve verliezen wordt bepaald op basis van historische gegevens van betalingsstatistieken voor vergelijkbare financiële activa, aangepast voor toekomstgerichte informatie door middel van een beoordeling van zowel de huidige als de verwachte ontwikkeling van de economische omstandigheden op de verslagdatum.
Per jaareinde is de ouderdomsopbouw van de handelsvorderingen als volgt:
| (in duizenden €) | Bruto | % van totaal | Bijz. waardev. | % afgewaardeerd |
|---|---|---|---|---|
| Niet vervallen | 340,390 | 71.8% | 2,483 | 0.7% |
| Overschrijding 0 à 2 maanden | 93,354 | 19.7% | 5,636 | 6.0% |
| Overschrijding 2 à 12 maanden | 31,000 | 6.5% | 12,068 | 38.9% |
| Overschrijding meer dan 12 maanden | 9,507 | 2.0% | 9,200 | 96.8% |
| 474,250 | 100.0% | 29,387 | 6.2% |
| (in duizenden €) | Bruto | % van totaal | Bijz. waardev. | % afgewaardeerd |
|---|---|---|---|---|
| Niet vervallen | 334,132 | 69.3% | 2,590 | 0.8% |
| Overschrijding 0 à 2 maanden | 98,192 | 20.4% | 10,725 | 10.9% |
| Overschrijding 2 à 12 maanden | 38,990 | 8.1% | 14,713 | 37.7% |
| Overschrijding meer dan 12 maanden | 10,885 | 2.3% | 10,885 | 100.0% |
| 482,200 | 100.0% | 38,912 | 8.1% |
De voorziening voor verliezen voor handelsvorderingen per 31 december sluiten als volgt aan op de voorziening voor verliezen aan het begin van het jaar:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Balans per 1 januari | 38,912 | 21,783 |
| Bedrijfscombinatie | 3,203 | 12,235 |
| Voorzieningen op jaarbasis | 5,168 | 6,513 |
| Daling bijzondere waardeverminderingsverliezen | -16,881 | -579 |
| Wisselkoersverschillen | -1,015 | -1,040 |
| Balans per 31 december | 29,387 | 38,912 |
De blootstelling van de Groep aan kredietrisico is verwaarloosbaar aangezien de Groep voor haar stortingen zaken doet met banken met een hoge rating.
Het beleid van de Groep is erop gericht alleen financiële garanties af te geven ten gunste van volledige dochterondernemingen. Op de balansdatum waren er geen andere materiële garanties afgegeven.
Het liquiditeitsrisico is het risico dat de Groep niet in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen wanneer deze opeisbaar zijn. De aanpak van de Groep voor het beheren van liquiditeit is ervoor te zorgen dat de Groep voldoende liquiditeit aanhoudt om aan haar verplichtingen te voldoen wanneer deze opeisbaar zijn, onder zowel normale als meer uitdagende omstandigheden, zonder onaanvaardbare verliezen op te lopen.
De Groep zorgt ervoor dat ze over voldoende liquide middelen en ongebruikte kredietfaciliteiten beschikt om te kunnen voldoen aan de verwachte operationele kosten voor de betreffende planningsperiode, inclusief de nakoming van financiële verplichtingen.
Hieronder volgen de contractuele looptijden van financiële verplichtingen, inclusief geschatte rentebetalingen en exclusief het effect van eventuele verrekeningsovereenkomsten op de balansdatum:
| (in duizenden €) | Boekwaarde | Niet-verdisc. contractuele kasstromen | Minder dan 1 jaar | 1 tot 5 jaar | Meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|---|---|
| Rentredragende leningen | 1,631,194 | 1,942,106 | 176,219 | 1,749,928 | 15,959 |
| Leaseverplichtingen (IFRS16) | 126,619 | 141,658 | 28,213 | 79,863 | 33,582 |
| Derivaten | 3,921 | 3,921 | 3,921 | 0 | 0 |
| Handels- en overige schulden | 865,365 | 872,078 | 797,363 | 74,715 | 0 |
| Banktegoeden | 18,286 | 18,286 | 18,286 | 0 | 0 |
| 2,645,385 | 2,978,048 | 1,024,002 | 1,904,506 | 49,541 |
Leningen en overige financieringsverplichtingen moeten voornamelijk in 2026 worden afgelost.
| (in duizenden €) | Boekwaarde | Niet-verdisc. contractuele kasstromen | Minder dan 1 jaar | 1 tot 5 jaar | Meer dan 5 jaar |
|---|---|---|---|---|---|
| Rentredragende leningen | 1,303,717 | 1,465,226 | 260,431 | 1,204,795 | 0 |
| Leaseverplichtingen (IFRS16) | 101,558 | 102,806 | 20,639 | 52,412 | 29,755 |
| Derivaten | 377 | 377 | 377 | 0 | 0 |
| Handels- en overige schulden | 869,574 | 869,574 | 869,574 | 0 | 0 |
| Banktegoeden | 30,412 | 30,412 | 30,412 | 0 | 0 |
| 2,305,637 | 2,468,394 | 1,181,432 | 1,257,207 | 29,755 |
Marktrisico is het risico dat veranderingen in marktprijzen, zoals wisselkoersen, rentevoeten en aandelenkoersen, invloed hebben op de ontvangsten van de Groep of de waarde van door haar aangehouden financiële instrumenten. Het doel van marktrisicobeheer is om de blootstelling aan marktrisico's te beheren en te beheersen binnen aanvaardbare parameters en tegelijkertijd het rendement te optimaliseren. De Groep koopt en verkoopt derivaten om haar marktrisico's te beheren.
De Groep loopt valutarisico's op verkopen, aankopen en leningen in verschillende valuta's. De belangrijkste valuta's zijn de euro (€), het Britse pond (GBP) en de Amerikaanse dollar (USD).
Op ieder moment dekt de Groep een aanzienlijk deel van haar valutarisico uit verkoop- en inkooporders af via natuurlijke afdekkingen binnen haar operationele portefeuille. De Groep gebruikt voornamelijk valutatermijncontracten om het resterende valutarisico af te dekken, allemaal met een looptijd van minder dan een jaar vanaf de verslagdatum. Waar nodig worden valutatermijncontracten op de vervaldatum verlengd. De Groep heeft geen hedge accounting toegepast.
Rente op leningen wordt uitgedrukt in valuta's die voornamelijk overeenkomen met de kasstromen die worden gegenereerd door de onderliggende activiteiten van de Groep, voornamelijk euro's (€), Britse ponden (GBP) en Amerikaanse dollars (USD). Dit levert een economische afdekking op waarvoor geen derivaten worden afgesloten; daarom heeft de Groep geen hedge accounting toegepast.
De investeringen van de Groep in buitenlandse dochterondernemingen met een andere valuta dan de euro worden beschouwd als langetermijnactiviteiten van de Groep en worden daarom niet afgedekt. Valutaomrekeningsverschillen op deze langetermijnactiviteiten worden verwerkt in de reserve omrekeningsverschillen in het eigen vermogen.
De blootstelling aan valutarisico's in vlottende activa en kortlopende verplichtingen heeft voornamelijk betrekking op saldi in USD en GBP, waarvan de nominale bedragen (vermeld in €) gelijk zijn aan:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| USD | GBP | USD | GBP | |
| Financiële vaste activa, excl. Geldmiddelen en kasequivalenten | 158,478 | 3,240 | 197,296 | 927 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 66,774 | 37,186 | 65,637 | 4,270 |
| Financiële verplichtingen | -173,622 | -151,927 | -152,045 | -150,343 |
| Bruto blootstelling balans | 51,630 | -111,501 | 110,888 | -145,147 |
Een versterking van de euro met 10% per einde jaar ten opzichte van de USD en GBP zou het eigen vermogen en de resultatenrekening hebben doen toenemen (afnemen) met de hieronder vermelde bedragen. In deze analyse wordt ervan uitgegaan dat alle andere variabelen, in het bijzonder de rentevoeten, constant blijven.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| Winst/verlies | Eigen vermogen | Winst/verlies | Eigen vermogen | |
| USD | -4,694 | 4,694 | -10,081 | 10,081 |
| GBP | 10,136 | -10,136 | 13,195 | -13,195 |
Een verzwakking van de euro met 10% per einde jaar ten opzichte van de USD en GBP zou eenzelfde maar tegengesteld effect in euro's hebben gehad als de hierboven vermelde bedragen, ervan uitgaande dat alle andere variabelen constant blijven.
De Groep hanteert een beleid waarbij het renterisico zorgvuldig wordt beheerd. Regelmatig beoordeelt de Raad van Bestuur de rentevoeten van de Groep ten opzichte van externe benchmarks en zorgt ervoor dat het management financiële transacties verricht die resulteren in vaste rentetarieven voor leningen indien de limieten worden overschreden. Op de verslagdatum hebben de externe bankleningen een variabele rente.
Het belangrijkste renterisico van de Groep vloeit voort uit een langlopende lening met een variabele rente (EURIBOR en SONIA), die voor de Groep gepaard gaat met een kasstroomrenterisico. Het kasstroomrisico wordt beperkt door toepassing van een rentecap.
Op de verslagdatum was het renteprofiel van de rentedragende financiële instrumenten van de Groep, uitgedrukt in hun boekwaarde, als volgt:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Instrumenten met vaste rentevoet | ||
| Financiële schulden | -407,478 | 0 |
| -407,478 | 0 | |
| Instrumenten met variabele rentevoet | ||
| Financiële activa | 484,874 | 268,160 |
| Financiële schulden | -1,368,621 | -1,435,687 |
| -883,747 | -1,167,526 |
Een stijging (daling) van de rentevoet met 100 basispunten op de verslagdatum zou het eigen vermogen en de resultatenrekening (zonder rekening te houden met het effect van winstbelastingen) doen afnemen (toenemen) met de hieronder getoonde jaarlijkse bedragen. Bij deze analyse is ervan uitgegaan dat alle andere variabelen, in het bijzonder valutakoersen en het potentiële risicobeperkende effect van de rentecap, constant blijven.
| (in duizenden €) | Winst of verlies - 2023 | Eigen vermogen - 2023 | ||
|---|---|---|---|---|
| 100 bp | 100 bp | 100 bp | 100 bp | |
| Stijging | Daling | Stijging | Daling | |
| Instrumenten met variabele rentevoet | -13,686 | 13,686 | -13,686 | 13,686 |
| Gevoeligheid kasstromen (netto) | -13,686 | 13,686 | -13,686 | 13,686 |
| (in duizenden €) | Winst of verlies - 2022 | Eigen vermogen - 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| 100 bp | 100 bp | 100 bp | 100 bp | |
| Stijging | Daling | Stijging | Daling | |
| Instrumenten met variabele rentevoet | -14,357 | 14,357 | -14,357 | 14,357 |
| Gevoeligheid kasstromen (netto) | -14,357 | 14,357 | -14,357 | 14,357 |
Operationeel risico is het risico van direct of indirect verlies als gevolg van een grote verscheidenheid aan oorzaken die verband houden met de processen, het personeel, de technologie en de infrastructuur van de Groep, en van externe factoren anders dan krediet-, markt- en liquiditeitsrisico's, zoals de risico's die voortvloeien uit wet- en regelgeving en algemeen aanvaarde gedragsnormen voor ondernemingen. Operationele risico's komen voort uit alle activiteiten van de Groep. De doelstelling van de Groep is operationele risico's zo te beheren dat er een evenwicht is tussen het vermijden van financiële verliezen en schade aan de reputatie van de Groep enerzijds en algemene kosteneffectiviteit anderzijds. Daarnaast probeert de Groep ook controleprocedures te vermijden die het initiatief en de creativiteit belemmeren.
Op selectieve basis heeft de Groep valutaswapcontracten uitstaan om het valutarisico op uitstaande vorderingen/schulden in vreemde valuta te beheren, evenals een rentecap met betrekking tot het risico van variabele rente.
In mei 2022 is de Groep een rentecapovereenkomst ('rentecap') aangegaan om het renterisico te beperken (zie toelichting 22.1.1). De rentecap verandert de blootstelling van de Vennootschap aan renterisico's door een deel van de schuld van de Vennootschap met variabele rente om te zetten naar een vaste rente, waardoor de invloed van rentewijzigingen op de rentelasten wordt verminderd. De Groep verwerkt winsten en verliezen op reële waarde in het financiële resultaat.
Met betrekking tot bedrijfscombinaties heeft de Groep uitstaande verplichtingen voor voorwaardelijke vergoedingen en voor putopties op minderheidsbelangen. De financiële instrumenten van de Groep per categorie worden hieronder weergegeven, inclusief informatie over de reële waarde en de hiërarchie.
De rentecap valt in de categorie niveau 2 in de reële-waardehiërarchie vanwege het feit dat de rentecap niet in een actieve markt wordt verhandeld en de reële waarde wordt bepaald met behulp van waarderingstechnieken (optiewaarderingsmodel) die het gebruik van waarneembare marktgegevens maximaliseren. Aangezien alle significante inputs waarneembaar zijn die nodig zijn om de reële waarde van het instrument te kunnen bepalen, wordt het instrument geclassificeerd als niveau 2. Alle derivaten met betrekking tot valutatermijncontracten worden geclassificeerd als niveau 2. Voorwaardelijke vergoedingen die worden aangemerkt als earn-outs en putopties op minderheidsbelangen worden geclassificeerd als niveau 3. Raadpleeg voor de berekeningsgrondslag van reële waarden ook toelichting 2.17.
De boekwaarde van de overige financiële activa en verplichtingen is ongeveer gelijk aan de reële waarde ervan.
| (in duizenden €) | Toelichting | Reële waarde in W/V-rekening | Geamorti-seerde kostprijs | Totale boekwaarde | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Activa | ||||||||
| Vaste activa | ||||||||
| Overige financiële vorderingen | 4 | 726 | 726 | 726 | 726 | |||
| Derivaten | 4 | 6,131 | 6,131 | 6,131 | 6,131 | |||
| Overige investeringen | 4 | 0 | 1,178 | 1,178 | 1,178 | 1,178 | ||
| Vlottende activa | ||||||||
| Handelsvorderingen | 19 | 444,863 | 444,863 | 444,863 | 444,863 | |||
| Overige vorderingen | 19 | 11,591 | 65,442 | 77,033 | 77,033 | 77,033 | ||
| Overige financiële vorderingen | 4 | 4 | 4 | 4 | ||||
| Derivaten | 4 | 57 | 57 | 57 | 57 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 20 | 484,874 | 484,874 | 484,874 | 484,874 | |||
| Totaal financiële activa | 17,778 | 997,086 | 1,014,864 | 0 | 1,014,864 | 0 | 1,014,864 | |
| Passiva | ||||||||
| Langlopende verplichtingen | ||||||||
| Rentedragend | 22 | 1,650,982 | 1,650,982 | 1,650,982 | 1,650,982 | |||
| Overige financiële verplichtingen | 65,072 | 4,744 | 69,816 | 4,744 | 65,072 | 69,816 | ||
| Kortlopende verplichtingen | ||||||||
| Rentedragend | 22 | 106,831 | 106,831 | 106,831 | 106,831 | |||
| Banktegoeden | 20 | 18,286 | 18,286 | 18,286 | 18,286 | |||
| Handelsschulden | 24 | 434,085 | 434,085 | 434,085 | 434,085 | |||
| Overige kortlopende verplichtingen exclusief derivaten | 24 | 133,969 | 227,495 | 361,464 | 227,495 | 133,969 | 361,464 | |
| Derivaten | 24 | 3,921 | 3,921 | 3,921 | 3,921 | |||
| Totaal financiële passiva | 202,961 | 2,442,423 | 2,645,385 | 0 | 2,446,344 | 199,041 | 2,645,385 |
| (in duizenden €) | Toelichting | Reële waarde in W/V-rekening | Geamorti-seerde kostprijs | Totale boekwaarde | Niveau 1 | Niveau 2 | Niveau 3 | TOTAAL |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Activa | ||||||||
| Vaste activa | ||||||||
| Overige financiële vorderingen | 4 | 832 | 832 | 832 | 832 | |||
| Derivaten | 4 | 9,556 | 9,556 | 9,556 | 9,556 | |||
| Overige investeringen | 4 | 698 | 809 | 1,506 | 1,506 | 1,506 | ||
| Vlottende activa | ||||||||
| Handelsvorderingen | 19 | 443,288 | 443,288 | 443,288 | 443,288 | |||
| Overige vorderingen | 19 | 95,093 | 95,093 | 95,093 | 95,093 | |||
| Overige financiële vorderingen | 81 | 81 | 81 | 81 | ||||
| Derivaten | 4 | 199 | 199 | 199 | 199 | |||
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 20 | 268,160 | 268,160 | 268,160 | 268,160 | |||
| Totaal financiële activa | 10,453 | 808,263 | 818,716 | 0 | 818,716 | 0 | 818,716 | |
| Passiva | ||||||||
| Langlopende verplichtingen | ||||||||
| Rentedragend | 22 | 1,259,562 | 1,259,562 | 1,259,562 | 1,259,562 | |||
| Overige financiële verplichtingen | 73,420 | 24,844 | 98,264 | 24,844 | 73,420 | 98,264 | ||
| Kortlopende verplichtingen | ||||||||
| Rentedragend | 22 | 145,713 | 145,713 | 145,713 | 145,713 | |||
| Banktegoeden | 20 | 30,412 | 30,412 | 30,412 | 30,412 | |||
| Handelsschulden | 24 | 462,728 | 462,728 | 462,728 | 462,728 | |||
| Overige kortlopende verplichtingen exclusief derivaten | 24 | 50,657 | 257,924 | 308,582 | 257,924 | 50,657 | 308,582 | |
| Derivaten | 24 | 377 | 377 | 377 | 377 | |||
| Totaal financiële passiva | 124,454 | 2,181,183 | 2,305,637 | 0 | 2,181,560 | 124,077 | 2,305,637 |
Het beleid van de Raad van Bestuur is gericht op het handhaven van een goede kapitaalbasis om het vertrouwen van beleggers, crediteuren en de markt te behouden en om de toekomstige winstgevende ontwikkeling van het bedrijf te kunnen voortzetten. De Raad van Bestuur monitort het rendement op kapitaal en streeft naar een balans tussen het rendement op eigen vermogen versus het bedrag aan uitstaande leningen, naast de voordelen en zekerheid die een gezonde kapitaalpositie biedt.
De Groep definieert haar kapitaal als haar eigen vermogen en haar netto rentedragende leningen:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Eigen vermogen | 2,676,578 | 2,439,677 |
| Overige rentedragende leningen | 1,776,099 | 1,435,687 |
| Minus: Geldmiddelen & kasequivalenten | -484,874 | -268,160 |
| Totaal kapitaal | 3,967,803 | 3,607,203 |
De Groep is niet blootgesteld aan significante externe kapitaalvereisten, behalve de convenanteisen van de gesyndiceerde externe schuld (zie toelichting 22).
De te rapporteren segmenten van de Groep zijn gebaseerd op de regio's waarin de Groep actief is: EMEA, Americas en Asia Pacific. Dit is een afspiegeling van de structuur van de Groep, die in al deze regio's de distributie van speciale chemicaliën verzorgt.
Operationele kosten van niet-operationele ondernemingen worden gerapporteerd in het segment 'Group Holding'. De aangepaste EBITA van de Group Holding staat voor kosten die verband houden met bedrijfsactiviteiten en centrale ondersteunende diensten, voornamelijk in het servicecentrum en hoofdkantoor van de Groep in België.
Alle transacties tussen ondernemingen binnen een operationeel segment zijn geëlimineerd. De omzet geeft derhalve de externe verkopen weer. Transacties tussen operationele segmenten zijn gebaseerd op het zakelijkheidsbeginsel.
De prestaties van de operationele segmenten worden beoordeeld op basis van een maatstaf voor aangepaste EBITA. De Groep gebruikt momenteel aangepaste EBITA in haar bedrijfsactiviteiten om onder andere budgetten te ontwikkelen, haar prestaties ten opzichte van deze budgetten te meten en haar operationele prestaties te evalueren.
Brutowinst wordt gedefinieerd als inkomsten minus kosten van goederen en verbruiksgoederen (zoals toegelicht in toelichting 10), vóór kosten voor uitgaande distributie.
De totale activa per segment worden niet regelmatig gemeten en/of gerapporteerd aan de belangrijkste besluitvormers. Het netto werkkapitaal wordt daarentegen gebruikt als een belangrijke prestatie-indicator van de operationele segmenten1.
De resultaten van de operationele segmenten worden weergegeven in de onderstaande tabel:
| (in duizenden €) | EMEA | Americas | Asia Pacific | Group holding & overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 1,793,858 | 1,454,320 | 904,047 | - | 4,152,225 |
| Brutowinst | 468,092 | 344,281 | 171,747 | - | 984,120 |
| Aangepaste EBITA | 237,623 | 184,577 | 78,407 | -34,347 | 466,260 |
| Bedrijfswinst | 386,903 | ||||
| Netto werkkapitaal | 160,780 | 227,056 | 192,712 | -6,990 | 573,558 |
| (in duizenden €) | EMEA | Americas | Asia Pacific | Group holding & overige | Totaal |
|---|---|---|---|---|---|
| Omzet | 1,811,643 | 1,549,913 | 747,546 | - | 4,109,102 |
| Brutowinst | 432,907 | 385,200 | 142,601 | 34 | 960,742 |
| Aangepaste EBITA | 215,376 | 211,867 | 58,112 | -28,477 | 456,878 |
| Bedrijfswinst | 388,426 | ||||
| Netto werkkapitaal | 182,205 | 237,811 | 194,516 | -6,247 | 608,285 |
'Group Holding en overige' omvat voornamelijk de operationele kosten voor de holdingactiviteiten van de Groep en een beperkte brutowinst die niet wordt toegewezen aan EMEA, Americas of Asia Pacific.
De Groep heeft geen intercompany-omzet van betekenis tussen haar segmenten. De Groep heeft een divers klantenbestand in al haar te rapporteren segmenten en heeft geen individuele significante klanten. De niet-financiële vaste activa van de Groep zijn als volgt opgesplitst naar land van vestiging en regio:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| België | 53,954 | 1.4% | 18,610 | 0.5% |
| Rest van EMEA | 1,528,151 | 38.6% | 1,433,660 | 41.0% |
| EMEA | 1,582,105 | 40.0% | 1,452,270 | 41.5% |
| Americas | 1,787,248 | 45.2% | 1,536,305 | 43.9% |
| Asia Pacific | 585,942 | 14.8% | 511,267 | 14.6% |
| 3,955,295 | 100.0% | 3,499,842 | 100.0% | |
Tijdens het boekjaar 2023 heeft de Groep de volgende overnames afgerond:
Op 10 januari 2023 verwierf Azelis 100% van de aandelen van Smoky Light B.V. ('Smoky Light'), een bekende distributeur van rookingrediënten op de Benelux-markt. Met deze overname versterkt Azelis zijn positie op de Benelux-markt en breidt het zijn aanwezigheid op de markt voor rookingrediënten in EMEA uit. De productportfolio van Smoky Light vormt een strategische aanvulling op de laterale waardeketen van de Groep voor Food & Nutrition, waardoor de expertise en het productaanbod van de Groep richting de klant verder worden uitgebreid.
Op 31 januari 2023 verwierf Azelis 100% van de aandelen van Chemiplas Agencies Ltd ('Chemiplas'), een van de toonaangevende distributeurs van speciale chemicaliën, plastic grondstoffen en ingrediënten in Australië, Nieuw-Zeeland en de eilanden in de Stille Oceaan. Met deze overname breidt Azelis zijn aanwezigheid in Asia Pacific aanzienlijk uit en versnelt het zijn groei in deze regio. De toevoeging van Chemiplas' aantrekkelijke productportfolio van belangrijke principalen vormt een strategische aanvulling op de laterale waardeketen van de Groep en versterkt haar marktdekking en expertise in formulering. Hierdoor kan de Groep nog meer innovatieve oplossingen bieden aan klanten en versterkt ze haar positie in Australië en Nieuw-Zeeland.
Op 3 april 2023 verwierf Azelis 100% van de aandelen van Lidorr Elements ('Lidorr'), een van de toonaangevende Israëlische distributeurs van speciale chemicaliën op het gebied van gewasbescherming, industriële materialen en verzorging en voeding. Met deze overname breidt Azelis zijn aanwezigheid in Israël uit en versterkt het zijn groeiende netwerk in de regio na de overname van Orokia in 2020. Lidorr's brede portfolio van honderden producten versterkt de laterale waardeketen van Azelis in de marktsegmenten Agricultural & Environmental Solutions en Advanced Materials & Additives aanzienlijk.
Op 23 mei 2023 verwierf Azelis 100% van de aandelen van Gillco Ingredients ('Gillco'), een toonaangevende leverancier van speciale ingrediënten voor de Food & Nutrition-markt in de VS. De overname is een strategische uitbreiding naar de aantrekkelijke voedingsmiddelenmarkt in de VS en vergroot de aanwezigheid van Azelis in Life Sciences. Naast het aanbod van de Groep in Flavors & Fragrances kan Azelis met Gillco een aantrekkelijke portfolio creëren en kan het zijn groeistrategie in de Amerikaanse Food & Nutrition-sector uitvoeren, evenals in de bredere Life Sciences-sector in Noord-Amerika.
Op 31 mei 2023 verwierf Azelis 100% van de aandelen van Sirius International ('Sirius'), een gerenommeerde distributeur van speciale chemicaliën op de Benelux-markt. Met deze overname breidt Azelis zijn laterale waardeketen in Home Care & Industrial Cleaning uit met een aantrekkelijke portfolio, dat perfect aansluit bij de ambitie van Azelis om een wereldwijd toonaangevende dienstverlener in innovatie te worden. Als pionier in het ontwikkelen van duurzame schoonmaakproducten op basis van biologisch afbreekbare en/of recyclebare chemische grondstoffen en met zijn expertise in groene chemicaliën zal Sirius het toonaangevende duurzaamheidsprogramma van Azelis versterken. Dit biedt de Groep de mogelijkheid om innovatieve milieuoplossingen te leveren aan klanten in de EMEA-regio en daarbuiten.
Op 1 juni 2023 verwierf Azelis 60% van de aandelen van Vogler Ingredients Ltda. ('Vogler'), een gerenommeerde gespecialiseerde distributeur van voedselingrediënten in Brazilië. De overname betekent een strategische uitbreiding van de aanwezigheid van de Groep in de grootste economie van Latijns-Amerika, waarmee de focus op de regionale groeistrategie verder wordt versterkt. Dankzij de jarenlange relaties die Vogler onderhoudt met internationale blue chip-principalen, Voglers bestaande productportfolio en marktexpertise kan Azelis zijn laterale waardeketen in Latijns-Amerika aanzienlijk uitbreiden en kan de Groep haar groeistrategie in de regio intensiveren. Aangezien Azelis de zeggenschap heeft verworve,, is Vogler voor 100% geconsolideerd en is het minderheidsbelang afzonderlijk in de jaarrekening opgenomen.
Op 2 november 2023 verwierf Azelis 100% van de aandelen van BLH SAS ('BLH'), een bekende distributeur van geur- en smaakstoffen die zich richt op de Franse markt voor fijne parfums. Met deze overname versterkt Azelis zijn wereldwijde aanwezigheid op het gebied van geur- en smaakstoffen, die het bedrijf de afgelopen twee jaar heeft opgebouwd na de overname van Quimdis in Frankrijk, Vigon in de VS en Ashapura in India. BLH is een expert in het distribueren van hoogwaardige geurstoffen, en het aantrekkelijke portfolio van BLH vormt een perfecte aanvulling op het huidige assortiment natuurlijke ingrediënten dat Azelis aanbiedt.
De bovengenoemde overnames genereren samen meer dan € 400,0 miljoen aan omzet per jaar. In 2023 voegden deze overnames samen € 256,4 miljoen toe aan de omzet, € 30,9 miljoen aan de aangepaste EBITA en € 13,9 miljoen aan nettowinst toe aan het nettoresultaat van de Groep.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Verworven activa en overgenomen verplichtingen | ||
| Distributierechten | 247,748 | 195,252 |
| Overige immateriële activa | 6,336 | 2,179 |
| Materiële vaste activa | 16,901 | 4,863 |
| Recht-op-gebruik activa | 17,907 | 11,340 |
| Uitgestelde belastingvorderingen | 6,511 | 7,082 |
| Overige langlopende vorderingen | - | 16,562 |
| Andere financiële vaste activa | 56 | 814 |
| Voorraden | 82,050 | 99,543 |
| Handels- en overige vorderingen | 96,885 | 143,176 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | 23,616 | 39,583 |
| Overige financiële vorderingen | - | 3,775 |
| Langlopende rentedragende leningen | -9,182 | -19,481 |
| Langlopende leasingschulden | -14,510 | -9,340 |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -68,395 | -42,542 |
| Handels- en overige schulden | -52,417 | -95,131 |
| Banktegoeden | -3,300 | -32 |
| Rentedragende leningen | -53,316 | -48,286 |
| Kortlopende leasingschulden | -3,396 | -2,000 |
| Voorzieningen | -906 | -136 |
| Personeelsbeloningen | -872 | -1,253 |
| Totale reële waarde verworven activa en overgenomen verplichtingen | 291,716 | 305,970 |
| Minderheidsbelangen | -18,945 | -29,404 |
| Geschatte earnout verplichtingen | 33,701 | 5,732 |
| Uitgestelde betalingen | 6,565 | 114,892 |
| Vergoedingen betaald in liquide middelen | 488,211 | 512,845 |
| Totaal vergoedingen | 528,478 | 633,469 |
| Goodwill | 255,705 | 356,903 |
De reële waarden van de overgenomen identificeerbare activa en passiva en de waarde van de betaalde vergoeding worden op voorlopige basis verwerkt. Op basis van de momenteel beschikbare informatie verwacht Azelis geen significante aanpassingen van deze voorlopige bedragen. De toerekeningen van de aankoopprijs worden in een later stadium afgerond. Na afronding van de eerste verwerking vanaf de overnamedatum worden de voorlopige waarden mogelijk nog aangepast. De reële waarden van de verworven netto-activa, gebaseerd op een voorlopige beoordeling, staan weergegeven in de bovenstaande tabel. Er hoefden in de bedrijfscombinaties geen vrijwaringsactiva of voorwaardelijke verplichtingen te worden opgenomen.
Voor overnames waarbij een meerderheid van de aandelen is verworven en een minderheidsbelang bij de voormalige aandeelhouders blijft, wordt een minderheidsbelang afzonderlijk verwerkt van het eigen vermogen van de Groep. Bij de overname van Vogler heeft Azelis ervoor gekozen om de minderheidsbelangen te waarderen tegen hun proportionele aandeel in de reële waarde van de identificeerbare netto-activa van de overgenomen partij.
De vergoedingen zijn hoofdzakelijk betaald in contanten en kunnen, afhankelijk van de overname, ook bestaan uit uitgestelde betalingen en/of geschatte earn-outs. Voor de overnames in 2023 bedragen de uitgestelde betalingen en initiële earn-outverplichtingen, opgenomen als onderdeel van de betaalde vergoeding, in totaal € 40,3 miljoen (2022: € 120,6 miljoen). Alle earn-outbetalingen zijn afhankelijk van de winstgevendheid van het overgenomen bedrijf op een toekomstig moment en zijn geschat op basis van het bedrijfsplan van het overgenomen bedrijf.
In verband met de overname van Vogler in Brazilië in 2023 is een putoptie toegekend voor de resterende 40% van de aandelen. De reële waarde wordt berekend op basis van specifieke contractuele specificaties, die meestal bestaan uit een combinatie van een veelvoud op een prestatiemaatstaf en het saldo van bepaalde posten van het netto werkkapitaal bij uitoefening van de optie. Putopties maken geen deel uit van de betaalde vergoeding en worden afzonderlijk van de bedrijfscombinatie verwerkt.
De totale goodwill van Azelis steeg in 2023 met € 235,0 miljoen, waarvan € 255,7 miljoen is toe te schrijven aan de bovengenoemde overnames in 2023. Het restant is voornamelijk toe te schrijven aan valutaomrekening en wordt weergegeven onder overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, en aan aanpassingen voor hyperinflatie.
Overnames worden verwerkt volgens de overnamemethode. Goodwill is het positieve verschil tussen de overnameprijs en de reële waarde van de geïdentificeerde verworven activa en verplichtingen, en vertegenwoordigt voornamelijk de bedrijfskennis en het gekwalificeerde personeel. Goodwill is normaal niet aftrekbaar voor belastingdoeleinden. De waarde van het handelsmerk en de distributierechten is gebaseerd op het verwachte rendement uit strategische mandaten. De handels- en overige vorderingen omvatten een bedrag van € 3,1 miljoen voor voorzieningen voor verwachte kredietverliezen. Bepaalde transacties met betrekking tot beloningsregelingen voor stafpersoneel worden beschouwd als afzonderlijke transacties en zijn niet opgenomen in de verwerking van bedrijfscombinaties volgens IFRS 3.
Als de bovenstaande overnames begin 2023 hadden plaatsgevonden, zou, naar schatting van het management, de geconsolideerde omzet over 2023 € 4.268,1 miljoen hebben bedragen, de geconsolideerde aangepaste EBITA € 475,7 miljoen, en het geconsolideerde nettoresultaat over dat jaar € 194,8 miljoen.
Gedurende 2023 heeft de Groep aan overnames gerelateerde kosten gemaakt van in totaal € 5,6 miljoen (2022: € 6,9 miljoen) in verband met de kosten van externe adviseurs, due diligence en vergoedingen die aan de betrokken instellingen zijn betaald. Deze kosten zijn in de geconsolideerde resultatenrekening opgenomen onder externe diensten en worden beschouwd als onderdeel van aanpassingen om de aangepaste EBITA van de periode te bepalen.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Verkoopopbrengst, na aftrek van kortingen | 4,133,899 | 4,098,131 |
| Omzet uit commerciële diensten | 2,270 | 1,106 |
| 4,136,169 | 4,099,237 | |
| Ontvangen commissies | 16,056 | 9,866 |
| 4,152,225 | 4,109,102 |
De omzet van de Groep wordt als volgt uitgesplitst per productgroep:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| Life Sciences | 2,565,485 | 61.8% | 2,474,632 | 60.2% |
| Industrial Chemicals | 1,586,740 | 38.2% | 1,634,470 | 39.8% |
| 4,152,225 | 100.0% | 4,109,102 | 100.0% | |
De omzet van de Groep wordt als volgt uitgesplitst naar land van vestiging en regio:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| België | 120,729 | 2.9% | 94,618 | 2.3% |
| Rest van EMEA | 1,673,128 | 40.3% | 1,717,025 | 41.8% |
| EMEA Totaal | 1,793,857 | 43.2% | 1,811,643 | 44.1% |
| Americas | 1,454,320 | 35.0% | 1,549,913 | 37.7% |
| Asia Pacific | 904,047 | 21.8% | 747,546 | 18.2% |
| 4,152,225 | 100.0% | 4,109,102 | 100.0% | |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Aan klanten doorberekende kosten | 8,689 | 8,681 |
| Overige opbrengsten | 14,759 | 7,114 |
| 23,448 | 15,795 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Aankoop van goederen inclusief voorraadwijzigingen | 3,122,521 | 3,092,704 |
| Vrachtkosten en extra heffingen op aankopen | 69,032 | 71,451 |
| 3,191,553 | 3,164,155 |
Lonen en salarissen zijn inclusief managersvergoedingen en aan het dienstjaar toegerekende kosten van personeelsbeloningen.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Loon- en salariskosten en andere personeelskosten | 269,003 | 254,897 |
| Sociale lasten | 34,790 | 30,055 |
| 303,793 | 284,952 |
Het gemiddelde aantal werknemers (FTE) per regio staat hieronder vermeld:
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
|---|---|---|
| EMEA | 1,884 | 1,735 |
| Americas | 1,111 | 966 |
| Asia Pacific | 1,031 | 969 |
| Holdingmaatschappijen | 180 | 155 |
| 4,206 | 3,825 |
De Groep heeft de volgende verplichtingen uit hoofde van toegezegd-pensioenregelingen:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Duitse vennootschappen | 640 | 639 |
| Belgische vennootschappen | 1,947 | 1,572 |
| Franse vennootschappen | 1,945 | 1,971 |
| Italiaanse vennootschappen | 4,852 | 5,046 |
| Britse vennootschappen | 5,653 | 5,398 |
| Andere vennootschappen | 1,460 | 1,077 |
| Totale contante waarde van verplichtingen | 16,497 | 15,703 |
| Reële waarde van fondsbeleggingen | -12,795 | -12,625 |
| Vanwege actiefplafond niet als actief opgenomen bedragen | 2,345 | 2,496 |
| Opgenomen verplichtingen i.v.m. toegezegde pensioenregelingen | 6,047 | 5,574 |
| Verplichtingen i.v.m. jubilea en andere personeelsbeloningen | 7,590 | 2,951 |
| Totaal in balans opgenomen personeelsbeloningen | 13,637 | 8,524 |
De Groep heeft toegezegd-pensioenregelingen in België, Frankrijk (niet gefinancierd), Italië (niet gefinancierd), het Verenigd Koninkrijk (volledig gefinancierd), Duitsland, Thailand (niet gefinancierd), Indonesië (niet gefinancierd) en de Filipijnen (niet gefinancierd).
De nettoverplichting uit hoofde van toegezegd-pensioenregelingen van de Groep is gebaseerd op het verschil tussen de contante waarden van de verplichtingen uit hoofde van toegezegd-pensioenregelingen en de fondsbeleggingen.
Er bestaan zowel toegezegd-pensioenregelingen als toegezegde-bijdrageregelingen. De kosten voor toegezegde-bijdrageregelingen bedragen € 4,2 miljoen (2022: € 3,3 miljoen). Kosten voor alle regelingen zijn opgenomen in 'Lonen, salarissen en overige personeelsgerelateerde kosten'.
De pensioenregelingen in België zijn allemaal juridisch gestructureerd als toegezegde-bijdrageregelingen, maar kwalificeren als toegezegd-pensioenregelingen vanwege hun gegarandeerde minimumrendement, waardoor de werkgever een financieel risico loopt; er is een wettelijke verplichting om verdere bijdragen te betalen als het fonds niet over voldoende activa beschikt om alle personeelsbeloningen te betalen met betrekking tot werknemersprestaties in de huidige en voorgaande perioden.
In het Verenigd Koninkrijk wordt de toegezegd-pensioenregeling gefinancierd door de accumulatie van fondsbeleggingen die afzonderlijk van die van de Groep worden aangehouden in een onafhankelijk beheerd fonds.
De actuariële berekeningen van de contante waarde van de toegezegd-pensioenverplichtingen waren met name gebaseerd op de volgende veronderstellingen:
| 2023 | 2022 | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 3.2% - 6.3% | 2,82% - 7,26% |
| Inflatie | 2.5% - 4.47% | 3,1% - 3,1% |
| Toekomstige pensioenverhogingen | 0% - 6% | 0% - 6% |
| Toekomstige salarisverhogingen | 0% - 6% | 0% - 6% |
In het geval dat de disconteringsvoet in het kader van een gevoeligheidsanalyse met 0,5% zou worden verhoogd of verlaagd, zou de verplichting uit hoofde van de toegezegd-pensioenregeling respectievelijk € 0,9 miljoen dalen of stijgen.
Onderstaande tabel toont de veranderingen in de contante waarde van de toegezegd-pensioenverplichtingen:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Verplichtingen toegez. pensioenreg. bij aanvang boekjaar | 15,703 | 20,516 |
| Aan dienstjaar toegerekende pensioen- en rentekosten | 809 | 1,039 |
| Betaalde pensioenen | 13 | -1,811 |
| Herwaardering vanwege wijzigingen in demogr. aannames | -496 | -91 |
| Herwaardering vanwege wijzigingen in financiële aannames | 228 | -5,447 |
| Herwaardering vanwege ervaringsaanpassingen | 202 | 310 |
| Bedrijfscombinatie | 72 | 979 |
| Wisselkoersverschillen | -34 | 207 |
| Verplichtingen toegezegde pensioenregelingen p. 31 december | 16,497 | 15,703 |
Onderstaande tabel toont de veranderingen in de fondsbeleggingen:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Reële waarde van fondsbeleggingen bij aanvang verslagjaar | 12,625 | 14,347 |
| Betaalde bijdragen in de pensioenregeling | 822 | 1,252 |
| Betaalde vergoedingen uit hoofde van de pensioenregeling | -273 | -1,062 |
| Verwacht rendement op fondsbeleggingen | -63 | 54 |
| Wijziging in de gevolgen van het actiefplafond | -361 | -2,174 |
| Wisselkoersverschillen | 45 | 208 |
| Reële waarde fondsbeleggingen per 31 december | 12,795 | 12,625 |
Per einde jaar bestonden de fondsbeleggingen voornamelijk uit eigen-vermogensinstrumenten.
De in de resultatenrekening opgenomen netto periodekosten voor toegezegd-pensioenregelingen worden in onderstaande tabel weergegeven:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Aan dienstjaar toegerekende kosten van diensten | -1,680 | -883 |
| Rente over verplichting | -230 | -191 |
| Rente over activa | -63 | -674 |
| -1,973 | -1,748 |
De wijzigingen in actuariële winsten en verliezen van toegezegd-pensioenverplichtingen en fondsbeleggingen die zijn opgenomen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten, worden in onderstaande tabel weergegeven:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Rendement op activa, exclusief netto rentebedragen | -361 | -2,202 |
| Actuariële winsten en verliezen toegezegde pensioenregelingen | 66 | 5,390 |
| Wijziging in de gevolgen van het actiefplafond | 153 | -2,596 |
| Wisselkoersverschillen | -36 | -22 |
| -178 | 570 |
De Groep werkt met langetermijnstimulusplannen (Long Term Incentive Plans, LTIP's), waarbij aandelen worden toegekend aan bepaalde bestuurders, werknemers en zelfstandige managers van de Groep. De toekenning van aandelen is onderworpen aan een prestatieperiode van drie jaar (vanaf 1 januari). Hierbij wordt rekening gehouden met de volgende criteria en wegingen: 50% relatief totaal aandeelhoudersrendement (marktgerelateerd), 35% aangepaste EBITA (niet-marktgerelateerd) en 15% CO₂-uitstoot-gerelateerde criteria (niet-marktgerelateerd). De toekenningen kunnen pas onvoorwaardelijk worden na een wachtperiode van drie jaar vanaf de toekenningsdatum en zijn afhankelijk van de beslissing van het Remuneratie- en Benoemingscomité of de prestatiedoelstellingen zijn behaald. Op basis van de geleverde prestaties wordt het aantal toegekende prestatieaandelen onvoorwaardelijk eigendom van de deelnemer.
Het verloop van het aantal uitstaande prestatieaandelen en de daaraan gerelateerde gewogen gemiddelde reële waarde per aandeel is als volgt:
| 2023 | 2022 | |||
|---|---|---|---|---|
| (in aantal aandelen en €) | Aantal aandelen | Gewogen gemiddelde reële waarde | Aantal aandelen | Gewogen gemiddelde reële waarde |
| Uitstaand per 1 januari | 165,605 | 19.19 | - | N/A |
| Toegekend in het jaar | 172,817 | 24.07 | 138,546 | 19.24 |
| Vervallen tijdens het jaar | - 91,790 | N/A | -6,062 | N/A |
| Prestatie aanpassing | - | N/A | 33,121 | N/A |
| Uitstaand per 31 december | 246,632 | 21.75 | 165,605 | 19.19 |
De reële waarde van de prestatieaandelen is vastgesteld op basis van de aandelenkoers van Azelis op de toekenningsdatum en is verdisconteerd met de som van het verwachte dividendrendement voor de prestatieperiode. Het verwachte dividendrendement is bepaald op basis van de beoogde uitbetalingsratio en consensuscijfers voor de nettowinst, gedeeld door de marktkapitalisatie. De marktvoorwaarde van het totale aandeelhoudersrendement is opgenomen in de reële waarde op basis van een Monte-Carlosimulatie met een aantal veronderstellingen (volatiliteit, verwacht dividendrendement en de correlatiecoëfficiënten tussen de aandelenrendementen van de vergelijkbare ondernemingen).
In 2023 hebben de bovengenoemde wijzigingen in het aantal uitstaande prestatieaandelen geleid tot een last van € 1,4 miljoen (2022: € 0,8 miljoen), die in de geconsolideerde resultatenrekening is opgenomen als onderdeel van de kosten voor personeelsbeloningen.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Distributie | 86,534 | 87,797 |
| Kosten nutsvoorzieningen/communicatie/verzekeringen/admin. | 51,356 | 40,984 |
| Commerciële kosten | 10,489 | 10,093 |
| Kosten professionele diensten | 28,880 | 29,975 |
| Leasekosten | 449 | 1,954 |
| Overige kosten | 14,618 | 31,828 |
| 192,325 | 202,631 |
De professionele diensten en overige kosten van 2023 bedragen € 5,8 miljoen (2022: € 9,0 miljoen), voornamelijk in verband met fusies en overnames.
Honoraria voor controlediensten die in bovenstaande tabel onder honoraria voor professionele diensten zijn opgenomen:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Commissariskosten | ||
| Totale kosten van de controle van de jaarrekening | 2,098 | 1,930 |
| Totale kosten controle door niet-PWC-ondernemingen | 645 | 559 |
| Kosten van niet-controlediensten betaald aan netwerk van de groepscommissaris | ||
| Totale kosten voor andere attestaties | 512 | 82 |
| Totale kosten overige niet-controlediensten (incl. belastingdiensten) | 56 | 7 |
| 3,311 | 2,578 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Financiële opbrengsten | ||
| Renteopbrengsten | 10,689 | 621 |
| Opbrengsten uit veranderingen in de reële waarde van derivaten | - | 5,132 |
| Opbrengst uit wijzigingen financiële verplichtingen aan reële waarde via winst/verlies | 6,663 | - |
| Overige financiële opbrengsten | 321 | 256 |
| 17,674 | 6,008 | |
| Financiële kosten | ||
| Rentekosten bankleningen en -tegoeden | -92,805 | -34,795 |
| Rente leaseverplichtingen | -4,562 | -3,423 |
| Verliezen uit wijzigingen financiële verplichtingen aan reële waarde via winst/verlies | - | -17,585 |
| Transactiekosten bankleningen | -3,113 | -1,444 |
| Verliezen uit veranderingen in de reële waarde van derivaten | -6,741 | -754 |
| Monetaire verliezen hyperinflatie | -21,071 | -6,957 |
| Wisselkoersverliezen | -7,677 | -2,093 |
| Overige financiële kosten | -21,470 | -12,771 |
| -157,439 | -79,823 |
De reële-waardeaanpassing van financiële verplichtingen heeft betrekking op overname gerelateerde earn-outverplichtingen en putopties op minderheidsbelangen. De opbrengst van €6,7 miljoen bestaat uit €23,4 miljoen opbrengst en €16,7 miljoen kosten.
De aanpassing van de reële waarde van derivaten heeft voornamelijk betrekking op de rentecap.
Het financiële verlies als gevolg van hyperinflatie houdt verband met de omrekening van vreemde valuta met betrekking tot dochterondernemingen van Azelis in Turkije. Het grootste deel van het verlies heeft betrekking op de omrekening van hun balansen, voornamelijk gefinancierd door eigen vermogen, met weinig blootstelling aan liquide middelen en schulden in lokale valuta. De impact van de omrekening op de resultatenrekening is beperkt omdat de operationele activiteiten uitsluitend in harde valuta (USD, EUR) worden afgewikkeld.
De wisselkoersverliezen zijn inclusief niet-gerealiseerde omrekeningsverschillen van intragroepsleningen, voornamelijk in verband met niet in EUR gestelde leningen aan dochtervennootschappen.
Andere financiële kosten hebben voornamelijk betrekking op factoringkosten en andere bankkosten.
De lasten uit hoofde van belastingen bestaan uit:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Belastingbaten en -lasten verslagperiode | -78,013 | -86,264 |
| Correcties op belastingbaten en -lasten voorgaande jaren | -1,419 | -868 |
| Voorzieningen voor belastingrisico's | -38 | -203 |
| -79,470 | -87,335 | |
| Uitgestelde belastingbaten en -lasten | 21,544 | -8,456 |
| Totaal belastingbaten en -lasten | -57,926 | -95,791 |
Lasten uit hoofde van belastingen bestaan primair uit belastingen over de huidige en vorige periode van Groepsmaatschappijen.
De verschillen tussen de belastbare winst met betrekking tot het Belgische belastingtarief en het effectieve belastingtarief worden als volgt verwerkt:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| Winst/verlies vóór belasting | 247,238 | 314,670 | ||
| Inkomstenbelasting o.b.v. binnenl. vennootsch.-bel.-tarief | -61,810 | -25% | -82,356 | -26% |
| Belastingeffect in andere jurisdicties met afwijkend tarief | 1,013 | 0% | -221 | 0% |
| Belastingeffect van belastingvrije inkomsten | 9,381 | 4% | 5,062 | 2% |
| Belastingeffect van fiscaal niet aftrekbare kosten | -16,482 | -7% | -14,659 | -5% |
| Aanwending van niet eerder opgenomen belastingverliezen | 1,622 | 1% | 1,366 | 0% |
| Belastingverliezen waarvoor geen uitgestelde belastingvorderingen zijn opgenomen | -2,706 | -1% | -3,608 | -1% |
| Erkenning van uitgestelde belastingvordering op niet eerder opgenomen belastingverliezen | 15,707 | 6% | 0 | 0% |
| Correcties op toepasselijk belastingtarief | -2,505 | -1% | 666 | 0% |
| Uitgestelde belastingvordering voor verrekenbare verliezen | 0 | 0% | -13 | 0% |
| Correcties op de belastingkost (opbrengst) voorgaand jaar | -2,739 | -1% | -1,656 | -1% |
| Overige | 593 | 0% | -372 | 0% |
| Totaal belastingbaten en -lasten in winst- en verliesrekening | -57,926 | -23.4% | -95,791 | -30.4% |
Het effectieve belastingtarief 2023 is voornamelijk beïnvloed door het volgende:
Toename van niet-aftrekbare kosten, met name vanwege de kost van € 21,0 miljoen door hyperinflatie.
Reële-waardeaanpassing van financiële verplichtingen van € 6,7 miljoen opbrengst (2022: € 17,6 miljoen verlies) met betrekking tot overname-gerelateerde earn-outverplichtingen en putopties op minderheidsbelangen.
Opname van uitgestelde belastingvorderingen voor eerdere niet-opgenomen belastingverliezen, gebaseerd op prognoses van toekomstige belastingwinsten.
De belasting die is opgenomen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten heeft betrekking op:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Actuariële winsten en verliezen op pensioenverplichtingen | 17 | -71 |
| 17 | -71 |
Uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen zijn als volgt toe te wijzen:
| (in duizenden €) | 1 januari | Bedrijfs-combinaties | W/V-rekening | Overige gereal. en niet-gereal. res. | Overig | Omrek.-verschillen | 31 december |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Materiële vaste activa | -2,640 | -6,123 | -2,787 | 0 | -27,305 | 3,154 | -35,699 |
| Immateriële activa | -190,198 | -66,188 | -3,719 | 0 | 3,908 | 1,126 | -255,071 |
| Voorraden | 9,589 | 5,445 | -4,432 | 0 | 0 | -280 | 10,323 |
| Handelsvorderingen | 3,835 | 1,863 | 10 | 0 | 0 | -72 | 5,636 |
| Rentedragende leningen | 1,792 | 5,133 | 6,486 | 0 | 27,305 | -3,059 | 37,657 |
| Personeelsbeloningen | 1,492 | 402 | 4,626 | -17 | 0 | -160 | 6,343 |
| Voorzieningen, derivaten en andere posten | 714 | 123 | 1,473 | 0 | 0 | -98 | 2,212 |
| Belastingvrije reserves | 8,344 | 0 | -8,142 | 0 | 0 | -126 | 76 |
| Overdraagbare fiscale verliezen | -3,078 | 125 | 28,029 | 0 | 0 | 837 | 25,912 |
| -170,150 | -59,220 | 21,544 | -17 | 3,908 | 1,323 | -202,612 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -190,755 | -218,306 | |||||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 20,605 | 15,693 | |||||
| -170,150 | -202,613 |
Het management verwacht dat de Groep de voordelen van de aftrekbare verschillen zal realiseren. Hierbij wordt uitgegaan van het niveau van de historische belastbare winst en de prognoses voor de toekomstige belastbare winst over de perioden waarin de uitgestelde belastingvorderingen aftrekbaar zijn voor de Groepsmaatschappijen.
| (in duizenden €) | 1 januari | Bedrijfs-combinaties | W/V-rekening | Overige gereal. en niet-gereal. res. | Overig | Omrek.-verschillen | 31 december |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Materiële vaste activa | -3,470 | 50 | 750 | 0 | 146 | -115 | -2,639 |
| Immateriële activa | -144,330 | -39,421 | -6,466 | 0 | 691 | -671 | -190,198 |
| Voorraden | 5,725 | 2,938 | 537 | 0 | 360 | 28 | 9,589 |
| Handelsvorderingen | 2,076 | 937 | 789 | 0 | 22 | 10 | 3,834 |
| Rentedragende leningen | 114 | 0 | -166 | 0 | 1,868 | -24 | 1,792 |
| Personeelsbeloningen | 3,252 | -13 | 293 | -188 | -1,954 | 102 | 1,492 |
| Voorzieningen, derivaten en andere posten | 109 | -268 | 1,172 | 0 | -304 | 4 | 714 |
| Belastingvrije reserves | 10,812 | 0 | -2,475 | 0 | -691 | 698 | 8,344 |
| Waardering overdraagbare fiscale verliezen | 877 | -962 | -2,891 | 0 | -249 | 146 | -3,078 |
| -124,833 | -36,739 | -8,456 | -188 | -110 | 178 | -170,150 | |
| Uitgestelde belastingverplichtingen | -135,315 | -190,755 | |||||
| Uitgestelde belastingvorderingen | 10,482 | 20,605 | |||||
| -124,834 | -170,150 |
De volgende uitgestelde belastingvorderingen met betrekking tot verrekenbare verliezen van Groepsmaatschappijen zijn niet opgenomen:
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 | ||
|---|---|---|---|---|
| Bruto | Belasting | Bruto | Belasting | |
| Belastingverliezen | 75,321 | 18,830 | 156,017 | 39,004 |
Niet-opgenomen verrekenbare verliezen van € 69,8 miljoen (2022: € 140,2 miljoen) kunnen onbeperkt worden gebruikt en € 5,6 miljoen (2022: € 15,8 miljoen voor de periode 2023-2037) moet worden gebruikt tot 2033.
Er zijn geen uitgestelde belastingvorderingen opgenomen voor deze verrekenbare verliezen, omdat ze niet voldoen aan de opnamecriteria voor een uitgestelde belastingvordering.
De Groep heeft mogelijk niet-opgenomen belastingverplichtingen met betrekking tot belastbare tijdelijke verschillen die betrekking hebben op de niet-uitgekeerde reserves van een van haar dochterondernemingen die bij uitkering belast zouden worden. Er is geen uitgestelde belastingverplichting opgenomen omdat de Groep controleert of de verplichting zal ontstaan en het management ervan overtuigd is dat de verplichting niet in de nabije toekomst zal ontstaan.
De Groep valt binnen het toepassingsgebied van de Pillar 2-modelvoorschriften van de OESO. De Pillar 2-wetgeving werd op 19 december 2023 aangenomen in België, het rechtsgebied waar Azelis Group NV is gevestigd, en treedt in werking op 1 januari 2024. Aangezien de Pillar 2-wetgeving niet van kracht was op de verslagdatum, is de Groep niet blootgesteld aan actuele belastingen. De Groep past de uitzondering toe voor het opnemen en openbaar maken van informatie over uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen met betrekking tot Pillar 2-winstbelastingen, zoals bepaald in de wijzigingen van IAS 12 die zijn toegevoegd in mei 2023.
Krachtens de wetgeving is de moedermaatschappij een aanvullende heffing verschuldigd voor het verschil tussen het effectieve belastingtarief per jurisdictie volgens de GloBE-belastinggrondslag (Global Anti-Base Erosion) en het minimumtarief van 15% voor haar dochterondernemingen die worden belast tegen een effectief belastingtarief van minder dan 15%. De Groep heeft een beperkt aantal dochterondernemingen met een effectief belastingtarief van minder dan 15%. Per 31 december 2023 wordt ongeveer 2,91% van de jaarlijkse winst vóór belastingen van de Groep belast tegen een effectief belastingtarief van 12,09% en kan worden onderworpen aan de genoemde aanvullende heffing. Deze informatie is gebaseerd op winsten en belastingen die zijn bepaald bij het opstellen van de geconsolideerde jaarrekening van de Groep voor 2023, waarbij geen rekening wordt gehouden met de aanpassingen die vereist zouden zijn bij toepassing van de Pillar 2-wetgeving. Hoewel het effectieve belastingtarief voor deze dochterondernemingen lager is dan 15%, kan het zijn dat de Groep voor deze dochterondernemingen geen aanvullende heffing hoeft te betalen. Dit heeft te maken met specifieke aanpassingen die in de Pillar 2-wetgeving zijn voorzien en die leiden tot andere effectieve belastingtarieven dan de tarieven die in overeenstemming met paragraaf 86 van IAS 12 zijn berekend. Vanwege de complexiteit bij het toepassen van de wetgeving en het berekenen van de GloBE-inkomsten, kan de kwantitatieve impact van de vastgestelde of substantieel vastgestelde wetgeving nog niet op redelijke wijze worden ingeschat. Om die reden kunnen er, zelfs voor entiteiten met een boekhoudkundig effectief belastingtarief van meer dan 15%, nog steeds gevolgen zijn voor de belastingen onder Pillar 2. De Groep blijft de impact van de Pillar 2-wetgeving inzake winstbelasting op haar toekomstige financiële prestaties analyseren.
| Goodwill | Handels-merken | Distributie-rechten | Concessies en licenties | Ontwikkelings-kosten | Klantenlijsten | Overig | Immateriële activa in uitvoering | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Per 31 december 2021 | |||||||||
| Kosten | 1,803,267 | 317,378 | 752,800 | 7,654 | 5,450 | 4,648 | 18,949 | 5,245 | 2,915,394 |
| Gecumuleerde amortisatie en bijzondere waardeverminderingen | - | - | -92,491 | -4,118 | -1,909 | -961 | -5,282 | -3,106 | -107,870 |
| 1,803,267 | 317,378 | 660,309 | 3,535 | 3,541 | 3,688 | 13,668 | 2,139 | 2,807,524 | |
| Mutaties in 2022 | |||||||||
| Bedrijfscombinatie | 360,276 | - | 201,794 | 316 | 345 | - | 1,519 | - | 564,250 |
| Toevoegingen | - | - | 1,644 | 56 | 2,044 | 1,028 | 4,604 | 1,690 | 11,067 |
| Amortisatie | -0 | - | -45,061 | -584 | -1,995 | -703 | -8,507 | - | -56,850 |
| Desinvesteringen | -3 | - | -160 | 7 | -0 | - | -261 | -16 | -433 |
| Herclassificaties | -5 | - | 253 | -35 | -100 | 13 | 1,635 | -1,571 | 191 |
| Hyperinflatie | 15,208 | - | 4,734 | 6 | - | - | 8 | - | 19,956 |
| Omrekeningsverschillen | -4,487 | - | 3,450 | 155 | -0 | -20 | -83 | 23 | -962 |
| Mutaties in verslagperiode | 370,989 | - | 166,655 | -79 | 293 | 319 | -1,085 | 126 | 537,218 |
| Per 31 december 2022 | |||||||||
| Kosten | 2,174,256 | 317,378 | 964,516 | 8,159 | 7,738 | 5,670 | 26,372 | 5,371 | 3,509,462 |
| Gecumuleerde amortisatie en bijzondere waardeverminderingen | -0 | - | -137,552 | -4,702 | -3,904 | -1,663 | -13,789 | -3,106 | -164,720 |
| 2,174,256 | 317,378 | 826,964 | 3,456 | 3,834 | 4,007 | 12,583 | 2,265 | 3,344,742 | |
| Mutaties in 2023 | |||||||||
| Bedrijfscombinatie | 256,106 | - | 246,125 | 30 | 35 | - | 6,271 | - | 508,567 |
| Toevoegingen | - | - | 1,086 | 73 | 1,284 | 567 | 1,667 | 5,490 | 10,166 |
| Amortisatie | -0 | - | -57,319 | -395 | -1,434 | -937 | -4,372 | - | -64,458 |
| Bijzondere waardeverminderingen | - | - | -1,662 | - | - | - | - | - | -1,662 |
| Desinvesteringen | 0 | - | - | - | - | 13 | -383 | 12 | -358 |
| Herclassificaties | 0 | - | -0 | -15 | -4 | 508 | 911 | -1,224 | 177 |
| Hyperinflatie | 19,627 | - | 12,419 | 2 | - | - | 36 | - | 32,083 |
| Omrekeningsverschillen | -40,738 | - | -29,657 | -90 | 1 | -370 | 68 | -87 | -70,873 |
| Mutaties in verslagperiode | 234,995 | - | 170,993 | -395 | -118 | -220 | 4,198 | 4,191 | 413,642 |
| Per 31 december 2023 | |||||||||
| Kosten | 2,409,251 | 317,378 | 1,194,490 | 8,159 | 9,054 | 6,387 | 34,942 | 9,562 | 3,989,224 |
| Gecumuleerde amortisatie en bijzondere waardeverminderingen | -0 | - | -196,534 | -5,097 | -5,338 | -2,600 | -18,162 | -3,106 | -230,840 |
| 2,409,251 | 317,378 | 997,956 | 3,061 | 3,716 | 3,786 | 16,780 | 6,456 | 3,758,384 |
De herclassificaties hebben voornamelijk betrekking op interne projectkosten, die aan het einde van het jaar worden opgenomen als immateriële activa.
Het handelsmerk heeft betrekking op de naam Azelis. Azelis gebruikt zijn naam wereldwijd en zijn handelsnaam wordt beschouwd als een belangrijk onderdeel van zijn distributieactiviteiten, gezien de status van het bedrijf als grote distributeur in de sector speciale chemicaliën. Dankzij deze naam kan de Groep principalen en klanten aan zich binden en bedrijven overnemen die deel willen uitmaken van de Groep, omdat ze weten dat hun bedrijf dan zal groeien. Geschat wordt dat het handelsmerk Azelis voor afschrijvingsdoeleinden een onbepaalde economische levensduur heeft; daarom worden er via de resultatenrekening van Azelis in feite geen afschrijvingskosten geboekt. De totale waarde van € 317,4 miljoen op 31 december 2023 is volledig afkomstig van de overname van EQT/PSP in november 2018 en is sinds die datum ongewijzigd gebleven.
De omrekeningsverschillen van € 70,9 miljoen verlies (2022: € 1,0 miljoen verlies) zijn opgenomen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten en gecumuleerd in de reserve omrekeningsverschillen in het eigen vermogen. Hiervoor verwijzen we naar toelichting 21.4.
Een kasstroom-genererende eenheid is de kleinste identificeerbare groep activa die een instroom van kasmiddelen genereert die grotendeels onafhankelijk is van de instroom van kasmiddelen van andere activa of groepen activa. Voor de toetsing op bijzondere waardevermindering wordt goodwill toegerekend aan de volgende kasstroom-genererende eenheden:
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| EMEA | 782,687 | 733,032 |
| AMERICAS | 1,251,715 | 1,119,304 |
| ASIA PACIFIC | 374,849 | 321,919 |
| Totaal Goodwill | 2,409,251 | 2,174,256 |
Alle goodwill die is verworven in bedrijfscombinaties, is aan het einde van de verslagperiode toegewezen aan een kasstroom-genererende eenheid. Goodwill wordt op regionaal niveau toegewezen, omdat de regio's van de Groep naar verwachting zullen profiteren van de bedrijfscombinaties en omdat goodwill ook intern op regionaal niveau wordt gemonitord. De Groep verwacht dat er synergieën zullen ontstaan in de regio van overname.
Handelsmerken met een boekwaarde van € 317,4 miljoen (2022: € 317,4 miljoen) hebben een onbepaalde levensduur. Deze genereren onafhankelijk van elkaar geen instroom van kasmiddelen en worden beschouwd als bedrijfsactiva. Aangezien hun boekwaarde niet op een redelijke en consistente basis kan worden toegerekend aan de kasstroom-genererende eenheden, worden de algemene bedrijfsactiva toegerekend aan de Groep als geheel en wordt het onderzoek op bijzondere waardevermindering uitgevoerd in twee fasen.
De toetsing op bijzondere waardevermindering is uitgevoerd door verdiscontering van toekomstige kasstromen vóór belasting uit voortgezette bedrijfsactiviteiten van de eenheid. De realiseerbare waarde van de kasstroom-genererende eenheden op 31 december 2023 is bepaald op basis van een berekening van de bedrijfswaarde met behulp van kasstroomprognoses uit een gedetailleerd vijfjarenbedrijfsplan, dat is goedgekeurd door het hogere management en als basis dient voor het bepalen van de toekomstige vrije kasstromen en de aangepaste EBITA's. Het bedrijfsplan is gebaseerd op de veronderstellingen voor marktgroei en op een aantal algemene economische indicatoren (inflatie, BBP, etc.). Ook geeft het de toekomstige strategie van de kasstroom-genererende eenheden goed weer. Voor kasstromen die buiten de bedrijfsplanperiode vallen, is een extrapolatie gemaakt op basis van stabiele uiteindelijke groeipercentages.
De belangrijkste veronderstellingen die zijn gebruikt in de onderzoeken op bijzondere waardeverminderingen zijn de gewogen gemiddelde vermogenskosten (WACC, Weighted Average Capital Cost) vóór belastingen, omzetgroei op de lange termijn en de aangepaste EBITA-marge. De WACC vóór belastingen wordt per kasstroom-genererende eenheid geschat op basis van een weging van de WACC's van de landen en is consistent met externe informatiebronnen. De uiteindelijke groeipercentages zijn gebaseerd op sectorbenchmarks per regio. Deze zijn consistent met eerdere ervaringen van de Groep en gebaseerd op externe informatiebronnen. De aangepaste EBITA-marge is een weergave van de ervaringen van de Groep uit het verleden en de toekomstige verwachtingen ten aanzien van de ontwikkeling van de regionale activiteiten.
De belangrijkste veronderstellingen die zijn gebruikt voor de tweede fase van het onderzoek op bijzondere waardevermindering, op het niveau van de Groep als geheel inclusief algemene bedrijfsactiva, zijn identiek aan de veronderstellingen die zijn gebruikt voor het onderzoek op bijzondere waardeverminderingen voor kasstroom-genererende eenheden.
De waarden die zijn toegerekend aan de WACC vóór belastingen en de groeipercentages zijn als volgt:
| Kasstroomgenerer. eenheid | 2023 | Aannames 2024-2028 | |
|---|---|---|---|
| WACC vóór belastingen | Groeiperc. voor eindwaarde | EBITA% | |
| EMEA | 13.5% | 3.3% | 12,7% - 13,0% |
| AMERICAS | 13.4% | 2.7% | 11,7% - 13,1% |
| ASIA PACIFIC | 12.0% | 5.1% | 8,7% - 9,3% |
| Kasstroomgenerer. eenheid | 2022 | Aannames 2024-2027 | |
|---|---|---|---|
| WACC vóór belastingen | Groeiperc. voor eindwaarde | EBITA% | |
| EMEA | 14.6% | 3.2% | 11.6% |
| AMERICAS | 13.0% | 2.6% | 13.7% |
| ASIA PACIFIC | 12.8% | 5.2% | 8.2% |
De toetsing op bijzondere waardevermindering van de realiseerbare waarde van kasstroom-genererende eenheden laat zien dat er voldoende headroom is in de boekwaarde van de goodwill. In de tweede fase van het onderzoek op bijzondere waardevermindering blijkt dat de realiseerbare waarde van de kasstroom-genererende eenheden als geheel hoger is dan de boekwaarde van de kasstroom-genererende eenheden, inclusief de boekwaarde van de algemene bedrijfsactiva.
Om te toetsen in hoeverre de headroom bestand is tegen veranderingen in de belangrijkste veronderstellingen, heeft Azelis de volgende wijzigingen in de veronderstellingen geselecteerd die redelijkerwijs kunnen worden verwacht:
Een toename van de gewogen gemiddelde vermogenskosten (WACC) met 1%
Een afname van het groeipercentage in de eindwaarde met 1%
Een afname van de aangepaste EBITA-marge met 0,5%
In alle bovenstaande onafhankelijke scenario's en voor elke kasstroom-genererende eenheid laat de gevoeligheidstest zien dat er voldoende headroom is ten aanzien van de boekwaarde van de goodwill.
| Terreinen en gebouwen | Installaties en machines | Overig | Totaal | |
|---|---|---|---|---|
| Per 31 december 2021 | ||||
| Kosten | 31,572 | 12,303 | 21,883 | 65,757 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijz. waardeverm. | -2,606 | -3,092 | -7,050 | -12,750 |
| 28,966 | 9,211 | 14,832 | 53,008 | |
| Mutaties in 2022 | ||||
| Bedrijfscombinatie | 2,060 | 480 | 2,420 | 4,961 |
| Toevoegingen | 394 | 1,930 | 7,350 | 9,674 |
| Afschrijvingen | -1,538 | -1,784 | -4,131 | -7,453 |
| Desinvesteringen | -1,508 | -22 | -334 | -1,865 |
| Herclassificaties | -107 | 387 | -1,225 | -946 |
| Hyperinflatie | - | 8 | 186 | 195 |
| Omrekeningsverschillen | 80 | 108 | 122 | 310 |
| Mutaties in verslagperiode | -619 | 1,105 | 4,389 | 4,876 |
| Per 31 december 2022 | ||||
| Kosten | 32,491 | 15,193 | 30,403 | 78,086 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijz. waardeverm. | -4,144 | -4,877 | -11,182 | -20,203 |
| 28,347 | 10,316 | 19,221 | 57,884 | |
| Mutaties in 2023 | ||||
| Bedrijfscombinatie | 840 | 3,398 | 11,909 | 16,148 |
| Toevoegingen | 431 | 1,605 | 6,463 | 8,499 |
| Afschrijvingen | -1,143 | -2,278 | -5,345 | -8,765 |
| Bijzondere waardeverminderingen | 3,311 | - | - | 3,311 |
| Desinvesteringen | -2,136 | -353 | 82 | -2,407 |
| Herclassificaties | 47 | 65 | -223 | -111 |
| Hyperinflatie | - | 2 | 129 | 131 |
| Omrekeningsverschillen | -752 | -9 | -351 | -1,112 |
| Mutaties in verslagperiode | 598 | 2,430 | 12,664 | 15,693 |
| Per 31 december 2023 | ||||
| Kosten | 30,921 | 19,901 | 48,412 | 99,234 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijz. waardeverm. | -1,976 | -7,154 | -16,526 | -25,657 |
| 28,945 | 12,747 | 31,886 | 73,577 |
De categorie 'Overige' heeft voornamelijk betrekking op verbeteringen in geleasede activa, waaronder ook een onbeduidend bedrag aan activa in aanbouw.
Op 31 december 2023 had de Groep geen terreinen en gebouwen of installaties, machines en uitrusting als zekerheid verpand voor bankleningen (2022: nul). Andere beperkingen hebben voornamelijk betrekking op verbeteringen in geleasede activa en op geleasede machines.
De recht-op-gebruik- activa hebben voornamelijk betrekking op huurovereenkomsten voor kantoren, magazijnen en auto's.
| Terreinen en gebouwen | Overig | Totaal | |
|---|---|---|---|
| Per 31 december 2021 | |||
| Kosten | 84,580 | 21,736 | 106,316 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | -27,599 | -13,136 | -40,734 |
| 56,981 | 8,600 | 65,582 | |
| Mutaties in 2022 | |||
| Bedrijfscombinatie | 10,916 | 432 | 11,348 |
| Toevoegingen | 23,862 | 4,055 | 27,917 |
| Afschrijvingen | -15,230 | -5,080 | -20,310 |
| Desinvesteringen | -824 | -103 | -927 |
| Herwaarderingen | 11,605 | 1,006 | 12,611 |
| Hyperinflatie | 190 | 608 | 798 |
| Omrekeningsverschillen | 56 | -92 | -36 |
| Mutaties in verslagperiode | 30,574 | 826 | 31,400 |
| Per 31 december 2022 | |||
| Kosten | 130,385 | 27,642 | 158,027 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | -42,829 | -18,215 | -61,045 |
| 87,555 | 9,426 | 96,982 | |
| Mutaties in 2023 | |||
| Bedrijfscombinatie | 16,174 | 1,796 | 17,971 |
| Toevoegingen | 19,432 | 9,776 | 29,209 |
| Afschrijvingen | -19,357 | -5,950 | -25,307 |
| Desinvesteringen | -1,309 | -98 | -1,407 |
| Herwaarderingen | 6,212 | 1,273 | 7,485 |
| Hyperinflatie | 3,566 | -188 | 3,378 |
| Omrekeningsverschillen | -4,775 | -487 | -5,262 |
| Mutaties in verslagperiode | 19,945 | 6,122 | 26,066 |
| Per 31 december 2023 | |||
| Kosten | 169,686 | 39,714 | 209,399 |
| Gecumuleerde afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen | -62,186 | -24,166 | -86,352 |
| 107,500 | 15,548 | 123,048 |
Herwaarderingen hebben voornamelijk betrekking op de verlenging van de leasetermijn van bestaande contracten.
De Groep heeft leasecontracten die nog niet zijn ingegaan op 31 december 2023 waarvan de toekomstige leasebetalingen ongeveer € 82,2 miljoen bedragen.
Azelis heeft een belang van 50% in Chemlog S.A.S. (zie toelichting 26.4). De geaggregeerde cijfers van Chemlog zijn als volgt:
| (in duizenden €) | Activa | Passiva | Eigen vermogen | Omzet | Netto resultaat verslagperiode |
|---|---|---|---|---|---|
| 31 December 2023 | 973 | 393 | 581 | 1,925 | 111 |
| 31 December 2022 | 863 | 393 | 470 | 1,738 | 131 |
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Voorraden | 619,636 | 687,540 |
| Bijzondere waardeverminderingen/afschrijvingen | -56,845 | -59,804 |
| Netto boekwaarde van voorraden | 562,790 | 627,735 |
De voorraden van Azelis bestaan voornamelijk uit eindproducten.
Het gebruik van voorraden wordt opgenomen onder 'Kosten voor goederen en verbruiksartikelen' in de geconsolideerde resultatenrekening. In 2023 is een bijzondere waardevermindering op voorraden van € 10,3 miljoen (2022: € 17,2 miljoen) opgenomen onder 'Kosten voor goederen en verbruiksartikelen'.
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Handelsvorderingen | 444,863 | 443,288 |
| Overige vorderingen | 77,033 | 95,093 |
| 521,896 | 538,381 |
Zie toelichting 4.1.1 voor veroudering en voorzieningen voor deze vorderingen. Overige vorderingen hebben voornamelijk betrekking op vooruitbetalingen.
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Banksaldi en kasmiddelen | 484,874 | 268,160 |
| Banktegoeden (-) | -18,286 | -30,412 |
| Geldmiddelen en kasequiv. (netto) in het kasstroomoverzicht | 466,588 | 237,749 |
De verschuldigde rente voor gebruikte rekening-courantkredieten heeft een variabele rente gebaseerd op EURIBOR plus een marge.
Volgens de Belgische regelgeving en de Statuten van de Vennootschap moet Azelis Group NV minimaal 5% van de stand-alone nettowinst aan de wettelijke reserve toewijzen, totdat deze reserve 10% van het aandelenkapitaal bedraagt. Per 31 december 2023 bedraagt de wettelijke reserve (zoals opgenomen in Overige reserves) € 26,0 duizend (2022: nul).
De gewone winst per aandeel en verwaterde winst per aandeel worden als volgt berekend:
| 31-12-2023 | 31-12-2022 | |
|---|---|---|
| Netto groepswinst/-verlies toerekenbaar aan aandeelhouders (in duizenden €) | 177,704 | 213,193 |
| Gemiddeld aantal aandelen (in duizenden aandelen) | 239,856 | 233,750 |
| Winst per aandeel | 0.74 | 0.91 |
| Gemiddeld aantal aandelen, aangepast voor verwatering (in duizenden aandelen) | 240,102 | 233,916 |
| Verwaterde winst per aandeel | 0.74 | 0.91 |
Het gemiddelde aantal aandelen is als volgt berekend:
| (in duizenden) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Uitgegeven gewone aandelen (dividendgerechtigd) | 233,846 | 233,846 |
| Gewogen effect van eigen aandelen | -246 | -96 |
| Gewogen effect van uitgegeven gewone aandelen | 6,256 | 0 |
| Gemiddeld aantal aandelen voor gewone WPA | 239,856 | 233,750 |
| Gewogen effect van op aandelen gebaseeerde betaling | 247 | 166 |
| Gemiddeld aantal aandelen voor verwaterde WPA | 240,102 | 233,916 |
Op 19 mei 2023 heeft Azelis zijn aandelenkapitaal met (afgerond) € 200 miljoen verhoogd na uitgifte van 10.075.566 nieuwe aandelen tegen een prijs van € 19,85 per aandeel met dezelfde rechten als reeds bestaande aandelen van de Vennootschap. Na deze kapitaalverhoging bedroeg het kapitaal van de Vennootschap € 5.879.999.963,10, vertegenwoordigd door 243.921.719 gelijke aandelen.
In 2022 is het aandelenkapitaal van de Vennootschap niet gewijzigd.
Overige reserves maken deel uit van de reserves in de geconsolideerde balans. Deze omvatten het effect op het eigen vermogen van de kapitaalreorganisatie onder gezamenlijke zeggenschap in 2021, voornamelijk als gevolg van de intrekking van het aandelenkapitaal en het agio van Azelis Holding S.à.r.l., geschreven putopties op minderheidsbelangen, transacties met ingekochte eigen aandelen en andere aanpassingen van het eigen vermogen.
Per 31 december 2023 heeft de Groep in de overige reserves voor een totaalbedrag van € 148,4 miljoen de eerste opname van putopties opgenomen, die voornamelijk gerelateerd zijn aan minderheidsbelangen in MKVN Chemicals (Vietnam), Asia Primera Kimika (Filipijnen), Phil-Asiatic Supply & Services (Filipijnen), Catalite (Thailand), Vogler Ingredients (Brazilië) en Ashapura Aromas (India). In 2022 omvatten de overige reserves de eerste opname van putopties voor een totaalbedrag van € 70,5 miljoen.
In 2023 kocht de Groep 150.000 eigen aandelen op Euronext Brussel voor een totaalbedrag van € 3,4 miljoen ter financiering van het langetermijnstimulusplan (2022: 133.400 eigen aandelen voor een totaalbedrag van € 3,0 miljoen).
De reserve omrekeningsverschillen maakt deel uit van de reserves in de geconsolideerde balans.
Koersverschillen die ontstaan bij omrekening van de entiteiten onder buitenlandse zeggenschap worden opgenomen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten en gecumuleerd in de reserve omrekeningsverschillen in het eigen vermogen.
Het merendeel van de immateriële activa op de balans van Azelis heeft betrekking op de overname van EQT/PSP in november 2018. De respectieve bedragen zijn toegerekend aan de drie operationele segmenten van Azelis en, conform IFRS, ook op basis van de onderliggende vreemde valuta in de verschillende rechtsgebieden waar Azelis actief is (waarvan een groot deel betrekking heeft op de activiteiten van Azelis in de Verenigde Staten). Koersverschillen die ontstaan bij omrekening van de immateriële activa worden opgenomen in overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten en gecumuleerd in de reserve omrekeningsverschillen in het eigen vermogen.
In 2023 is de reserve omrekeningsverschillen met € 99,3 miljoen afgenomen (2022: afname met € 4,5 miljoen), voornamelijk vanwege de omrekening naar EUR van de financiële posities van dochterondernemingen met USD, TRL en COP als plaatselijke valuta.
De ingehouden winsten omvatten het onverdeeld resultaat van voorgaande jaren.
Uitkeerbare reserves maken deel uit van de reserves in de geconsolideerde balans.
In verband met de beursgang van Azelis verlaagde de Groep haar aandelenkapitaal in september 2021 met € 400 miljoen ten laste van de uitkeerbare reserves. Dit met het doel om fondsen te genereren voor uitkering aan de aandeelhouders. In het kader van deze kapitaalvermindering zijn er geen kapitaalbijdragen terugbetaald aan de aandeelhouders.
Op de jaarlijkse algemene vergadering van de Vennootschap, die werd gehouden op 8 juni 2023, hebben de aandeelhouders de betaling van een totaal dividendbedrag van €67,8 miljoen voor het boekjaar 2022 goedgekeurd, oftewel een brutodividend van (afgerond) €
Op 5 maart 2024 is door de Raad van Bestuur een dividend van €
Minderheidsbelangen geven het deel van de aandelen van de dochterondernemingen van de Groep weer dat niet in het bezit is van de Groep, ook al zijn deze dochterondernemingen geconsolideerd in de geconsolideerde jaarrekening van de Groep. Ashapura Aromas (India), MKVN Chemicals (Vietnam), Asia Primera Kimika (Filipijnen), Phil-Asiatic Supply & Services (Filipijnen), Vogler Ingredients (Brazilië) en Catalite (Thailand) dragen het meeste bij aan de minderheidsbelangen; zie ook toelichting 26.4.
De schuldfinanciering van de Groep bestaat voornamelijk uit de volgende financiële instrumenten:
| 31-12-2023 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| (in duizenden) | Rente (basis) | Rente (marge) | Looptijd | Nominaal bedrag | Boekwaarde |
| First lien € | 4.07% | 1.90% | 2021-2026 | 900,000 | 896,911 |
| First lien GBP | 5.26% | 2.15% | 2021-2026 | 148,196 | 147,623 |
| Revolving Credit Facility | Nvt1 | 1.65% | 2021-2028 | 0 | 0 |
| Obligaties | 5.75% | n/a | 2023-2028 | 400,000 | 392,478 |
| Schuldschein | 2.64%-3.92% | 1.9%-2.5% | 2025-2029 | 108,500 | 108,439 |
| Overige bankleningen | 0,50% - 17,62% | 2018-2026 | 59,215 | 59,215 | |
| Gecumuleerde rente | 26,528 | 26,528 | |||
| 1,642,439 | 1,631,194 | ||||
| Langlopende rentedragende leningen | 1,561,879 | 1,550,634 | |||
| Kortlopende rentedragende leningen | 80,560 | 80,560 | |||
| 1,642,439 | 1,631,194 |
| 31-12-2022 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| (in duizenden) | Rente (basis) | Rente (marge) | Looptijd | Nominaal bedrag | Boekwaarde |
| First lien € | 1.74% | 1.75% | 2021-2026 | 900,000 | 894,667 |
| First lien GBP | 1.60% | 2.00% | 2021-2026 | 145,209 | 144,349 |
| Revolving Credit Facility | 1.10% | 1.50% | 2021-2027 | 100,000 | 100,000 |
| Schuldschein | 2.63% | 1.9%-2.5% | 2025-2027 | 21,500 | 21,409 |
| Overige bankleningen | 2,69% - 10,73% | 2018-2026 | 131,668 | 131,668 | |
| Gecumuleerde rente | 11,624 | 11,624 | |||
| 1,310,001 | 1,303,717 | ||||
| Langlopende rentedragende leningen | 1,184,678 | 1,178,394 | |||
| Kortlopende rentedragende leningen | 125,323 | 125,323 | |||
| 1,310,001 | 1,303,717 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2023 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 1,303,717 | 902,634 |
| Kasstromen uit rentedragende leningen | 252,274 | 343,846 |
| Betaalde transactiekosten | -8,117 | -2,191 |
| Mutaties voortvloeiend uit bedrijfscombinaties | 62,497 | 66,054 |
| Gekapitaliseerde en afgeschreven transactiekosten | 3,113 | 1,444 |
| Mutaties in gecumuleerde rente | 14,904 | 5,972 |
| Valutaomrekeningsverschillen | 2,806 | -14,043 |
| Per 31 december | 1,631,195 | 1,303,717 |
In 2023 werd in totaal € 8,1 miljoen (nettoboekwaarde) aan transactiekosten geactiveerd (2022: € 2,2 miljoen) en deze worden afgeschreven over de leenperiode van de onderliggende instrumenten.
De Groep heeft voornamelijk bankleningen tegen variabele rente van een syndicaat van kredietverstrekkers in de vorm van een Term Loan Facility (€ 900 miljoen en GBP 128,8 miljoen) en een Revolving Credit Facility (€ 350 miljoen). De Revolving Credit Facility is per 31 december 2023 nog volledig ongebruikt (2022: Facility van € 350 miljoen, waarvan € 250 miljoen ongebruikt). In 2023 is de looptijd van de Revolving Credit Facility verlengd tot 2028.
De variabele rente is gebaseerd op EURIBOR voor leningen opgenomen in € en SONIA voor leningen opgenomen in GBP (beide gelimiteerd tot een ondergrens van 0%), en een marge gebaseerd op de totale netto schuldgraad van de Groep. De marge bedraagt maximaal 2,25% voor de Term Loan Facility in €, 2,50% voor de Term Loan Facility in GBP en 2,00% voor de Revolving Credit Facility. Daarnaast worden de geldende marges in de toekomst aangepast met +/-10 basispunten, afhankelijk van de mate waarin aan twee ESG-criteria wordt voldaan: Vermindering van de CO2-intensiteit, en genderdiversiteit. Voor boekjaar 2022 voldeed Azelis aan de criteria, met als gevolg een aanpassing van -10 bp in 2023.
Naast de Term Loan Facility en Revolving Credit Facility heeft de Groep ook verschillende Schuldschein-overeenkomsten, waarvan op 31 december 2023 € 108,5 miljoen was gebruikt. De Schuldschein is een soort obligatie die buiten de beurs of bank om wordt uitgegeven, met vervaldata variërend van 2025 tot 2029. De rentelasten zijn deels vast tegen 4,74% en deels variabel (zesmaands EURIBOR-tarief plus opslag van 1,9%-2,5%). De Schuldschein-overeenkomsten kunnen onder bepaalde voorwaarden vervroegd worden afgelost.
In maart 2023 heeft Azelis Group NV € 400 miljoen aan obligaties uitgegeven met een vaste rentevoet van 5,75%. Deze obligaties vervallen in 2028.
In overeenstemming met haar beleid voor renterisicobeheer (zie het hoofdstuk Risicobeheer) en rekening houdend met de wereldwijde renteontwikkelingen, heeft Azelis twee rentecapovereenkomsten voor een totaal geleend bedrag van € 700 miljoen, waardoor de Groep een rentecap heeft van 3% voor het EURIBOR-tarief.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Per 1 januari | 101,558 | 69,278 |
| Bedrijfscombinatie | 17,907 | 11,340 |
| Nieuwe contracten | 29,863 | 27,991 |
| Herwaardering | 6,096 | 12,610 |
| Kasuitgaven | -28,704 | -22,795 |
| Valutaomrekeningsverschillen | -101 | 3,134 |
| Per 31 december | 126,619 | 101,558 |
Voor meer informatie over gebruiksrecht-activa van de Groep, zie toelichting 16.2
Naast de beschikbare geldmiddelen had de Groep per 31 december 2023 € 279,7 miljoen (2022: € 180,4 miljoen) aan niet-gecommitteerde lokale kredietfaciliteiten. Dit zijn lokale kredietlijnen die door lokale banken zijn verstrekt en die kunnen worden ingetrokken zoals elke standaard bankkredietlijn. Rente is verschuldigd tegen een maximumtarief van EURIBOR plus 5,00%. Per 31 december 2023 was er een bedrag van € 59,2 miljoen (2022: € 162,0 miljoen) gebruikt.
De financieringsovereenkomsten van Azelis Group NV en haar dochterondernemingen bevatten sinds september 2021 een financieel convenant voor beheer, betreffende de totale netto schuldgraad, die lager moet zijn dan 4,75: 1,00 (afnemend tot 4,50: 1,00 in 2024) en twee keer per jaar wordt getoetst.
Per 31 december 2023 bedraagt de totale netto schuldgraad 2,5: 1,0 (2022: 2,2: 1,0), waarmee de Groep voldoet aan de financieel convenanten. De Groep monitort de naleving van alle convenanten op basis van het maandelijkse rapportageproces en de continue kasstroomprognoses.
| (in duizenden €) | Belasting-claims | Overige voorzieningen | Totaal |
|---|---|---|---|
| Per 1 januari 2022 | 2,583 | 3,525 | 6,108 |
| Bedrijfscombinatie | 0 | 136 | 136 |
| Getroffen voorzieningen | 1,140 | 3,190 | 4,330 |
| Aangewende voorzieningen | 0 | -355 | -355 |
| Vrijgevallen voorzieningen | -671 | -1,299 | -1,970 |
| Omrekeningsverschillen | -55 | -53 | -108 |
| Per 31 december 2022 | 2,997 | 5,144 | 8,141 |
| Langlopend | 2,434 | 2,163 | 4,597 |
| Kortlopend | 563 | 2,981 | 3,544 |
| Totaal | 2,997 | 5,144 | 8,141 |
| 2023 | |||
| Bedrijfscombinatie | 626 | 280 | 906 |
| Tijdens verslagperiode getroffen voorzieningen | 648 | 506 | 1,154 |
| Tijdens verslagperiode aangewende voorzieningen | -73 | -1,055 | -1,128 |
| Tijdens verslagperiode vrijgevallen voorzieningen | -588 | -1,394 | -1,982 |
| Omrekeningsverschillen | -208 | -55 | -263 |
| Per 31 december 2023 | 3,402 | 3,426 | 6,828 |
| Langlopend | 2,226 | 932 | 3,158 |
| Kortlopend | 1,176 | 2,494 | 3,670 |
| Totaal | 3,401 | 3,426 | 6,828 |
De voorzieningen hebben betrekking op fiscale risico's, administratieve boetes, arbeid en commerciële zaken waaronder claims en rechtszaken, met betrekking tot de vroegere en huidige activiteiten van de Groepsmaatschappijen.
| (in duizenden €) | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|---|---|---|
| Handelsschulden | 434,085 | 462,728 |
| Overige heffingen | 13,032 | 11,805 |
| Bezoldigingen en socialezekerheidsschulden | 71,409 | 87,505 |
| Derivaten | 3,921 | 377 |
| Overige schulden | 277,023 | 209,272 |
| Totaal kortetermijnschulden | 799,470 | 771,686 |
| Overige schulden | 69,801 | 98,264 |
| Totaal langetermijnschulden | 69,801 | 98,264 |
De overige kortlopende en langlopende schulden bestaan hoofdzakelijk uit putopties op minderheidsbelangen voor een totaalbedrag van € 171,1 miljoen (2022: € 115,1 miljoen) en earn-outs en uitgestelde betalingen in verband met overnames.
Er zijn geen fiscale en andere onvoorziene verplichtingen per 31 december 2023 (voor 2022: geen). De Groep ziet nauwlettend toe op de mogelijke risico's en mogelijke implicaties.
Verbonden partijen van de Groep zijn een aantal van haar dochterondernemingen, aandeelhouders, managers, leidinggevende functionarissen en geassocieerde deelnemingen. De Groep heeft één kleine investering in geassocieerde deelnemingen. Zie hiervoor toelichting 17.
Per 31 december 2023 (en 2022) zijn er geen significante uitstaande leningen aan of van verbonden partijen.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Leden Raad van Bestuur (niet-uitvoerend) | 350 | 327 |
| Overige managers op sleutelposities | ||
| Vaste beloning | 2,818 | 3,198 |
| Variabele beloning | 1,340 | 2,804 |
| 4,508 | 6,329 |
Vergoedingen na uitdiensttreding: Details over de transacties tussen de Groep en haar pensioenregelingen worden vermeld in toelichting 11.
De volgende tabel geeft een overzicht van de dochterondernemingen van de Groep:
| Naam | Land van vestiging | Type | Belang in % 2023 | Belang in % 2022 |
|---|---|---|---|---|
| Geconsolideerde vennootschappen | ||||
| Azelis Group NV | België | Niet-werkmaatschappij | Moeder- maatschappij | Moeder- maatschappij |
| Directe investeringen | ||||
| Azelis Finance NV | België | Niet-werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Indirecte investeringen | ||||
| Orkila Algérie spa | Algerije | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Australia Pty Ltd | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemcolour Industries Australia Pty Ltd | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| TimTechChem Australia Pty Ltd | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| EB1 Pty Limited | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| CW Pacific Specialties Pty Limited | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Elle Bee Exports Pty Limited | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| CW Pacific Pty Ltd | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemiplas Australia Pty Ltd | Australië | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Azelis Austria GmbH | Oostenrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Benelux N.V. | België | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Corporate Services N.V. | België | Niet-werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Azelis EMEA Hub NV | België | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Products International SA | België | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemical Partners Africa NV | België | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Azelis Brasil Ltda | Brazilië | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Viveiruz Participações Ltda. | Brazilië | Werkmaatschappij | 20 | 0 |
| Ybiapê Participações Ltda. | Brazilië | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Vogler Ingredientes Ltda. | Brazilië | Werkmaatschappij | 60 | 0 |
| Azelis Bulgaria EAD | Bulgarije | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Canada Inc. | Canada | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis China Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis (Shanghai) Co. Ltd. | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis (Shanghai) International Trading Co., Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Hong Kong Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Beijing CosBond Trading Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | Vereffend | 100 |
| CosBond China Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| CosBond (Shanghai) International Trading Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Trading Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Danxia Trading (Shanghai) Co, Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Guangzhou Danxia Trading Co, Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Industrial Chemical Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| WWRC Hong Kong Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Azelis Chemical (Guangzhou) Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| WWRC Tianjin Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| WWRC Chengdu Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | Vereffend | 100 |
| WWRC Shanghai Co. Ltd | China | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Friendship Chemical company Ltd | China | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Rocsa Colombia S.A. | Colombia | Werkmaatschappij | 63 | 63 |
| CI Inproquim Exports SAS | Colombia | Werkmaatschappij | 63 | 63 |
| Rocsa DCR SA | Costa Rica | Werkmaatschappij | 63 | 63 |
| Azelis Croatia D.O.O. | Kroatië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis CEE Holding A.S. | Tsjechië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Czech Republic S.R.O. | Tsjechië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Denmark A/S | Denemarken | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Rocsa RD SA | Dominicaanse Republiek | Werkmaatschappij | 63 | 63 |
| Orkila Egypt Chemicals SAE | Egypte | Werkmaatschappij | 99 | 99 |
| Orchem for Import and Export LLC | Egypte | Werkmaatschappij | 49 | 49 |
| Azelis Finland OY | Finland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis France S.A.S | Frankrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis France Holding S.A.S | Frankrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| BLH SAS | Frankrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| NATSOE SAS | Frankrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Quimdis SAS | Frankrijk | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Azelis Deutschland GmbH1 | Duitsland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Deutschland Holding GmbH1 | Duitsland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Deutschland Immobilien GmbH1 | Duitsland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Deutschland Kosmetik GmbH1 | Duitsland | Werkmaatschappij | 90 | 90 |
| Quimdis GmbH | Duitsland | Werkmaatschappij | Vereffend | In vereffening |
| Azelis Chemicals Ghana Ltd | Ghana | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Greece Single Member SA | Griekenland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Rocsa GT SA | Guatemala | Werkmaatschappij | 63 | 63 |
| Azelis Hungary Kft. | Hongarije | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis India Private Ltd | India | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Ashapura Aromas Private Limited | India | Werkmaatschappij | 70 | 70 |
| PT Azelis Indonesia Distribusi | Indonesië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Ireland Ltd. | Ierland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Israel Distribution Ltd | Israël | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Lidorr Elements Ltd; | Israël | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| ProAgro Ltd; | Israël | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Liad Agro Ltd; | Israël | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Darbal Ltd. | Israël | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Azelis Italia Logistica S.r.L | Italië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Italia S.r.L | Italië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Deafarma S.r.l. | Italië | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Came Chemical Mineral and Engineering S.r.l. | Italië | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Eurotrading SpA | Italië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Côte d'Ivoire S.A. | Ivoorkust | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Japan K.K. | Japan | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Jordan LLC | Jordanië | Werkmaatschappij | 50 | 50 |
| Azelis Kenya Ltd | Kenia | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Korea Co. Ltd | Korea | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Coseal Co., Ltd. | Korea | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Azelis Middle East Africa Holding SAL | Libanon | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Lebanon SAL | Libanon | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis International (Offshore) SAL | Libanon | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chempart Polymers SAL Offshore | Libanon | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemical Partners Middle East SAL | Libanon | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Akita Topco S.à r.l. | Luxemburg | Niet-werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis S.A. | Luxemburg | Niet-werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Malaysia Sdn Bhd | Maleisië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemical Solutions Sdn Bhd | Maleisië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Mexico SA de CV | Mexico | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Morocco Sarl | Marokko | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Orkila Invest SA | Marokko | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Netherlands B.V. | Nederland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Smoky Light BV | Nederland | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 0 |
| Sirius International Detergents B.V. | Nederland | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Sirius International Water Treatment B.V. | Nederland | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Azelis Nigeria Specialty Chemicals Ltd | Nigeria | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Norway AS | Noorwegen | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis New Zealand Ltd | Nieuw-Zeeland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemiplas Agencies Ltd | Nieuw-Zeeland | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Chemiplas (N.Z.) Ltd | Nieuw-Zeeland | Werkmaatschappij | 100 | 0 |
| Element Trading SAC | Peru | Werkmaatschappij | 63 | 63 |
| Asia Primera Kimika Inc. | Filipijnen | Werkmaatschappij | 51 | 51 |
| Phil-Asiatic Supply & Services Inc. | Filipijnen | Werkmaatschappij | 51 | 51 |
| Azelis Poland SP Z.o.o | Polen | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Romania SRL | Roemenië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Rus LLC | Rusland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Chemical Partners Arabia LLC | Zweden | Werkmaatschappij | 75 | 0 |
| Azelis Senegal SA | Senegal | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis d.o.o Beograd | Servië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Singapore Pte. Ltd | Singapore | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Bellekimia Singapore Pte. Ltd. | Singapore | Werkmaatschappij | 51 | 51 |
| Azelis Slovakia S.R.O. | Slowakije | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Orkila South Africa (Pty) Ltd | Zuid-Afrika | Werkmaatschappij | 85 | 100 |
| Azelis South Africa (Pty) Ltd. | Zuid-Afrika | Werkmaatschappij | 85 | 90 |
| Orbichem Petrochemicals (Pty) Ltd | Zuid-Afrika | Werkmaatschappij | 85 | 90 |
| Azelis España S.A. | Spanje | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Iberica Holding SL. | Spanje | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Espana Holding SL | Spanje | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Sweden AB | Zweden | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Switzerland AG | Zwitserland | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Thailand Ltd | Thailand | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Catalite Co. Ltd | Thailand | Werkmaatschappij | 51 | 51 |
| Azelis Tunisie Sarl | Tunesië | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis TR Kimya End. Ur.Ith.Ihr.Tic ve San A.S. | Turkije | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Tunçkaya Kimyevi Ticaret Ve Sanayi Anonim Şirketi | Turkije | Werkmaatschappij | Gefusioneerd | 100 |
| Dağaltı Kauçuk ve Kİmyevİ Maddeler Sanayİ Tİcaret Anonİm Şİrketİ | Turkije | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Ukraine LLC | Oekraïne | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Orkila FZE | Verenigde Arab. Emiraten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis UK Holdings Ltd. | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis UK Life Sciences Ltd. | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | Ontbonden | 100 |
| Azelis UK Ltd. | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis UK Finance Holding Ltd | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | Ontbonden | 100 |
| Azelis UK Finance Ltd | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Whitfield Chemical Group Ltd | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Whitfield Chemical Holdings Ltd | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| WhitChem Ltd | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| WhitChem Distribution Ltd | Verenigd Koninkrijk | Werkmaatschappij | Ontbonden | 100 |
| ADAPCO LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Americas LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis US Holding Inc. | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Dewolf Chemical LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Glenn LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| P.T. Hutchins Company LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Marcor Development LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Monson Companies LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Precision Control Technology LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Americas Case LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Red River Specialties LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| C.L. Zimmerman Co. of Delaware LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Ross Organic Specialty Sales Inc. | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Vigon International LLC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Gillco Products, LCC | Verenigde Staten | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| Azelis Vietnam Company Ltd | Vietnam | Werkmaatschappij | 100 | 100 |
| MKVN Chemicals Co, Ltd | Vietnam | Werkmaatschappij | 51 | 51 |
| Viet Chemicals Trading and Service Company Limited | Vietnam | Werkmaatschappij | 51 | 51 |
| Vennootschappen verwerkt volgens de vermogensmutatiemethode | ||||
| Indirecte investeringen | ||||
| Chemlog S.A.S. | Frankrijk | Nvt | 50 | 50 |
Het groeitraject van Azelis houdt onder meer expansie via strategische overnames in, als aanvulling op de bedrijfsstrategie van organische groei. De volgende transacties waren per 31 december 2023 nog niet afgerond, maar zullen (naar verwachting) in 2024 worden afgerond.
In januari 2024 heeft de Groep 100% van de aandelen van Agspec Australia Pty Ltd (‘Agspec’) overgenomen, een toonaangevende distributeur van gewasvoedingsstoffen, gewasbeschermingsproducten en speciale landbouwproducten in Australië. Deze overname sluit goed aan bij de inspanningen van de Groep om door formulering te innoveren, aangezien Agspec zich voornamelijk bezighoudt met het ontwikkelen van formuleringen en het leveren van oplossingen aan zijn klanten. De portfolio met gewasbeschermingsproducten en gewasvoedingsstoffen van Agspec is een aanvulling op het huidige aanbod van de Groep, waardoor deze haar klanten in de land- en tuinbouwmarkt een breder en gevarieerder scala aan producten en diensten kan bieden. Door de expertise en portfolio van Agspec in het eigen aanbod te integreren, versterkt de Groep haar positie in de land- en tuinbouwmarkt in Australië en breidt de Groep haar aanbod uit met geavanceerde innovaties en maatwerkoplossingen.
In februari 2024 heeft de Groep 100% van de aandelen van Localpack S.A. ('Localpack') overgenomen, een distributeur van speciale chemicaliën in het Life Sciences- en Industrial Chemicals-segment in Colombia. Dankzij de jarenlange relaties die Localpack onderhoudt met internationale en regionale principalen en de technische expertise die het bedrijf door de jaren heen heeft opgebouwd, wordt de laterale waardeketen van de Groep in Latijns-Amerika verder uitgebreid. Deze transactie volgt op een aantal andere belangrijke initiatieven die de Groep de laatste jaren in Latijns-Amerika heeft ontplooid, zoals de oprichting van een regionaal innovatiecentrum (RIC) in Mexico in 2022, de overname van ROCSA S.A. in Colombia in 2022 en de inlijving van Vogler Ingredients Ltda. in Brazilië in 2023. De toevoeging van de portfolio met producten en technologieën van Localpack is opnieuw een belangrijke mijlpaal in de groeistrategie die de Groep voor deze regio voert.
In maart 2024 heeft de Groep 100% van de aandelen van Oktrade Kimya Sanayi ve Ticaret Anonim Şirketi (‘Oktrade’) overgenomen, een distributeur van speciale personal care-ingrediënten in Istanbul. De Groep was al actief in de Turkse personal care-markt en versterkt met deze overname de laterale waardeketen. Dankzij deze overname kan de Groep marktleider worden in deze sterk groeiende markt. Oktrade heeft een sterke portfolio en gedegen technische expertise op het gebied van gekleurde cosmetica, huidverzorging en zonproducten, en vormt dan ook een perfecte aanvulling op de huidige portfolio van de Groep. Oktrade heeft ook een applicatielaboratorium, wat een uitbreiding van de huidige Personal Care-labcapaciteit van Azelis in het land betekent en aansluit op de inspanningen van de Groep om haar klanten en principalen van de meest innovatieve oplossingen te voorzien.
Deze overnames zullen naar verwachting worden gefinancierd uit de bestaande liquiditeit van de Groep.
Er zijn na 31 december 2023 geen belangrijke gebeurtenissen geïdentificeerd die een materieel of significant effect kunnen hebben gehad op de geconsolideerde jaarrekening van 2023.
De volgende informatie is ontleend aan de enkelvoudige jaarrekening van Azelis Group NV, opgesteld volgens Belgische boekhoudnormen. Deze enkelvoudige jaarrekening zal samen met het verslag van de Raad van Bestuur aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders en het verslag van de commissaris binnen de wettelijke termijn worden ingediend bij de Nationale Bank van België. Deze documenten kunnen ook worden opgevraagd bij: Posthofbrug 12 box 6, 2600 Antwerpen, België.
Opgemerkt dient te worden dat alleen de geconsolideerde jaarrekening zoals hierboven uiteengezet een getrouw beeld geeft van de financiële positie en prestaties van de Groep en dat de enkelvoudige jaarrekening slechts een beperkt beeld geeft van de financiële positie van Azelis Group NV, een holdingmaatschappij die haar investeringen tegen kostprijs opneemt in haar enkelvoudige jaarrekening. Daarom achtte de Raad van Bestuur het gepast alleen een verkorte versie te publiceren van de niet-geconsolideerde balans voor het jaar dat eindigde op 31 december 2023 en de resultatenrekening voor datzelfde jaar, opgesteld volgens de Belgische boekhoudnormen.
De verkorte enkelvoudige balans voor het jaar dat eindigde op 31 december 2023 en de resultatenrekening voor datzelfde jaar van Azelis Group NV, opgesteld volgens de Belgische boekhoudnormen, zijn in alle materiële opzichten consistent met de rekeningen waarvan ze zijn afgeleid.
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Oprichtingskosten | 95 | - |
| Immateriële vaste activa | 275,937 | 304 |
| Materiële vaste activa | 186 | - |
| Financiële activa | 5,864,523 | 6,023,100 |
| Vaste activa | 6,140,646 | 6,023,404 |
| Vlottende activa | 93,429 | 36,960 |
| Totaal activa | 6,234,170 | 6,060,364 |
| Aandelenkapitaal | 5,880,000 | 5,680,000 |
| Wettelijke reserves | 488 | 26 |
| Niet beschikbare reserves | 6,407 | 2,999 |
| Beschikbare reserves | 274,280 | 322,209 |
| Overgedragen resultaat | - | -56,521 |
| Eigen vermogen | 6,161,175 | 5,948,713 |
| Langlopende verplichtingen | 5,575 | 3,853 |
| Kortlopende verplichtingen | 67,420 | 107,798 |
| Totaal verplichtingen | 72,995 | 111,651 |
| Total eigen vermogen en verplichtingen | 6,234,170 | 6,060,364 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Bedrijfsopbrengsten | 84,694 | 46,391 |
| Bedrijfskosten | -77,252 | -52,787 |
| Bedrijfsresultaat | 7,442 | -6,396 |
| Netto financieel resultaat | 60,305 | 6,907 |
| Winst/verlies (-) voor belastingen | 67,747 | 511 |
| Belastingen op het resultaat | -1,974 | - |
| Te bestemmen resultaat van het boekjaar | 65,773 | 511 |
In haar geïntegreerd verslag en in andere financiële mededelingen (website, persberichten, presentaties enz.) presenteert Azelis bepaalde financiële maatstaven en aanpassingen die niet in overeenstemming zijn met IFRS of andere internationaal aanvaarde grondslagen voor de financiële verslaggeving. Sommige daarvan worden ‘alternatieve prestatiemaatstaven’ (APM) genoemd omdat zij bedragen uitsluiten die zijn opgenomen in, of bedragen omvatten die zijn uitgesloten van, de meest direct vergelijkbare maatstaf die wordt berekend en gepresenteerd volgens IFRS, of omdat zij worden berekend met financiële maatstaven die niet volgens IFRS worden berekend.
De Groep presenteert de APM’s omdat die i) door het management worden gebruikt om de winstgevendheid, liquiditeit en andere operationele resultaten te meten in presentaties aan haar bestuurders, en als basis voor strategische planning en voorspellingen, en ii) vergelijkbare maatstaven vertegenwoordigen die door bepaalde beleggers, effectenanalisten en andere partijen algemeen worden gebruikt als aanvullende prestatiemaatstaven. Deze maatstaven geven het management en beleggers een beter inzicht in de financiële prestaties van de Groep, bv. door geen rekening te houden met posten die buiten de lopende activiteiten vallen, zoals winstbelastingen, kapitaalkosten en niet-monetaire kosten.
De Groep heeft de volgende APM's gedefinieerd:
| APM | Definitie | Toepassing |
|---|---|---|
| Brutowinstmarge | Brutowinst gedeeld door de omzet. | De Groep beschouwt de brutowinstmarge als een nuttige meeteenheid om te evalueren hoe efficiënt de Groep omzet genereert door rekening te houden met de directe kosten van de productie van haar producten. |
| EBITA | Bedrijfswinst vóór amortisatie en bijzondere waardeverminderingen op immateriële activa | De Groep beschouwt EBITA, Aangepaste EBITA en Aangepaste EBITDA als nuttige meeteenheden voor het evalueren van de performance van de Groep omdat deze een vergelijking mogelijk maken tussen de belangrijkste bedrijfsresultaten van de Groep per verslagjaar door eliminatie van het effect van onder meer kapitaalstructuur, activabasis, belastinggevolgen en andere specifieke correcties. De Groep maakt gebruikt van Aangepaste EBITA voor het berekenen van haar Aangepaste EBITA-marge en haar conversiemarge, en maakt gebruik van Aangepaste EBITDA voor het berekenen van haar Aangepaste EBITDA-marge. |
| Aangepaste EBITA | Bedrijfswinst of verlies vóór amortisatie en bijzondere waardeverminderingen (op immateriële activa) en exclusief Aanpasingen. | |
| Aanpassingen | Baten en lasten die niet rechtstreeks verband houden met de dagelijkse bedrijfsvoering van de Groep, zoals kosten in verband met bedrijfsherstructureringen en -reorganisaties, kosten van overnames en fusies, financiering en kapitaalherstructurering en winsten of verliezen op de verkoop van vaste activa. | |
| Aangepaste EBITA-marge | Aangepaste EBITA gedeeld door de omzet. | |
| Aangepaste EBITDA | Aangepaste EBITA voor afschrijving van materiële vaste activa. | |
| Aangepaste EBITDA-marge | Aangepaste EBITDA gedeeld door de omzet. | |
| Conversiemarge | Aangepaste EBITA als percentage van de brutowinst. | |
| Organische groei | Toename of afname van de groei in de verslagperiode, exclusief het effect van overnames tot de eerste verjaardag van hun consolidatie, en exclusief het effect van valutaomrekeningsverschillen. | De Groep presenteert organische groei en groei door overnames omdat zij een actief overnamebeleid voert, en deze meeteenheden belangrijke strategieonderdelen zijn waarvan het management gebruikmaakt om de resultaten van de Groep in opeenvolgende verslagjaren te meten, en waarvan beleggers gebruik kunnen maken om de resultaten te evalueren, inclusief en exclusief het effect van de bijdragen van de ondernemingen die de Groep heeft overgenomen in desbetreffende verslagjaren. |
| Groei door overnames | Groei die is te danken aan overgenomen ondernemingen in de eerste twaalf maanden na de datum van overname. Groei door overnames wordt berekend als de som van (i) bedragen die toerekenbaar zijn aan overgenomen ondernemingen in het jaar van overname, berekend vanaf de datum van overname tot 31 december van het jaar van overname, en (ii) bedragen die toerekenbaar zijn aan ondernemingen die in het voorafgaande jaar zijn overgenomen, berekend vanaf 1 januari in het daaropvolgende jaar tot de eerste verjaardag van de overname. | |
| Vrije kasstroom | Aangepaste EBITDA minus leasebetalingen, plus mutaties in netto werkkapitaal en mutaties in andere activa, voorzieningen en schulden, minus netto investeringsuitgaven. | De Groep presenteert vrije kasstroom en vrije kasstroomconversie omdat zij deze meeteenheden kan aanwenden om bij beleggers haar asset-light bedrijfsmodel onder de aandacht te brengen en inzicht te geven in de middelen waarover de Groep beschikt om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. |
| Vrije kasstroomconversie | (i) Vrije kasstroom gedeeld door (ii) Aangepaste EBITDA minus leasebetalingen. | |
| Netto werkkapitaal | Voorraden plus handelsvorderingen, minus handelsschulden. | De bedrijfsvoering van de Groep wordt aangestuurd door haar investeringen in netto werkkapitaal. De Groep volgt nauwlettend het niveau van haar netto werkkapitaal, niet alleen ter ondersteuning van haar dagelijkse bedrijfsvoering en voortdurende expansie, maar ook ter minimalisering van de kosten van werkkapitaal (inclusief opslagkosten en financieringskosten). De Groep monitort het hele jaar zorgvuldig haar netto werkkapitaal als percentage van de omzet. |
| Netto werkkapitaal/omzet | (i) Netto werkkapitaal aan het eind van een verslagperiode gedeeld door (ii) omzet in die periode (waarbij omzetcijfers voor perioden van minder dan één jaar zijn omgerekend naar jaarcijfers) | |
| Netto werkkapitaal/omzet genormaliseerd voor overnames | (i) Netto werkkapitaal gedeeld door (ii) omzet inclusief deze van overnames voor de volledige periode (waarbij omzetcijfers voor perioden van minder dan één jaar zijn omgerekend naar jaarcijfers) | |
| Netto schuld | Het nominale bedrag van langlopende en kortlopende opgenomen en verstrekte leningen van de Groep (inclusief langlopende en kortlopende leaseverplichtingen, en exclusief gecumuleerde rente) plus bankschulden, minus geldmiddelen en kasequivalenten. | De Groep presenteert haar nettoschuld als een meeteenheid die door het management van de Groep en de kredietverstrekkers van haar kredietfaciliteiten wordt gebruikt voor de vaststelling van haar financiële positie op een bepaalde datum, inclusief het effect van de kaspositie van de Groep afgezet tegen haar schulden. De nettoschuld wordt door de kredietverstrekkers van de kredietfaciliteiten van Azelis gebruikt voor het bepalen van de netto schuldgraad. |
| Financiering EBITDA | Aangepaste EBITDA die verder is aangepast om rekening te houden met (i) de winst (vóór rente, belastingen, afschrijvingen en amortisatie) van ondernemingen die door de Groep in het desbetreffende verslagjaar zijn overgenomen, berekend vanaf de eerste dag van het desbetreffende verslagjaar tot de overnamedatum in kwestie en (ii) verwachte kostenbesparingen, onkostenverlagingen en synergiën die naar verwachting zullen worden gerealiseerd binnen een bepaalde periode na de datum van berekening. | De Groep presenteert Financiering EBITDA als een meeteenheid die door het management van de Groep en de kredietverstrekkers van haar kredietfaciliteiten wordt gebruikt om de winst in een verslagperiode vast te stellen, inclusief: (i) de winst (vóór rente, belastingen, afschrijvingen, en amortisatie) van ondernemingen die tijdens desbetreffende verslagperiode zijn overgenomen door de Groep, berekend vanaf de eerste dag van het desbetreffende verslagjaar tot de overnamedatum in kwestie; en (ii) de verwachte kostenbesparingen, onkostenverlagingen en synergiën die naar verwachting zullen worden gerealiseerd binnen een bepaalde periode na de datum van berekening. Financiering EBITDA wordt bepaald in overeenstemming met de definitie die met de kredietverstrekkers van de kredietfaciliteiten van de Groep is overeengekomen. De Groep berekent Financiering EBITDA voor de bepaling van haar netto hefboomwerking. |
| Netto schuldgraad | Nettoschuld gedeeld door Financiering EBITDA van de voorafgaande twaalf maanden. | De Groep presenteert haar netto schuldgraad omdat zij van mening is dat deze meeteenheid een indicator is van de algehele soliditeit van haar balans en kan worden gebruikt ter bepaling van het effect van de winst van de Groep afgezet tegen haar schulden. Daarnaast wordt de netto schuldgraad gebruikt om de toepasselijke marge van de nieuwe kredietfaciliteiten te bepalen. |
| ROTIC | "Return on tangible invested capital" (rendement op investeringen in materiële activa) bestaat uit (a) de aangepaste EBITA voor een verslagperiode (waarbij EBITA-cijfers voor verslagperioden van minder dan één jaar zijn omgerekend naar jaarcijfers) als een percentage van (b) de materiële vaste activa van de Groep (exclusief activa met gebruiksrecht) aan het eind van die verslagperiode plus netto werkkapitaal aan het eind van die verslagperiode. Bij de berekening van ROTIC worden goodwill en immateriële activa buiten beschouwing gelaten. | De Groep presenteert ROTIC omdat dit naar haar mening een nuttige meeteenheid is om te evalueren hoe efficiënt de Groep Aangepaste EBITA genereert met haar belangrijkste operationele geïnvesteerde kapitaal (d.w.z. netto werkkapitaal en, in mindere mate, materiële vaste activa). |
| Cash WPA | Resultaat van het jaar voor amortisatie en waardevermindering van immateriële vaste activa, gedeeld door het gewogen gemiddelde aantal uitstaande aandelen | De Groep presenteert Cash WPA omdat zij deze meeteenheid kan aanwenden om bij beleggers haar asset-light bedrijfsmodel onder de aandacht te brengen |
| (in duizenden € tenzij anders vermeld) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Omzet | 4,152,225 | 4,109,102 |
| Brutowinst | 984,120 | 960,742 |
| Brutowinstmarge | 23.7% | 23.4% |
| Netto winst/(verlies) in verslagperiode | 189,312 | 218,879 |
| Belastingbaten/lasten | 57,926 | 95,791 |
| Aandeel resultaat deelnemingen | -100 | -59 |
| Financiële opbrengsten | -17,674 | -6,008 |
| Financiële kosten | 157,439 | 79,823 |
| Bedrijfswinst | 386,903 | 388,426 |
| Amortisatie immateriële activa | 66,756 | 56,887 |
| EBITA | 453,659 | 445,313 |
| Aanpassingen | 12,601 | 11,560 |
| Aangepaste EBITA | 466,260 | 456,872 |
| Aangepaste EBITA-marge | 11.2% | 11.1% |
| Conversiemarge | 47.4% | 47.6% |
| Afschrijving op materiële vaste activa | 34,339 | 27,845 |
| Aangepaste EBITDA | 500,599 | 484,717 |
| Aangepaste EBITDA-marge | 12.1% | 11.8% |
| Betalingen van leaseverplichtingen | -28,704 | -22,795 |
| Aangepaste EBITDA minus betalingen van leaseverplichtingen | 471,895 | 461,922 |
| Mutatie netto werkkapitaal, overige activa, voorzieningen en schulden | 144,829 | -5,442 |
| Netto investeringsuitgaven | -15,485 | -18,443 |
| Vrije kasstroom | 601,238 | 438,037 |
| Vrije kasstroomconversie | 127.4% | 94.8% |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Transacties | 5,642 | 6,866 |
| Personeel | 11,532 | 4,003 |
| Materiële vaste activa | -6,979 | -2,675 |
| Overig | 2,406 | 3,367 |
| EBIT(D)A Aanpassingen | 12,601 | 11,560 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Mutatie voorraden | 123,604 | -65,751 |
| Mutatie handels- en overige vorderingen en overige investeringen | 79,347 | 27,194 |
| Mutatie handels- en overige schulden | -77,762 | 22,340 |
| Mutatie voorzieningen | 3,011 | 1,140 |
| Valutaomrekening | 16,629 | 9,635 |
| Mutatie netto werkkapitaal, overige activa, voorzieningen en schulden | 144,829 | -5,442 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Immateriële activa | 9,805 | 10,634 |
| Materiële activa | 5,679 | 7,810 |
| Netto investeringsuitgaven | 15,485 | 18,443 |
| (in duizenden € tenzij anders vermeld) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Vlottende activa | ||
| Voorraden | 562,790 | 627,735 |
| Handelsvorderingen | 444,853 | 443,278 |
| Kortlopende verplichtingen: | ||
| handelsschulden | 434,085 | 462,728 |
| Netto werkkapitaal | 573,558 | 608,285 |
| Omzet | 4,152,225 | 4,109,102 |
| Netto werkkapitaal/omzet | 13.8% | 14.8% |
| Omzet genormaliseerd voor omzet van overnames | 4,268,090 | 4,402,337 |
| Netto werkkapitaal/omzet genormaliseerd voor overnames | 13.4% | 13.8% |
| (in duizenden € tenzij anders vermeld) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Aangepaste EBITA | 466,260 | 456,872 |
| Materiële vaste activa | 73,577 | 57,884 |
| Netto werkkapitaal | 573,558 | 608,285 |
| Materiële vaste activa plus Netto werkkapitaal | 647,135 | 666,169 |
| ROTIC | 72.0% | 68.6% |
| 2023 | 2022 | |
|---|---|---|
| Organische groei | -5.9% | 20.1% |
| Groei door overnames | 11.2% | 20.3% |
| Effect van valutaomrekeningen | -4.2% | 4.9% |
| Gerapporteerde groei | 1.0% | 45.3% |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Langlopende rentedragende leningen | 1,662,226 | 1,265,398 |
| Kortlopende rentedragende leningen | 79,711 | 134,207 |
| Totale bruto schuld | 1,741,938 | 1,399,605 |
| Geldmiddelen en kasequivalenten | -484,874 | -268,160 |
| Bankschulden | 18,286 | 30,412 |
| Netto schuld | 1,275,350 | 1,161,856 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Aangepaste EBITDA (afgelopen 12 maanden) | 500,599 | 484,717 |
| Winst (vóór rente, belastingen, afschrijvingen en amortisatie) van overgenomen vennootschappen | 9,420 | 44,072 |
| Verwachte kostenbesparingen, onkostenverlagingen en synergieën | 2,350 | 1,261 |
| Financiering EBITDA (afgelopen 12 maanden) | 512,369 | 530,051 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Netto schuld | 1,275,350 | 1,161,856 |
| Financiering EBITDA (afgelopen 12 maanden) | 512,369 | 530,051 |
| Netto schuldgraad (multiple) | 2.5 | 2.2 |
| (in duizenden €) | 2023 | 2022 |
|---|---|---|
| Nettoresultaat voor de periode | 189,312 | 218,879 |
| Amortisatie en bijzondere waardevermindering immateriële activa | 66,756 | 56,887 |
| Resultaat voor de periode vóór amortisatie en bijzondere waardevermindering immateriële activa | 256,068 | 275,766 |
| Gewogen gemiddelde aantal aandelen (duizenden) | 239,856 | 233,750 |
| Cash winst per aandeel | 1.07 | 1.18 |
De onderstaande KPI's die in aanmerking komen voor de taxonomie zijn bepaald in overeenstemming met de wettelijke vereisten, conform Bijlage I van Artikel 8 van de Gedelegeerde handeling.
Het aandeel voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten in de totale omzet van Azelis (of: netto-omzet) is het deel van de omzet uit producten en diensten die verband houden met voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteiten (teller) gedeeld door de totale omzet (noemer), die is gebaseerd op de omzet van de Groep overeenkomstig IAS 1.82(a) zoals vermeld in de geconsolideerde resultatenrekening van de Groep.
Azelis heeft geen activiteiten geïdentificeerd die in aanmerking komen voor taxonomie, zoals ook is uitgelegd in de sectie 'Roadmap naar geïntegreerde verslaggeving en CSRD’ in dit geïntegreerd verslag.
De KPI voor kapitaaluitgaven (CapEx-KPI) wordt gedefinieerd als de voor taxonomie in aanmerking komende CapEx (teller) gedeeld door de totale CapEx (noemer).
De totale CapEx bestaat uit toevoegingen aan immateriële (exclusief goodwill) en materiële (inclusief gebruiksrechten) activa vóór waardeverminderingen, afschrijvingen en eventuele herwaarderingen, met inbegrip van toevoegingen als gevolg van bedrijfscombinaties. Zie toelichting 15 en 16 van de geconsolideerde jaarrekening van Azelis.
De KPI voor operationele uitgaven (OpEx-KPI) wordt gedefinieerd als de voor taxonomie in aanmerking komende OpEx (teller) gedeeld door de totale OpEx (noemer).
De totale OpEx bestaat uit directe niet-geactiveerde kosten die betrekking hebben op onderzoek en ontwikkeling, maatregelen voor de renovatie van gebouwen, kortlopende overeenkomsten voor lease, onderhoud en reparatie, en alle andere directe uitgaven in verband met het dagelijkse onderhoud van materiële vaste activa. Deze kosten zijn grotendeels opgenomen in de post 'Externe diensten en overige kosten' van de geconsolideerde resultatenrekening van Azelis.
Azelis heeft geen economische activiteiten geïdentificeerd die in aanmerking komen voor taxonomie. Daarom zijn geen gerelateerde CapEx en OpEx vastgelegd. Er zijn geen CapEx-plannen om een voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteit te upgraden naar een op taxonomie afgestemde activiteit of om een voor taxonomie geschikte economische activiteit uit te breiden. CapEx/OpEx die voor taxonomie in aanmerking zouden komen, houden verband met de aankoop van output van op taxonomie afgestemde economische activiteiten en met individuele maatregelen waarmee bepaalde doelactiviteiten (de niet in aanmerking komende activiteiten) koolstofarm kunnen worden of tot reducties van broeikasgasemissies kunnen leiden (Sectie 1.1.2.2. (c) van Bijlage I bij Artikel 8 van de Gedelegeerde handeling). Azelis beschouwt CapEx/OpEx als in aanmerking komend voor de taxonomie wanneer de aangekochte output/individuele maatregel voldoet aan de beschrijving van de respectieve economische activiteit, bijv. de aankoop van output van een voor taxonomie in aanmerking komende economische activiteit. Aangezien deze uitgaven echter beperkt zijn vanwege het asset-light-bedrijfsmodel van Azelis en de significantie van de noemer (zoals beschreven in de definitie van de CapEx-KPI), bedraagt het aandeel van voor taxonomie in aanmerking komende kapitaaluitgaven 0%. Het aandeel van voor taxonomie in aanmerking komende operationele uitgaven bedraagt eveneens 0%.
| Boekjaar | 2023 | Criteria inzake substantiële bijdrage | GEAD-criteria (“geen ernstige afbreuk doen aan”) (h) | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Economische activiteiten (1) | Code (a) (2) | Omzet (3) | Aandeel omzet, jaar 2023 (4) | Klimaatmitigatie (5) | Klimaatadaptatie (6) | Water (7) | Verontreiniging (8) | Circulaire economie (9) | Biodiversiteit (10) | Klimaatmitigatie (11) | Klimaatadaptatie (12) | Water (13) | Verontreiniging (14) | Circulaire economie (15) | Biodiversiteit (16) | Minimumgaranties (17) | Aandeel van op taxonomie afgestemde (A.1.) of ervoor in aanmerking komende (A.2.) omzet, jaar 2022 (18) | Categorie faciliter- ende activiteit (19) | Categorie transitie ondersteunende activiteit (20) |
| In duizenden € | % | % | % | % | % | % | % | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | F | T | ||
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||
| A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||
| Omzet ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (Taxonomy-aligned) (A.1) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| Waarvan faciliterend | 0 | 0% | 0% | F | |||||||||||||||
| Waarvan transitie-ondersteunend | 0 | 0% | 0% | T | |||||||||||||||
| A.2. Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (g) | |||||||||||||||||||
| Omzet van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2 | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| A. Omzet van voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (A.1 + A.2) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||
| Omzet niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | 0 | 0% | |||||||||||||||||
| TOTAAL | 4,152,225 | 100% | |||||||||||||||||
| Boekjaar | 2023 | Criteria inzake substantiële bijdrage | GEAD-criteria (“geen ernstige afbreuk doen aan”) (h) | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Economische activiteiten (1) | Code (a) (2) | CapEx (3) | Aandeel CapEx, jaar 2023 (4) | Klimaatmitigatie (5) | Klimaatadaptatie (6) | Water (7) | Verontreiniging (8) | Circulaire economie (9) | Biodiversiteit (10) | Klimaatmitigatie (11) | Klimaatadaptatie (12) | Water (13) | Verontreiniging (14) | Circulaire economie (15) | Biodiversiteit (16) | Minimumgaranties (17) | Aandeel van op taxonomie afgestemde (A.1.) of ervoor in aanmerking komende (A.2.) CapEx, jaar 2022 (18) | Categorie faciliter-ende activiteit (19) | Categorie transitie ondersteunende activiteit (20) |
| In duizenden € | % | % | % | % | % | % | % | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | F | T | ||
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||
| A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||
| CapEx ecologisch duurzame activitei_x0002_ten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| Waarvan faciliterend | 0 | 0% | 0% | F | |||||||||||||||
| Waarvan transitie-ondersteunend | 0 | 0% | 0% | T | |||||||||||||||
| A.2. Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (g) | |||||||||||||||||||
| CapEx voor de taxonomie in aan_x0002_merking komende, maar ecologisch niet duurzame activitei_x0002_ten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| A. CapEx van voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (A.1 + A.2) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||
| CapEx van niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | 0 | 0% | |||||||||||||||||
| TOTAAL | 334,453 | 100% | |||||||||||||||||
| Boekjaar | 2023 | Criteria inzake substantiële bijdrage | GEAD-criteria (“geen ernstige afbreuk doen aan”) (h) | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Economische activiteiten (1) | Code (a) (2) | OpEx (3) | Aandeel OpEx, jaar 2023 (4) | Klimaatmitigatie (5) | Klimaatadaptatie (6) | Water (7) | Verontreiniging (8) | Circulaire economie (9) | Biodiversiteit (10) | Klimaatmitigatie (11) | Klimaatadaptatie (12) | Water (13) | Verontreiniging (14) | Circulaire economie (15) | Biodiversiteit (16) | Minimumgaranties (17) | Aandeel van op taxonomie afgestemde (A.1.) of ervoor in aanmerking komende (A.2.) OpEx, jaar 2022 (18) | Categorie faciliter-ende activiteit (19) | Categorie transitie ondersteunende activiteit (20) |
| In duizenden € | % | % | % | % | % | % | % | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | J/N | % | F | T | ||
| A. VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||
| A.1. Ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) | |||||||||||||||||||
| OpEx van ecologisch duurzame activiteiten (op taxonomie afgestemd) (A.1) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| Waarvan faciliterend | 0 | 0% | 0% | F | |||||||||||||||
| Waarvan transitie-ondersteunend | 0 | 0% | 0% | T | |||||||||||||||
| A.2. Voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (g) | |||||||||||||||||||
| OpEx van voor de taxonomie in aanmerking komende, maar ecologisch niet duurzame activiteiten (niet op taxonomie afgestemde activiteiten) (A.2) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| A. OpEx van voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten (A.1 + A.2) | 0 | 0% | 0% | ||||||||||||||||
| B. NIET VOOR DE TAXONOMIE IN AANMERKING KOMENDE ACTIVITEITEN | |||||||||||||||||||
| OpEx van niet voor de taxonomie in aanmerking komende activiteiten | 0 | 0% | |||||||||||||||||
| TOTAAL | 5,796 | 100% | |||||||||||||||||
Sinds 2014 monitort Azelis systematisch de mate van betrokkenheid, motivatie en loyaliteit van alle werknemers. Dit gebeurt door middel van een anoniem werknemerstevredenheidsonderzoek dat elke twee jaar wordt uitgevoerd. Een onafhankelijke derde partij organiseert dit onderzoek om de werknemers volledige vertrouwelijkheid te garanderen. Het eerstvolgende onderzoek vindt in 2024 plaats. De scores die uit het onderzoek naar voren komen, worden afgezet tegen een externe benchmark, de 'Global Employee & Leadership Index' (GELx).
Het aantal werknemers wordt gedefinieerd als alle werknemers die aan het einde van de verslagperiode een voltijds of deeltijds contract, een contract voor onbepaalde of bepaalde tijd, of een leercontract hebben. Tijdelijke arbeidskrachten en stagiairs zijn niet inbegrepen.
Talenten zijn werknemers van Azelis die op basis van een grondig jaarlijks prestatiebeoordelings- en kalibratieproces strategisch in talentenpools worden geplaatst. Om als talent te worden aangemerkt moet een werknemers voldoen aan strenge criteria, zoals gedurende een periode van minimaal twee jaar continu sterke prestaties neerzetten, en ook aan een aantal zachte criteria die voor relevante belanghebbenden tijdens de beoordeling als referentiepunt dienen.
Elk jaar wordt met behulp van Workday®, het Human Capital Management-systeem van de Groep, bekeken wie als talent kan worden aangemerkt. Dit is de laatste stap van het jaarlijkse proces waarin de prestaties en talenten van onze werknemers beoordeeld worden. In 2023 heeft het bottom-up-talentidentificatieproces, inclusief beoordeling en goedkeuring door het Uitvoerend Comité, plaatsgevonden in de maanden september tot en met december.
Lijnmanagers zijn alle werknemers die verantwoordelijkheid hebben op het gebied van people management (d.w.z. ten minste één persoon die rechtstreeks aan hen rapporteert), ongeacht hun niveau in de organisatie. Alle lijnmanagers volgen de verplichte training in diversiteit en inclusief leiderschap.
Senior managers zijn alle werknemers die op grond van hun functie/rol deel uitmaken van het algemeen management team (GMT, General Management Team) van de Groep. In 2023 kwamen de volgende functies hiervoor in aanmerking:
Leden van het Uitvoerend Comité
Regionale COO’s en CFO’s en Regional Head of / Director / (S)VP van: Operations (Americas) / Business Development / Commercial Excellence / HR / Legal / SHEQ / Marketing / M&A.
Alle functies met winst- en verliesverantwoordelijkheid voor een land/landencluster als de omzet van het land/landencluster meer dan € 30 miljoen bedraagt
Corporate Functional Heads
Market Segment Directors APAC / EMEA als de Market Segment-omzet meer dan € 50 miljoen bedraagt en Group Principal Managers: alleen functies met wereldwijde verantwoordelijkheid inzake principalen
Andere strategisch belangrijke functies op uitnodiging van het Uitvoerend Comité, met een maximum van 10% van het totale aantal GMT-leden.
Functies die in aanmerking komen als gevolg van overnames (afgesloten transacties) in het referentiejaar, zijn niet inbegrepen.
Het percentage vrouwen in het senior management team is in 2023 met 2,3% afgenomen, van 31,8% in 2022 tot 29,5% in 2023, doordat het team in 2023 uit één vrouw minder en vier mannen extra bestond. Twee van de vier mannelijke teamleden waren afkomstig van de overnames en fusies in 2022. In 2023 bevat het team 14 nieuwe leden, van wie er drie vrouw zijn.
Een arbeidsongeval wordt gedefinieerd als een afzonderlijk voorval tijdens het werk dat leidt tot lichamelijke of geestelijke schade. Voor alle werknemers worden de gegevens verzameld voor arbeidsongevallen die meer dan drie dagen arbeidsverzuim veroorzaken, gerekend vanaf de dag waarop het ongeval heeft plaatsgevonden. Ongevallen tijdens zakenreizen worden beschouwd als bedrijfsongevallen en worden in deze indicator opgenomen, maar ongevallen tijdens het woon-werkverkeer en werkgerelateerde ziekten niet, tenzij desbetreffende lokale/nationale regelgeving anders bepaalt.
Voor de personeels-KPI wordt het aantal werknemers gedefinieerd als alle werknemers die aan het einde van de verslagperiode een voltijds of deeltijds contract, een contract voor onbepaalde of bepaalde tijd, of een leercontract hebben. Tijdelijke arbeidskrachten en stagiairs zijn niet inbegrepen.
Deze cijfers zijn exclusief de werknemers van de bedrijven die in 2023 zijn overgenomen. Alle personeels-KPI's, inclusief – maar niet beperkt tot – de KPI's die hieronder worden genoemd, hebben betrekking op de aldus gedefinieerde werknemers, tenzij anders vermeld.
Bij Azelis verwijst 'training' naar de volgende zaken:
Klassikale training en training op afstand
Alle soorten beroeps- en werkgerelateerde training, zoals product- en technische training, verkooptraining, etc.
Alle andere trainingen, zoals IT, talen en managementvaardigheden
Alle door de Vennootschap betaalde educatieve, studie- en examenverloven
Alle gevolgde externe trainingen en opleidingen die geheel of gedeeltelijk door de Vennootschap worden betaald.
Training omvat geen op de werkplek gegeven training door werknemers van het bedrijf.
Interne promoties betreffen werknemers die binnen de Vennootschap een functie met meer verantwoordelijkheid krijgen. Deze indicator is de verhouding tussen het totale aantal interne promoties tijdens de verslagperiode en het aantal vacatures voor banen/posities tijdens de verslagperiode.
Het algemeen management team is het senior management team van de Azelis Group. Zie de definitie van de personeels-KPI 'Percentage hogere managementposities bekleed door vrouwen' voor meer informatie.
Definities
Together for Sustainability (TfS): Azelis is sinds 2020 lid van Together for Sustainability (TfS), de wereldwijde norm voor prestaties van chemische toeleveringsketens op het gebied van milieu, maatschappij en governance. TfS biedt solide en onafhankelijke due diligence-procedures met ESG-beoordelingen en -audits in de toeleveringsketen en beoordeelt leveranciers op basis van MVO-principes, waaronder maatschappelijke kwesties en milieu- en governancepraktijken. Het voorziet in de noodzakelijke gedeelde infrastructuur om beoordelingen en audits te kunnen uitvoeren, wat zorgt voor leveringszekerheid, veerkracht en proactief beheer van risico's rondom reputatie en regelgeving. Leden van TfS zijn chemische bedrijven die gezamenlijk een wereldwijde jaaromzet van meer dan € 800 miljard vertegenwoordigen (april 2023) en die wereldwijd meer dan € 500 miljard uitgeven in de chemische industrie.
ESG-beoordeling: voor een ESG-beoordeling moet een leverancier een online vragenlijst van EcoVadis® invullen en ondersteunende informatie verstrekken over zijn praktijken op het gebied van milieu, maatschappij, ethiek en de toeleveringsketen. Sinds de oprichting in 2007 is EcoVadis® uitgegroeid tot 's werelds grootste en meest betrouwbare aanbieder van duurzaamheidsbeoordelingen voor bedrijven, met een wereldwijd netwerk van meer dan 100.000 beoordeelde bedrijven in verschillende sectoren. De beoordelingsmethodiek van EcoVadis® is gebaseerd op internationale normen, waaronder het Global Reporting Initiative (GRI), het VN-verdrag Global Compact, Responsible Care®-principes en ISO 26000. Evaluatiecriteria zijn onder andere beleidsmaatregelen, acties en resultaten. Bewijsstukken zijn vereist en ook certificeringen door derden worden meegenomen in de beoordeling. Externe experts (EcoVadis) beoordelen, evalueren en completeren dit met een 360°-controle. Beoordelingen worden volledig online uitgevoerd en blijven één jaar geldig. Voor Azelis is een beoordeling drie jaar geldig na het verkrijgen van een EcoVadis-medaille. Naast leveranciers met een geldige beoordeling vallen ook leveranciers die nog bezig zijn met het invullen van de vragenlijst of van wie de vragenlijst door EcoVadis® nog wordt geëvalueerd, binnen het bereik van de indicator.
ESG-audit: een door TfS goedgekeurde externe auditor voert de ESG-audit uit en kan één of meerdere bedrijfslocaties van de geselecteerde leverancier controleren, zoals een productielocatie of magazijn. Ook gesprekken met werknemers op locatie en inspecties zijn inbegrepen. De duurzaamheidsprestaties worden geverifieerd aan de hand van een gedefinieerde reeks auditcriteria op het gebied van management, milieu, gezondheid en veiligheid, arbeids- en mensenrechten en governance. Audits zijn drie jaar geldig. Geaccepteerde alternatieven voor een TfS-audit zijn SQAS-, SMETA-, PSCI- of CRSAS-audits, mits deze maximaal 24 maanden voordat het auditrapport met Azelis en TfS wordt gedeeld, worden uitgevoerd.
Leverancier met ESG-beoordeling: een leverancier met een ESG-beoordeling wordt gedefinieerd als een leverancier die in 2023 een geldige ESG-audit (zie hierboven) in de TfS-auditpool heeft of door TfS-partner EcoVadis® is gevraagd om een ESG-beoordeling (zie hierboven) te ondergaan. Eind 2023 heeft deze leverancier de vragenlijst ingevuld en is de scorekaart gepubliceerd of werd deze nog door EcoVadis® geëvalueerd. De ESG-beoordeling van leveranciers die een EcoVadis®-medaille hebben behaald, blijft geldig tot drie jaar na de publicatiedatum van de scorekaart.
Omzet en definitie KPI:
Definitie van KPI: de omzet die is gegenereerd door leveranciers in de TfS-pool met een geldige ESG-audit of met een ESG-beoordeling via EcoVadis® en met een geldige scorekaart (zie hierboven), inclusief de leveranciers die na succesvolle registratie op het EcoVadis®-platform worden beoordeeld, als percentage van de totale organische omzet die door Azelis in dat jaar is gegenereerd, exclusief bijdragen van aandelentransacties in verband met overnames en fusies gedurende de eerste 12 maanden na de overname, zoals hieronder gespecificeerd.
Omzet en M&A-uitsluitingen voor KPI-berekening: omzet die is gegenereerd via aandelentransacties in 2022 wordt in de KPI opgenomen vanaf de eerste jaardag van hun consolidatie. De aandelentransacties in 2023 vallen buiten het bereik van deze verslaggevingscyclus. € 460 miljoen aan omzet van overgenomen bedrijven in 2022 en 2023 is niet meegenomen in de omzet van 2023 voor de KPI-berekening. In 2023 zijn geen asset deals afgerond. Zie voor meer informatie toelichting 7 bij de geconsolideerde jaarrekening in dit geïntegreerd verslag 2023 en in het jaarverslag 2022.
Methodiek
Het verslaggevingsproces van de KPI 'Omzet afkomstig van ESG-beoordeelde leveranciers ' omvat de volgende stappen voor ESG-beoordelingen en -audits:
Er wordt een lijst met leveranciers samengesteld die moeten worden opgenomen in de jaarlijkse ESG-beoordelingen en -audits (naast de leveranciers die tijdens eerdere campagnes zijn toegevoegd) op basis van risico en omzet. Dit is de basis voor de uitnodiging en afronding van ESG-audits en -beoordelingen in 2023.
Aan het einde van het jaar (31 december) maakt een extern team van EcoVadis® onafhankelijk een lijst van leveranciers – inclusief de status van hun beoordeling – die deel uitmaken van het netwerk van Azelis. Een volledige lijst van geldige ESG-audits in de TfS-pool wordt verstrekt via het TfS-bureau. Deze auditlijst bevat audits die zijn uitgevoerd op verzoek van Azelis en audits van leveranciers van Azelis die zijn uitgevoerd op verzoek van andere TfS-leden.
De gegenereerde wereldwijde omzet wordt gekoppeld aan elke leverancier in de beoordelings- en auditlijsten om de indicator 'Omzet afkomstig van ESG-beoordeelde leveranciers' op jaarbasis te berekenen, overeenkomstig de definitie van het omzetbereik van de indicator (zie hierboven).
Interne validatie en consolidatie op groepsniveau wordt uitgevoerd op basis van de analyse en verificatie van de consistentie en nauwkeurigheid van de gegevens. Een externe auditor controleert jaarlijks de definitieve consolidatie van de indicator.
Een product wordt in onze systemen als duurzaam beschouwd wanneer onze zakenpartners ons voor het desbetreffende product een certificaat (RSPO, Cosmos, biologisch, organisch, etc.) kan verstrekken, of een bedrijfsverklaring (natuurlijke ingrediënten, etc.) of een ander bedrijfsdocument dat de duurzaamheidsclaim onderbouwt. Het SHEQ-ondersteuningscentrum van onze Groep voert vervolgens een controle uit van de due diligence-documentatie.
Deze indicator verwijst naar het aantal gerapporteerde schendingen van toepasselijke wet- en regelgeving in een land waarin Azelis actief is, die hebben geresulteerd in (i) een totale aansprakelijkheid, schade, verlies, kosten of uitgaven van € 500.000 of meer en/of (ii) een strafrechtelijke aansprakelijkheid van Azelis, zijn bestuurders, functionarissen of werknemers onder de wet- en regelgeving van het desbetreffende land als gevolg van een dergelijke schending.
Deze indicator heeft betrekking op de verhouding tussen het aantal werknemers dat de jaarlijkse online kennistoets over de Gedragscode en ethische bedrijfspraktijken heeft voltooid en het aantal werknemers dat is uitgenodigd om aan deze toets deel te nemen.1 De volgende werknemers worden meegerekend bij het berekenen van deze KPI: alle werknemers die aan het einde van de verslagperiode een voltijds of deeltijds contract, een contract voor onbepaalde of bepaalde tijd, een werk-leercontract of een opleidingscontract hebben.
Deze indicator heeft betrekking op het aantal schendingen van beleid en procedures met betrekking tot de ethiek en eerlijke handelspraktijken van Azelis die zijn gemeld in het Case Management System van Azelis en hebben geleid tot disciplinaire maatregelen van Azelis tegen de betreffende directeur, functionaris, werknemer of adviseur. Wat de bovengenoemde KPI betreft omvat 'disciplinaire maatregel' onder meer een formele waarschuwingsbrief en schorsing of beëindiging van een opdracht-, arbeids- of dienstverleningsrelatie en/of schorsing of beëindiging van een opdracht-, arbeids- of dienstverleningsovereenkomst (om dringende redenen of anderszins). Tot dit beleid behoren de Gedragscode, het SpeakUp!-beleid, het beleid ter bestrijding van omkoping en fraude, het mededingings- en antitrustbeleid, het exportcontrolebeleid, het beleid inzake gegevensbescherming en het interne reglement van orde.
Deze indicator is gedefinieerd als onderdeel van Action 2025 en wordt vanaf 2023 gebruikt. Met deze indicator wordt beoordeeld of er een crisisbeheer- en bedrijfscontinuïteitsplan is voor elke locatie waar Azelis actief is.
De scope van onze niet-financiële rapportage omvat alle entiteiten, kantoren en operationele locaties (magazijnen, productielocaties en laboratoria) die voor minstens 50% door Azelis worden geëxploiteerd in alle landen waarin we aanwezig zijn. Verslaggevingen over CO₂-uitstoot en afval zijn exclusief bijdragen van aandelen-transacties in verband met overnames gedurende de eerste 12 maanden na de overname. Gegevens worden op lokaal niveau verzameld en activiteiten die volledig door derden worden uitgevoerd vallen niet binnen de verslaggevingsscope.
Voor de afvalverslaggeving in 2023 worden alleen kantoren uitgesloten, omdat op basis van de bedrijfsactiviteiten van Azelis kantoorafval niet materieel is in vergelijking met afval dat wordt gegenereerd op operationele locaties. Naast de afvalverslaggeving voor operationele locaties vallen ook producten die als afval worden verwijderd binnen het bereik van de afvalindicator. De totale hoeveelheid afval en de onderverdeling in gevaarlijk en niet-gevaarlijk afval worden gerapporteerd.
Om de indicator voor de CO2-intensiteit te kunnen meten, wordt de omzet gebaseerd op de totale organische omzet die Azelis in een bepaald jaar heeft gegenereerd, exclusief bijdragen van aandelen-transacties in verband met overnames gedurende de eerste 12 maanden na de overname. De verslaggevingsscope voor de totale omzet is wereldwijd (€ 3.692 miljoen omzet in 2023).
Landen die binnen het bereik van de verslaggevingscyclus van 2023 vallen, zijn te vinden in toelichting 26.4 bij de geconsolideerde jaarrekening in dit Geïntegreerde Verslag over 2023.
De verslaggevingsfrequentie van Azelis is maandelijks en de externe openbaarmaking van niet-financiële indicatoren gebeurt jaarlijks. Voor alle gerapporteerde informatie bestrijkt de verslaggeving de periode van 1 januari 2023 t/m 31 december 2023. Entiteiten die in 2022 en 2023 zijn overgenomen, hebben mogelijk een kortere verslagperiode, afhankelijk van de sluitingsdatum (zie de paragraaf hierboven).
Voor het verzamelen van gegevens voor de niet-financiële indicatoren gebruikt Azelis speciale online ESG-software.
Azelis heeft een verslaggevingsprotocol opgesteld waarin de scope van de verslaggeving, de lijst met indicatoren, de definities van alle indicatoren, de berekeningsmethode, de informatiebronnen en de benodigde ondersteunende documentatie zijn vastgelegd. Het protocol dient als richtlijn voor alle partijen die bijdragen aan onze niet-financiële milieuverslaggeving.
Gegevens van scope 1, scope 2 en afvalgegevens worden maandelijks gerapporteerd, geanalyseerd, gecontroleerd en gevalideerd.
De KPI’s worden berekend op basis van feitelijke gegevens.
Er wordt alleen een schatting gemaakt als er (nog) geen feitelijke gegevens beschikbaar zijn. Voor deze schattingen wordt gebruikgemaakt van algemeen bekende methoden (zoals extrapolatie van gegevens over vergelijkbare perioden in het verleden en/of een zinvolle vergelijking met andere feitelijke gegevens die wel beschikbaar zijn). Aangezien de gegevensverzameling door de Groep door de jaren heen geleidelijk beter wordt (dankzij verbeterde processen en systemen), neemt het aantal schattingen naar verwachting vanaf nu af en wordt alleen nog voor een minderheid van de gerapporteerde KPI's een schatting gebruikt.
Gegevens over de totale omzet volgens de definitie van de indicator voor de CO2-intensiteit worden elk jaar rechtstreeks uit het financiële systeem gehaald. Scope 1- en Scope 2-emissiegegevens en afvalgegevens worden jaarlijks gebruikt om de koolstofintensiteits- en afvalindicatoren te berekenen.
De CO2-intensiteit wordt jaarlijks door een externe auditor gecontroleerd.
Definitie van KPI: (Scope 1 en Scope 2) per € miljoen omzet.
De verslaggevingsscope voor CO2-intensiteit en totale omzet is wereldwijd (€ 3.692 miljoen omzet in 2023) volgens een inwerkregel van 12 maanden.
Emissies en omzet gegenereerd door aandelen-transacties in 2022, worden in de KPI opgenomen vanaf 12 maanden na de overname. Een overname wordt geïntegreerd met ingang van de eerste jaardag van hun consolidatie (€ 204 miljoen omzet van in 2022 overgenomen bedrijven is voor het berekenen van de KPI uitgesloten van de omzet in 2023).
Emissies en omzet die is gegenereerd via aandelen-transacties in 2023 vallen buiten de scope van deze verslaggevingscyclus. € 256 miljoen aan omzet van overgenomen bedrijven en 2023 is voor het berekenen van de KPI uitgesloten van de omzet in 2023.
Zie voor meer informatie toelichting 7 bij de geconsolideerde jaarrekening in de jaarverslagen over 2023 resp. 2022.
In het kader van de berekening van de CO2-intensiteit worden de CO2-emissies van Azelis in twee scopes ingedeeld: Scope 1 (directe emissies) en Scope 2 (indirecte emissies). Azelis volgt de aanbevelingen van het 'GHG-protocol' om de uitstoot van broeikasgassen te meten en te beheren.
Scope 1-emissies zijn emissies die afkomstig zijn van bronnen die direct eigendom zijn van of beheerd worden door Azelis. Activiteitsgegevens en emissies zijn inclusief stationaire verbranding ter plaatse van fossiele brandstoffen verbruikende apparatuur (bijv. verwarmingsketels) of procesemissies (bijv. noodstroomgeneratoren) en aardgas. Ook emissies van voertuigen die eigendom zijn van het bedrijf of die worden geleased, worden meegenomen, aangezien Azelis verantwoordelijk is voor het brandstofverbruik van deze voertuigen.
Scope 2-emissies zijn emissies die verband houden met het verbruik van ingekochte elektriciteit. Activiteitsgegevens en emissies zijn inclusief de inkoop van elektriciteit, stoom, warmte en koeling van het lokale nutsbedrijf.
Emissies van koelmiddelen en andere vluchtige emissies (zoals van brandblussers) vallen buiten de scope omdat ze niet van wezenlijk belang zijn. Activiteiten die volledig door derden worden uitgevoerd (bijv. volledig extern geëxploiteerde magazijnen) vallen niet binnen de scope van de rapportage.
Er worden externe databases gebruikt om de laatst beschikbare versie van emissiefactoren op te halen (IEA 2023, Base Carbone V15.1 van ADEME, DEFRA 2023, EPA 2023 in de VS, Green-e 2022). Canada gebruikt vanaf 2023 regionale emissiefactoren om beter recht te doen aan de schonere elektriciteitsnetten van de provincies waar we actief zijn (Ontario en Quebec). Deze zijn afkomstig van het nationale inventarisatierapport van Canada1 (ingediend in het kader van het klimaatverdrag). Voor de verslaggevingscyclus van 2022 is één locatiegebaseerde, gemiddelde emissiefactor gebruikt voor Canada (IEA 2022). De op locatie gebaseerde emissiefactoren die in 2023 (nationaal inventarisatierapport van Canada) zijn gebruikt, verschillen van de gemiddelde emissiefactoren die in de rapportagecyclus van 2022 voor Canada zijn gebruikt. Dit verschil varieert tussen -16,3% en -98,6%, afhankelijk van de provincie:
| Provincie | Locatie-gebaseerd (kgCO₂e/kWh) 2023 verslaggevingscyclusCanada’s National Inventory Report | Locatie-gebaseerd (kgCO₂e/kWh) 2022 verslaggevingscyclusIEA | 2023 vs 2022 |
|---|---|---|---|
| Ontario | 0,03 | 0,1195 | -74,9% |
| Quebec | 0,0017 | 0,1195 | -98,6% |
| Canada (total) | 0,1 | 0,1195 | -16,3% |
Voor 2023 worden Scope 2-emissies berekend op basis van markt en locatie:
Definitie zoals gebruikt in het duurzaamheidsverslag 2021: CO₂-uitstoot door elektriciteitsverbruik (tCO₂e) = hernieuwbaar elektriciteitsverbruik (kWh) x 0 (tCO₂e/kWh) + niet-hernieuwbaar elektriciteitsverbruik (kWh) x locatie-gebaseerde emissiefactor (tCO₂e/kWh)
Definitie locatie-gebaseerd: CO₂-uitstoot door elektriciteitsverbruik (tCO₂e) = totaal elektriciteitsverbruik (kWh) x locatie-gebaseerde emissiefactor (tCO₂e/kWh)
Definitie markt-gebaseerd: CO₂-uitstoot door elektriciteitsverbruik (tCO₂e) = hernieuwbaar elektriciteitsverbruik (kWh) x 0 (tCO₂e/kWh) + niet-hernieuwbaar elektriciteitsverbruik (kWh) x markt-gebaseerde emissiefactor van residuele mix (tCO₂e/kWh)
De gegevens van Scope 1 en Scope 2 worden verzameld met behulp van online ESG-software, die wordt gehost door een externe consultant. De emissiegegevens die in het geïntegreerde verslag over 2023 worden gerapporteerd met betrekking tot Scope 1 en Scope 2 zijn de resultaten van de berekeningen door de ESG-software.
Scope 1 & 2 wordt berekend op basis van de werkelijke data (Q1 - Q3) en Q4 is gebaseerd op gebruikelijke schattingsmethoden (zoals extrapolatie van eerdere vergelijkbare perioden en/of grondslagen die vergelijkbaar zijn met andere beschikbare werkelijke data).
De scope 3-inventaris is opgesteld in overeenstemming met het WRI/WBCSD Greenhouse Gas (GHG) Protocol – Corporate Value Chain (Scope 3) Accounting and Reporting Standard en Corporate Value Chain (Scope 3) Standard. Hieronder geven we per categorie aanvullende informatie met betrekking tot de berekening voor 2023:
De toegepaste op uitgaven gebaseerde emissiefactoren zijn afkomstig van USEPA EEIO. Er zijn geen leverancierspecifieke gegevens gebruikt.
De emissies worden berekend in lijn met de financiële boekhoudprocedures van Azelis. Op uitgaven gebaseerde emissiefactoren zijn op basis van de meest toepasselijke NAICS-codes geselecteerd uit de USEPA EEIO-database.
Om 'Well-To-Tank'-data te verkrijgen voor de productie en distributie van brandstoffen/energie verbruikt in Scope 1 en 2 zijn de toegepaste omrekeningsfactoren gebaseerd op DEFRA- en IEA-emissiefactoren. Het grote verschil met het voorgaande jaar wordt verklaard door de aangepaste berekeningsmethodologie voor de emissies van 2023.
Toegepaste, op afstand gebaseerde (t.km) emissiefactoren zijn afkomstig uit de databases van DEFRA en Base Empreinte. Daar waar op afstand gebaseerde data niet beschikbaar waren, zijn monetaire emissiefactoren (Base Carbone V15.1) gebruikt. Op de berekende emissiewaarden is een WTW-aanpassing toegepast om de gerapporteerde scope 3-waarde voor Azelis te verkrijgen. Ongeveer 8% van de uitstoot die verband houdt met het upstream transport over de weg is gebaseerd op informatie die rechtstreeks van transportbedrijven wordt ontvangen.
De toegepaste, op uitgaven gebaseerde emissiefactoren zijn afkomstig van DEFRA, gebaseerd op het aandeel gerecycled afval en afgevoerd afval. Daar waar de afvalverwerkingsmethode onbekend is, hebben wij de emissiefactor voor afgevoerd (stort)afval gebruikt. Er zijn geen leverancierspecifieke gegevens gebruikt. Het verschil met voorgaande jaren wordt verklaard door de vernieuwde berekeningsmethodiek voor de emissies in 2023 en de herziene afvalcijfers van voorgaande jaren.
De toegepaste, op afstand gebaseerde emissiefactoren zijn afkomstig van ADEME en DEFRA. Op de berekende emissiewaarden is een WTW-aanpassing toegepast om de gerapporteerde Scope 3-waarde voor Azelis te verkrijgen.
De toegepaste emissiefactoren zijn afkomstig van DEFRA. Geschatte berekeningen zijn gebaseerd op het aantal werknemers. Het verschil met voorgaande jaren is te verklaren door de vernieuwde rekenmethodiek voor de emissies in 2023.
Niet van toepassing, aangezien de operationele activa van Azelis zijn gerapporteerd onder Scope 1 en 2.
Aangezien deze categorie momenteel nog niet wordt gerapporteerd via onze ESG-rapportagesoftware, wordt deze categorie geschat op basis van de scope 3-mapping voor Azelis (% van de totale Scope 3-bijdrage), uitgevoerd door Schneider Electric in 2020.
Berekeningen zijn gebaseerd op de gemiddelde procentuele bijdrage aan de Scope 3-categorieën zoals gerapporteerd in het statusrapport 2023 van de chemiesector, gepubliceerd door het Science Based Targets Initiative (SBTi).
Deze categorie wordt als niet van toepassing geacht voor Azelis. Voor chemische producten gaan we ervan uit dat er geen (of zeer beperkt) energieverbruik gepaard gaat met het gebruik van de verkochte producten. Het verschil met voorgaande jaren wordt verklaard door de vernieuwde rekenmethodiek voor de emissies in 2023.
De toegepaste, op uitgaven gebaseerde emissiefactoren zijn afkomstig van USEPA EEIO, gebaseerd op de totale massa verkochte producten en een onbekende verwijderingsmethode. De vernieuwde rekenmethodiek voor de emissies in 2023 verklaart het verschil met voorgaande jaren.
Niet van toepassing aangezien Azelis geen franchises of joint ventures heeft.
Definitie van KPI: afval (totaal, gevaarlijk, niet-gevaarlijk (ton)).
Wat betreft het rapporteren van indicatoren voor afvalbeheer volgt Azelis de aanbevelingen van het GRI.
Gevaarlijk afval bezit een of meer van de eigenschappen uit Bijlage III van het Verdrag van Bazel die door de nationale wetgeving als gevaarlijk worden beschouwd. Gevaarlijke eigenschappen zijn: ontplofbaar, brandbare vloeistoffen, brandbare vaste stoffen, voor zelfontbranding vatbare stoffen of afvalstoffen, stoffen of afvalstoffen die bij aanraking met water brandbare gassen ontwikkelen, oxiderend werkend, organische peroxiden, giftig, gevaar voor besmetting opleverende stoffen, bijtende stoffen, het vrijkomen van toxische gassen bij aanraking met lucht of water, toxisch en ecotoxisch. Dit omvat zowel verwijderd als gerecycled gevaarlijk afval, volgens GRI306.
Niet-gevaarlijk afval is al het andere afval, al dan niet gesorteerd. Hieronder vallen onder andere glas, papier, plastic en karton. Dit omvat zowel verwijderd als gerecycled ongevaarlijk afval, volgens GRI306.
Verslaggeving over als afval verwijderde producten omvat producten (verlopen, verontreinigd, beschadigd, etc.) die zijn verwijderd en afgeschreven uit ERP-systemen. Producten met een verlengde houdbaarheid of die kosteloos aan een klant zijn verkocht, zijn buiten beschouwing gelaten.
Afval wordt berekend op basis van de werkelijke data (Q1 - Q3) en Q4 is gebaseerd op gebruikelijke schattingsmethoden (zoals extrapolatie van eerdere vergelijkbare perioden en/of grondslagen die vergelijkbaar zijn met andere beschikbare werkelijke data).
Een milieu-incident is een gebeurtenis waarbij schade wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt aan lucht, water, land, in het wild levende dier- en plantensoorten of de lokale leefomgeving. Voorbeelden hiervan zijn luchtvervuiling, zwarte rook, gemorste chemicaliën, gemorste olie, sluikstorten, afvalproblemen, lekkende riolen en brand die wordt veroorzaakt door chemische producten. Milieu-incidenten die worden meegenomen in de berekening van de KPI's zijn ongecontroleerde incidenten en/of incidenten die zijn gemeld aan de lokale autoriteiten.
Met betrekking tot de algehele bijdrage aan de indicator voor de CO₂-uitstoot wordt de procentuele bijdrage van deze landen aan de totale gerapporteerde waarde van de Groep (2023) hieronder vermeld:
VS: Scope 1 (31%), Scope 2 locatie-gebaseerd (34%), Scope 2 markt-gebaseerd (30%)
Australië: Scope 1 (6%), Scope 2 locatie-gebaseerd (5%), Scope 2 markt-gebaseerd (7%)
India: Scope 2 locatie-gebaseerd (7%), Scope 2 markt-gebaseerd (10%)
Nieuw-Zeeland: Scope 1 (8%)
Zuid-Korea: Scope 1 (13%), Scope 2 locatie-gebaseerd (9%), Scope 2 markt-gebaseerd (12%)
Denemarken: Scope 2 locatie-gebaseerd (11%)
Duitsland: Scope 1 (6%)
Met betrekking tot de algehele bijdrage aan de indicator voor de totale hoeveelheid afval wordt de procentuele bijdrage van deze landen aan de totale gerapporteerde waarde van de Groep (2023) hieronder vermeld:
VS: 36%
Australië: 6%
Zuid-Korea: 19%
Denemarken: 12%
Met betrekking tot de indicatoren voor personeel en deugdelijk bestuur zijn er geen te rapporteren verschillen waargenomen in de gerapporteerde resultaten van lokale en regionale activiteiten over 2023.
Nationaal inventarisatierapport van Canada (Government of Canada Publications - Canada.ca)
gri-306-waste-2020.pdf (globalreporting.org)
How we do it – Initiatief van TfS (tfs-initiative.com)
Risicobeheersoftware voor inkoop en toeleveringsketen | EcoVadis®
| GRI | Indicatoren | Eenheid | 20231 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Prestaties op het gebied van samenleving | ||||||
| 2-30 | % werknemers dat valt onder collectieve arbeidsovereenkomsten | % | 28.4% | 22.3% | 24.3% | 26.0% |
| Contracts | ||||||
| 2-7 401-1 | Totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december | VTE | 3,729.8 | 3,617.72 | 2,995.4 | 2,439.5 |
| 2-7 401-1 | Totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december - Americas | VTE | 919.0 | 961.5 | 772.4 | 586.6 |
| 2-7 401-1 | Totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december - Asia Pacific | VTE | 1,016.2 | 916.5 | 660.8 | 451.2 |
| 2-7 401-1 | Totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december - EMEA | VTE | 1,794.6 | 1,739.7 | 1,562.2 | 1,401.7 |
| 2-7 401-1 | Totaal personeelsbestand op 31 december | In personen | 3,777 | 3,656 | 3,040 | 2,513 |
| 2-7 401-1 | Totaal gemiddeld personeelsbestand in de periode 1 januari t/m 31 december | In personen | 3,761.0 | 3,462.8 | 2,600.5 | N/A |
| 2-7 | Totaal aantal mannelijke werknemers (VTE) met een vast contract en employment at will op 31 december | VTE | 1,620.1 | 1,571.8 | 1,361.3 | 1,088.0 |
| 2-7 | Totaal aantal vrouwelijke werknemers (VTE) met een vast contract en employment at will op 31 december | VTE | 1,861.0 | 1,776.5 | 1,475.1 | 1,223.2 |
| 2-7 | Totaal aantal werknemers (VTE) met een vast contract en employment at will op 31 december - degenen die er voor kozen om geen geslacht aan te geven | VTE | 0 | 7 | 5 | N/A |
| 2-7 | Totaal aantal werknemers (VTE) met een vast contract en employment at will op 31 december | VTE | 3,481.1 | 3,355.3 | 2,841.4 | 2,311.2 |
| 2-7 | Totaal aantal mannelijke werknemers (VTE) met een tijdelijk contract /contract voor bepaalde duur op 31 december | VTE | 96.7 | 107.9 | 66.0 | 53.7 |
| 2-7 | Totaal aantal vrouwelijke werknemers (VTE) met een tijdelijk contract /contract voor bepaalde duur op 31 december | VTE | 152.0 | 154.7 | 87.1 | 74.6 |
| 2-7 | Totaal aantal werknemers (VTE) met een tijdelijk contract /contract voor bepaalde duur op 31 december - degenen die er voor kozen om geen geslacht aan te geven | VTE | 0 | 0 | 1 | N/A |
| 2-7 | Totaal aantal werknemers (VTE) met een tijdelijk contract /contract voor bepaalde duur op 31 december | VTE | 248.7 | 262.6 | 154.1 | 128.3 |
| GRI | Indicatoren | Eenheid | 20231 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Geslacht | ||||||
| 405-1 | Aantal mannelijke werknemers (VTE) op 31 december | VTE | 1,715.9 | 1,679.7 | 1,427.3 | 1,141.7 |
| 405-1 | Aantal vrouwelijke werknemers (VTE) op 31 december | VTE | 2,013.0 | 1,931.2 | 1,562.2 | 1,297.8 |
| 405-1 | Aantal werknemers (VTE) op 31 december - degenen die er voor kozen om geen geslacht aan te geven | VTE | 0 | 7 | 6 | N/A |
| 405-1 | % vrouwelijke werknemers (VTE) op totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december | % | 54.0% | 53.4% | 52.2% | 53.2% |
| 405-1 | % mannelijke werknemers (VTE) op totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december | % | 46.0% | 46.4% | 47.6% | 46.8% |
| 405-1 | % werknemers (VTE) op totaal aantal werknemers (VTE) op 31 december - degenen die er voor kozen om geen geslacht aan te geven | % | 0.0% | 0.2% | 0.2% | N/A |
| Leeftijd | ||||||
| 405-1 | % werknemers (VTE) tussen 20 en 29 jaar op 31 december | % | 14.6% | 14.3% | 13.6% | 11.4% |
| 405-1 | % werknemers (VTE) tussen 30 en 39 jaar op 31 december | % | 30.8% | 30.5% | 29.7% | 27.7% |
| 405-1 | % werknemers (VTE) tussen 40 en 49 jaar op 31 december | % | 27.6% | 27.2% | 28.0% | 28.2% |
| 405-1 | % werknemers (VTE) tussen 50 en 59 jaar op 31 december | % | 20.0% | 20.2% | 21.1% | 24.0% |
| 405-1 | % werknemers (VTE) van 60 jaar en ouder op 31 december | % | 7.0% | 7.8% | 7.7% | 8.8% |
| Aanwerving | ||||||
| 401-1 | Totaal aantal werknemers dat tijdens de verslagperiode is aangeworven | In personen | 467 | 583 | 575 | 252 |
| 401-1 | Totaal aantal aangeworven vrouwelijke werknemers gedurende de verslagperiode | In personen | 250 | 347 | 288 | N/A |
| 401-1 | Totaal aantal aangeworven mannelijke werknemers gedurende de verslagperiode | In personen | 217 | 234 | 283 | N/A |
| 401-1 | Totaal aantal aangeworven werknemers gedurende de verslagperiode - degenen die er voor kozen om geen geslacht aan te geven | In personen | 0 | 2 | 4 | N/A |
| Interne promoties | ||||||
| 404-3 | Totaal aantal vrouwelijke werknemers dat tijdens de verslagperiode is gepromoveerd | In personen | 147 | 143 | 105 | 82 |
| 404-3 | Totaal aantal mannelijke werknemers dat tijdens de verslagperiode is gepromoveerd | In personen | 108 | 119 | 57 | 72 |
| 404-3 | Totaal aantal interne promoties tijdens de verslagperiode | In personen | 255 | 262 | 162 | 154 |
| 404-3 | Aantal vacatures / openstaande functies tijdens de verslagperiode | Aantal | 612 | 774 | 607 | 292 |
| 404-3 | % interne promoties t.o.v. vacatures / openstaande functies tijdens de verslagperiode | % | 41.7% | 33.9% | 26.7% | 53.1% |
| GRI | Indicatoren | Eenheid | 20231 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Opleidingen | ||||||
| 404-1 | Aantal werknemers dat ten minste aan 1 training heeft deelgenomen tijdens de verslagperiode | In personen | 3,126 | 2,650 | 2,455 | 1,732 |
| 404-1 | Totaal aantal uren dat de werknemers aan training hebben besteed tijdens de verslagperiode | Uren | 62,578.3 | 58,124.0 | 40,955.8 | 30,222.0 |
| 404-1 | Gemiddeld aantal trainingsuren per werknemer tijdens de verslagperiode | Uren/ VTE | 16.8 | 15.9 | 13.5 | 12.2 |
| Personeelsverloop | ||||||
| 401-1 | Aantal vrijwillig vertrokken werknemers tijdens de verslagperiode | In personen | 371 | 339 | 241 | 150 |
| 401-1 | Aantal onvrijwillig vertrokken werknemers tijdens de verslagperiode | In personen | 197 | 105 | 76 | 70 |
| 401-1 | Vrijwillig verloop | % | 9.9% | 9.8% | 9.3% | 7.2% |
| Jaarlijkse beoordeling | ||||||
| 404-3 | Aantal werknemers dat aan de functioneringsbeoordeling heeft deelgenomen tijdens de verslagperiode | In personen | 2,940 | 2,523 | 2,155 | 2,060 |
| Totaal aantal werknemers op 1 oktober van het vorig jaar (sluitingsdatum voor deelname aan de functioneringsbeoordeling) | In personen | 3,719 | 2,996 | 2,422 | 2,084 | |
| 404-3 | % in aanmerking komende werknemers dat aan de functioneringsbeoordeling heeft deelgenomen | % | 79.1% | 84.2% | 89.0% | 98.8% |
| Vakantie | ||||||
| 401-2 | % vakantiedagen dat aan het einde van het jaar is opgenomen t.o.v. de vakantieaanspraak | % | 75.9% | 70.4% | 70.1% | 91.6% |
| Afkomst | ||||||
| 405-1 | Aantal nationaliteiten op 31 december | Aantal | 80 | 77 | 71 | 65 |
| Arbeidsletsel en -ongeval | ||||||
| 403-9 | Aantal arbeidsongevallen zonder verloren werktijd | Aantal | 36 | 39 | 32 | 32 |
| 403-9 | Aantal arbeidsongevallen met verloren werktijd | Aantal | 6 | 6 | 6 | 2 |
| 403-9 | Totaal aantal verloren dagen door arbeidsongevallen | Aantal | 295 | 199 | 160 | 42.5 |
| 403-9 | Frequentiegraad van arbeidsongevallen | % | 0.8% | 1.0% | 1.3% | 0.4% |
| 403-9 | Ernstgraad van arbeidsongevallen | % | 0.0% | 0.0% | 0.0% | 0.0% |
| 403-9 | Ziekteverzuimcijfer | % | 1.1% | 1.2% | 1.2% | 1.2% |
| GRI | Indicatoren | Eenheid | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Business ethics | ||||||
| Aantal werknemers dat de jaarlijkse online kennisbeoordeling ten aanzien van de gedragscode en integer zakendoen heeft ingevuld | Aantal | 4,091 | 3,356 | 2,715 | 2,303 | |
| 205-2 | Aantal werknemers dat de jaarlijkse online kennisbeoordeling ten aanzien van de gedragscode en integer zakendoen met goed gevolg heeft doorlopen | Aantal | 4,061 | 3,354 | 2,714 | 2,299 |
| 205-2 | % werknemers dat de jaarlijkse online kennisbeoordeling ten aanzien van de gedragscode en integer zakendoen met goed gevolg heeft doorlopen | % | 98.9% | 98.5% | 98.8% | 99.3% |
| Aantal wezenlijke schendingen van het integriteitsbeleid | Aantal | 6 | 5 | 0 | 1 | |
| Cybersecurity | ||||||
| % locaties dat valt onder ISO 27001 (de norm voor informatiebeveiliging), waarvoor Azelis gecertificeerd is1 | % | 100% | 100% | 100% | 70% | |
| GRI | Indicatoren | Eenheid | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Milieu - Algemeen | ||||||
| Aantal milieu-incidenten in eigen gebouwen | eenheid | 1 | 2 | 0 | 0 | |
| Aantal milieu-incidenten bij ingehuurde derden | eenheid | 1 | 0 | 0 | 0 | |
| Energievebruik | ||||||
| GRI 302-1 | Verbruik van niet-hernieuwbare elektriciteit | kWh | 7,816,144.2 | 7,251,205.91 | 5,900,010.3 | 6,197,022.7 |
| GRI 302-1 | Verbruik van hernieuwbare elektriciteit (volgens onze contracten) | kWh | 3,603,859.9 | 2,046,480.82 | 840,603.9 | 1,417,297.0 |
| GRI 302-1 | Verbruik van zelf opgewerkte hernieuwbare elektriciteit | kWh | 80,209.3 | 0.0 | 0.0 | 0.0 |
| GRI 302-1 | Totaal elektriciteitsverbruik | kWh | 11,500,213.5 | 9,297,686.72 | 6,740,614.1 | 7,614,319.7 |
| GRI 302-1 | Verbruik van aardgas voor gebouwen | kWh_PCS | 16,390,526.2 | 12,800,521.42 | 8,795,417.1 | 9,050,366.4 |
| GRI 302-1 | Verbruik van stookolie voor gebouwen | m³ | 49.9 | 46.1 | 83.0 | 17.1 |
| GRI 302-1 | Verbruik van kolen voor gebouwen | kg | – | – | – | – |
| GRI 302-1 | Verbruik van LPG/olie voor gebouwen | m³ | 2.0 | – | – | – |
| GRI 302-1 | Verbruik van benzine voor gebouwen | m³ | – | – | – | – |
| GRI 302-1 | Verbruik van diesel voor gebouwen | m³ | 14.9 | 14.8 | 12.7 | – |
| GRI 302-1 | Verbruik van stadsverwarming | kWh | 71,677.6 | 24,193.1 | – | – |
| GRI 302-1 | Verbruik van stoom | kWh | 827,473.4 | 407,552.0 | – | – |
| GRI 302-1 | Consumptie van andere energiebronnen3 | kWh | – | 24,470.0 | – | – |
| GRI 302-2 | Hoeveelheid benzine verbruikt voor voertuigen (auto’s, vrachtwagens, eigen fleetwagens, leasewagens...) | m³ | 1,148.5 | 866.32 | 621.9 | 669.6 |
| GRI 302-2 | Hoeveelheid diesel verbruikt voor voertuigen (auto’s, vrachtwagens, eigen fleetwagens, leasewagens...) | m³ | 835.1 | 622.72 | 665.9 | 876.8 |
| GRI 302-2 | Hoeveelheid LPG verbruikt voor voertuigen (auto’s, vrachtwagens, eigen fleetwagens, leasewagens...) | m³ | 380.4 | 375.32 | 346.5 | 23.9 |
| CO2-emissies | ||||||
| GRI 305-1 | Totaal CO2-emissies Scope 1 | tCO2e | 9,282.6 | 8,113.12 | 6,661.4 | 6,681.1 |
| GRI 305-2 | Totaal CO2-emissies Scope 2 (methode duurzaamheidsverslag 2021) | tCO2e | 3,083.1 | 3,121.82 | 2,490.4 | 2,943.3 |
| GRI 305-2 | Totaal CO2-emissies Scope 2 (LB) | tCO2e | 4,068.7 | 3,699.02 | – | – |
| GRI 305-2 | Totaal CO2-emissies Scope 2 (MB) | tCO2e | 3,272.7 | 2,909.02 | – | – |
| GRI 305-3 | Totaal CO2-emissies Scope 3 | tCO2e | 4,043,737.0 | 4,391,720.8 | 4,032,935.1 | 3,034,182.0 |
| GRI 305-4 | CO2-emissie intensiteit | tCO2e/ EUR | 3.62 LB / 3.40 MB | 3.34 LB / 3.12 MB | 3.58 | 3.75 |
| GRI | Indicatoren | Eenheid | 2023 | 2022 | 2021 | 2020 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Papier | ||||||
| Totaal gewicht van aangekocht papier (voor intern en extern gebruik) | t | 44.3 | 43.0 | 39.3 | 39.0 | |
| % aangekocht gerecycled of gecertificeerd papier | % | 19.6% | 28.2% | 35.9% | 42.3% | |
| Afval1 | ||||||
| Operationele vestigingen | ||||||
| Eigen magazijnen | ||||||
| GRI 306-2 | Gewicht van gegenereerd afval (gevaarlijk & niet-gevaarlijk) (eigen magazijnen) | t | 889.1 | 711.3 | 681.7 | 659.4 |
| GRI 306-2 | Gewicht van gevaarlijk afval (eigen magazijnen) | t | 19.4 | 14.4 | 1.4 | 0.0 |
| GRI 306-2 | Gewicht van niet-gevaarlijk afval (eigen magazijnen) | t | 869.7 | 696.8 | 680.2 | 659.4 |
| Laboratoria | ||||||
| GRI 306-2 | Gewicht van gegenereerd afval (gevaarlijk & niet-gevaarlijk) (laboratoria) | t | 10.3 | 7.4 | 5.0 | 3.5 |
| GRI 306-2 | Gewicht van gevaarlijk afval (laboratoria) | t | 0.8 | 0.4 | 0.0 | 0.0 |
| GRI 306-2 | Gewicht van niet-gevaarlijk afval (laboratoria) | t | 9.5 | 7.0 | 4.6 | 3.5 |
| Productiefaciliteiten | ||||||
| GRI 306-2 | Gewicht van gegenereerd afval (gevaarlijk & niet-gevaarlijk) (productiefaciliteiten) | t | 1,857.7 | 1,487.62 | 617.0 | 790.2 |
| GRI 306-2 | Gewicht van gevaarlijk afval (productiefaciliteiten) | t | 1,170.3 | 531.0 | 421.5 | 571.3 |
| GRI 306-2 | Gewicht van niet-gevaarlijk afval (productiefaciliteiten) | t | 687.4 | 956.72 | 195.5 | 218.9 |
| Producten verwijderd als afval | ||||||
| GRI 306-2 | Gewicht van producten verwijderd als afval (gevaarlijk & niet-gevaarlijk) | t | 1,256.4 | 1,136.22 | 985.4 | 1,268.1 |
| GRI 306-2 | Gewicht van gevaarlijke producten verwijderd als afval | t | 368.7 | 279.32 | 307.0 | 383.7 |
| GRI 306-2 | Gewicht van niet-gevaarlijke producten verwijderd als afval | t | 887.7 | 856.82 | 678.4 | 884.4 |
| Totaal afval | ||||||
| GRI 306-2 | Totaal gegenereerd afval | t | 4,013.6 | 3,342.52 | 2,289.0 | 2,721.2 |
| GRI 306-2 | Totaal gegenereerd afval (gevaarlijk) | t | 1,559.2 | 825.22 | 730.3 | 955.0 |
| GRI 306-2 | Totaal gegenereerd afval (niet-gevaarlijk) | t | 2,454.4 | 2,517.32 | 1,558.7 | 1,766.2 |
| Water | ||||||
| GRI 303-1 | Hoeveelheid gebruikt water | m³ | 126,776.6 | 76,077.12 | 46,179.4 | 64,683.0 |
Franse agentschap voor ecologische transitie
Akita I S.à.r.l., een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (société à responsabilité limitée) opgericht naar het recht van het Groothertogdom Luxemburg, die indirect onder zeggenschap staat van EQT VIII SCSp, een fonds dat wordt beheerd en geadviseerd door dochterondernemingen van EQT AB
De algemene vergadering van aandeelhouders van de Vennootschap
Het Audit- en Risicocomité van de Raad van Bestuur
De beursgang van de Vennootschap op de gereglementeerde markt van Euronext Brussel
Het Corporate Governance Charter van de Vennootschap, beschikbaar op de website van de Vennootschap
De Chief Executive Officer van de Vennootschap per 31 december 2023, de heer Hans Joachim Müller.
Per 1 januari 2024 mevrouw Anna Bertona (handelend als permanente vertegenwoordiger van AUR-O-RA BV).
De Chief Financial Officer van de Vennootschap per 31 december 2023, de heer Thijs Bakker (handelend handelend als permanente vertegenwoordiger van Cloudworks BV)
De Belgische Corporate Governance Code 2020, beschikbaar op de website van de Belgische Commissie Corporate Governance
Committee of Sponsoring Organizations of the Treadway Commission
Customer Relationship Management
Chemical Road Transportation Safety Assessment System
Corporate Sustainability Reporting Directive
De Dealing Code van de Vennootschap wordt uiteengezet in Bijlage 5 van het Charter
Britse ministerie voor Milieu, Voeding en Plattelandszaken
Een unieke digitale ervaring die onze klanten helpt bij het online creëren en aanpassen van formuleringen
Milieubeschermingsagentschap van de VS
EQT AB en/of een of meer van haar directe of indirecte dochterondernemingen (met uitzondering van de EQT-fondsen en hun portfoliobedrijven)
Environment, Social en Governance
Werknemerstevredenheidsenquête
De Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (Financial Services and Markets Authority)
Broeikasgas
Global Lab Innovation Community
Algemeen management team
Governance Risico en Compliance
Global Reporting Initiative
De Vennootschap en haar geconsolideerde dochterondernemingen
Human Capital Management
Gezondheid, Veiligheid en Milieu
Internationale brancheorganisatie voor chemische industrie
Internationaal Energieagentschap
International Labor Organization (internationale arbeidsorganisatie)
Internationale Organisatie voor Standaardisatie
Locatie-gebaseerd
Opleiding en ontwikkeling
Het langetermijnstimulusplan van de Vennootschap
Laterale waardeketen
Markt-gebaseerd
Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
Nationaal centrum voor chemische noodsituaties
Europese richtlijn voor niet-financiële verslaggeving
Ontwikkeling van nieuwe producten
Akita Management Participation 1 SCSp en Akita Management Participation 2 SCSp
Hoeveelheid uitgestoten broeikasgas van een product
Beheer van productinformatie
Initiatief farmaceutische toeleveringsketen
PSP Investments Holding Europe Limited
Kwaliteitsmanagementsysteem
De Raad van Bestuur van de Vennootschap
Responsible Care (verantwoorde zorg)
Responsible Distribution (verantwoorde distributie)
Research and Development (onderzoek en ontwikkeling)
Het Remuneratie- en Benoemingscomité van de Raad van Bestuur
Rondetafel duurzame palmolie
Science Based Target initative
Duurzaam ontwikkelingsdoel
Veiligheidsinformatieblad
Safety, Health, Environment and Quality (veiligheid, gezondheid, milieu en kwaliteit)
Sedex Members Ethical Trade Audit (toetsingskader voor ethische handel)
Safety & Quality Assessment for Sustainability (instrument voor beoordeling van veiligheid, kwaliteit en milieuprestaties)
De Statuten van de Vennootschap, laatst gewijzigd op 1 augustus 2023
Het kortetermijnstimulusplan van de Vennootschap
Technisch gegevensblad
Together for Sustainability
Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering
Het Uitvoerend Comité van de Vennootschap
Het schema voor kortetermijn variabele vergoedingen van de Vennootschap
Azelis Group NV
Het Belgisch Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen
| Date | Event |
|---|---|
| 25 april 2024 | Handelsbericht Q1 2024 |
| 13 juni 2024 | Algemene vergadering |
| 28 juni 2024 | Ex-dividend datum |
| 1 juli 2024 | Dividend record datum |
| 2 juli 2024 | Dividend betaaldatum |
| 1 augustus 2024 | Halfjaarresultaten 2024 |
| 24 oktober 2024 | Handelsbericht Q3 2024 |
Investeerdersrelaties, e-mailadres: investor-relations@azelis.com – telefoonnummer: +32 3 613 0127
Dit geïntegreerde verslag bevat mogelijk verklaringen met betrekking tot Azelis Group NV (de 'Vennootschap') en/of aan haar gelieerde ondernemingen (gezamenlijk 'Azelis' of de 'Azelis Group') die geen historische feiten zijn en die hierbij worden aangeduid als 'toekomstgerichte verklaringen'. Dergelijke toekomstgerichte verklaringen omvatten, maar zijn niet beperkt tot, verklaringen met betrekking tot de toekomstige bedrijfsvooruitzichten, omzet, werkkapitaal, liquiditeit, kapitaalbehoeften, rentekosten en winst met betrekking tot de Azelis Group.
De toekomstgerichte verklaringen en schattingen die hierin zijn opgenomen, geven het oordeel weer van de Raad van Bestuur en het management van de Vennootschap en zijn gebaseerd op de informatie waarover de Raad van Bestuur en het management van de Vennootschap beschikten op de datum van dit geïntegreerde verslag. Deze verklaringen en schattingen impliceren een aantal bekende en onbekende risico's, onzekerheden en andere factoren die ertoe kunnen leiden dat de werkelijke resultaten, prestaties of uitkomsten wezenlijk verschillen van hetgeen in de toekomstgerichte verklaringen wordt uitgedrukt of geïmpliceerd.
Deze toekomstgerichte verklaringen mogen niet worden beschouwd als garanties voor de toekomstige prestaties van de Azelis Group en moeten daarom worden gezien in het licht van diverse belangrijke factoren die ervoor kunnen zorgen dat de werkelijke resultaten wezenlijk verschillen van schattingen of prognoses in de toekomstgerichte verklaringen. Deze omvatten, maar zijn niet beperkt tot, economische en conjunctuurcycli, de voorwaarden van de financieringsregelingen van Azelis, wisselkoersschommelingen, overnames, concurrentie in de belangrijkste markten van Azelis of afstotingen van bedrijven of activa en trends in de belangrijkste sectoren of economieën waarin Azelis actief is.
Bovenstaande opsomming van belangrijke factoren is niet uitputtend. Bij het overwegen van toekomstgerichte verklaringen moet zorgvuldig worden gekeken naar de bovengenoemde factoren en andere onzekerheden en gebeurtenissen, evenals naar factoren die worden beschreven in andere documenten die van tijd tot tijd door de Vennootschap worden gepubliceerd bij de Belgische Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) of op de website van Azelis, waaronder het prospectus met betrekking tot de toelating tot de handel van de effecten van Azelis Group NV op de gereglementeerde markt van Euronext Brussel van 14 september 2021. Er dient geen overdreven geloof te worden gehecht aan dergelijke toekomstgerichte verklaringen, die slechts gelden op de datum van deze publicatie. Tenzij de FSMA, Euronext of de toepasselijke wetgeving dat voorschrijven, is de Vennootschap niet gehouden toekomstgerichte verklaringen publiekelijk bij te werken of te herzien in het licht van nieuwe informatie, toekomstige gebeurtenissen of anderszins.
Bepaalde financiële informatie in dit geïntegreerde verslag is afgerond volgens algemeen aanvaarde regels. Als gevolg hiervan kan dit geïntegreerde verslag kleine afrondingsverschillen vertonen ten opzichte van vergelijkbare periodes zoals eerder gepresenteerd.
Op grond van de Belgische wetgeving is Azelis verplicht haar geïntegreerde verslag in het Nederlands op te stellen. Azelis heeft dit verslag ook in het Engels gepubliceerd.